vertaal/translate print sitemap zoeken disclaimer contact

location_on Vestigingen in Almelo, Amsterdam, Den Haag en Enschede
saved_search Specialisaties
4,5 van 5 Google reviews
groups 25 fiscaal juristen / belastingadviseurs

Boekenonderzoek

mr. J.A.P.N. Antonis

Kom met Rob in contact

Wilt u meer weten over Fishing door de belastingdienst in zaak Oger of heeft u hulp nodig?

call 06 38 92 81 00

mail r.antonis@jongbloed.tv

Fishing door de belastingdienst in zaak Oger

Is sprake van een sleepnet of fishing door de Belastingdienst 

In het kader van een derdenonderzoek heeft de Belastingdienst een groot aantal gegevens opgevraagd over de leden van hun Bussinesclub. De Rechtbank Noord-Holland 2 september 2026, ECLI:NL:RBNHO:2026:11306heeft in kort geding geoordeeld dat de Belastingdienst daartoe het recht had (enkele privé gegevens daargelaten). 

De basis voor het opvragen van informatie door de belastingdienst

Bij een belastingplichtige zelf is artikel 47 AWR het uitgangspunt, de inspecteur mag gegevens en inlichtingen opvragen die voor diens belastingplicht van belang kunnen zijn. De informatie moet dan wel fiscaal relevant zijn. De wet kiest (bewust) voor een lage relevantiedrempel. Bij een administratieplichtige derde (zoals Oger) moeten we iets verder bladeren in de wet, artikel 53 lid 1 AWR verklaart die informatieverplichtingen overeenkomstig van toepassing ten behoeve van de belastingheffing van anderen. Artikel 53 lijkt dus ruimer te zijn dan alleen de controle van reeds bekende gegevens.

De vaktechnische instructie  controle belastingdienst (januari 2024) bepaalt dat bij derdenonderzoeken proportionaliteit en subsidiariteit moeten worden getoetst. Bovendien stelt deze interne instructie van de belastingdienst dat zij niet is geschreven voor projectmatige of anderszins brede informatie uitvragen zonder concrete casus (ad 1.4 van de instructie). Ook in de brochure derdenonderzoek worden de rechten van een belastingplichtige enigszins toegelicht.

De volgende procedures zijn in het verleden al eens voorbij gekomen
  1. Stad Rotterdam Hoge Raad d.d. 10 december 1974 ECLI:NL:HR:1974LAB4412: arrest is niet gepubliceerd maar wordt wel helder besproken in deze scriptie over het derdenonderzoek ex artikel 53 AWR en het recht op privacy ex artikel 8 EVRM . De verzekeraar moest in deze casus gegevens verstrekken over alle personen die een pleziervaartuig hadden verzekerd.
  2. Hoge Raad 8 januari 1986 ECLI:NL:HR:1986:AW8125. Informatie moet van belang kunnen zijn, edoch geen onbeperkte bevoegdheid voor een uitvraag
  3. Hoge Raad d.d. 23 september 2005 ECLI:NL:HR:2005:AU3140. Deze uitspraak ging over het uitvragen van een zogenaamd due diligence rapport en fiscale adviezen. Het fair play beginsel verhindert dat de inspecteur via artikel 47 fiscale adviezen en daarmee verweven stukken kan opvragen. Feitelijk delen mogen worden geschoond.
  4. Gerechtshof 's Hertogenbosch d.d. 19 augustus 2014 ECLI:NL:GHSHE:2014:2803 inzake SMS parkeren. Moet een parkeer ondernemer alle parkeergegevens aan de belastingdienst verstrekken? Is er sprake van strijdigheid met het EVRM? Het Hof accepteerde de bulk uitvraag en oordeelde dat dit soort serie uitvragen mogelijk moet zijn. Proportionaliteit, subsidiariteit en privacy blokkeerden de uitvraag niet. De rechtbank dacht hier eerder nog anders over (ECLI:NL:RBOBR:2013:6553)
  5. Hoge Raad d.d. 24 april 2015 ECLI:NL:HR:2015:1117. Ook een kort geding procedure inzake het verstrekken van informatie in een KB Lux zaak (ook met dwangsom). Ook hier speelt de fishing expedition. De Hoge Raad stelt expliciet dat een onvoldoende onderbouwde informatievordering of een fishing expedition niet toewijsbaar is. De staat moest hier aannemelijk maken dat de informatie ook bestaat en dat de bank er over beschikt of het redelijkerwijs kan verkrijgen.  
  6. Hoge Raad 24 februari 2017 ECLI:NL:HR:2017:286 inzake uitvraag van een ANPR (automatic numberplate recognition. Technologische mogelijkheden kunnen niet zonder voldoende precieze wettelijke basis worden ingezet als privacy inmenging speelt. Artikel 8 geeft wel grenzen aan de informatie behoefte bij de belastingdienst.
  7. Hoge Raad d.d. 12 november 2021 ECLI:NL:HR:2021:1595 inzake WKR informatieuitvraag bij ruim 80 ondernemers.

Belang voor de belastingheffing bij zaak Oger

De rechtbank oordeelt dat de wet een voldoende grondslag biedt voor het uitvragen van de gegeven. Weliswaar volgt uit de wet (en de Vaktechnische Instructie Controle Derdenonderzoeken) dat daar bij de beginselen van proportionaliteit en subsidiariteit in acht moeten worden genomen (zie ook de uitgebreid toelichting van Ijzerman in 2022). Die beginselen kunnen aanleiding geven de omvang van de concrete uitvraag te begrenzen. Die grens wordt door de Belastingdienst (goeddeels) in acht genomen. De rechtbank onderbouwt dat oordeel met de volgende elementen: 

  • Bij belastingplichtigen zijn onjuist verwerkte facturen gevonden.

  • Uit het verzoek om vooroverleg kan worden afgeleid dat Ogèr het lidmaatschap alleen aanbiedt aan ondernemers en ziet als een aftrekbaar.  

  • De rechtbank acht op basis van dat gegeven aannemelijk dat ook klanten van Ogèr het als zodanig zullen hebben beschouwd.  

  • De faciliteit bestaat uit twee componenten: een bij niet (volledige) benutting jaarlijks vervallend shoptegoed en een bundel overige verstrekkingen. Uit de brochures kan worden afgeleid dat het lidmaatschapsgeld voor het overgrote deel dient ter dekking van het verstrekte shoptegoed.  

  • Het vervalbeding lijkt daarbij een cruciaal aspect van de regeling: het is een krachtig werkend incentive om te besteden. Zo krachtig dat aannemelijk is dat het lidmaatschap - mede gelet op de omvang van het shoptegoed - zonder het aannemen van het gesuggereerde zakelijke karakter veel van zijn aantrekkingskracht zou verliezen.  

  • Dat, bezien in samenhang het evidente onzakelijke karakter van het kledingdeel van het lidmaatschap, biedt voldoende grondslag voor een gepersonaliseerde uitvraag van relevante gegevens. 

Kort door de bocht is dan de conclusie dat het van alle kanten rammelt. Daarop legt de rechtbank deze feiten naast het zogenoemde ‘Stad Rotterdam-arrest’ van de strafkamer van de Hoge Raad en oordeelt dat de gegevens goeddeels moeten worden verstrekt. 

Waarom kan er dan toch sprake zijn van fishing bij opvragen informatie ? 

Is ‘Stad Rotterdam-arrest’nog onverkort van toepassing. 

Daarbij kunnen vraagtekens worden gezet. In de eerste plaats was het een arrest van ruim 50 jaar gelden toen de rechtsbescherming nog in de kinderschoenen stond en de algemene beginselen van behoorlijk bestuur nog tot wasdom moesten komen. Daarnaast zijn het bieden van rechts-beschermingen toepassing van de algemene beginselen door de strafrechter (of civiele rechter) niet per definitie identiek. In ‘Stad Rotterdam’ betrof het een strafrecht en in het kort geding civiel recht. Beide niet-fiscale rechters oordelen dus in een fiscaal vraagstuk. Weliswaar kunnen de derden op wie de vragen zien in hun eigen procedure klagen over de aanpak maar dat is mosterd na de maaltijd; vooraf staat er geen rechtsmiddel open (en het is dan ook niet meer dan logisch dat Ogèr voor hen de hakken in het zand zet). 

Door het kort geding passeert de Belastingdienst dus de fiscale rechter. Dat is echter wel toegestaan (vb: Hoge Raad 18 september 2009, ECLI:NL:HR:2009:BI5906). 

De Belastingdienst kiest bewust op strategische gronden voor deze aanpak 

Binnen de belastingdienst weten ze natuurlijk ook dat ‘Stad Rotterdam’ al tamelijk belegen is en niet meer van deze tijd. Het arrest schept echter zeer ruime bevoegdheden die de Belastingdienst niet beperkt wil zien en het liefst uitbreidt.Daarbij is deze zaak bij uitstek geschikt. En wel om de volgende redenen: 

  • Het is een high-profile zaak, die zeker de nodige publiciteit zal genereren. 

  • (Zakelijke) kleding vergt fiscaal de nodige aandacht en fiscale aftrekbaarheid is geen gegeven (of zoals de rechtbank het nogal bot formuleert ‘het evidente onzakelijke karakter van het kledingdeel van het lidmaatschap’). 

  • Het gaat om forse bedragen en het shoptegoed overstijgt de contributie. 

  • Kennelijk is er bij een (klein?) aantal leden een onjuiste fiscale verwerking geconstateerd. 

  • De kans is daarmee levensgroot dat de rechter zal oordelen dat het ‘rammelt’ en dat er dus voldoende redenen zijn om vragen te stellen. 

  • Een en ander brengt mee dat een civiele rechter min om meer blind ‘Stad Rotterdam’ zal toepassen. 

Gevolgen  strategischeaanpak door de Belastingdienst bij boekenonderzoek

Die strategische aanpak door de Belastingdienst leidt tot het volgende: 

  • In een redelijk heldere casus is de kans aanzienlijk dat de (niet-fiscale) rechter meegaat en ‘Stad Rotterdam’ continueert. Daarmee worden de bevoegdheden door de Belastingdienst gezekerd. 

  • Door het afschrik effect van de procedure zullen de Ogèr businessclubleden zich achter de oren krabben en alsnog hun knopen tellen en de aangiften herzien dan wel aanvullen naar meer realistische variant. 

  • Deze jurisprudentie zal de belastingdienst ook gebruiken voor andere businessclubs en situaties waarin een privé-element onderdeel kan uitmaken van een abonnement of contributie (worden de (betaald) voetbalorganisaties met hun Business Seats al zenuwachtig?). 

  • Eenieder zal dus meer aandacht hebben voor privé-elementen bij zakelijk kosten. Ergo: missie geslaagd.  

Waarin zit nu de fishing? 

Het fishing-aspect ziet in het grotere gevolg van deze specifieke Ogèr-zaak. De hiervoor geciteerde elementen die de rechtbank tot het oordeel bracht dat sprake was van fiscale relevantie geeft de Belastingdienst de mogelijkheid– om in visserijtermen te blijven-een ‘net uit te gooien’over een volledig ledenbestand. Daartoe bestond een reden (kleding – waarde boven de contributie – volledig zakelijk boeken– sturende verkoopinformatie). Geoorloofde fishing dus. 

Te verwachten is dat de Belastingdienst zich vaker en intensiever op het middel van derdenonderzoek zal richten om grotere groepen in kaart te brengen. Dat is nooit de bedoeling van de wetgever geweest maar slechts meegenomen om het hoofddoel (onderzoek als de belastingplichtige onvoldoende meewerkt of gegevens niet heeft dan wel ter verificatie van feiten die bij een belastingplichtige worden aangetroffen).Met ‘Stad Rotterdam’heeft (de niet fiscale kamer van) de Hoge Raad een veel ruimer vangnet geknoopt dat niet meer van deze tijd is. 

De thans geldig bevonden reden om ‘het net uit te werpen’ maakt het voor Ogèr gelegaliseerde fishing, maar dat geldt niet a fortiori voor al die andere (business)clubs.  

Noot fiscaal jurist inzake opvragen informatie door de belastingdienst

Ogèr lijkt met de businessclubleden in een fuik gezwommen waaruit het lastig is te ontsnappen.  Voor die leden lijkt het zaak de privé-elementen (alsnog) te elimineren uit de aangiften dan wel alsnog bij de belastingdienst tot inkeer te komen. 

Voor overige businessclubs reden hun beleid, facturering en verwerking nogmaals tegen de fiscale lamp te houden en voor hun leden daarin mee te nemen en correct voor te lichten. 

Wij beschikken over royale kennis en vaardigheden om de abonnementen en contributies (alsnog) in veilige haven te brengen. Een belletje is zo gepleegd.  Wellicht kunt u ook een kijken of het pak wel prive wordt gedragen en/of er uberhaubt sprake is van een prive voordeel.

Boekenonderzoek belastingdienst en hulp nodig? Vraag gerust vrijblijvende offerte

Bedrijfsnaam

*

Naam

*

Aantal medewerkers

Bent u tevreden over uw belastingadviseur :

Wilt u een vrijblijvende offerte / advies ontvangen?

Opmerkingen/vragen

Ja, ik ga akkoord met de verwerking van mijn gegevens. Jongbloed Fiscaal Juristen NV mag mij per e-mail info sturen en mijn persoonlijke gegevens gebruiken om mijn interessegebieden vast te stellen zoals hier beschreven, en ik ben me ervan bewust dat ik op elk moment mijn toestemming kan intrekken.

Auteur(s) van fishing door de belastingdienst bij oger

mr. J.A.P.N. Antonis
mr. J.A.P.N. Antonis (Rob)
Fiscaal jurist

Jongbloed Fiscaal Juristen N.V.
Marthalaan 5
7511 AZ Enschede
, Overijssel


r.antonis@jongbloed.tv

mr. D.J.B. Jongbloed
mr. D.J.B. Jongbloed (Dennis)
Fiscaal Jurist

Jongbloed Fiscaal Juristen N.V.
Marthalaan 5
7511 AZ Enschede
, Overijssel


d.jongbloed@jongbloed.tv

Deel deze pagina

Laatste update op 11-09-2026
Artikel gemaakt op 11-09-2026
Dit artikel (of blog of voorbeeldovereenkomst) is met aandacht en zorgvuldigheid geschreven, maar bevat informatie van algemene en informatieve aard. De informatie in dit artikel kan, afhankelijk van de omstandigheden van uw specifieke geval, niet of verminderd van toepassing zijn. De informatie in dit artikel dient derhalve niet als fiscaal/juridisch advies te worden beschouwd. Jongbloed Fiscaal Juristen N.V., haar medewerkers en of haar vestigingen/deelnemingen aanvaarden dan ook geen enkele aansprakelijkheid voor de gevolgen van het gebruik van de informatie uit het artikel.
U bevindt zich hier : Jongbloed Fiscaal Juristen Kennisbank Boekenonderzoek Fishing door de Belastingdienst bij Oger

Jongbloed Fiscaal Juristen - Disclaimer - Zoeken - Sitemap