Samenwerking FIOD en belastingdienst
Met het Besluit inzake de Woo van 10 juli 2026, nr. 2026-02 (Ministerie van Financiën) is de interne procesbeschrijving openbaar geworden waarin Belastingdienst, FIOD en Openbaar Ministerie afspreken hoe zij elkaar tijdens een opsporingsonderzoek en de vervolgingsfase op de hoogte houden. Het uitgangspunt is "need to know", en de kerngedachte is dat handelingen binnen het strafrechtelijke traject een "communicerend vat" vormen met de fiscale besluitvorming.
De belastingplichtige (en zijn fiscaal jurist) krijgt inzicht in de interne coördinatiestructuur — Weegploeg, Stuurploeg, Contactambtenaar (CA), Projectleider opsporing (PL), Zaaks-OvJ — en dus in de momenten waarop informatie tussen bestuurs- en strafrechtelijk spoor heen en weer gaat. Precies daar liggen de aangrijpingspunten voor verweer.
Welke soorten zaken kent de FIOD en de belastingdienst?
- Fiscale strafzaken. Contact CA–accountmanager tot en met de Weegploeg; daarna is de PL opsporing primair verantwoordelijk voor het informeren van de CA. De CA wordt geïnformeerd bij doorzoeking/aanhouding en altijd bij afronding/inlevering van het dossier. Afwijkingen buiten de door de Weegploeg meegegeven kaders én een voorgenomen stopzetting gaan terug naar de Weegploeg, met voorafgaande deling van de afwijkings-/stopzettingsrapportage aan de CA.
- Niet-fiscale strafzaken mét fiscale delicten. Loopt via niet-fiscale landelijke weegploegen (Faillissementsfraude, Witwassen kennen een coördinerend CA). Vóórdat een fiscaal delict in het onderzoek wordt opgenomen, moet de Weegploeg de CA om instemming vragen. De FIOD dient hier "in service" de belangen van de toezichthouder.
- Niet-fiscale strafzaken zónder fiscale delicten. Toezichthouder niet direct betrokken, maar bij GO-klanten (Grote Ondernemingen) wordt de CA — en via hem klantcoördinator en management — geïnformeerd over het lopende strafrechtelijke onderzoek en strafvorderlijke maatregelen. Bij doorzoeking/inbeslagneming/aanhouding: uiterlijk op de actiedag.
Overleg tussen de FIOD en de belastingdienst, hoe werkt dit?
De procesbeschrijving is een intern werkdocument, goed om hier als fiscaal advocaat of fiscaal jurist inzicht in te hebben. Wat zijn relevante aandachtspunten voor dergelijke onderzoeken?
Una via en ne bis in idem (art. 5:44 Awb) bij FIOD onderzoek
Het "communicerend vat" tussen fiscaal en strafrechtelijk spoor is precies het domein van het una via-beginsel. Artikel 5:44 Awb dwingen de autoriteiten een keuze te maken tussen strafrechtelijke en bestuursrechtelijke bestraffing van dezelfde overtreding. Zodra een bestuurlijke boete is opgelegd of een strafrechtelijke vervolging is aangevangen, is het "point of no return" bereikt: slaat men de bestuursrechtelijke weg in, dan wordt de strafrechtelijke afgesloten en vice versa. Aandachtspunt en gedoe is er als het niet om exact dezelfde feiten of heffingen gaat.
De Weegploeg is juist het orgaan dat die keuze maakt. Daar ligt de eerste kans: als in de praktijk tóch beide sporen worden bewandeld, is dat een ontvankelijkheids- of vernietigingsverweer. Soms wordt het OM niet-ontvankelijk verklaard bij vervolging en boete.
De Hoge Raad oordeelde in Hoge Raad 15 maart 2022, ECLI:NL:HR:2022:364, dat oplegging van verzuimboetes aan de BV niet in de weg staat aan strafvervolging van de DGA als natuurlijk persoon/feitelijk leidinggever — "in beginsel" is dan geen sprake van hetzelfde feit. Dat "in beginsel" laat, zoals in de literatuur is opgemerkt, de deur op een kier voor een vereenzelvigingsverweer bij onlosmakelijk verbonden feitencomplexen.
Nemo tenetur en de sfeerovergang (art. 47 AWR) bij FIOD onderzoek
De fiscale meewerkverplichting (art. 47, 52a AWR) botst met het zwijgrecht zodra er een criminal charge ligt. De procesbeschrijving toont dat CA en PL informatie uitwisselen; de vraag is of onder dwang in de controlesfeer vergaard materiaal in het strafspoor terechtkomt. Het onderscheid Saunders inzake wilsafhankelijk vs. wilsonafhankelijk materiaal is hier leidend (zie scriptie uit 2015 en Hoge Raad d.d. 24 april 2015 ECLI:NL:HR:2015:1141.
- Praktisch advies aan de cliënt bij een bezoek: zwijgen is het uitgangspunt, laat de FIOD wachten op de fiscaal advocaat of fiscaal jurist, en beantwoord alleen vragen die men uit eigen wetenschap zeker weet. Zie ook de folder over de FIOD.
Op de zaak betrekking hebbende stukken (art. 8:42 Awb) bij FIOD onderzoek
Dit is misschien wel de scherpste kans die de openbaarmaking biedt. De coördinatiestukken — weegdocumenten, pré-weegdocumenten, afwijkingsrapportages, plan van aanpak, verslagen van het tripartiete overleg — zijn potentieel "op de zaak betrekking hebbende stukken". Een rechtbank oordeelde dat pré-weegdocumenten, stukken over het tripartiete overleg en correspondentie tussen inspecteur en OM op de zaak betrekking hebbende stukken kunnen zijn, en dat het te laat overleggen van het FIOD-dossier in strijd is met artikel 8:42 Awb, met als gevolg dat alleen met de tijdig overgelegde passages rekening werd gehouden. De relevante lijn: Hoge Raad 23 mei 2014 (ECLI:NL:HR:2014:1182), Hoge Raad 4 mei 2018 (ECLI:NL:HR:2018:672) en Hoge Raad 25 juni 2021 (ECLI:NL:HR:2021:995).
Fair play en de volledigheid van het FIOD dossier
De coördinatie kan ook ontlastend materiaal betreffen dat níet wordt doorgegeven. De Nationale ombudsman oordeelde dat FIOD en OM het fair play-vereiste schonden door bij een vordering doorzoeking de rechter-commissaris niet te informeren over een relevante, ontlastende belastingaangifte — de FIOD verzaakte zijn wettelijke taak om alle relevante stukken aan de RC te verstrekken. Waar de procesbeschrijving voorschrijft dat de CA de "actuele stand van de fiscale zaken" met de OvJ deelt, is de spiegelvraag: is óók het ontlastende fiscale beeld gedeeld? Dit onderdeel moet altijd zorgvuldig worden onderzocht.
Wanneer schakelt de belastingdienst de FIOD in?
Sinds 1 juli 2023 geldt een nieuw weegploeg-protocol: nadeel ten minste € 100.000, ook bij onvoldoende bepaalbaar nadeel, mits een vermoeden van opzet. De selectiebeslissing zelf is toetsbaar; ligt het nadeel onder de drempel of ontbreekt een opzetvermoeden, dan is de strafrechtelijke route zelf ter discussie te stellen. Bij een redelijk vermoeden kan de belastingdienst de FIOD inschakelen (zie blog)
Checklist voor de adviseur bij FIOD onderzoek
- Cliënt instrueren: zwijgrecht (art. 5:10a Awb / cautie), adviseur laten komen, alleen eigen wetenschap.
- Legitimatie en machtigingen (OvJ/RC) laten tonen en vastleggen; scheiding getuige/verdachte bewaken.
- Verschoningsrecht adviseur bewaken; geen speculatie of derdeninformatie.
- Inventariseer álle reeds opgelegde verzuim-/vergrijpboetes (BV én natuurlijk persoon).
- Bepaal het "point of no return": is een boete opgelegd óf is het onderzoek ter terechtzitting aangevangen? Toets of sprake van hetzelfde feit.
- Verzoek expliciet om: plan van aanpak, (pré-)weegdocument, afwijkings- en stopzettingsrapportages, verslagen tripartiete/Weegploeg-overleg, CA-PL-correspondentie.
- Is ontlastend fiscaal materiaal (aangiften, correcties, standpunten) aan RC/OvJ verstrekt?
- Toets de doorzoekingsvordering op volledigheid en juistheid
- Markeer het moment van criminal charge; scheid controlesfeer (art. 47/52a AWR) van opsporingssfeer.
- Toets of onder dwang of onrechtmatig materiaal is verkregen of gebruikt.
