print sitemap zoeken disclaimer contact

U bevindt zich hier :Jongbloed Fiscaal Juristen Kennisbank Innovatie en investeren Kleinschaligheidsinvesteringsaftrek bij samenwerkingsverbanden

Kleinschaligheidsinvesteringsaftrek bij samenwerkingsverbanden

In Nederland kennen we meerdere manieren om samen te werken. Indien het een samenwerking betreft in de vorm van een fiscaal transparante entiteit, vaak een vennootschap onder firma (hierna “VOF”) of maatschap, kunnen er vragen opkomen over de kleinschaligheidsinvesteringsaftrek. Hierna zal kort worden ingegaan op de toepassing van de kleinschaligheidsinvesteringsaftrek. Vervolgens zal er aandacht worden besteed aan deze aftrekpost in relatie tot het werken in de vorm van een samenwerkingsverband en het hebben van buitenvennootschappelijk ondernemingsvermogen.

Wat is de kleinschaligheidsinvesteringsaftrek?

De kleinschaligheidsinvesteringsaftrek (hierna “KIA”) is een aftrekpost die in mindering gebracht mag worden op de fiscale winst. Deze aftrek geldt zowel voor de inkomsten- als vennootschapsbelasting. De KIA is bedoeld als instrument om investeringen van kleinere omvang te stimuleren. De aftrekpost is daarmee vooral gericht op het MKB-bedrijf. In de praktijk zien wij echter regelmatig dat juist bij dit type bedrijf de regeling niet of onjuist wordt toegepast; en dat is zonde.

De KIA kan worden toepast bij investeringen in een bedrijfsmiddel. De wet schrijft strikt voor wanneer wel en wanneer niet sprake is van een bedrijfsmiddel waarop de KIA van toepassing is. De KIA wordt vervolgens berekend op basis van een percentage van het investeringsbedrag en de hoogte van de aftrek wordt afgeleid uit een tabel. Deze tabel kan jaarlijks wijzigen. U dient de KIA aan te vragen bij het doen van de belastingaangifte. De aanvraag kan gewijzigd (of juist ingediend) worden zolang de belastingaanslag nog niet onherroepelijk is vastgesteld. Hierna volgt een voorbeeld.

Voorbeeld

Indien een ondernemer in een kalenderjaar voor de inkomstenbelasting een investering doet in bedrijfsmiddelen van in totaal € 40.000, dan bedraagt de KIA (40.000 * 28% =) € 11.200. De ondernemer dient bij het doen van de aangifte inkomstenbelasting over het betreffende boekjaar actief om toepassing van de KIA te verzoeken.

Samenwerkingsverbanden en KIA

In geval een onderneming wordt gedreven in de vorm van een VOF, dan pakt de KIA anders uit. In dat geval wordt er niet per vennoot van de VOF gekeken naar zijn investering, maar wordt de KIA berekend en de aftrekpost verdeeld over de verschillende vennoten naar rato van ieders gerechtigdheid. Een voorbeeld ter verduidelijking.

Voorbeeld

Een ondernemer oefent samen met zijn medevennoot een onderneming uit in de vorm van een VOF. De winstverdeling en gerechtigdheid tot de stille reserves is 50% ieder. De vennootschap onder firma investeert in het boekjaar 2021 € 80.000 in bedrijfsmiddelen. De kleinschaligheidsinvesteringsaftrek wordt, aan de hand van de tabel, bepaald over het totale investeringsbedrag en bedraagt dan in totaal € 16.568. Vervolgens komt de helft toe aan iedere firmant. Het is dus niet zo dat iedere vennoot de KIA berekent over € 40.000 (50% van het investeringsbedrag). In dat geval zou ieder recht hebben op KIA ter grootte van € 11.200 en zou de totale aftrek € 22.400 bedragen. Juiste toepassing van de regeling leidt er dus toe dat iedere vennoot € 8.284 claimt.

Buitenvennootschappelijk ondernemingsvermogen en KIA

De Hoge Raad heeft in 2019 een arrest gewezen omtrent de berekening van de KIA in geval van een maatschap. Hier betrof het een dierenarts die met nog vijf dierenartsen een dierenartsenpraktijk in de vorm van een maatschap dreef. Daarnaast had de dierenarts buitenvennootschappelijk ondernemingsvermogen. Dit is ondernemingsvermogen dat niet in de dierenartsenpraktijk is aangekocht, maar door de dierenarts zelf. Illustratief is de aankoop van een pand in ‘privé’, dat vervolgens ter beschikking wordt gesteld aan het samenwerkingsverband.

De casus die de Hoge Raad moest beslechten was als volgt:

De dierenartsenpraktijk (de maatschap) heeft een bedrag van € 40.517 geïnvesteerd in bedrijfsmiddelen. De dierenarts zelf – dus in buitenvennootschappelijk ondernemingsvermogen –  € 56.615. De inspecteur was van mening dat de investeringen € 97.032 bedroegen en dat hier een percentage van 15,94% als KIA bij hoort, de aftrekpost zou dan uitkomen op € 10.085.

De dierenarts kijkt hier anders tegenaan. Hij is van mening dat de investering die aan hem toe te rekenen is bestaat uit 100% van € 56.615, vermeerderd met 1/6 van de investeringen van de dierenartsenpraktijk. Dat leidt tot een investeringsbedrag voor de dierenarts van € 63.368. De KIA die daarbij hoort bedraagt € 15.470.

In bovenstaande zaak heeft de dierenarts uiteindelijk gelijk gekregen. In een andere zaak waarover de Hoge Raad in 2020 uitspraak heeft gedaan kwam vergelijkbare problematiek aan de orde. In die situatie werd de inspecteur in het gelijk gesteld. De onduidelijkheid in de berekeningsmethodiek heeft geleid tot een wetswijziging met ingang van 1 januari 2021. Dit betekent dat er in het jaar 2020 nog een andere berekeningsmethodiek kan gelden dan ten opzichte van het jaar 2021.

De wetswijziging die per 1 januari 2021 is ingevoerd leidt ertoe dat de KIA veelal lager uit zal vallen. Wij beschrijven hierna kort de wetswijziging.

Wetswijziging KIA per 1 januari 2021

De wetswijziging komt erop neer dat de evenredige toepassing in de wet wordt vastgelegd. Dit geldt voortaan ook voor de situatie waarin geïnvesteerd wordt in buitenvennootschappelijk ondernemingsvermogen; ook dan geldt dus het recht op KIA voor een evenredig deel van het maximumbedrag voor het aandeel in het investeringstotaal. Door het samentellen van investeringen van deelnemers in een samenwerkingsverband, zal in veel gevallen de KIA lager uitvallen. Voorts is opgenomen dat de KIA moet worden berekend per onderneming en niet per ondernemer. Deze wijziging is op te vatten als een reparatie naar aanleiding van een uitspraak van de Hoge Raad, die anders had beslist. Dit laatste kan voor belastingplichtigen ook voordelig uitpakken.

Noot fiscaal-jurist

De KIA is in de meeste gevallen een praktische regeling. Deze regeling kan in sommige situaties complex worden. Dat geldt bijvoorbeeld indien sprake is van één of meer samenwerkingsverbanden of indien er wordt geïnvesteerd in buitenvennootschappelijk ondernemingsvermogen.

Indien u meer wilt weten, kunt u hierover rechtstreeks contact opnemen met de auteur van dit artikel.


Meer weten van kleinschaligheidsinvesteringsaftrek bij samenwerkingsverbanden


Laatste update : 26-07-2021
Dit artikel (of blog of voorbeeldovereenkomst) is met aandacht en zorgvuldigheid geschreven, maar bevat informatie van algemene en informatieve aard. De informatie in dit artikel kan, afhankelijk van de omstandigheden van uw specifieke geval, niet of verminderd van toepassing zijn. De informatie in dit artikel dient derhalve niet als fiscaal/juridisch advies te worden beschouwd. Jongbloed Fiscaal Juristen N.V. en of haar vestingen/ deelnemingen aanvaarden dan ook geen enkele aansprakelijkheid voor de gevolgen van het gebruik van de informatie uit het artikel.

Deel deze pagina

U bevindt zich hier : Jongbloed Fiscaal Juristen Kennisbank Innovatie en investeren Kleinschaligheidsinvesteringsaftrek bij samenwerkingsverbanden

Jongbloed Fiscaal Juristen - Disclaimer - Zoeken - Sitemap