Derdenonderzoek belastingdienst en privacy
Soms staat het publieke of fiscale belang op gespannen voet met basis grondrechten van een burger. Een voorbeeld hiervan is het recht op privacy ten opzichte van de onderzoeksrechten van de belastingdienst (zoals een boekenonderzoek of derdenonderzoek). Soms is het voor de belastingheffing wenselijk dat het recht op privacy (artikel 8 EVRM) opzij wordt gezet. Door de verregaande digitalisering is het steeds eenvoudiger om diverse data aan elkaar te knopen en via datamining inzichtelijk te maken. De privacy komt hierbij steeds meer onder druk, maar wat mag nu wel en wat mag niet?
In een procedure bij het Europese Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) kwam dit onderdeel voor het eerst op europees niveau aan de orde, dit in de zaak van de heer Ferrieri en mevrouw Bonassisa.
Derdenonderzoek belastingdienst bij bancaire instelling, mag dit?
De Italiaanse belastingdienst heeft in het kader van een onderzoek gegevens van prive personen opgevraagd bij een bancaire instelling. De bank stuurt een kort briefje aan de personen over dit verzoek. De bank stuurt de informatie (op grond van op haar rustende wettelijke verplichting) aan de belastingdienst. In Italië bestaat - evenzo als in Nederland - geen mogelijkheid om bezwaar te maken tegen dit derdenonderzoek resp. de informatieverstrekking door de bank. Beide personen stappen naar de europese rechter met als reden:
- Zeer uitgebreide bevoegdheid van de Italiaanse belastingdienst
- Ontbreken van (voldoende) procedurele waarborgen ter bescherming van hun rechten (willekeur / misbruik)
De Europese rechter gaat er eens goed voor zitten. Er is sprake van schending van de rechten die zijn opgenomen in artikel 8 van het EVRM (inzage in bankgegevens is een inbreuk op het privé leven). Dit met de volgende gronden:
- Geen rechterlijke toetsing vooraf of achteraf (ook geen alternatief via een onafhankelijke toetsing)
- Onvoldoende waarborgen om de personen te beschermen tegen misbruik of willekeur
- Te uitgebreide bevoegdheid van de belastingdienst waarbij niet vereist is dat er bij het verzoek wordt gemeld waarom de informatie wordt opgevraagd en/of waarom de personen worden gecontroleerd
De vraag die nu volgt is of er een wettelijke basis is binnen het Italiaanse recht. Binnen het Italiaanse recht is dit opgenomen in de wet edoch zijn er zeer beperkte grenzen en is de bevoegdheid eigenlijk onbeperkt. Een onderbouwing van een dergelijk verzoek is ook niet nodig. Hiermee is de Europese rechter van oordeel dat er een wettelijke basis is maar dat deze wetgeving onvoldoende helderheid en kwaliteit heeft geboden. Mede door het ontbreken van rechtsmiddelen tegen dit verzoek om informatie maakt dat de rechter kritisch wordt. Omdat er ook achteraf geen of een beperkte toetsing mogelijk is, zorgt ervoor dat de rechter strijdigheid met artikel 8 EVRM heeft vastgesteld.
Noot fiscaal jurist inzake privacy en derdenonderzoek
Deze casus speelde in Italie en de vraag is dan ook wat kan dit voor Nederland betekenen. De Italiaanse belastingdienst heeft onbeperkte bevoegdheden en er wordt niet uitgelegd waarom een burger wordt gecontroleerd. Tevens ontbreken er duidelijke waarborgen. Vooraf of achteraf toetsen is vrijwel onmogelijk. In Nederland is dit al niet heel anders, brede bevoegdheden voor de belastingdienst en relatief zwakke checks and balances. De Nederlandse rechters hebben in de SMS parking zaak, de ANPR zaak en de Museumkaart zaak laten zien dat uitgebreide informatievergaring best mogelijk moet zijn. Er moet echter wel een wettelijke basis zijn voor de informatie verzameling (ANPR zaak).
In Nederland wordt algemene informatie automatisch aan de belastingdienst verstrekt en meer informatie op grond van een verzoek ex artikel 47 en 53 AWR. De informatie wordt vaak eerst bij de belastingplichtige opgevraagd en daarna bij de bancaire instelling.
- Ook in Nederland zijn banken wettelijk verplicht om aan een derdenonderzoek medewerking te verlenen (vaak zelfs zonder melding aan de belastingplichtige).
- Ook in Nederland zal de belastingdienst veelal niet motiveren waarom de informatie wordt opgevraagd.
- Ook in Nederland kan een belastingplichtige niet vooraf naar de rechter stappen of bezwaar maken bij een onafhankelijk orgaan. Achteraf beoordelen kan wel maar dan slechts marginaal. De toetsing achteraf kan dan door de bank bij een rechter onder de aandacht worden gebracht (en men kan een kostenvergoeding vragen).
Over het algemeen geven Nederlandse rechters de Belastingdienst veel ruimte bij het verzamelen van gegevens van belastingplichtigen en derden, mits dit gebeurt op grond van de een wet (zoals de AWR of de AWB) en gericht is op een fiscaal legitiem doel (correcte heffing of bestrijden van fraude). Zelfs brede sleepnet vragen worden nog te vaak geaccepteerd (in het licht van het algemene belang). De uitspraak van de Europese rechter geeft aan dat de lat in Nederland te hoog is gelegd en teveel is doorgeslagen richting de belastingdienst. Dit zou een wake up call moeten zijn voor de Nederlandse overheid.
Voor de praktijk is bij een derdenonderzoek dus van belang hoe de belastingdienst aan de informatie is gekomen. Een toetsing door de Nederlandse rechter met de grondrechten (privacy) moet dan aan de orde worden gesteld. De algemene wet bestuursrecht kent wel algemene kaders (artikel 3:3 AWB), dit artikel bepaald dat overheidsorganen hun bevoegdheden niet voor andere doeleinden mogen gebruiken dan waarvoor zij zijn verleend. Hierbij geldt dus bij derdenonderzoeken het volgende:
- Subsidiariteitsbeginsel: zijn er minder ingrijpende mogelijkheden om zelfde doel te bereiken?
- Proportionaliteitsbeginsel: doel moet in redelijke verhouding staan tot de inbreuk
- Verbod op detournement de pouvoir: bevoegdheden niet gebruiken voor ander doel dan waarvoor deze is gegeven
- Fair play: geen informatie opvragen bij anderen als deze informatie ook eenvoudig bij belastingplichtige valt op te vragen
- Motiveringsbeginsel: onderbouwen waarom de gevraagde informatie van belang kan zijn voor de belastingheffing van belastingplichtige
- Zorgvuldigheid: inspecteur moet voorafgaand aan het derdenonderzoek eerst zorgvuldig die reeds aanwezige informatie onderzoeken.
In het kader van de rechtsbescherming is het aan te bevelen dat de bank en/of de belastingplichtige de mogelijkheid krijgt om vooraf in bezwaar te komen tegen een informatieverzoek. De belangen van een belastingplichtige worden nog te vaak uit het oog verloren, de belangen van de belastingdienst staan nog steeds op de eerste plek. Tevens moet er altijd een belangenafweging plaatsvinden, het EHRM eist dit en de Nederlandse wet kijkt hier nog onvoldoende naar.
Voor de liefhebber is deze scriptie / dit onderzoek leuk en nuttig om te lezen.
Vrijblijvende offerte voor bezwaar of beroepsprocedure? Second Opinion?
Meer weten van derdenonderzoek belastingdienst en privacy
- Derdenonderzoek Belastingdienst
- Derdenonderzoek Belastingdienst
- Informatie derdenonderzoek verzwegen
- Boekenonderzoek en e-mailverkeer
- Whitepaper boekenonderzoek in het MKB
- Boekenonderzoek belastingdienst ZZPer
- Inzage recht bij boekenonderzoek
- Checklist boekenonderzoek
- Boekenonderzoek en cautie
- Hulp bij boekenonderzoek?
