vertaal/translate print sitemap zoeken disclaimer contact

Schijnconstructies

Fiscus controleert bouwbedrijven (sector) op schijnzelfstandigheid

De Belastingdienst is terug. Niet met brieven, maar met inspecteurs op de bouwplaats. Volgens Bouwend Nederland lopen momenteel bij tien tot twintig bouwbedrijven controles naar de inzet van zzp’ers. En dit is geen vrijblijvende exercitie: bij meerdere bedrijven is al aangezegd dat de situatie binnen enkele maanden moet worden aangepast. Zo niet, dan volgen in 2026 naheffingen én boetes. Er is recentelijk door de tweede kamer wel bevestigd dat verzuimboetes (bij kleinere issues) niet worden opgelegd, vergrijpboetes wel. Insteek is het bestrijden van de schijnzelfstandheid.

Wij begeleiden op dit moment diverse bedrijven bij onderzoeken van de belastingdienst. Het is verstandig dat een fiscaal jurist vanaf het eerste moment aan tafel zit, dit voorkomt dat onjuiste of onvolledige antwoorden worden gegeven.

Forse financiële gevolgen bij schijnzelfstandigheid in de bouw

Voor veel bouwbedrijven komt dit hard aan. Jarenlang werd nauwelijks gehandhaafd, behalve bij evidente kwaadwillendheid. Die tijd is voorbij. Sinds 1 januari 2025 controleert de Belastingdienst actief of iemand terecht als zelfstandige wordt ingezet of feitelijk werknemer is. De financiële gevolgen kunnen fors zijn – en in de praktijk zelfs bedrijfsbedreigend.

Waar kijkt de Belastingdienst écht naar?

In de praktijk zie ik dat veel ondernemers zich te veel vastklampen aan contracten en modelovereenkomsten. Die zijn belangrijk, maar niet doorslaggevend. De Belastingdienst – en uiteindelijk de rechter – kijkt primair naar de feitelijke uitvoering van het werk.

De kerncriteria zijn bekend, maar worden nu scherp toegepast:

  • Is het werk structureel onderdeel van de organisatie?
  • Wordt hetzelfde werk ook door werknemers verricht?
  • Is er gezag of feitelijke aansturing op de bouwplaats?
  • Loopt de zzp’er ondernemersrisico?
  • Doet de zzp’er eigen investeringen?
  • Bepaalt de zzp’er zelf hoe, wanneer en voor wie hij werkt?

Deze benadering sluit naadloos aan bij vaste jurisprudentie, waaronder het Deliveroo-arrest van de Hoge Raad, waarin is bevestigd dat geen enkel criterium doorslaggevend is, maar het totaalbeeld bepalend is. In het Uber arrest wordt dit nog eens dunnetjes overgedaan.

De naheffing: groter dan veel ondernemers denken

Bij schijnzelfstandigheid beschouwt de Belastingdienst de betaalde zzp-vergoeding als netto loon. Dat bedrag wordt vervolgens gebruteerd. In de bouw betekent dit in de praktijk vaak een naheffing van circa 35% van het bruto jaarbedrag.

Een rekenvoorbeeld uit de praktijk inzake naheffing bij schijnzelfstandigheid in de bouw:
  • Stucadoor werkt 30 uur per week;
  • Uurtarief stucadoor € 50 per uur (exclusief btw, soms laag tarief);
  • Stucadoor werkt 40 weken per jaar voor de aannemer;
  • Vergoeding van de factuur op jaarbasis € 60.000 (exclusief btw);
  • Bruto jaarbedrag is dan ongeveer € 92.000;
  • Naheffing loonheffingen ongeveer € 32.000.

En dat is nog zonder boetes. Vanaf 2026 kan bij grove schuld of opzet een vergrijpboete tot 100% van de naheffing worden opgelegd. Bovendien kan de Belastingdienst met terugwerkende kracht naheffen tot 1 januari 2025. Wie in 2030 wordt gecontroleerd, kan dus vijf jaar terug worden aangeslagen.

Waarom juist bouwbedrijven extra risico lopen?

De bouwsector staat nadrukkelijk in de aandacht. Dat is logisch: het aantal zzp’ers in de bouw is in tien jaar verdubbeld tot circa 230.000 zelfstandige ondernemers. Veel projecten draaien structureel op zelfstandigen die feitelijk niet of nauwelijks van werknemers te onderscheiden zijn.

De Belastingdienst richt zich daarbij expliciet op:

  1. langdurige inzet bij één opdrachtgever;
  2. lage of vaste uurtarieven;
  3. schijnconstructies met (arbeids)migranten;
  4. gedwongen zelfstandigheid.

Dit sluit aan bij het handhavingsbeleid zoals gepubliceerd door de Belastingdienst en de recente communicatie richting sectororganisaties.

Advies fiscaal jurist inzake schijnzelfstandigheid in de bouw

Wat ons opvalt in lopende controles, is dat veel schade voorkómen had kunnen worden. Niet door volledige en juiste contracten en natuurlijk door: 

  1. tijdige risicoanalyse van de overeenkomst van opdracht of aanneming van werk (en de feiten);
  2. dossieropbouw;
  3. aanpassing van de feitelijke werkwijze;
  4. overeenkomsten met zzp'ers op orde brengen (modelovereenkomst bouwend Nederland);
  5. strategische herinrichting van de personeelsmix;
  6. en – cruciaal – professionele begeleiding tijdens het boekenonderzoek.

Voor zzp'ers in de bouw zijn aantal overwegingen en vragen van belang, de belangrijkste:

  1. Maakt de zzp'er gebruik van zelfstandigenaftrek;
  2. Is er een overeenkomst met opdracht of aanneming van werk die aansluit bij de feiten?;
  3. Staat de ondernemer ingeschreven bij de KvK en presenteert hij/zij zich extern als ondernemer (bijvoorbeeld via website, eigen bus, eigen werkkleding, eigen risico en arbeidsongeschiktheidsverzekeringen, etc.);
  4. Facturatie op grond van gewerkte uren (of afgezonderd project)?;
  5. Doet de zzp'er hetzelfde werk als een werknemer van het bouwbedrijf?;
  6. Wordt eigen materiaal gebruikt of materieel van het bouwbedrijf?;
  7. Moet de zzp'er aanwijzingen van de bouwbegeleider (leidinggevende) van het bouwbedrijf opvolgen?;
  8. Wordt de zzp'er ook uitgenodigd voor personeelsfeestjes, bijeenkomsten, scholing etc.?

Boekenonderzoek zzp'er in de bouw

Een boekenonderzoek naar schijnzelfstandigheid is geen administratieve formaliteit, maar een fiscale strijd over kwalificatie van arbeid. Daarbij spelen bewijs, timing, communicatie en onderhandelingsstrategie een doorslaggevende rol. En in alle gevallen is het een grijs gebied, helemaal als het gaat om "vergrijpboete of niet".

Voor bouwbedrijven is dit hét moment om kritisch naar de inzet van zzp’ers te kijken. Niet morgen, maar vandaag. Wie nu proactief handelt, kan naheffingen, boetes en langdurige procedures beperken – of zelfs voorkomen.

Als fiscaal jurist begeleiden wij bouwbedrijven regelmatig bij:

  • preventieve scans op schijnzelfstandigheid;
  • herstructurering van zzp-inzet;
  • lopende en aangekondigde boekenonderzoeken;
  • overleg en discussie met de Belastingdienst;
  • begeleiden van fiscale bezwaar- en beroepszaken inzake schijnzelfstandigheid.

Onze ervaring: wie goed voorbereid het gesprek ingaat, staat juridisch en fiscaal vele malen sterker. Stuur ons gerust een bericht voor een vrijblijvend gesprek.

Boekenonderzoek inzake schijnzelfstandigheid in de bouw of zorg?

Bedrijfsnaam

*

Naam

*

Aantal medewerkers

Bent u tevreden over uw belastingadviseur :

Wilt u een vrijblijvende offerte / advies ontvangen?

Opmerkingen/vragen

Ja, ik ga akkoord met de verwerking van mijn gegevens. Jongbloed Fiscaal Juristen NV mag mij per e-mail info sturen en mijn persoonlijke gegevens gebruiken om mijn interessegebieden vast te stellen zoals hier beschreven, en ik ben me ervan bewust dat ik op elk moment mijn toestemming kan intrekken.

Deel deze pagina

Laatste update op 07-01-2026
Artikel gemaakt op 06-01-2026
Dit artikel (of blog of voorbeeldovereenkomst) is met aandacht en zorgvuldigheid geschreven, maar bevat informatie van algemene en informatieve aard. De informatie in dit artikel kan, afhankelijk van de omstandigheden van uw specifieke geval, niet of verminderd van toepassing zijn. De informatie in dit artikel dient derhalve niet als fiscaal/juridisch advies te worden beschouwd. Jongbloed Fiscaal Juristen N.V., haar medewerkers en of haar vestigingen/deelnemingen aanvaarden dan ook geen enkele aansprakelijkheid voor de gevolgen van het gebruik van de informatie uit het artikel.
U bevindt zich hier : Jongbloed Fiscaal Juristen Uitgelicht Schijnconstructies Fiscus controleert bouwsector op schijnzelfstandigheid

Jongbloed Fiscaal Juristen - Disclaimer - Zoeken - Sitemap