Geen belastingrente bij rechtsherstel box 3 na definitieve aanslag
Belastingplichtigen die via het rechtsherstel in box 3 teveel belasting hebben betaald (en dit dus terugkrijgen) ontvangen niet automatisch belastingrente over deze teruggave. Dit volgt uit de beantwoording van kamervragen over dit onderwerp. De staatssecretaris van Financiën heeft recent Kamervragen beantwoord over het ontbreken van belastingrente bij het rechtsherstel in box 3. De kern van zijn boodschap is duidelijk: geen belastingrente bij rechtsherstel box 3 als het OWR-formulier na de definitieve aanslag is ingediend.
Wanneer wél recht op belastingrente?
Op grond van artikel 30fe AWR geldt als hoofdregel dat belastingrente alleen wordt vergoed als een teruggaaf voortvloeit uit een juiste en tijdige vaststelling van de aanslag. In het kader van het rechtsherstel box 3 betekent dit concreet:
- Alleen recht op belastingrente als het formulier Opgaaf werkelijk rendement (OWR) is ingediend vóór het vaststellen van de definitieve aanslag;
- én het formulier leidt tot een teruggaaf;
- én aan de overige wettelijke voorwaarden is voldaan.
Is de definitieve aanslag eenmaal vastgesteld en volgt daarna pas een vermindering (bijvoorbeeld via bezwaar, ambtshalve vermindering of rechterlijke uitspraak), dan wordt geen belastingrente vergoed. Deze systematiek geldt al langer en is niet specifiek voor box 3.
Kamervragen over belastingrente bij opgaaf werkelijk rendement
De discussie is onder andere ontstaan doordat de Belastingdienst belastingplichtigen heeft geadviseerd om te wachten met het aanleveren van gegevens totdat het OWR-formulier beschikbaar was (juli 2025). Tegelijkertijd werden – wegens de verjaringstermijn van artikel 11, derde lid, AWR – massaal definitieve aanslagen opgelegd.
Het gevolg: veel belastingplichtigen konden feitelijk niet tijdig hun werkelijke rendement doorgeven vóórdat de definitieve aanslag werd vastgesteld. En dus verviel het recht op belastingrente.
De staatssecretaris erkent dat burgers mogelijk hebben gewacht door deze communicatie, maar stelt dat dit geen rol speelde bij de keuze om geen rente te vergoeden en dat van misleiding geen sprake is.
Geen wetswijziging: juridische en budgettaire argumenten
Ondanks de kritiek ziet de staatssecretaris geen aanleiding om de wet aan te passen. Hij noemt daarvoor drie belangrijke redenen:
- Juridische kwetsbaarheid: Het maken van een uitzondering zou de systematiek van de belastingrenteregeling ondermijnen.
- Uitvoeringsproblemen en vertraging: Een wetswijziging zou het toch al complexe rechtsherstel box 3 verder vertragen.
- Budgettaire gevolgen: Het vergoeden van belastingrente in deze gevallen zou circa € 175 miljoen kosten.
Noot fiscaal jurist inzake belastingrente bij rechtsherstel
De lijn van het kabinet is duidelijk: geen verruiming van de wettelijke regeling en dus geen belastingrente bij rechtsherstel box 3 als het OWR-formulier na de definitieve aanslag is ingediend. De belangrijkste reden voor dit standpunt? Het kost 175 miljoen euro extra en dit budget is er niet.
De ontwikkelingen rondom box 3 en het rechtsherstel blijven volop in beweging. Wij volgen deze ontwikkelingen nauwgezet.In dat kader kunnen wij ondersteunen bij het beoordelen van het werkelijk rendement en het in kaart brengen van uw fiscale positie in box 3, mede in het licht van het rechtsherstel en de actuele stand van wet- en regelgeving.
Bronnen:
Antwoorden inzake kamervragen vergoeding belastingrente rechtsherstel box 3
Vragen inzake vergoeding belastingrente
