Rechtsbescherming tegen de belastingdienst
Wij adviseren wekelijks klanten bij boekenonderzoeken, bezwaarprocedures en beroepsprocedures. De rechtsbescherming voor belastingplichtigen begint bij de mogelijkheid om bezwaar aan te tekenen tegen een besluit, het bestuursorgaan (in dit artikel de belastingdienst) zal dan het besluit heroverwegen. De medewerkers van de belastingdienst die betrokken waren bij het besluit zijn niet betrokken bij de heroverweging. Het bestuursorgaan (de inspecteur) zal - als het goed is - open moeten staan voor jurisprudentie, standpunten, feiten, argumenten en bewijs. De belastingplichtige krijgt gelijk als daar redenen voor zijn. De inspecteur (belastingdienst) neemt de bezwaren echter niet altijd serieus, dit volgt uit een (eigen) onderzoek uit 2025 (rechtsbescherming in het geding).
Hoe werkt de belastingdienst intern bij bezwaarprocedures
De belastingdienst houdt soms informatie achter voor belastingplichtige en in later stadium voor de rechter. De wet schrijft voor dat alle (fiscaal) relevante informatie over een zaak moet worden verstrekt. Dit wordt echter beoordeeld door de inspecteur. Volgens de staatssecretaris gaat het om incidenten. Wij merken dat het regelmatig "trekken en duwen is" om het volledige dossier van een belastingplichtige inzichtelijk te krijgen. Het lijkt er soms op dat de inspecteur (belastingdienst) zelf mag bepalen welke stukken wel en niet worden verstrekt (zie artikel RTL nieuws, met bijdrage van onzecollega Marco Bik). Belangrijke conclusies uit het onderzoek zijn:
- Sterke focus op juridisch winnen
- Er wordt toegewerkt naar een vooraf bepaalde uitkomst (feiten verzamelen die dit ondersteunen)
- Weinig aandacht voor menselijke gevolgen en impact
- Te vaak gaan meerdere medewerkers over een "dossier" een volledig overzicht ontbreekt
- Dossiers blijken niet altijd compleet
- Medewerkers van de belastingdienst hanteren verschillende interpretaties over "op de zaak betrekking hebbende stukken"
- Interne stukken (zoals mails, overleg, telefoongesprekken, documentatie) worden vaak niet verstrekt
Het rapport geeft duidelijke aanbevelingen. De belangrijkste zijn:
- Inspecteurs moeten meer vanuit alle mogelijke perspectieven een dossier bekijken en daar naar handelen.
- Meer overleg in teamverband over een dossier waarbij de leidinggevende ook wordt geïnformeerd.
- Informatie huishouding op orde brengen, deze is thans niet op orde.
Vooringenomend standpunt van de belastingdienst
In de bezwaarfase zien wij nog te vaak dat eerdere standpunten worden herhaald en dat een echte heroverweging (die de wet voorschrijft) nog te weinig heeft plaatsgevonden. We zien nog te vaak dat eerdere standpunten worden herhaald. De inspectie ziet in het rapport dat dit in alle fasen van het dossier kan plaatsvinden.
Op de zaak betrekking hebbende stukken in een fiscale procedure
Uit een handreiking over "op de zaak betrekking hebbende stukken" volgt duidelijk wat er wel en niet hoeft te worden verstrekt. Wij zien in de praktijk dat er regelmatig stukken ontbreken. In eerdere artikelen hebben wij al diverse uitspraken hierover behandeld (artikel dossierinzage en stukken en inzagerecht fiscaal dossier en informatie achterhouden door de belastingdienst en rechtsbescherming belastingplichtigen ) . Ook in een werkinstructie voor de belastingdienst wordt een toelichting gegeven.
In de rechtspraak is de vraag wat een op de zaak betrekking hebbend stuk is vaak aan de orde geweest. Hieruit blijkt het volgende over stukken die moeten worden overgelegd:
- een bepaald stuk waarvan de belanghebbende voldoende gemotiveerd stelt dat het van enig belang kan zijn voor de beslechting van de (nog) bestaande geschilpunten, moet je overleggen (zie ro 3.5.2 van het arrest van 25-4-2008,ECLI:NL:HR:2008:BA3823);
- het is niet relevant of een stuk in het voordeel of nadeel werkt van een belanghebbende;
- een stuk moet je ook overleggen indien belanghebbende zelf over het stuk beschikt;
- stukken die de inspecteur of andere collega's die betrokken zijn geweest bij de besluitvorming ter beschikking staan of hebben gestaan, maar die niet zijn gebruikt ter onderbouwing van het bestreden besluit, moet je ook overleggen als die toch van belang kunnen zijn voor de beslechting van de (nog) bestaande geschilpunten;
- interne stukken die in het kader van de behandeling van een zaak zijn opgesteld, moet je ook overleggen indien uit andere stukken of stellingen blijkt dat deze interne stukken ten grondslag hebben gelegen aan de besluitvorming; dit geldt ook indien in redelijkheid gesteld kan worden dat deze stukken van belang kunnen zijn voor de besluitvorming door de rechter.
- stukken die pas in de loop van het beroep of het hoger beroep tot jouw beschikking zijn gekomen moet je overleggen (zie ook de procesregelementen op dit punt van rechtbanken en hoven);
- een stuk moet je ook overleggen indien de rechter al op basis van ander bewijsmateriaal een beslissing over het geschilpunt kan nemen;
- digitale gegevens uit de systemen moet je overleggen, voor zover zij van belang en raadpleegbaar zijn met het oog op de betreffende zaak. Dit moet gebeuren in de vorm van een afdruk of op een andere geschikte wijze. Een brief of ander document dat in een systeem is opgeslagen, moet je in zijn geheel overleggen;
- als een besluit geheel of deels het resultaat is van een geautomatiseerd proces en belanghebbende wil de juistheid van de in dat proces gemaakte keuzes, gegevens en aannames controleren en eventueel betwisten, dan moet je deze keuzes, gegevens en aannames inzichtelijk en controleerbaar maken.
Noot fiscaal jurist over rapport over dossiersvorming binnen de belastingdienst
In het rapport rechtsbescherming in het geding stelde de inspectie vast dat de rechtsbescherming van belastingplichtigen regelmatig in het geding is. Het rapport toont aan dat er fundamentele problemen in de werkwijze van de belastingdienst van toepassing zijn. Daarnaast moet er kritisch worden gekeken naar de "willen winnnen cultuur" binnen de belastingdienst, deze proceshouding past niet bij een overheidsorgaan. Transparantie en open willen opstellen zou wenselijk zijn. We zouden langzaam maar zeker terug moeten naar het wettelijke kader (beroepsfase) van 8:42 AWB "alle op de zaak betrekking hebbende stukken moeten worden verstrekt", dit geldt ook voor de bezwaarfase (arikel 7:4 lid 2 AWB). De informatie huishouding bij de belastingdienst moet hiervoor ook worden verbeterd.
Het rapport is duidelijk en op onderdeel ook schrijnend. Het is wel zo dat er vijf zaken zijn onderzocht en dat is beperkt. Een groter en langduriger onderzoek is dan ook wenselijk. Bij de vijf onderzochte zaken was er een brandje bij vier zaken. Om dan te spreken over incidenten lijkt mij niet redelijk. Om de belangmoraal in Nederland te verbeteren is het van belang dat er altijd eerlijk, transparant en volledig naar een zaak of dossier wordt gekeken. Naast de wettekst, jurisprudentie en kennisgroepstandpunten (het IQ) is ook de menselijke maat (EQ) bij een beslissing van belang.
Praktische waarborgen die ervoor moeten zorgen dat het "spelletje" eerlijk wordt gespeeld en alle relevante informatie aan een rechter of belastingplichtige kan (en moet) worden verstrekt ontbreken. Volgens de staatssecretaris is het niet zo spannend. Dit betroffen casussen uit 2022 en 2023 en de situatie (en informatieverstrekking) is nu veel beter. Hoe de staatssecretaris bij dit standpunt komt is onduidelijk. Een wetswijziging (voorstel Omtzigt) zou de situatie voor belastingplichtigen aanzienlijk verbeteren, dit voorstel ligt nog in de spreekwoordelijke lade omdat het lastig uitvoerbaar is. De invoerdatum zou 31 december 2025 moeten zijn en is nu uitgesteld tot 1 januari 2032 (zie nota naar aanleiding van het verslag bij de invoering van het fiscale inzagerecht en de memorie van toelichting bij de wet stroomlijning fiscaal inzagerecht).
Wanneer mag de inspecteur van de belastingdienst inzage weigeren?
De inspecteur mag de inzage van op de zaak betrekking hebbende stukken weigeren in de volgende situaties:
- het belang van de bescherming van de privacy van derden;
- het belang van de bescherming van de privacy van medewerkers van de Belastingdienst;
- het belang van een effectieve controle/controlestrategie;
- het belang van een efficiënte werkwijze/inrichting werkprocessen;
- het belang van interne (persoonlijke) meningsvorming;
- het belang van opsporing en vervolging van strafbare feiten;
- het belang van geheimhouding van internationale correspondentie of internationale afspraken.
De wet kent geen sanctie bij een weigerachtige inspecteur. De rechter kan wel gevolgen verbinden aan het niet verstrekken van stukken die op de zaak betrekking hebben. De rechter staat hierin redelijk vrij en kan een passende sanctie opleggen. Een rechter kan zelfs de volledige aanslag in de prullenbak gooien.
Recht op inzage stukken bij de belastingdienst
Elke belastingplichtige heeft het recht op inzage in alle op de zaak betrekking hebbende stukken. In de bezwaarfase bij de belastingdienst is dit recht gekoppeld aan het recht om gehoord te worden. In de beroepsprocedure bij de rechter moet de inspecteur de stukken die op de zaak betrekking hebben uit eigen beweging aan de rechter sturen. De vraag "wat zijn op de zaak betrekking hebbende stukken" blijft de gemoederen bezig houden. Ook zal soms de vraag worden gesteld of er een geheimhouding van toepassing is. Het weigeren om stukken te verstrekken zal meestal plaatsvinden als sprake is van privacy, geheimhouding, controle-strategie of opsporing van strafbare feiten (zie kennisgroep standpunt KG:206:2022:4).
Fiscaal advies in bezwaar of beroepszaken
Het blijft lastig om erachter te komen welke stukken niet aan een belastingplichtige of diens adviseur worden verstrekt. Het is hierbij van belang dat in het bezwaarschrift aandacht wordt gegeven aan dit onderdeel. Tevens is het van belang om de stukken goed te lezen en met name te kijken of er iets zou kunnen ontbreken. Het bestuderen van alle processtukken is dus van essentieel belang. Wilt u ondersteuning of advies in een bezwaar-of beroepsprocedure? Neem gerust contact met ons op.
