Volg ons op:

U bevindt zich hier : Kennisbank Echtscheiding en fiscus Echtscheiding en hypotheekrenteaftrek


Twitter Updates

Echtscheiding en hypotheekrenteaftrek

Betaalde hypotheekrente op uw eigen woning welke als hoofdverblijf dient. Gehuwden zijn elkaars partner. Als u gaat scheiden, zal het huis niet meer voor beide partners als hoofdverblijf dienen en komt het fiscaal partnerschap te vervallen. In dit artikel een praktisch overzicht en de behandeling van een uitspraak van de rechter.

Fiscaal partner en echtscheiding

Als u samenwoont (onder bepaalde voorwaarden) of getrouwd bent, dan wordt u voor de inkomstenbelasting gezien als fiscaal partner. Enkele aftrekposten kunt u dan delen met uw partner, zo ook de hypotheekrente op uw eigen woning. Het fiscaal partnerschap stopt bij echtscheiding als aan 2 voorwaarden wordt voldaan:

  1. als een verzoek tot ontbinding van het huwelijk bij de Rechtbank is ingediend; en
  2. als partijen niet meer op hetzelfde adres staan ingeschreven in de gemeentelijke basisadministratie.

Hypotheekrenteaftrek eigen woning en echtscheiding

De hypotheekrente op uw eigen woning is fiscaal aftrekbaar (mits hypotheek is aangegaan voor de aankoop, verbetering of het onderhoud van de eigen woning). De woning moet dan wel als uw hoofdverblijf dienen (artikel 3.111 wet Inkomstenbelasting). Als u fiscaal partner bent, maakt het niet uit wie de eigenaar van de woning is, fiscaal partners mogen namelijk schuiven met de hypotheekrenteaftrek / eigen woning. De betaalde hypotheekrente wordt dan meestal afgetrokken van het salaris van de meestverdienende partner.

Als u uit elkaar gaat, krijgt u te maken met de zogenaamde echtscheidingsregeling in de Wet op de Inkomstenbelasting (artikel 3.111 lid 4 Wet IB). Als een belastingplichtige de woning verlaat, mag hij / zij de woning nog gedurende 2 jaar als eigen woning aanmerken. De regeling begint zodra u de woning verlaat. Voorwaarde is dan wel dat uw (ex-)partner in de woning blijft wonen (als hoofdverblijf). De partner die de woning heeft verlaten mag dan dus gedurende maximaal 2 jaar de hypotheekrente (die betrekking heeft op zijn of haar onverdeelde aandeel) nog aftrekken. De hypotheekrente moet dan wel "drukken", de vertrekkende partner moet dus de hypotheekrente ook daadwerkelijk betalen (zonder verhaalsmogelijkheid op de andere partner). Het is dus van belang dat de betaling van de hypotheekrente een verplichting is (en dus geen coulancebetaling). Een beschikking / overeenkomst is hierbij van belang.

Voorbeeld echtscheiding en eigen woning

Henk en Truus gaan scheiden. Henk voldoet de hypotheekrente. De woning is gezamenlijk eigendom (beide 50 / 50). Truus verlaat de eigen woning. Henk mag maximaal 50% van de hypotheekrente aftrekken. Henk moet het gehele huurwaardeforfait aangeven. Als er een beschikking van de Rechtbank ligt (of een echtscheidingsconvenant) waarin is opgenomen dat de andere 50% als onderhoudsverplichting moet worden gezien, dan mag Henk 100% van de hypotheekrente aftrekken.

Procedure Gerechtshof 2012

In 2012 heeft het Gerechtshof in Amsterdam gesteld dat de ex-partner 100% van de hypotheekrente mocht aftrekken. In 2003 zijn de partners gescheiden. In 2004 is dit ook zo bij de gemeente ingeschreven. De vrouw bleef in de woning en betaalde de volledige hypotheekrente. In 2006 verkreeg de vrouw de volledige eigendom van de woning (akte van verdeling / levering). Er was discussie over de betaalde hypotheekrente in 2004 en 2005. De vrouw stelde dat deze volledig aftrekbaar was, 50% als hypotheekrente en 50% als alimentatieverplichting jegens haar ex-man. De Rechtbank en de inspecteur dachten hier anders over, 50% was aftrekbaar. De vrouw ging in hoger beroep tegen deze uitspraak, het Gerechtshof was het met de vrouw eens. Vanaf 2003 was duidelijk dat de vrouw de eigen woning zou verkrijgen, risico's (waardedaling) waren ook voor haar. Tevens had de vrouw het gehele woongenot en betaalde zij alle woonlasten.

Conclusie uitspraak Gerechtshof

Uit bovenstaande uitspraak volgt dat een zorgvuldig opgesteld echtscheidingsconvenant cruciaal is. Een andere - eenvoudige - oplossing is dat beide partners 50% van de hypotheekrente betalen en de te betalen partneralimentatie hierop afstemmen.

Procedure Rechtbank 2012

In een procedure bij de Rechtbank in Breda (31 augustus 2012) ging het over een slecht opgezette situatie. Henk en Truus zijn beiden voor 50% eigenaar van een mooie vrijstaande woning. Ze wonen daar met hun 3 kinderen. In 2008 gaan Henk en Truus uit elkaar. Henk verlaat de eigen woning en gaat tijdelijk in een huurappartement wonen. Truus geeft in haar aangifte inkomstenbelasting over 2008 de woning geheel in haar aangifte aan. Zie kiest niet voor fiscaal partnerschap (toen nog andere regeling dan nu). De inspecteur is het hier niet mee eens en legt een navorderingsaanslag op. De inspecteur stelt dat Truus 50% van de hypotheekrente mag aftrekken (en 50% van huurwaardeforfait moet aangeven). De rechter is het met de inspecteur eens.

Proccedure Gerechtshof 2016

Hof 's Hertogenbosch (21 april 2016) is van oordeel dat de man tot de datum van verkoop van de woning alle hypotheekrente mag aftrekken, ook al hebben de man en de vrouw iets anders afgesproken (in het echtscheidingsconvenant). De man en vrouw gaan in 2007 scheiden. Het volgende wordt afgesproken:

De Belastingdienst weigert de aftrek van de alimentatie. Zowel de Rechtbank als het Gerechtshof zijn het met de man eens, 100% aftrek. Het Hof oordeelt verder dat X recht heeft op aftrek van slechts 50% van het eigenwoningforfait en niet op het gehele eigenwoningforfait.

Conclusie echtscheiding en eigen woning

De hypotheekrente (en het eigenwoningforfait) wordt toegerekend op grond van gerechtigdheid tot de eigen woning. Als u voor 50% eigenaar bent, dan kunt u in principe ook maar 50% van de hypotheekrente aftrekken (gelukkig ook 50% van het huurwaardeforfait bij u belast). Voor de partner die in de woning blijft geldt dus slechts een aftrek van 50%. De vertrekkende partner kan de andere 50% van de hypotheekrente aftrekken, dit gedurende maximaal 2 jaar. Het is hierbij wel van belang dat de hypotheekrente ook daadwerkelijk wordt betaald. In het jaar van vertrek kunnen de partners nog kiezen voor fiscaal partnerschap, in dit jaar kunnen ze de aftrek dus nog vrij verdelen.

Meestal zal de achterblijvende partner 100% van de hypotheekrente betalen. De vertrekkende partner zal niet snel willen betalen voor een woning waarin hij / zij niet meer woont. Probleem is dan dat slechts 50% van de hypotheekrente aftrekbaar is.

Een eenvoudige oplossing is dat beide partners 50% van de hypotheekrente betalen en dat daarnaast de achterblijvende partner een partneralimentatie aan de vertrekkende partner betaalt (voor de 50% hypotheekrente). De achterblijvende partner kan dan 50% van de hypotheekrente en de partneralimentatie aftrekken van zijn of haar inkomen. De vertrekkende partner moet de ontvangen alimentatie als inkomen aangeven en kan de betaalde hypotheekrente hierop in mindering brengen. Er moeten wel feitelijke betalingen plaatsvinden.

Dan nog iets complex: de achterblijvende partner moet ook het volledige eigenwoningforfait aangeven (ook deel woongenot vertrekkende partner), de vertrekkende partner kan dit deel (het verschafte woongenot) aftrekken van zijn inkomen (onderhoudsverplichting).

Fiscaaladvies nodig inzake de hypotheekrenteaftrek bij scheiding?

Vul uw naam en e-mail in en wij nemen contact met u op.


Meer weten van echtscheiding en hypotheekrenteaftrek



Auteur(s) van echtscheiding en hypotheekrenteaftrek


mr. D.J.B. Jongbloed Dennis).
Fiscaal Jurist, DGA

088 027 00 00
d.jongbloed@jongbloed.tv


Jongbloed Fiscaal Juristen N.V.
Marthalaan 5
7511 AZ Enschede
, Overijssel

Artikel datum : 09-02-2013 | Artikel laatst gewijzigd : 14-07-2017

© 2018 Jongbloed Fiscaal Juristen