print sitemap zoeken disclaimer contact

Waardering failliet vermogen in box 3

Een bedrijf gaat in 2020 failliet, hoe moet je dit bedrijf waarderen in de aangifte inkomstenbelasting 2015 en 2016? Kern is of er rekening mag worden gehouden bij de waardering van box 3 vermogen als bekend is dat het bedrijf in een later jaar failliet gaat. In een eerder arrest van de Hoge Raad (ECLI:NL:HR:2016:426) is duidelijk geworden dat bij de waardering van panden in box 3 uitgegaan moet worden van in een later jaar gerealiseerde verkoopprijs.

Tarieven Box 3

Soort belegging         2022  2023   2024
Banktegoeden  0,00%  0,36%  1,03%
Beleggingen   5,53%  6,17%  6,04%
Schulden   2,28%  2,57%  2,47%

Box 3 heffing over werkelijk rendement

Hof Den Haag (ECLI:NL:GHDHA:2024:229) oordeelt dat het door de inspecteur vastgestelde box 3-inkomen van Henk niet te hoog is. Henk heeft niet handig geprocededeerd door geen inzage te geven in het exact behaalde rendement (fonds voor gemene rekening) over zijn box 3 vermogen. Of dit rendement dan lager of hoger is dan het forfaitaire rendement kan dan niet worden vastgesteld. Je moet dus wel inzicht geven in het werkelijke rendement van je box 3 vermogen.

Procesverloop
  • In geschil: Of de belastingheffing over het inkomen uit sparen en beleggen juist is, of deze in strijd is met het EVRM, en of sprake is van een buitensporige last.
  • Aanslag IB/PVV 2020: Henk kreeg een aanslag met €0 belastbaar inkomen uit werk en woning en €100.975 uit sparen en beleggen.
  • Bezwaar en behandeling: Henk heeft bezwaar gemaakt tegen de aanslag, betreffende de box 3-heffing op stelselniveau en of sprake is van een individuele en buitensporige last. Het bezwaar tegen de stelselvraag is aangehouden; het individuele bezwaar is ongegrond verklaard.
  • Kerstarrest en collectieve uitspraak: Na het Kerstarrest deed de staatssecretaris een collectieve uitspraak op bezwaarschriften, die voor 2017 tot en met 2020 gegrond verklaard werden.
  • Beroep en hoger beroep: Henk stelde beroep in tegen de uitspraak op bezwaar, wat ongegrond verklaard werd. Vervolgens is hoger beroep ingesteld bij het Gerechthof, wederom gaat het mis voor Henk
  • Oordeel rechtbank: De rechtbank oordeelde in lijn met het Kerstarrest dat de forfaitaire rendementsheffing in box 3 disproportioneel is, maar vond geen aanleiding voor compensatie omdat het werkelijk behaalde rendement niet lager is dan het vastgestelde rendement, tenminste het is niet helemaal duidelijk wat het werkelijke rendement is geweest. Er wordt geen compensatie geboden in afwijking van het Besluit rechtsherstel omdat belanghebbende niet aannemelijk maakte dat zijn werkelijk behaalde rendement lager was.
  • Oordeel Gerechtshof:  Het Hof erkent dat de heffing op stelselniveau strijdig is met het EVRM, maar het rechtsherstel moet aansluiten bij het werkelijk behaalde rendement.  Het Hof oordeelt dat er voor belanghebbende geen sprake is van een buitensporige last gezien zijn vermogen en inkomen. Hoge beroep is ongegrond.  De heffing in box 3 wordt als proportioneel beschouwd binnen de context van het werkelijk behaalde rendement en vormt geen buitensporige last voor de belanghebbende. De oorspronkelijke aanslag en de uitspraak van de Rechtbank worden gehandhaafd.

Bedrijfspand in box 3 welke waardering is juist?

In dit artikel behandelen wij een uitspraak van het Gerechtshof Den Haag uit 2014. De casus is ook door de Hoge Raad behandeld maar hier verder niet beoordeeld (artikel 81 RO). Henk is sinds 2005 eigenaar van een aantal panden. In april 2009 worden de panden verkocht voor € 3.650.000. In de aangiften 2005 tot en met 2009 worden de panden voor een lagere waarde opgenomen in de aangifte inkomstenbelasting van Henk. De inspecteur legt (na een boekenonderzoek) navorderingaanslagen op. De inspecteur stelt de waarde als volgt vast:

  • Basis is de verkoopprijs in 2009
  • De panden worden getaxeerd door een deskundige van de belastingdienst
  • Op de waardering wordt een afslag genomen (de gemiddelde waardestijging in 2005 - 2009)
  • De gemiddelde waardestijging wordt in mindering gebracht op de verkoopprijs in 2009

Zowel de rechtbank als het gerechtshof zijn het met de inspecteur eens. De gerealiseerde verkoopprijs is dus van invloed op de waardering in de aangiften inkomstenbelasting in de jaren ervoor. Henk gaat nog naar de Hoge Raad maar dit ziet er niks in (81 RO arrest).

Hoe waardeer je woningen in box 3?
  • De waarde van woningen in box 3 wordt gesteld op de WOZ waarde.
  • Voor woningen in verhuurde staat (die onder huurbescherming vallen) wordt de WOZ gecorrigeerd voor een waarde drukkende factor van de verhuur
  • Erfpachtscanon wordt meestal gewaardeerd op 17x de jaarlijkse canon
Hoe waardeer je overige onroerende zaken in box 3?
  • Overige onroerende zaken worden gewaardeerd op de waarde in het economische verkeer
  • Gangbaar hiervoor is de huurkapitalisatie (factor x huur).
  • Alternatief is uw pand (qua meters/ oppervlakte) te vergelijken met andere panden (in de omgeving)
  • De WOZ waarde kan een indicatie zijn voor de waardering van uw bedrijfpand, vraag ook de onderliggende informatie op bij uw gemeente.
  • Grotere panden worden soms ook gewaardeerd via de (complexe) DCF methode.
Bedrijfspand staat te koop op het moment dat u aangifte doet en dan?

Als het bedrijfspand op het moment van het indienen van de aangifte inkomstenbelasting is verkocht (of bijna verkocht of te koop staat) kan deze waarde iets zeggen over de waarde in de jaren ervoor. Met deze uitspraak van het Gerechtshof heeft de inspecteur enig houvast voor deze route. Als er wordt gekeken naar het chinese potarrest uit 2013 (ging over erfbelasting) is de conclusie niet vreemd. In dit arrest wordt na het overlijden een chinese pot of vaas voor veel geld verkocht, deze verkoopprijs was van invloed op de waardering op het moment van overlijden. In casu zijn de panden in 2000 gekocht voor € 2.300.000, de panden worden echter in de aangifte inkomstenbelasting 2005 opgenomen voor € 2.000.000. De reden voor deze lagere waardering volgt niet uit de processtukken. In bezwaar stelt Henk dat de panden in 2005 een waarde hebben van € 2.800.000 (per 1 januari). De inspecteur maakt aannemelijk dat de waarde hoger is, de rechters volgen de inspecteur met de volgende overweging:

  • Op de Inspecteur rust de last aannemelijk te maken dat de onderscheiden navorderingsaanslagen niet tot een te hoog bedrag zijn vastgesteld.
  • Het Hof is van oordeel dat de Inspecteur daarin is geslaagd, nu de door de Inspecteur gestelde waarden met behulp van de in 2009 gerealiseerde verkoopprijs van € 3.650.000 en de gegevens van de Vereniging van Institutionele Beleggers in Vastgoed (IVBN) - betreffende de ontwikkeling van de woningbeleggingsmarkt en de winkelbeleggingsmarkt in de periode 2005 tot en met 2008 -, zorgvuldig en in alle redelijkheid zijn onderbouwd.
  • Het Hof neemt in aanmerking dat het betoog van de Inspecteur wordt ondersteund door tot de gedingstukken behorende taxatierapporten en dat de cijfers van IVBN door belanghebbende niet, althans onvoldoende, zijn betwist.
  • De slotsom is dat de navorderingsaanslagen zoals deze nader bij de uitspraken op bezwaar zijn vastgesteld, niet te hoog zijn.

Als u vragen of opmerkingen heeft over dit artikel en/of advies nodig inzake een optimale structuur voor uw panden dan kunt u contact opnemen met onderstaande fiscalisten.

Failliet bedrijf in teakhout in box 3

Henk koopt in 2001 - 2005 participaties in teakboom plantages in Brazilië en Costa Rica voor ongeveer € 600.000. In oktober 2011 zijn de participaties die door [Stichting B] zijn uitgegeven, ingetrokken en zijn alle aan de participaties verbonden rechten en verplichtingen ingebracht in het beleggingsfonds Central American Timber Fund FCP-SIF (CATF) . Alle houders van door [Stichting B] uitgegeven participaties zijn hierdoor houders van deelnemingsrechten in CATF geworden. In 2020 gaat het beleggingsfonds failliet. De vraag is op welke waarde de teak plantage in de aangifte 2015 en 2016 moet worden opgenomen. De inspecteur stelt dat de waarde € 682.000 (in 2015) en € 770.000 (in 2016) bedraagt.  De Rechtbank Den Haag oordeelt dat de inspecteur de door hem gehanteerde waarden voor de participaties niet aannemelijk heeft gemaakt. De waarde-overzichten waar de inspecteur zich op baseert zijn te hoog. De rechtbank stelt de waarde voor beide jaren vast op € 300.000. Henk gaat in beroep bij het Gerechtshof in Den Haag (ECLI:N:GHDHA:2022:1465) . Het Gerechtshof stelt dat de plantage in 2019 nog een waarde had, tevens moet - volgens het Hof - rekening worden gehouden met het wanbeheer bij CATF.  Het hof volgt de waardebepaling door de rechtbank (€ 300.000) voor 2015, maar stelt de waarde voor 2016 lager vast, namelijk op € 200.000. De Hoge Raad doet er op 6 oktober 2023 (ECLI:NL:HR:2023:1393) verder niks mee  (art. 81 lid 1 Wet RO).

Noot fiscaal jurist inzake waardering box 3

De komende jaren zal er veel discussie worden gevoerd over de waardering in box 3. Deze procedure ging nog om oudere jaren maar voor de periode na 2017 moet er volgens de Hoge Raad (kerstarrest) worden gekeken naar het werkelijke rendement (artikel). Zijn er vragen over de waardering in box 3 neem dan gerust contact op met onderstaande adviseurs.

Vraag over box 3 vermogen? Vraag gerust vrijblijvend advies

Bedrijfsnaam

*

Naam

*

Aantal medewerkers

Bent u tevreden over uw belastingadviseur :

Wilt u een vrijblijvende offerte / advies ontvangen?

Opmerkingen/vragen

Ja, ik ga akkoord met de verwerking van mijn gegevens. Jongbloed Fiscaal Juristen NV mag mij per e-mail info sturen en mijn persoonlijke gegevens gebruiken om mijn interessegebieden vast te stellen zoals hier beschreven, en ik ben me ervan bewust dat ik op elk moment mijn toestemming kan intrekken.

Deel deze pagina

Laatste update op 06-03-2024
Artikel gemaakt op 10-10-2023
Dit artikel (of blog of voorbeeldovereenkomst) is met aandacht en zorgvuldigheid geschreven, maar bevat informatie van algemene en informatieve aard. De informatie in dit artikel kan, afhankelijk van de omstandigheden van uw specifieke geval, niet of verminderd van toepassing zijn. De informatie in dit artikel dient derhalve niet als fiscaal/juridisch advies te worden beschouwd. Jongbloed Fiscaal Juristen N.V., haar medewerkers en of haar vestigingen/deelnemingen aanvaarden dan ook geen enkele aansprakelijkheid voor de gevolgen van het gebruik van de informatie uit het artikel.
U bevindt zich hier : Jongbloed Fiscaal Juristen Kennisbank Inkomstenbelasting Box 3 Waardering failliet vermogen in box 3

Jongbloed Fiscaal Juristen - Disclaimer - Zoeken - Sitemap