print sitemap zoeken disclaimer contact

U bevindt zich hier :Jongbloed Fiscaal Juristen Kennisbank Boekenonderzoek Boekenonderzoek paardenbranche

Boekenonderzoek paardenbranche

Dit artikel is geschreven door Madeleine Brugman, belastingadviseur en liefhebber van de paardensport. Heeft u vragen welke deze wereld raken of is er een boekenonderzoek ingesteld, neem dan gerust contact op met Madeleine Brugman.

Boekenonderzoek in de sportpaardenbranche

Teneinde de fraude in (inter-)nationale handel van (top-)sportpaarden aan te pakken, heeft de FIOD in 2017 de werkgroep "Elite Paarden" opgericht, teneinde nationale en internationale boekenonderzoeken in te stellen bij organisaties die zich hoofdzakelijk bezighouden met de handel van topsportpaarden. Daarbij werd onderzoek gedaan naar carrouselfraude en witwassen in het epicentrum (Euregio driehoek Eindhoven, Aken, Brussel, waar later Nordrhein Westfalen, Nedersaksen en Noord-Frankrijk aan werden toegevoegd.

Belastingfraude binnen de paardensport

Aanleiding voor het grootschalige onderzoek was een melding van een oplettende douanemedewerker op de luchthaven van Luik. Daar werd een heel waardevol sportpaard uitgevoerd en enkele weken later werd datzelfde paard weer ingevoerd met een aanzienlijk lagere waarde. Uit een opvolgend summier onderzoek bleek dat dit veel vaker voorkwam. De waardebepaling van een paard is en blijft een lastige kwestie doordat vraag / aanbod en emotie de prijs naar ongekende hoogtes kunnen opdrijven en een ernstige blessure de waarde kan laten verwateren tot de slachtprijs of nihil. Goederen waarvan de waarde lastig is te bepalen zijn zeer geliefd bij degenen die geld witwassen.

Doel van het onderzoek was om meer inzicht te krijgen in de werkwijze van deze branche en te constateren waar / hoe frauduleuze transacties plaatsvinden teneinde aanbevelingen te kunnen maken ter zake van fraudepreventie. De hippische sector is een lastig parcours voor de fiscus, daar de waardebepaling erg subjectief kan zijn en de eigenaren en de waarde van de paarden niet centraal staan geregistreerd.  Daar komt nog bij dat het eigendom van paarden soms via ingewikkelde constructies verloopt via Nederlandse handelsstallen, met in het buitenland wonende particulieren en vennootschappen die gevestigd zijn in een belastingparadijs, waarvan de eigenaren dan weer buiten Nederland wonen of fiscale nomaden zijn.

Belastingdienst en kijk op paardenhandel

De paardenhandel is een wereldje op zich en, hoewel met een groot globaal bereik, de topruiters en paardenhandelaren die hen paarden verschaffen kennen elkaar wel op de één of andere manier. Het heeft zo zijn eigen omgangsregels en is erg conventioneel. Fiscaal is het bij boekenonderzoeken vaak een zwaar parcours om de fiscale realiteit te achterhalen, waardoor er veel (onterechte) aannames worden gedaan en hoge naheffingsaanslagen worden opgelegd, welke voor de belastingplichtige lastig of onmogelijk zijn om te pareren omdat er contractueel veelal niets (of te weinig) wordt vastgelegd.

Boekenonderzoek of FIOD-inval binnen paardenbranche

Een goed voorbeeld is een boekenonderzoek bij een springruiter in Wierden. De Belastingdienst stelt diverse vragen en bekijkt vele stukken. Er zit een verschil tussen de administratieve en werkelijke voorraad paarden. Simpel zou men kunnen stellen: er zijn meer paarden verkocht dan dat er omzet is geboekt. Er volgt argwaan en vervolgens wordt de FIOD ingeschakeld. De FIOD kan dieper graven in de "paardenbak" en doorzoekt de woning, het kantoor, en brengt een bezoek aan het accountantskantoor van de springruiter. De ruiter wordt verdacht van het indienen van onjuiste belastingaangiften en het niet voeren van een juiste administratie. In dit onderzoek zijn de ruiter en de belastingadviseur beiden verdachte.

Fiscale kijk in de paardenkeuken

Facturen worden vaak niet of nauwelijks eens gemaakt en contante betalingen zijn eerder regelmaat dan uitzondering. Daarbij komt nog dat de waarde van een paard erg subjectief is. Natuurlijk is er een soort benchmarket van vergelijkbare paarden van dezelfde leeftijd, ervaring en prestatielijst, maar de prijs kan explosief uit zijn verband worden getrokken als er twee of meer partijen een paard koste wat het kost willen hebben of als iemand een paard echt liever niet wil verkopen en de koper wil het paard per se hebben. Paarden hebben een waarde in het economisch verkeer van 'wat een gek er voor geeft' en die waarde is heel lastig vast te stellen. Als achteraf blijkt dat een duur verkocht paard helemaal niet functioneert met de nieuwe ruiter, wordt dit paard in de regel weer terug genomen voor een lager bedrag teneinde een langlopende procedure te voorkomen. Want tegen de tijd dat een juridisch procedure is uitgevochten, is het paard vaak al een paar jaar ouder of minder gezond en nagenoeg niets meer waard, dus de meesten kiezen eieren voor hun geld. Zo uitzonderlijk is het namelijk niet als een paard voor een heel hoge prijs wordt geëxporteerd en enkele weken later weer wordt geïmporteerd. De douane-ambtenaar heeft geen weet van wat er in de periode tussen export en import heeft afgespeeld, een verborgen gebrek dat resulteert in een ernstige blessure kan daar even goed de oorzaak van zijn in plaats van frauduleus handelen. Omdat er vaak weinig vast wordt gelegd, komt de paardenhandelaar hierdoor wel in een heel netelige bewijslastpositie indien hem verweten wordt dat hij frauduleus handelt.

Malafide handel in de paardenbranche

De handel in exclusieve spring- en dressuurpaarden is gevoelig voor fraude en witwaspraktijken. De wereld is soms ondoorzichtig en via handjeklap en mondelinge overeenkomsten worden de mooiste paarden verkocht. Nederland staat bovenaan binnen deze branche, dus zal er ook vast wel malafide handel plaatsvinden. Dit was de reden om een speciaal team op te richten bij de FIOD.  

Malafide handelingen uiten zich grotendeels in het niet (volledig) aangeven van de gerealiseerde omzet, het niet toepassen van (het juiste) btw-tarief, onjuiste afdracht van verschuldigde omzetbelasting, niet opgeven van de juiste douanewaarde met als gevolg onjuiste afdracht van invoerrechten en witwassen. Teneinde informatie te vergaren over de aan- / verkooptransacties van elite sportpaarden, vindt er uitwisseling van contra-informatie plaats, waarbij facturen van aan- / verkochte paarden in het land van vestiging worden onderzocht om zodoende vast te kunnen stellen in hoeverre directe dan wel indirecte belastingen werden ontdoken / ontweken middels de verkoop en export van paarden vanuit een ander land dan het vestigingsgebied.

De paardensector is voor Nederland van grote economische waarde. De Nederlandse hippische sector is goed voor  € 1,5 à € 2 miljard omzet op jaarbasis, en in de EU overstijgt de economische waarde € 100 miljard. Nederland behoort tot de top 5 wat betreft paardenexport in het topsportsegment. Goed betalende afnemers bevinden zich vooral in de VS, China, Japan en Midden-Oosten. Volgens de Belastingdienst loopt Nederland € 100 miljoen aan belasting mis.

Paardenhandelaar loopt tegen de lamp

De Spaanse paardenhandelaar X kwam onlangs ten val tezamen met zijn financieel adviseur. Eind juni werd de Spaanse paardenhandelaar veroordeeld tot 15 maanden celstraf, waarvan 6 maanden voorwaardelijk vanwege witwassen van zwart geld. Zijn 70-jarige Belgische adviseur werd schuldig bevonden aan witwassen en kreeg 8 maanden celstraf, waarvan 4 voorwaardelijk, ondanks het feit dat zijn adviseur een Wwft  (Wet financieel toezicht) melding had gedaan.

X investeerde ca. € 2,5 miljoen in een prachtig stallencomplex ‘Y’ te Valkenswaard midden in het epicentrum van de springsport, de opening werd groots gevierd en was een memorabele avond voor velen. Officieel woonde X in Monaco, hij verbleef regelmatig in Nederland en poogde als fiscaal inwoner van België te worden aangemerkt, teneinde niet binnenlands belastingplichtig in Nederland te worden. Er liepen geldstromen via offshore company’s op de Maagdeneilanden via Zwitserse bankrekeningen die gerelateerd waren aan de paardenhandel en nergens ter wereld betaalde hij belasting. In 12 jaar tijd werd er bijna een miljoen aan contant geld opgenomen. Hierdoor ontstond er discussie met de fiscus. De fiscus had nogal moeite met het fiscale parcours en X vermoedt dat de fiscus daarom het OM voor het karretje heeft gespannen. Het OM bleek een meer capabele ruiter te zijn gezien de uitspraak van de Rechtbank, maar wie weet komt er nog een tweede omloop bij het Hof. Het OM trekt de herkomst van het geld in twijfel en meent dat Y een witwasverhikel is om geld uit het criminele circuit te zuiveren. X neemt het standpunt in dat de herkomst van het geld te herleiden is naar zijn paardenhandel, het trainen van paarden en het verhuren van stalling. De fiscaal adviseurs van X verhinderden het OM om actief onderzoek te doen naar de herkomst van het geld. Er loopt overigens nog een bestuursrechtelijke procedure waarin de fiscus € 5,7 miljoen van X wil hebben.

Melding ongebruikelijke transacties binnen paardenbranche

De financieel adviseur van X heeft een Wwft (Wet financieel toezicht) melding gedaan, welke door het OM niet verder werd onderzocht. De Wwft verplicht melding te maken van verdachte transacties. Een Wwft-melding heeft regelmatig tot gevolg dat er onderzoek door de Belastingdienst volgt en een strafrechtelijk onderzoek door de FIOD. Wwft-plichtigen worden in drie categorien verdeeld: banken, overige financiële instellingen en beroepsgroepen. Onder beroepsgroepen vallen accountants, notarissen, belastingadviseurs, makelaars etc., maar ook bemiddelaars inzake koop / verkoop van zaken van grote waarde.

De Wwft is alleen van toepassing op (rechts-)personen handelend in het kader van hun beroepsactiviteiten die beroeps- of bedrijfsmatig handelen als koper of verkoper van goederen, voor zover betaling van deze goederen in contanten plaatsvindt voor een bedrag van € 10.000 of meer, ongeacht of de transactie plaatsvindt in een handeling of door middel van meer handelingen waartussen een verband bestaat. Onder transactie wordt verstaan een samenstel van handelingen van of ten behoeve van een cliënt waarvan de instelling ten behoeve van haar dienstverlening aan die cliënt heeft kennisgenomen.

Uit de Wwft volgt dat een organisatie een eigen business en risicobeleid zou moeten hebben, hetgeen inhoudt dat er een risicoprofiel dient te zijn waarin op basis van risicocriteria, zoals landen- en geografisch risico, cliëntrisico en productrisico, beredeneerd kan worden wat de risico’s zijn op witwassen en financieren van terrorisme voor hun specifieke business. Daarbij dient in kaart te worden gebracht - en dit moet vast worden gelegd - welke beheersmaatregelen de organisatie dient te nemen om de risico’s te beheersen. Aan de hand van dit risicobeleid kunnen cliënten vervolgens geïdentificeerd worden bij transacties waarmee meer dan € 10.000 aan contant geld is gemoeid. Hoe hoger het risico bij een bepaalde afnemer, des te hoger de inspanning en controleverplichting zouden moeten zijn. Daarbij is het opportuun om één verantwoordelijke hiervoor aan te wijzen die de Wwft onder zich neemt en die verantwoordelijk is voor het doen van de meldingen bij de FIU en zorgt voor het borgen van alle relevante informatie.

Indien contante bedragen hun oorsprong vinden in niet-gerelateerde bedrijfsactiviteiten, dan is er geen sprake van eigen bedrijfsmatig handelen. Er staat immers geen verkoop of eigen transactie tegenover het opnemen van de contante gelden. Er is alleen sprake van een zogenaamde geldtransfer. Het zijn eveneens geen handelingen die zijn aan te merken als zijnde te zijn gedaan 'ten behoeve van haar dienstverlening aan een cliënt', daar de contante gelden buiten de financiële administratie vallen. Bij een stikte lezing van de Wwft is de Wwft dan niet van toepassing. Ondanks het feit dat er wel geldverkeer plaatsvindt, staat hier geen specifieke transactie of verkoop van goederen tegenover. Het betreft eveneens geen eigen bedrijfsmatig handelen. Hoewel het begrip 'transactie' ruim dient te worden uitgelegd, zou het in zojuist beschreven situatie te ver gaan om deze gang van zaken onder het toepassingsbereik van de Wwft te scharen. Dan zou er immers ook verwacht worden dat er een cliëntonderzoek wordt verricht, maar in de hiervoor beschreven omstandigheid is er geen cliënt in de zin van Wwft waarnaar risicogeoriënteerd onderzoek plaats zou dienen te vinden.

Fiscale advisering binnen paardenbranche onvoldoende

De meeste paardenhandelaren staan bijna altijd wel met één voet (on-)bewust in het fiscale graf. Eerder kwam men daar nog vaak wel mee weg omdat er weinig controle was vanuit de fiscus, maar de paardenhandel wordt steeds kritischer bekeken en als men niet oppast, ligt het straks onder vuur. Het blijkt dat een hele grote groep van hippische belastingplichtigen geen gebruik maakt van een belastingadviseur / accountant. Daardoor worden ook veel (onnodige) fouten gemaakt in de aangiften, met alle, soms extreem zwaarwegende gevolgen van dien.

Fiscaal advies nodig binnen de paardenwereld?

Voor wie niet uit de paardenwereld komt, is deze soms nauwelijks te begrijpen. Er worden met handjeklap of op de achterkant van een sigarendoos miljoenentransacties gesloten. Dat er uiteindelijk een fiscale of juridische discussie kan volgen, lijkt zelden van belang. Dat de FIOD en de Belastingdienst steeds vaker komen binnenwandelen, lijkt een paardenondernemer niets uit te maken. Dit is snel voorbij als er naheffingsaanslagen of FIOD-invallen volgen. Voorkomen is beter dan genezen en soms zijn fiscaal juristen hierbij noodzakelijk.

Krijgt u te maken met een boekenonderzoek of een bedrijfsbezoek van de fiscus, houd er dan rekening mee dat de fiscus een dubbele agenda kan hebben, daar zij al een vermoeden hebben van onregelmatigheden en eigenlijk dan alleen op zoek gaan naarr meer bewijs. Als het dan ineens stil wordt voordat het boekenonderzoek zou worden afgerond, dan dient men extra alert te zijn en is het opportuun om in gesprek te blijven met de Belastingdienst.

Krijgt u te maken met een boekenonderzoek, zet dan een ervaren fiscaal-juridische ruiter op het paard van de fiscus teneinde u de beste kans te geven dit fiscale parcours foutloos of met zo min mogelijk strafpunten te beëindigen. Immers, u stuurt een L-ruiter ook niet de Grand Prix ring in.

Vragen over fiscaliteit binnen de paardensport?

Vul uw naam en e-mail in en wij nemen contact met u op.


Meer weten van boekenonderzoek paardenbranche


Laatste update : 08-09-2021
Dit artikel (of blog of voorbeeldovereenkomst) is met aandacht en zorgvuldigheid geschreven, maar bevat informatie van algemene en informatieve aard. De informatie in dit artikel kan, afhankelijk van de omstandigheden van uw specifieke geval, niet of verminderd van toepassing zijn. De informatie in dit artikel dient derhalve niet als fiscaal/juridisch advies te worden beschouwd. Jongbloed Fiscaal Juristen N.V. en of haar vestingen/ deelnemingen aanvaarden dan ook geen enkele aansprakelijkheid voor de gevolgen van het gebruik van de informatie uit het artikel.

Deel deze pagina

U bevindt zich hier : Jongbloed Fiscaal Juristen Kennisbank Boekenonderzoek Boekenonderzoek paardenbranche

Jongbloed Fiscaal Juristen - Disclaimer - Zoeken - Sitemap