Volg ons op:

U bevindt zich hier : Kennisbank Bedrijfsopvolging Bedrijfsopvolging en overdrachtsbelasting


Twitter Updates

Bedrijfsopvolging in de overdrachtsbelasting

Dat het overdragen van ondernemingsvermogen of aandelen in een familie-B.V. onder de bedrijfsopvolgingsregeling zonder schenk- en inkomstenbelasting mogelijk is, is een bekend gegeven. De wet biedt hiervoor een aantal faciliteiten. De overdrachtsbelasting blijkt echter in de praktijk een lastig dingetje. Rechtbank Noord Nederland kijkt verder dan de letterlijke wettekst en stelt dat de bedrijfsopvolgingsregeling in de overdrachtsbelasting ook geldt als aandelen in een onroerend-goed-lichaam (OG-lichaam) worden geschonken.

Wat was de casus?

Belanghebbende krijgt de aandelen in een B.V. geschonken van zijn moeder. Op de balans van de B.V. stonden een 40-tal verhuurde studentenpanden, 4 winkelpanden en 3 garageboxen. Daarnaast had deze B.V. een 100% belang in een materiële onderneming. Vanwege de waarde van het onroerend goed in vergelijking tot het overige vermogen van de B.V., wordt deze B.V. voor de overdrachtsbelasting aangemerkt als een OG-lichaam. Fiscaal wordt dan gedaan alsof moeder onroerend goed heeft geschonken in plaats van aandelen. Deze fictie kost zoon echter wel € 141.360 aan overdrachtsbelasting. Voor de schenk- en inkomstenbelasting gaat de schenking wel goed omdat de inspecteur oordeelt dat de B.V. een materiële onderneming drijft.

Uiteraard is zoon het hier niet mee eens. Hij beroept zich op de vrijstelling in de overdrachtsbelasting voor overdracht van binnen de onderneming gebruikte onroerende zaken. Hierbij moet worden opgemerkt dat zoon tot de voor toepassing van deze vrijstelling geldende familiekring behoort. De inspecteur stelt dat de letterlijke wettekst geen ruimte laat voor een vrijstelling bij schenking van fictieve onroerende zaken (in casu de aandelen). Volgens de inspecteur blijkt uit de wet dat de vrijstelling slechts is bedoeld voor overdrachten van tot een IB-onderneming behorende onroerende zaken.  

De rechter sluit in haar uitspraak aan bij de achtergrond van de bedrijfsopvolgingsfaciliteit in de overdrachtsbelasting: het wegnemen van fiscale belemmeringen bij overdracht binnen familieverband. Dat de wettekst spreekt over ‘onderneming‘ maakt het oordeel van de rechter niet anders nu dit begrip aansluit bij het ondernemingsbegrip welke in andere heffingswetten (IB / Successiewet) wordt gehanteerd (de materiële onderneming).

Voor de praktijk

Natuurlijk is een dergelijke uitspraak altijd mooi, voor de praktijk is het echter nog geen gelopen race. Als sprake is van een vennootschap met onroerend goed moet eerst de discussie worden gewonnen dat sprake is van een materiële onderneming. Exploitatie van onroerend goed valt vaak onder de categorie beleggingen. Als deze horde gepasseerd is krijg je vervolgens nog de discussie over de overdrachtsbelasting. Naar de letter van de wet kan de bedrijfsopvolgingsfaciliteit niet toegepast worden op een verkrijging van aandelen in een OG-lichaam. De Hoge Raad heeft echter op 10 juni 2011 geoordeeld dat het feit dat de onroerende zaken worden gehouden door een B.V. niet op andere wijze mag worden behandeld dan indien een privépersoon deze onroerende zaken zou bezitten (de doorkijkarresten). In onderhavige uitspraak wordt het standpunt van de Hoge Raad bevestigd.

De Hoge Raad gaat zich nu over deze casus buigen, pas dan is duidelijk hoe een starre wettekst moet worden uitgelegd en toegepast. Wordt vervolgd ... 

Wilt u weten of uw vennootschap kwalificeert voor de bedrijfsopvolgingsregeling, neem dan contact met ons op. De mogelijkheden reiken wellicht verder dan u vermoedt. 

Bron

Rechtbank Noord Nederland 22 juli 2016 (ECLI:NL:RBNNE:2016:3373).

Hoge Raad 10 juni 2011 (ECLI:NL:HR:2011:BQ7580).


Meer weten van bedrijfsopvolging en overdrachtsbelasting



Auteur(s) van bedrijfsopvolging en overdrachtsbelasting


mr. A. Vermeer (Angelique).
Fiscaal Jurist,

088 027 00 00
a.vermeer@jongbloed.tv


Jongbloed Fiscaal Juristen N.V.
Marthalaan 5
7511 AZ Enschede
, Overijssel

Artikel datum : 10-03-2017 | Artikel laatst gewijzigd : 13-03-2017

© 2018 Jongbloed Fiscaal Juristen