Verhuurdersheffing zorginstellingen
Onzelfstandige woonruimten voor ouderen vallen niet onder de heffing. Er is verhuurdersheffing verschuldigd door de eigenaar van de panden, mits deze eigenaar meer dan 50 panden heeft (vanaf 2018). De heffing wordt jaarlijks aangepast en bedraagt zo'n 0,59% van de WOZ-waarde. De heffing richt zich met name op huurwonignen in de gereguleerde sector (woningen met huur beneden de huurtoeslaggrens (ruim € 700 per maand).
Hoge Raad over rechtvaardiging verhuurdersheffing
De achtergrond van deze uitspraak ligt in een arrest van de Hoge Raad uit 2018 (ECLI:NL:HR:2018:846). Destijds besliste de Hoge Raad dat de verhuurderheffing voor mede-eigenaren niet mocht worden geheven, omdat dit in strijd was met het discriminatieverbod en het eigendomsrecht. Daardoor hoefden mede-eigenaren in 2019 geen verhuurderheffing te betalen, terwijl volledige eigenaren deze belasting wel verschuldigd waren.
In de nieuwe procedure voerden volledige eigenaren aan dat dit juist leidde tot ongelijke behandeling. De Hoge Raad geeft hen gelijk: voor de verhuurderheffing zijn volledige eigenaren en mede-eigenaren in beginsel vergelijkbare gevallen. Het doel van de verhuurderheffing is immers om eigenaren van gereguleerde huurwoningen te belasten naar verhouding van de waarde van hun vastgoed.
Vervolgens beoordeelt de Hoge Raad of de tijdelijke ongelijke behandeling in 2019 gerechtvaardigd was. Volgens de Hoge Raad mag een tijdelijke ongelijkheid bestaan als de wetgever het probleem binnen een redelijke termijn herstelt. Dat is volgens de Hoge Raad gebeurd. Opvallend is echter dat de reparatiewet pas ongeveer anderhalf jaar na het arrest van 2018 concreet werd aangekondigd en vervolgens in maart 2020 bij de Tweede Kamer werd ingediend. De Hoge Raad vindt deze termijn nog steeds voldoende voortvarend. Daarmee lijkt de Hoge Raad de wetgever relatief veel ruimte te geven om onrechtmatige wetgeving te herstellen.
De Hoge Raad laat daarnaast de verhuurderheffing over de jaren 2020 en 2021 eveneens in stand, zie Hoge Raad d.d. 26 juni 2026 ECLI:NL:HR:2026:804. Daarmee zijn de belangrijkste juridische bezwaren tegen deze belasting definitief verworpen.
Nieuws verhuurdersheffing 2022-2023
De verhuurdersheffing wordt volgens het regeerakkoord Rutte IV (bekend geworden in december 2021) afgeschaft. Wanneer de heffing wordt afgeschaft is nog niet bekend, wij verwachten dat de afschaffing in 2022 zal plaatsvinden.
Wanneer verhuurdersheffing betalen bij zorginstellingen?
De verhuurdersheffing moet worden betaald bij 50 woningen (was 10 woningen tot 31 december 2017). U krijgt dan meestal een zogenaamde uitnodiging om aangifte te doen. De betaling / aangifte moet binnen zijn voor uiterlijk 30 september van het lopende belastingjaar. Binnen een zorgcomplex moet soms ook verhuurdersheffing worden betaald. Dit geldt voor zelfstandige woonruimte (dat onderdeel is van een zorgcomplex) indien de bewoner zelf voorziet in de bekostiging van de wooncomponenten. De woningen moeten wel bestemd zijn voor verhuur.
Als een zorginstelling zelf huurt van corporatie of woningbouw vereniging dan zal de verhuurdersheffing bij de corporatie of woningbouwvereniging worden geheven.
Vragen over verhuurdersheffing bij zorginstellingen
Als u vragen heeft over omzetbelasitng of verhuurdersheffing kunt u contact met ons opnemen. Wij adviseren regelmatig instellingen over het beperken van verhuurdersheffing.
