Duits ouderdomspensioen (Rente) in Nederland deels belastingvrij
Samenvatting — Een inwoner van Nederland (we noemen hem Klaus) ontving in 2018 een ouderdomsuitkering uit de Duitse gesetzliche Rentenversicherung. De inspecteur belastte die volledig in box 1. Klaus stelde daartegenover: in Duitsland kreeg ik maar over 45% van mijn premies belastingaftrek, dus mag Nederland ook maar 45% van de uitkering belasten. Het Hof (ECLI:NL:GHARL:2022:9842) gaf hem gelijk en op 19 juni 2026 doet de Hoge Raad (ECLI:NL:HR:2026:961) dat ook — zonder veel zichtbare sympathie voor de staatssecretaris. Beide cassatiemiddelen falen. De uitkering valt onder de bijzondere regeling van artikel 3.82, aanhef en letter b, Wet IB 2001 (buitenlands pensioen) en wordt alleen belast voor zover zij berust op in Duitsland afgetrokken premies. Een arrest waarop lang is gewacht — en dat meteen de vraag oproept wat er nu gebeurt met alle jaren waarin de fiscus wél 100% heeft belast.
De uitkeringen uit het Duitse Pensioen van Klaus mogen in Nederland dus slechts voor 45% in de inkomstenbelasting worden betrokken. De premie was namelijk ook maar voor 45% aftrekbaar in Duitsland !
De casus in het kort
- Klaus woonde en werkte van 1 januari 1980 tot 13 april 1997 in Duitsland en was daar verplicht verzekerd op grond van de Deutsche Rentenversicherung.
- In 2018 woonde hij het hele jaar in Nederland en ontving hij een ouderdomsuitkering uit die regeling.
- De inspecteur rekende het volledige bedrag tot het belastbare inkomen uit werk en woning.
- Klaus betoogde dat van de door hem betaalde premies in totaal maar 45% aftrekbaar was geweest voor de Duitse loon- en inkomstenbelasting, en dat dus ook maar 45% van de uitkering in de Nederlandse heffing mag worden betrokken.
- Dat percentage van 45 stond uiteindelijk vast: de inspecteur had het niet, althans niet voldoende gemotiveerd, weersproken.
Drie artikelen, één winnaar
De hele zaak draait om de kwalificatie: gaat het hier om pensioen, en zo ja, onder welk wetsartikel valt het?
De inspecteur kwam met twee routes die beide tot volledige belasting leiden.
- Primair: loon uit vroegere dienstbetrekking op grond van artikel 3.81 Wet IB 2001, met een beroep op het oude arrest HR 19 juli 1994 (ECLI:NL:HR:1994:ZC5719), waarin de Duitse Rente voor een ingezetene volledig belast werd geacht.
- Subsidiair (het voorwaardelijke tweede middel): de uitkering is een eerstepijler-/socialezekerheidsuitkering en dus een aangewezen periodieke publiekrechtelijke uitkering die volledig belast is op grond van artikel 3.100, lid 1, letter a, Wet IB 2001.
Hof én Hoge Raad kiezen voor de derde weg: artikel 3.82, aanhef en letter b, Wet IB 2001. Die bepaling rekent uitkeringen uit een buitenlandse pensioenregeling (in de zin van artikel 1.7, lid 2, letter c) tot het loon, “behoudens voor zover aannemelijk is dat over de aanspraken al een met de Nederlandse loon- of inkomstenbelasting vergelijkbare heffing heeft plaatsgehad.” Daarmee bereikt de wet een spiegelbeeld van de omkeerregel: voor zover de premies in Duitsland níét aftrekbaar waren (hier 55%), is over die aanspraak in feite al geheven en blijft dat deel in Nederland onbelast. Alleen het met aftrek opgebouwde deel — de 45% — is hier belast.
De Hoge Raad maakt korte metten met beide middelen. Artikel 3.82, letter b, is een bijzondere regeling ten opzichte van het algemene loonbegrip van artikel 3.81; aan artikel 3.81 (en dus aan het arrest uit 1994, dat zag op een jaar waarin artikel 3.82 nog niet bestond) komt men niet toe. En door de rangorderegeling van artikel 2.14 Wet IB 2001 komt men evenmin toe aan artikel 3.100. Het beroep in cassatie is ongegrond; de Hoge Raad ziet zelfs geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Eerder had A-G Pauwels al op 6 oktober 2023 tot ongegrondverklaring geconcludeerd.
Restant pensioen Duitsland in box 3?
Hier zit voor de praktijk een staart aan. Het Hof gaf nog aan dat het niet in box 1 belaste deel in box 3 thuishoort — de onderliggende aanspraak verschuift dan naar de rendementsgrondslag. De Hoge Raad noemt dat niet uitdrukkelijk; hij laat het oordeel van het Hof in stand, maar wijdt er geen overweging aan. Dat laat een reële vraag open voor de afwikkeling van de lopende zaken: als 55% van de uitkering niet als loon wordt belast, verschuift de waarde van die aanspraak dan inderdaad naar box 3, en zo ja, voor welke waarde en vanaf welk moment? Wie nu een teruggaaf claimt op de box 1-heffing, doet er goed aan deze box 3-component meteen mee te nemen — anders levert u met de ene hand in wat u met de andere terugkrijgt.
Schema Pensioen uit buitenland
Geen bezwaar gemaakt dan ambtshalve vermindering?
De olifant in de kamer: de jaren die al vaststaan. Op dit arrest is lang gewacht. De belanghebbenden in deze problematiek hebben inmiddels een gevorderde leeftijd, en de vrees leefde dat het probleem stilletjes via een natuurlijk verloop zou worden opgelost. Nu er een arrest ligt, dringt de echte praktijkvraag zich op: wat gebeurt er met alle eerdere jaren waarin de fiscus de Duitse Rente voor 100% heeft belast?
Voor aanslagen die nog niet onherroepelijk vaststaan — waartegen tijdig bezwaar of beroep loopt — is de zaak helder: die volgen dit arrest. Lastiger is het voor wie géén bezwaar heeft gemaakt en bij wie de aanslag onherroepelijk is. De route is dan een verzoek om ambtshalve vermindering (artikel 9.6 Wet IB 2001 jo. artikel 45aa Uitvoeringsregeling IB 2001). Maar daar zit precies de bekende adder onder het gras: een vermindering wordt in beginsel niet verleend als de onjuistheid van de aanslag pas voortvloeit uit ná het onherroepelijk worden gewezen rechtspraak. Kennen we de fiscus, dan zal men op die uitsluiting wijzen en niet thuis geven.
Mogelijk valt hieruit nog iets te leren: op 25 juni 2026 wordt een arrest verwacht over de vraag wat er moet gebeuren met de mensen die géén bezwaar tegen hun box 3-aanslag hebben gemaakt. Dat kan een aanwijzing geven over hoe rechter en wetgever omgaan met de groep niet-bezwaarmakers. Tegelijk een waarschuwing: de box 3-saga kende een massaalbezwaarprocedure en stevige politieke druk; deze Duitse-Rente-kwestie niet per se. Eén-op-één doortrekken is dus riskant — maar de uitkomst van 25 juni is het volgen meer dan waard.
Wat betekent dit voor de praktijk
- Duitse Rente is in Nederland niet automatisch 100% belast. Sinds artikel 3.82, letter b, geldt: splitsen naar het deel waarover in het buitenland al een vergelijkbare heffing heeft plaatsgehad. Wie in Duitsland maar gedeeltelijk premieaftrek had, houdt het corresponderende deel van de uitkering buiten de Nederlandse heffing.
- Maak uw aftrekpercentage hard. In deze zaak stond de 45% vast doordat de inspecteur het niet weersprak. Reken daar niet op. Verzamel de Duitse bescheiden (Rentenbescheid, fiscale behandeling van de premies) en onderbouw het percentage cijfermatig.
- Kom nú in actie voor de open jaren. Voor nog niet onherroepelijke aanslagen: bezwaar of beroep. Voor afgesloten jaren: een verzoek om ambtshalve vermindering, maar houd rekening met de uitsluiting voor nieuwe jurisprudentie en verwacht tegenstand.
- Vergeet box 3 niet — en houd 25 juni in de gaten. Neem de mogelijke verschuiving naar box 3 mee in elke teruggaafclaim, en let op het op 25 juni 2026 verwachte arrest over de niet-bezwaarmakers.
Vindplaats en bronbestanden
Hoge Raad 19 juni 2026, ECLI:NL:HR:2026:961 (zaaknummer 22/04928).
Conclusie A-G Pauwels 6 oktober 2023, ECLI:NL:PHR:2023:891.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 15 november 2022, ECLI:NL:GHARL:2022:9842.
Vergelijk het oudere HR 19 juli 1994, ECLI:NL:HR:1994:ZC5719.
Meer informatie of een second opinion?
Voor vragen over de Nederlandse belastingheffing van Duitse pensioenen en Rente: mr. E.D.H. (Eric) van Nugteren, fiscaal jurist verbonden aan Jongbloed Fiscaal Juristen N.V. (Duitsland-desk). U kunt hem eenvoudig per e-mail of telefonisch bereiken.
Vragen over fiscaliteit Duitsland - Nederland
Meer weten van duits pensioen in nederland deels belastingvrij
- Zwart geld in Duitsland
- Belastingverdrag Duitsland
- Fiscale maatregelen Duitsland in 2026
- Crypto en belastingen in Duitsland
- Verhuizen naar Duitsland om box 3 te ontlopen
- Wonen in Duitsland met bedrijf in Nederland
- AOW Duitsland hypotheekrente
- Tanken in Duitsland en btw
- Emigratie Duitsland en pensioen
- Afkoop pensioen na emigratie
- Fiscale emigratie en pensioen
