Wanneer recht op integrale proceskostenvergoeding bij fiscale procedures
Een integrale proceskostenvergoeding in fiscale procedures wordt toegekend als er sprake is van bijzondere omstandigheden. De belangrijkste worden in dit artikel behandeld. U moet hier wel een beroep op doen. In dit artikel gaan we er eens goed voor zitten en geven u een helder inzicht in de mogelijkheden en onmogelijkheden. Hulp nodig bij een fiscale procedure? Neem gerust contact op met onderstaande specialisten.
Wanneer recht op een integrale proceskostenvergoeding
Een belastingplichtige heeft wellicht recht op een integrale proceskostenvergoeding als sprake is van de volgende situaties:
- Onzorgvuldigheid: de inspecteur heeft onzorgvuldig of onrechtmatig gehandeld (of is gewoon slordig of er is sprake van tunnelvisie).
- Vooringenomenheid: de inspecteur heeft het onderzoek vooringenomen opgestart en hierdoor fouten gemaakt.
- Verzuim: de inspecteur heeft fouten gemaakt en besluit deze in het traject te corrigeren of te herroepen, hierbij moet ook sprake zijn van onzorgvuldig of onrechtmatig handelen.
- Tegen beter weten in: de inspecteur handhaaft een standpunt zonder te luisteren naar de informatie van een belastingplichtige waarbij het standpunt - waarvan duidelijk had moeten zijn dat deze fout is - in de procedure geen stand kan houden of stand heeft gehouden.
Het verzoek om een immateriele schadevergoeding en/of integrale proceskostenvergoeding moet wel uitdrukkelijk door een belastingplichtige worden ingenomen en voldoende met stukken worden onderbouwd. Als dit wordt vergeten wordt soms geen proceskostenvergoeding verstrekt.
Proceskostenvergoeding in de bezwaarfase
Ook in de bezwaarfase kan een belastingplichtige recht hebben op een proceskostenvergoeding. Simpel gelijk krijgen wil echter nog niet zeggen dat automatisch recht bestaat op een proceskostenvergoeding in de bezwaarfase. Er bestaat een recht op proceskostenvergoeding in de bezwaarfase indien:
- De kosten door de belastingplichtige in redelijkheid zijn gemaakt; en
- De belastingdienst wijzigt haar beslissing (bijvoorbeeld de naheffings- of navorderingsaanslag) omdat de niet juist is; en
- De fout in de beslissing is te wijten aan de belastingdienst (de inspecteur); en
- De belastingplichtige heeft schriftelijk verzocht om een proceskostenvergoeding. Dit verzoek kan ook nog in het hoorgesprek worden gedaan, dit is vormvrij maar schriftelijk heeft de voorkeur.
De omvang van de proceskostenvergoeding staat in het besluit proceskosten bestuursrecht.
Integrale proceskostenvergoeding door onredelijk gedrag van de inspecteur
In een aantal procedures wordt duidelijk dat de rechter niet kijkt naar het puntensysteem van het besluit maar een integrale proceskostenvergoeding gaat toekennen. Als een belastingplichtige een procedure wint heeft hij of zij veelal recht op een vergoeding van de proceskosten volgens het forfaitaire besluit inzake proceskosten. Deze vergoeding dekt echter zelden de daadwerkelijke kosten van de belastingplichtige. Bij bijzondere omstandigheden mag de rechter van het besluit afwijken (artikel 1, letter a en artikel 2 lid 3 Bpb).
Wanneer recht op volledige proceskosten in een fiscale procedure
- In een procedure bij de Rechtbank Noord Nederland d.d. 8 maart 2021 (ECLI:NL:RBNHO:2021:1809) kwam dit aan de orde. Naar het oordeel van de rechtbank heeft de inspecteur zeer onzorgvuldig gehandeld door bezwaren van de belastingplichtige volledig buiten beschouwing te laten. Hierdoor werd ht materiele geschilpunt onttrokken aan de toetsing van de rechtbank.
- Ook in een procedure bij het Gerechtshof Den Haag d.d. 10 maart 2026 ECLI:NL:GHDHA:2026:432 was sprake van een schending van het verdedigingsbeginsel. Als gevolg hiervan heeft de rechter besloten om de volledige proceskosten van belastingplichtige te vergoeden. Van schending van het verdedigingsbeginsel is sprake als een belastingplichtige bijvoorbeeld niet in de gelegenheid is gesteld op te reageren of hiervoor onvoldoende tijd heeft gehad of niet alle op de zaak betrekking hebbende stukken heeft ontvangen. Een dergelijk besluit zou dan moeten worden vernietigd (Hoge Raad d.d. 24 juni 2022 ECLI:NL:HR:2022:934). In deze procedure had de inspecteur een naheffingsaanslag omzetbelasting met belastingrente opgelegd, zonder vooraf een kennisgeving van dit voornemen aan belastingplichtige te sturen.
Noot fiscaal jurist inzake integrale proceskostenvergoeding
Bij een eigenwijze of onwillige inspecteur ontstaat een soort fundering voor een mogelijke integrale proceskostenvergoeding. Hierbij is het wel van belang dat hierop een beroep wordt gedaan en dat dit standpunt uitgebreid en kundig wordt onderbouwd. Volgens de vaste lijn van de Hoge Raad in 2007 en Hoge Raad in 2011 speelt dit als er sprake is van bijzondere omstandigheden, zoals onzorgvuldig handelen of vasthouden aan een evident onhoudbaar standpunt. In een procedure is het beste advies om te kiezen voor een dubbele strategie, het eerste standpunt is het vernietigen van het besluit en tweede standpunt (subsidiar) een integrale proceskostenvergoeding en wellicht immateriele schadevergoeding.
Voor het verdedigingsbeginsel loopt de route via het unierecht. Het Hof van Justitie heeft in een paar procedures (zoals Soprope en Kamino/ Datema) duidelijk gemaakt dat een belastingplichtige zijn visie en argumenten kenbaar moet kunnen maken. De Hoge Raad heeft dit in 2015 en 2020 en in 2025 ook opgepakt. Uit deze arresten volgt klip en klaar dat de inspecteur een belastingplichtige helder moet informeren over een concreet voornemen voor een besluit (en hiertoe argumenten, onderbouwing en info moet verstrekken) waarbij de belastingplichtige tijd heeft om hierop te reageren.
De gewone route (via de AWB) loopt via horen en bezwaar maken. De unierechtelijke route werkt ook sneller (eerder in de tijd), voor het nemen van een besluit moet de informatie worden verstrekt. In een reguliere procedure moeten hierbij ook alle op de zaak betrekking hebbende stukken aan belastingplichtige worden verstrekt, zie hiertoe de Hoge Raad in 2018. Ook de belastingdienst heeft hierover een nette handreiking opgesteld.
In diverse procedures wordt kritisch gekeken naar de mogelijkheid voor een integrale proceskostenvergoeding, een opsomming:
- Hoge Raad 13 april 2007: afwijking forfait als besluit evident geen stand kan houden
- Hoge Raad 4 februari 2011: een vergissing is menselijk, geen sprake van verwijtbaarheid
- Hoge Raad 26 juni 2015: Nederlandse invulling van Kamino procedure
- Gerechtshof Den Haag d.d. 10 maart 2026 integrale proceskostenvergoeding in bezwaar wegens cumulatie van formele schendingen en onzorgvuldigheden
Bron proceskostenvergoeding
Hoge Raad d.d. 13 april 2007 (ECLI:NL:HR:2007:BA2802)
Hoge Raad d.d. 4 februari 2011 (ECLI:NL:HR:2011:BP2975)
Hoge Raad d.d. 26 juni 2015 ECLI:NL:HR:2015:1666
Hoge Raad d.d. 19 juni 2020 ECLI:NK:HR:202:1044
Rechtbank Noord Nederland d.d. 8 maart 2021 (ECLI:NL:RBNHO:2021:1809
Hoge Raad d.d. 13 juni 2025 ECLI:NL:HR:2025:903
Gerechtshof Den Haag d.d. 10 maart 2026 ECLI:NL:GHDHA:2026:432
Handreiking alle op de zaak betrekking hebbende stukken
Meer weten van integrale proceskostenvergoeding
- Fiscale procedure en proceskostenvergoeding
- Verzenden bezwaar en beroepschrift
- Bezwaar maken bij de Belastingdienst
- Bezwaar tegen belastingrente
- Bezwaar- of beroepszaak?
- Immateriele schadevergoeding bij fiscale procedures
- Schadevergoeding fiscale procedure
- Second opinion fiscale procedure
- Fiscale procedure om griffierecht
- Immateriele schadevergoeding fiscale procedure
- Griffierecht in fiscale procedures
- Onrechtmatig bewijs in fiscale procedures
