print sitemap zoeken disclaimer contact

Doorstootverplichting

Verworven aandelen kunnen vallen onder het regime van het aanmerkelijk belang (box 2 bij een belang van meer dan 5%), het regime van inkomen uit sparen en beleggen (box 3 bij een belang van minder dan 5%). Minder bekend is dat de aandelen ook kunnen worden belast als resultaat uit werkzaamheid (lucratief belang belast in box 1). Indien de netto voordelen uit een middelijk gehouden lucratief belang in het betreffende kalenderjaar voor tenminste 95% als inkomen uit aanmerkelijk belang (box 2) worden doorgestoten (dividend uitkering naar prive) wordt geen resultaat in aanmerking genomen.

Doorstootverplichting bij lucratief belang

Voordelen uit een lucratief belang zijn belast in box 1 als resultaat uit overige werkzaamheden. De belastingdienst moet dan wel bewijzen dat de aandelen (of vordering) mede zijn bedoeld voor de werkzaamheden van een persoon of rechtspersoon.

Van aandelen die onder de lucratief-belangregeling vallen is kortgezegd sprake als het gaat om aandelen die moeten worden geacht mede een vergoeding voor werkzaamheden te zijn en voorts is sprake van:

  • (on)middellijk gehouden aandelen van een achtergestelde soort. Die achtergestelde soort moet minder dan 10% uitmaken van het totale geplaatste kapitaal of een dividendpreferentie van minstens 15% hebben;
  • vorderingen waarvan het rendement mede afhankelijk is van het behalen van management- of aandeelhoudersdoeleinden; of
  • vermogensrechten die overeenkomen of vergelijkbaar zijn met de eerdergenoemde aandelen en vorderingen en overige rechten waarvan de waarde mede afhankelijk is van management- of aandeelhoudersdoeleinden.

Het idee achter de lucratief-belangregeling is dat het niet gaat om reguliere managementparticipaties maar om aandelen waarmee een excessief rendement wordt behaald. Dit excessieve rendement kan worden behaald door hefbomen, zoals bijvoorbeeld de wijze waarop de vennootschap is gefinancierd.

Als de aandelen kwalificeren als een lucratief belang zijn de inkomsten belast in box 1 tegen een tarief van maximaal 49,5%. Er is echter een ‘escape’.

Toch belastingheffing in box 2: doorstoorverplichting

De werknemer kan de inkomsten uit zijn lucratieve belang onder het box 2-tarief laten vallen (2023: 26,9% en 2024: 33%) in plaats van onder de hogere tarief in box 1. De werknemer moet dan de in het kalenderjaar genoten voordelen uit het lucratief belang tot minimaal 95% van die voordelen vanuit zijn personal holding doorstoten naar prive. Het ‘voordeel’ is een netto-begrip; eventuele financieringslasten kunnen derhalve op de ontvangen verkoopwinsten en/of dividenden in mindering worden gebracht.

Als minder dan 95% van de voordelen uit lucratief belang in het kalenderjaar wordt doorgestoten blijft het tarief uit box 1 van toepassing.

De doorstootverplichting is een complexe regeling

De regeling van de doorstootverplichting heeft een onhebbelijkheid. Niet altijd is duidelijk of de aandelen al dan niet kwalificeren als een lucratief belang. Indien de werknemer meent dat hiervan geen sprake is, zal hij doorgaans de verkoopwinsten/dividenden, in ieder geval deels, in zijn holding laten en mitsdien niet aan de doorstootverplichting voldoen.

Indien de belastingdienst zich nadien op het standpunt stelt dat de aandelen wel als een lucratief belang kwalificeren, dan is doorgaans het moment dat kan worden doorgestoten (binnen hetzelfde kalenderjaar als de voordelen zijn opgekomen) al gepasseerd. Dat betekent dat de voordelen daarmee alsnog worden belast tegen maximaal 49,5%.

Daarbij is ook nog van belang dat de beoordeling of al dan niet sprake is van een lucratief belang dynamisch is; toetsing aan de criteria dient doorlopend plaats te vinden. Als bij de verwerving van de aandelen geen sprake is van een lucratief belang kan bijvoorbeeld een omvangrijke agiostorting door een van de aandeelhouders ertoe leiden dat het belang van de andere aandeelhouder(s) gaat kwalificeren als lucartief belang.

Advisering over werknemersparticipatie en doorstootverplichting

De ervaring is dat de belastingdienst bij werknemersparticipaties op het standpunt  stelt dat de aandelen belast zijn in box 1. Zeker als het aandelenbelang gering is, doet dit standpunt opgeld. Bij de totstandkoming van de wettelijke regeling is nadrukkelijk aangegeven dat de regeling op reguliere werknemersparticipaties niet van toepassing is, maar de praktijk is weerbarstig. Bij vragen kunt u ons bellen of een e-mail sturen.

Deel deze pagina

Laatste update op 20-12-2023
Artikel gemaakt op 20-12-2023
Dit artikel (of blog of voorbeeldovereenkomst) is met aandacht en zorgvuldigheid geschreven, maar bevat informatie van algemene en informatieve aard. De informatie in dit artikel kan, afhankelijk van de omstandigheden van uw specifieke geval, niet of verminderd van toepassing zijn. De informatie in dit artikel dient derhalve niet als fiscaal/juridisch advies te worden beschouwd. Jongbloed Fiscaal Juristen N.V., haar medewerkers en of haar vestigingen/deelnemingen aanvaarden dan ook geen enkele aansprakelijkheid voor de gevolgen van het gebruik van de informatie uit het artikel.
U bevindt zich hier : Jongbloed Fiscaal Juristen Kennisbank Loonbelasting Actueel loonbelasting Doorstootverplichting belastingen

Jongbloed Fiscaal Juristen - Disclaimer - Zoeken - Sitemap