print sitemap zoeken disclaimer contact

U bevindt zich hier :Jongbloed Fiscaal Juristen Fiscale tips Auto van de zaak Rechtspraak Geen boete bij onjuiste rittenadministratie

Rechtspraak

Advies auto van de zaak?

Vraag onze fiscaal juristen

Klik hier

Discussie over bijtelling?

Vraag vrijblijvende offerte

Klik hier

Bezwaarprocedure inzake auto van de zaak?

Vraag vrijblijvende offerte

Klik hier

Meerdere auto's van de zaak?

Vraag vrijblijvend advies

Klik hier

Geen vergrijpboete bij onjuiste rittenadministratie

Er wordt aan een DGA (directeur-grootaandeelhouder) een auto van de zaak ter beschikking gesteld. Er wordt door de DGA een (slordige) kilometeradministratie bijgehouden en de inspecteur legt een naheffingsaanslag loonheffingen op. De aanslag wordt verhoogd met een forse boete (wegens grove schuld van de DGA).

De rechter is het eens met de naheffingsaanslag, maar hij vindt de boete flauwekul. Uit hetgeen de Belastingdienst (Inspecteur) stelt volgt niet dat er bij de DGA sprake is van grove schuld. Okee, de DGA was slordig, maar dat is het dan ook wel.

De bijtelling was in deze procedure lastig te voorkomen omdat er sprake was van vele aantoonbare fouten / slordigheden.

Uitspraak Gerechtshof inzake grove schuld en boete

Volgens de rechter is de bijtelling terecht, er wordt niet aannemelijk gemaakt dat er minder dan 500 kilometer met de Landrover is gereden. Volgens de rechter is een boete niet op zijn plaats. De wet schrijft namelijk niet voor hoe een kilometeradministratie eruit moet zien. Hoe het bewijs moet worden geleverd staat niet in de wet, maar in een toelichting (uitvoeringsregeling) hierop.

Enkele bijzondere overwegingen bij deze procedure:

De Rechtbank:

  • De Rechtbank stelt voorop dat een rittenregistratie niet bij voorbaat dient te worden verworpen indien deze niet aan alle onder 2. aangehaalde vereisten van de Uitvoeringsregeling voldoet, doch dat een administratie in combinatie met andere bewijsmiddelen ten minste zodanig sluitend dient te zijn, dat daaruit eenduidig kan worden afgeleid hoeveel kilometers er met de auto zakelijk en privé is gereden.
  • De Rechtbank acht verweerder geslaagd in de op hem rustende last te bewijzen dat sprake is van grove schuld. Naar vaste jurisprudentie dient onder grove schuld te worden verstaan: een in laakbaarheid aan opzet grenzende mate van verwijtbaarheid en omvat het begrip grove schuld mede grove onachtzaamheid. De Rechtbank is van oordeel dat eiseres verwijtbaar slordig is geweest door op de bijgehouden registratie de begin- en eindstand niet per rit te vermelden, maar alleen na een tankbeurt de kilometerstand te noteren, omrij-routes niet op te nemen, niet alle ritten te vermelden en de controleerbaarheid te beperken door het niet bewaren van de kantooragenda. Het Gerechtshof kijkt hier heel anders naar.

Het Gerechtshof:

  • (RO 5.1.3.) De Hoge Raad overwoog in voornoemd arrest van 29 mei 2015 onder meer, het volgende: “2.3.1. Bij de beoordeling of de zogenoemde autokostenfictie van toepassing is, moet eerst de vraag worden beantwoord of de desbetreffende auto aan de werknemer ter beschikking is gesteld. In dit kader rust de bewijslast op de Inspecteur. Pas bij een bevestigende beantwoording van die vraag komt aan de orde of de terbeschikkingstelling ook betrekking heeft op gebruik voor privédoeleinden. In dat kader rust op grond van de slotzin van artikel 13bis, lid 1, van de Wet op de loonbelasting 1964 (hierna: de Wet LB 1964) de bewijslast op de belanghebbende (vgl. HR 13 augustus 2010, nr. 08/03782, ECLI:NL:HR:2010:BN3831, BNB 2010/312). (R.O. 5.1.4). Anders dan belanghebbende kennelijk meent, volgt uit voornoemde geciteerde overwegingen van het arrest van 29 mei 2015 geenszins dat de inspecteur (eerst) aannemelijk moet maken dat de Landrover ook voor privédoeleinden ter beschikking is gesteld. Naar het oordeel van het Hof beperkt de bewijslast van de inspecteur zich tot het aannemelijk maken dat de Landrover ter beschikking is gesteld aan [X]. Eerst indien daarvan sprake is, komt de vraag aan de orde of de terbeschikkingstelling ook betrekking heeft op gebruik voor privédoeleinden. Zie ook De Hoge Raad in zijn arrest van 13 augustus 2010, nr.08/03782, ECLI:NL:HR:2010:BN3831:

  • (R.O. 5.4.6)  "Verwijtbaar slordig” handelen is - anders dan de Rechtbank kennelijk meent (zie rechtsoverweging 7 onder “Beoordeling van het geschil” van de rechtbankuitspraak) - niet voldoende voor het oordeel dat sprake is van grove schuld. Evenmin is een dergelijk oordeel op zichzelf gerechtvaardigd op grond van de door de inspecteur gestelde omstandigheid dat “Dan mag je verwachten dat [X] (naar het Hof begrijpt in de hoedanigheid van directeur van belanghebbende) zich verdiept in de geldende regelgeving.

  • (R.O. 5.4.7) ......... In dit verband acht het Hof met name van belang dat de wijze waarop de kilometers in het rittenregistratie werden bijgehouden (waarbij onjuist of onvolledig vermelde ritten die in ieder geval volgens [X] nagenoeg altijd zakelijke ritten waren) weliswaar slordig was, maar dat daaruit niet voetstoots kon worden afgeleid dat de uitzondering betreffende het geringe privégebruik niet van toepassing zou zijn. In dit verband wijst het Hof erop dat de Wet niet voorschrijft op welke specifieke wijze moet worden bewezen dat het privégebruik niet meer dan 500 kilometer heeft bedragen. Daar komt bij dat het - gelet op de wijze waarop de rittenregistratie tot stand is gekomen - op zichzelf niet op voorhand uitgesloten is dat [X] geen (of zeer weinig; niet meer dan 500 kilometer) privékilometers met de Landrover gereden heeft.

Bron boete bij auto van de zaak

Gerechtshof Amsterdam d.d. 12 juli 2016 (ECL NL GHAMS 2016 3184).

In de zaak met betrekking tot de Landrover overweegt het Hof – anders dan de Rechtbank – dat ‘verwijtbaar slordig handelen’ niet voldoende is voor het oordeel dat sprake is van grove schuld. Evenmin is een dergelijk oordeel op zichzelf gerechtvaardigd op grond van de door de inspecteur gestelde omstandigheid dat van de directeur zou mogen worden verwacht dat hij zich zou verdiepen in de geldende regelgeving wegens de hoge cataloguswaarde van de Landrover. Volgens het Hof blijkt niet dat sprake is van grove schuld.


Meer weten van geen boete bij onjuiste rittenadministratie


Deel deze pagina

U bevindt zich hier : Jongbloed Fiscaal Juristen Fiscale tips Auto van de zaak Rechtspraak Geen boete bij onjuiste rittenadministratie

Jongbloed Fiscaal Juristen - Disclaimer - Zoeken - Sitemap