Volg ons op:

U bevindt zich hier : Kennisbank Formeel belastingrecht Belastingdienst en onrechtmatig verkregen bewijs


Kennisbank

Twitter Updates

Belastingdienst en onrechtmatig verkregen bewijs

Soms verkrijgt de Belastingdienst onrechtmatig informatie welke vervolgens wordt gebruikt bij het opleggen van aanslagen inkomstenbelasting, vennootschapsbelasting of andere aanslagen. De rechter is hier vlot klaar mee: "Dit is niet toegestaan." De vraag is wel hoe u erachter komt hoe de Belastingdienst informatie heeft verkregen. In een bezwaarfase is het daarom altijd verstandig om dossierinzage te vragen.

Onrechtmatig bewijs in fiscale zaken

Feitelijk moet er een scheiding worden gemaakt tussen het gebruik van onrechtmatig verkregen informatie voor de belastingheffing en een mogelijke boete. De centrale vraag is of informatie door de Belastingdienst op een rechtmatige wijze van een derde is verkregen en / of deze mag worden gebruikt bij het opleggen van een aanslag. Het arrest chambaz van het Europese Hof van de Rechten van de Mensen is een mooi voorbeeld. In dit arrest van de Europese rechter is bepaald dat informatie welke onder dwang wordt verstrekt (artikel 47 AWR) niet mag worden gebruikt bij het opleggen van een boete omdat dit bij het verkrijgen van de informatie niet duidelijk was.

Onrechtmatig verkregen bewijs speelt met name in strafzaken. De Hoge Raad heeft echter in fiscale zaken ook al eens gekeken naar deze materie. De Hoge Raad stelt als vertrekpunt dat binnen het strafrecht onrechtmatig verkregen bewijs niet automatisch zal leiden tot de conclusie dat dit bewijs ook in fiscale zaken in de prullenbak moet worden gegooid.

Het fiscale recht / bestuursrecht heeft haar eigen wetsartikelen waaraan getoetst moet worden. De Hoge Raad neemt als uitgangspunt dat het bewijsmiddel is verkregen op een wijze die zozeer indruist tegen hetgeen van een behoorlijk handelende overheid mag worden verwacht, dat dit bewijs niet mag worden gebruikt.

Rechtmatig verkrijgen van fiscaal bewijs en beperkingen

De Belastingdienst (lees: de inspecteur) heeft op grond van de Algemene Wet inzake Rijksbelastingen (de AWR) een zeer ruime bevoegdheid om informatie van een derde (of belastingplichtige zelf) op te vragen of te vorderen (artikel 47 AWR). De inspecteur gaat er echter te vaak vanuit dat deze bevoegdheden onbeperkt zijn, dat is zeker niet zo. De bevoegdheden van de inspecteur worden beperkt door:

  1. Geen informatie vorderen van advocaten en notarissen (verschoningsgerechtigden).
  2. Informatie moet van belang kunnen zijn voor de belastingheffing.
  3. Beginsel van fair play moet in acht worden genomen.
  4. De Algemene Beginselen van Behoorlijk Bestuur moeten in acht worden genomen (met name proportionaliteits- en subsidiariteitsbeginsel).


De belangrijkste vraag welke een inspecteur zich moet stellen is of hij de informatie wel mag opvragen. Hiertoe zou hij artikel 52a AWR als eerste stap moeten raadplegen. In een zaak bij de rechter (voor de liefhebber: Gerechtshof Leeuwarden) had een inspecteur het bewijs voor een aanslag niet rond. De inspecteur vroeg informatie op bij een particulier (niet-ondernemer), de informatie wordt ook verstrekt. Een particulier / niet-ondernemer is echter niet verplicht om informatie te bewaren resp. te verstrekken aan de inspecteur, de inspecteur had de particulier / niet-ondernemer hier niet op gewezen. De inspecteur gaat in deze zaak te ver en de informatie is onrechtmatig verkregen.

In een andere zaak verloor een Officier van Justitie een procedure. Hij belde vervolgens met de Belastingdienst om hen te vragen of ze de beste man fiscaal konden aanpakken. De inspecteur vroeg vervolgens de informatie op en kwam tot de conclusie dat er aanslagen konden worden opgelegd. De rechter was er vlot klaar mee:

Procedure inzake onrechtmatig verkregen bewijs Belastingdienst

De Belastingdienst is een overheidsorgaan. Op beslissingen van de Belastingdienst ziet de Algemene wet Bestuursrecht en de Algemene wet inzake Rijksbelastingen. Van de Belastingdienst mag u verwachten dat ze behoorlijk handelen en onrechtmatig verkregen bewijs niet tegen u gebruiken. De Rechtbank (in Haarlem) was dit met een belastingplichtige eens, de opgelegde navorderingsaanslagen werden vernietigd.

In casu ging het om een doorzoeking in de woning door de politie, dit onderzoek heeft in 2010 plaatsgevonden. Het onderzoek is gestart via de kliklijn of een tip over een hennepplantage. In 2011 doet de Rechtbank in Amsterdam een uitspraak over de hennepplantage en het witwassen. De verdachte wordt vrijgesproken. De Belastingdienst vordert op grond van artikel 55 AWR het proces-verbaal. De huiszoeking was echter onrechtmatig en hiermee was het bewijs onrechtmatig verkregen en moesten de aanslagen worden verminderd.

Conclusie fiscaal bewijs

Bovenstaande maakt duidelijk dat de Belastingdienst (de inspecteur) vrij ruime bevoegheden heeft om informatie op te vragen. Het is echter wel van belang dat hierbij de regels welke gelden voor een betrouwbaar handelende overheid in acht worden genomen.

Bron onrechtmatig verkregen bewijs Belastingdienst

Rechtbank Haarlem d.d. 11 februari 2013 (publicatie 5 maart 2013).


Meer weten van belastingdienst en onrechtmatig verkregen bewijs



Auteur(s) van belastingdienst en onrechtmatig verkregen bewijs


mr. D.J.B. Jongbloed Dennis).
Fiscaal Jurist, DGA

088 027 00 00
d.jongbloed@jongbloed.tv


Jongbloed Fiscaal Juristen N.V.
Oldenzaalsestraat 125
7514 DP Enschede
, Overijssel

Artikel datum : 27-03-2013 | Artikel laatst gewijzigd : 06-06-2018

© 2018 Jongbloed Fiscaal Juristen