print sitemap zoeken disclaimer contact

U bevindt zich hier :Jongbloed Fiscaal Juristen Banners Echtscheiding?
7187 Echtscheiding? https://www.jongbloed-fiscaaljuristen.nl/contact/e-mail_ons/

Vraag inzake echtscheiding?

Checklist echtscheiding

Als een echtscheiding in beeld is, moet u ervoor zorgen dat de advocaat snel en met volledig zicht op alle noodzakelijke informatie zijn werk kan doen. Als het voorwerk goed is, scheelt de advocaat dit tijd en u dus geld.

Persoonlijke informatie

  1. Uittreksels uit het persoonsregister.
  2. Uittreksel uit het huwelijksregister (gemeente).
  3. Uittreksel uit het geboorteregister van de minderjarige kinderen.
  4. Kopie paspoort.
  5. Akte huwelijkse voorwaarden (indien aanwezig).

Financiële informatie

  1. Verklaring van inkomen en vermogen (bewijs van onvermogen) (gemeente / sociale dienst).
  2. Opstelling inboedelgoederen met daarop aangegeven de gewenste verdeling en de waarden.
  3. Kopie kentekenbewijzen auto, motor of boot (inclusief aankoopfacturen).
  4. Optelling waardevolle zaken zoals kunst, antiek, etc.
  5. Informatie woning: eigendomsakte, hypotheekakte, jaaropgave hypotheek (eventueel huurovereenkomst).
  6. Polissen van levensverzekeringen, lijfrenten, etc.
  7. Overzicht schulden (inclusief laatste termijnbetaling en jaaropgave bank).
  8. Testament.
  9. Overzicht ontvangen erfenissen (inclusief successieaangifte en testament overleden persoon).
  10. Bankafschriften van betaal- en spaarrekeningen (laatste afschriften).
  11. Aandelen / obligaties / spaarbrieven / spaarbankboekjes / koopsompolissen / beleggingscertificaten, etc.
  12. Inkomen: jaaropgave en laatste salarisstrook (inclusief arbeidsovereenkomst).
  13. Zelfstandigen: jaarrekeningen laatste 4 jaar.
  14. Belastingaangiften laatste 3 jaar.
  15. Informatie pensioen bij de werkgever.

Checklist voor na de echtscheiding

  1. Digid wijzigen
  2. Voorlopige aanslag inkomstenbelasting aanpassen
  3. Adreswijziging doorgeven aan de gemeente
  4. Nieuw rekening nummer opgeven bij de Belastingdienst
  5. Algemene heffingskorting nazien
  6. Samen of apart aangifte inkomstenbelasting doen?
  7. Toeslagen nazien
  8. Adreswijzigingen doorgeven aan bank, etc.
  9. Kapitaalverzekeringen en lijfrenten aanpassen
  10. Pensioen aanpassen
  11. Testament wijzigen
  12. Kijk ook hier voor de checklist van de Belastingdienst

Checklist echtscheiding [news] 1045

Echtscheiding en hypotheekrenteaftrek

Betaalde hypotheekrente op uw eigen woning welke als hoofdverblijf dient. Gehuwden zijn elkaars partner. Als u gaat scheiden, zal het huis niet meer voor beide partners als hoofdverblijf dienen en komt het fiscaal partnerschap te vervallen. In dit artikel een praktisch overzicht en de behandeling van een uitspraak van de rechter.

Fiscaal partner en echtscheiding

Als u samenwoont (onder bepaalde voorwaarden) of getrouwd bent, dan wordt u voor de inkomstenbelasting gezien als fiscaal partner. Enkele aftrekposten kunt u dan delen met uw partner, zo ook de hypotheekrente op uw eigen woning. Het fiscaal partnerschap stopt bij echtscheiding als aan 2 voorwaarden wordt voldaan:

  1. als een verzoek tot ontbinding van het huwelijk bij de Rechtbank is ingediend; en
  2. als partijen niet meer op hetzelfde adres staan ingeschreven in de gemeentelijke basisadministratie.

Hypotheekrenteaftrek eigen woning en echtscheiding

De hypotheekrente op uw eigen woning is fiscaal aftrekbaar (mits hypotheek is aangegaan voor de aankoop, verbetering of het onderhoud van de eigen woning). De woning moet dan wel als uw hoofdverblijf dienen (artikel 3.111 wet Inkomstenbelasting). Als u fiscaal partner bent, maakt het niet uit wie de eigenaar van de woning is, fiscaal partners mogen namelijk schuiven met de hypotheekrenteaftrek / eigen woning. De betaalde hypotheekrente wordt dan meestal afgetrokken van het salaris van de meestverdienende partner.

Als u uit elkaar gaat, krijgt u te maken met de zogenaamde echtscheidingsregeling in de Wet op de Inkomstenbelasting (artikel 3.111 lid 4 Wet IB). Als een belastingplichtige de woning verlaat, mag hij / zij de woning nog gedurende 2 jaar als eigen woning aanmerken. De regeling begint zodra u de woning verlaat. Voorwaarde is dan wel dat uw (ex-)partner in de woning blijft wonen (als hoofdverblijf). De partner die de woning heeft verlaten mag dan dus gedurende maximaal 2 jaar de hypotheekrente (die betrekking heeft op zijn of haar onverdeelde aandeel) nog aftrekken. De hypotheekrente moet dan wel "drukken", de vertrekkende partner moet dus de hypotheekrente ook daadwerkelijk betalen (zonder verhaalsmogelijkheid op de andere partner). Het is dus van belang dat de betaling van de hypotheekrente een verplichting is (en dus geen coulancebetaling). Een beschikking / overeenkomst is hierbij van belang.

Voorbeeld echtscheiding en eigen woning

Henk en Truus gaan scheiden. Henk voldoet de hypotheekrente. De woning is gezamenlijk eigendom (beide 50 / 50). Truus verlaat de eigen woning. Henk mag maximaal 50% van de hypotheekrente aftrekken. Henk moet het gehele huurwaardeforfait aangeven. Als er een beschikking van de Rechtbank ligt (of een echtscheidingsconvenant) waarin is opgenomen dat de andere 50% als onderhoudsverplichting moet worden gezien, dan mag Henk 100% van de hypotheekrente aftrekken.

Procedure Gerechtshof 2012

In 2012 heeft het Gerechtshof in Amsterdam gesteld dat de ex-partner 100% van de hypotheekrente mocht aftrekken. In 2003 zijn de partners gescheiden. In 2004 is dit ook zo bij de gemeente ingeschreven. De vrouw bleef in de woning en betaalde de volledige hypotheekrente. In 2006 verkreeg de vrouw de volledige eigendom van de woning (akte van verdeling / levering). Er was discussie over de betaalde hypotheekrente in 2004 en 2005. De vrouw stelde dat deze volledig aftrekbaar was, 50% als hypotheekrente en 50% als alimentatieverplichting jegens haar ex-man. De Rechtbank en de inspecteur dachten hier anders over, 50% was aftrekbaar. De vrouw ging in hoger beroep tegen deze uitspraak, het Gerechtshof was het met de vrouw eens. Vanaf 2003 was duidelijk dat de vrouw de eigen woning zou verkrijgen, risico's (waardedaling) waren ook voor haar. Tevens had de vrouw het gehele woongenot en betaalde zij alle woonlasten.

Conclusie uitspraak Gerechtshof

Uit bovenstaande uitspraak volgt dat een zorgvuldig opgesteld echtscheidingsconvenant cruciaal is. Een andere - eenvoudige - oplossing is dat beide partners 50% van de hypotheekrente betalen en de te betalen partneralimentatie hierop afstemmen.

Procedure Rechtbank 2012

In een procedure bij de Rechtbank in Breda (31 augustus 2012) ging het over een slecht opgezette situatie. Henk en Truus zijn beiden voor 50% eigenaar van een mooie vrijstaande woning. Ze wonen daar met hun 3 kinderen. In 2008 gaan Henk en Truus uit elkaar. Henk verlaat de eigen woning en gaat tijdelijk in een huurappartement wonen. Truus geeft in haar aangifte inkomstenbelasting over 2008 de woning geheel in haar aangifte aan. Zie kiest niet voor fiscaal partnerschap (toen nog andere regeling dan nu). De inspecteur is het hier niet mee eens en legt een navorderingsaanslag op. De inspecteur stelt dat Truus 50% van de hypotheekrente mag aftrekken (en 50% van huurwaardeforfait moet aangeven). De rechter is het met de inspecteur eens.

Proccedure Gerechtshof 2016

Hof 's Hertogenbosch (21 april 2016) is van oordeel dat de man tot de datum van verkoop van de woning alle hypotheekrente mag aftrekken, ook al hebben de man en de vrouw iets anders afgesproken (in het echtscheidingsconvenant). De man en vrouw gaan in 2007 scheiden. Het volgende wordt afgesproken:

  • In het echtscheidingsconvenant is opgenomen dat de man partneralimentatie zal betalen aan de vrouw met ingang van de dag waarop de voormalige echtelijke woning wordt geleverd.
  • De vrouw zal de woning tot het moment van verkoop mogen gebruiken.
  • Gedurende die periode zal de man geen partneralimentatie hoeven te betalen.
  • De man zal na de scheiding de financieringslasten van de voormalige echtelijke woning blijven betalen.
  • De man trekt 50% van de hypotheekrente af en de andere 50% als alimentatie (onderhoudsverplichting).

De Belastingdienst weigert de aftrek van de alimentatie. Zowel de Rechtbank als het Gerechtshof zijn het met de man eens, 100% aftrek. Het Hof oordeelt verder dat X recht heeft op aftrek van slechts 50% van het eigenwoningforfait en niet op het gehele eigenwoningforfait.

Conclusie echtscheiding en eigen woning

De hypotheekrente (en het eigenwoningforfait) wordt toegerekend op grond van gerechtigdheid tot de eigen woning. Als u voor 50% eigenaar bent, dan kunt u in principe ook maar 50% van de hypotheekrente aftrekken (gelukkig ook 50% van het huurwaardeforfait bij u belast). Voor de partner die in de woning blijft geldt dus slechts een aftrek van 50%. De vertrekkende partner kan de andere 50% van de hypotheekrente aftrekken, dit gedurende maximaal 2 jaar. Het is hierbij wel van belang dat de hypotheekrente ook daadwerkelijk wordt betaald. In het jaar van vertrek kunnen de partners nog kiezen voor fiscaal partnerschap, in dit jaar kunnen ze de aftrek dus nog vrij verdelen.

Meestal zal de achterblijvende partner 100% van de hypotheekrente betalen. De vertrekkende partner zal niet snel willen betalen voor een woning waarin hij / zij niet meer woont. Probleem is dan dat slechts 50% van de hypotheekrente aftrekbaar is.

Een eenvoudige oplossing is dat beide partners 50% van de hypotheekrente betalen en dat daarnaast de achterblijvende partner een partneralimentatie aan de vertrekkende partner betaalt (voor de 50% hypotheekrente). De achterblijvende partner kan dan 50% van de hypotheekrente en de partneralimentatie aftrekken van zijn of haar inkomen. De vertrekkende partner moet de ontvangen alimentatie als inkomen aangeven en kan de betaalde hypotheekrente hierop in mindering brengen. Er moeten wel feitelijke betalingen plaatsvinden.

Dan nog iets complex: de achterblijvende partner moet ook het volledige eigenwoningforfait aangeven (ook deel woongenot vertrekkende partner), de vertrekkende partner kan dit deel (het verschafte woongenot) aftrekken van zijn inkomen (onderhoudsverplichting).

Echtscheiding en eigen woning [news] 2013-02-09 0000-00-00 0000-00-00 3651
Belastinglatentie bij echtscheiding [news] 2014-12-04

Belastinglatentie ondernemer / DGA bij echtscheiding

Veel ondernemers stellen huwelijkse voorwaarden op met een periodiek verrekenbeding. Er zijn ook ondernemers die er bewust of onbewust voor kiezen om pas aan het einde van het huwelijk (bij de echtscheiding) af te rekenen. Dit is een prima voedingsbron voor advocaten en geeft dan ook vaak discussies tussen de ex-echtgenoten (en soms met de Belastingdienst).

Ondernemer met een B.V.

Een ondernemer met een B.V. moet in de toekomst ooit nog eens afrekenen met de Belastingdienst. De heffing zal plaatsvinden in box 2 en bedraagt 25% of in box 1 (maximaal 52%). Er moet worden afgerekend over de verkoopprijs te verminderen met de oorspronkelijke verkrijgingsprijs (bij een B.V.) en over de verkrijgingsprijs -/- de boekwaarde bij een eenmanszaak, VOF of maatschap.

Procedure over belastinglatentie bij echtscheiding

Henk en Truus zijn getrouwd op huwelijkse voorwaarden, ze hebben 2 kinderen. De vrouw exploiteert met haar familie een cafetaria en de man houdt zich bezig met panden (onroerende zaken), dit doet hij in privé (en niet via een B.V.). Ze waren gehuwd op huwelijkse voorwaarden, maar er is nooit rekening gehouden met het periodieke verrekenbeding. Uiteindelijk hebben ze besloten om te gaan scheiden. Tijdens de scheiding ontstond er discussie over de belastinglatentie.

De Hoge Raad (ons hoogste rechtscollege) kwam tot een oordeel. Bij het bepalen van de belastinglatentie moet rekening worden gehouden met de omstandigheden van het geval. Een advocaat (en ook rechter) mag rekening houden met de volgende omstandigheden:

  • Wordt de onderneming na de echtscheiding nog voortgezet?
  • Het bepalen van de onderneming moet door een deskundige plaatsvinden (stille reserves en goodwill zijn hierbij van essentieel belang).
  • Bij het bepalen van de waarde van de onroerende zaken (in de B.V.) mocht worden uitgegaan van een huurwaarde te vermeerderen met een bepaalde factor.
  • Een belastinglatentie van 52% (het huidige percentage bij direct afrekenen) is niet toegestaan.

Bron echtscheiding en belastinglatentie

Hoge Raad 28 november 2014 (ECLI HR 2014 3462).

Conclusie Advocaat Generaal d.d. 5 september 2014 (ECLI NL PHR 2014 1770).

Gerechtshof d.d. 10 juli 2013 (ECLI NL GHDHA 2013 2603).

Gerechtshof d.d. 18 januari 2012 (ECLI NL GHSGR BY 0223).

0000-00-00 0000-00-00 4473

Echtscheiding en testament

Is uw echtscheiding definitief afgerond, dan is het verstandig om ook uw testament aan te passen. Als u geen testament zou hebben, dan is uw ex-echtgenoot geen erfgenaam meer van u, de kinderen blijven dit wel. Zijn er geen kinderen, dan zijn uw naaste familieleden uw erfgenaam, denk hierbij aan uw ouders, broers of zussen.

Testament en echtscheiding, hoe werkt dit?

Na uw echtscheiding vervalt niet automatisch ook uw testament. De erfstelling in uw testament is hiervoor alles bepalend. Als uw testament een echtscheidingsbepaling bevat, dan is deze regel van toepassing. Het is echter verstandiger om na uw echtscheiding ook uw testament te laten aanpassen. In dat geval weet u zeker dat uw laatste wil (testament) ook echt weergeeft hetgeen u voor ogen heeft gehad, uw ex is geen erfgenaam meer en uw testament kan actueel worden vormgegeven naar de huidige situatie en stand van de wetgeving.

Stel dat u en uw partner beiden een nieuwe partner hebben of krijgen en uw kinderen enig erfgenaam zijn (bij 2 kinderen beide voor gelijke delen). Als uw kind minderjarig is kunnen er vreemde situaties ontstaan:

  • Het kan zomaar zo zijn dat uw ex-partner over het geld / vermogen van uw nalatenschap kan beschikken.
  • Als uw kind komt te overlijden (en minderjarig is zonder testament), dan kan uw ex-partner alsnog erfgenaam zijn van uw vermogen.

U kunt bovenstaande voorkomen door in uw testament hierover na te denken, bijvoorbeeld via een tweetrapsmaking. Dit wil zeggen dat het erfdeel dat uw zoon of dochter bij uw overlijden vererft (en nog niet op is) bij het overlijden van deze zoon of dochter naar uw andere zoon of dochter gaat. Oke, u regeert over uw graf heen, maar het voorkomt onbedoelde effecten.

Als uw kind bij uw overlijden nog minderjarig is, dan komt ook het zogenaamde ouderlijke vruchtgebruik / genot in beeld. Totdat uw kind meerderjarig is heeft de ouder het ouderlijk vruchtgenot over het vermogen dat van uw zoon of dochter is, u kunt hierbij denken aan huurinkomsten van onroerende zaken of rentebetalingen op spaarrekeningen. De ouder (uw ex) hoeft dit vermogen niet aan uw zoon of dochter terug te betalen. In uw testament kunt u dit voorkomen.

Tevens is het te overwegen om een baasje in uw testament te benoemen, een zogenaamde bewindvoerder. Deze persoon kan dan uw vermogen (dat bij uw zoon of dochter terecht komt) beheren. Regelt u niks, dan komt dit beheer bij uw ex-partner terecht totdat uw kind meerderjarig zou worden. Eventueel kunt u het vermogen zelfs tot de 23e verjaardag door de bewindvoerder laten beheren en via ingewikkelde structuren zelfs langer.

Vragen over testament

Bel eens met één van onze fiscaal juristen over de beste opzet en / of bel met uw notaris.

Echtscheiding en testament [news] 5079

Partneralimentatie minder aftrek

Vanaf 2020 is de partneralimentatie niet meer aftrekbaar tegen 50% (of 52%) maar tegen 46%. Uiteindelijk is in 2023 nog maar 37% (exact 37,05%) aftrekbaar. Dit zorgt ervoor dat de betaler van partneralimentatie netto meer kwijt is. U moet hiermee reeds nu rekening houden bij het opstellen van een echtscheidingsconvenant.

Procedures partneralimentatie in 2020 en daarna

Partners die op dit moment partneralimentatie betalen zullen gaan stellen dat de partneralimentatie te hoog is omdat de aftrek lager is. De verwachting isdat dit veel procedures gaat opleveren in 2020 en daarna. De overheid verwacht dat de maatregel (lagere aftrek) geld gaat opleveren (ongeveer 100 miljoen), edoch als de partneralimentatie wordt verlaagd zal de ontvangende partij een beroep doen op een hogere uitkering en/of toeslagen.

Dalende aftrek partneralimentatie

Partneralimentatie wordt voor de betaler duurder, de aftrek daalt de komende jaren als volgt:

  • aftrekbare partneralimentatie in 2020: 46%;
  • aftrekbare partneralimentatie in 2021: 43%;
  • aftrekbare partneralimentatie in 2022: 40%;
  • aftrekbare partneralimentatie in 2023: 37,05%.

Partneralimentatie wordt duurder voor betaler

Partneralimentatie is aftrekbaar voor de betaler en is belast bij de ontvanger. Afhankelijk van uw inkomen is de aftrek op dit moment ongeveer 52%. Dit wil zeggen dat de alimentatiebetaler ongeveer 52% van de betaalde partneralimentatie terugkrijgt van de Belastingdienst. In een nieuw wetsvoorstel is bepaald dat deze aftrek wordt verlaagd tot 37,05% in 2023. De daling wordt ingezet in 2020. De draagkracht van de alimentatiebetaler neemt hierdoor af, hierdoor zou de partneralimentatie dus moeten dalen. Vanaf een inkomen van € 68.000 neemt uw nadeel toe. Voor lagere inkomens valt het nadeel wel mee.

Echtscheidingsconvenant fiscaal aanpassen

Als u nu gaat scheiden en u bent in overleg over een echtscheidingsconvenant, dan is het verstandig om reeds nu rekening te houden met de aangekondigde wetswijziging. In het echtscheidingsconvenant kunt u opnemen dat de partneralimentatie vanaf 2020 opnieuw wordt berekend.

Partneralimentatie laten aanpassen

Als u al gescheiden bent en op dit moment partneralimentatie moet betalen, dan is het verstandig om in 2019 met uw fiscaal jurist of advocaat te overleggen omtrent een wijzigingsverzoek voor uw partneralimentatie. Rechtstreeks met uw (ex) partner overleggen heeft de voorkeur, maar vaak is dit een lastige hobbel. Een wijziging van uw partneralimentatie kan alleen via de rechter plaatsvinden, wacht hier niet te lang mee. Wijziging met terugwerkende kracht is niet mogelijk (tenzij de rechter hiertoe beslist, maar dit komt zelden voor).

Vragen fiscaal jurist over partneralimentatie

Heeft u vragen of opmerkingen over partneralimentatie, bel ons gerust voor een vrijblijvende afspraak.

Partneralimentatie lagere aftrek [news] 5811

Hypotheekrenteaftrek bij echtscheiding

Nog steeds komen er nieuwe procedures over de aftrekbaarheid van hypotheekrente in echtscheidingssituaties. In onze praktijk ontvang ik daarnaast wekelijks vragen van mensen over rentecorrecties die door de Belastingdienst zijn aangebracht in aangiften inkomstenbelasting. Waarom gaat het toch zo vaak mis met de aftrek van hypotheekrente bij echtscheidingen?

Echtscheiding en fiscaal partnerschap

Als jullie gehuwd zijn met gezamenlijk een eigen woning en hypotheek, dan zijn jullie ieder voor 50% eigenaar van de woning en ieder voor 50% schuldenaar op de hypotheek. Omdat sprake is van fiscaal partnerschap maakt het niet uit wie de rente betaalt, de aftrekposten kunnen jullie immers gezamenlijk verdelen. Eindigt het huwelijk door echtscheiding, dan eindigt hierdoor tevens het fiscaal partnerschap. Het is nog wel mogelijk om in het jaar van echtscheiding te kiezen voor fiscaal partnerschap voor het gehele jaar, zodat in dat jaar de aftrekposten nog onderling verdeeld kunnen worden.

Hypotheekrenteaftrek bij echtscheiding

Is er sprake van een echtscheiding, dan maakt het ineens wel uit wie de rente betaalt en welke afspraken hierover zijn gemaakt. Blijven jullie ieder 50% van de hypotheekrente betalen, dan is de echtscheidingsregeling van toepassing op de vertrekkende partner. Deze kan tot 24 maanden na vertrek uit de woning de rente in aftrek brengen. Na deze periode verhuist 50% van de woning en de schuld naar box 3.

Voor de partner die in de woning blijft wonen (hierna: achterblijver) en de volledige hypotheekrente betaalt, wordt het wat complexer. De rente die de achterblijver betaalt voor de ex is dan alleen nog aftrekbaar als:

  • rentekosten: als er een afspraak ligt dat de achterblijver het economisch eigendom van de woning heeft verkregen. Let op: de aflossingseis geldt dan ook!
  • alimentatie: als er sprake is van een kwalificerende onderhoudsverplichting.

Wanneer is sprake van een voor alimentatie kwalificerende onderhoudsverplichting?

Op 16 november 2018 heeft de Hoge Raad zich gebogen over de vraag wanneer sprake is van een voor alimentatie kwalificerende onderhoudsverplichting. De Hoge Raad oordeelde dat van een periodieke verstrekking (alimentatie) sprake is indien rechtstreeks uit het familierecht een wettelijke verplichting daartoe volgt. De wettelijke verplichting volgt:

  • uit een rechterlijke uitspraak waarbij een uitkering tot levensonderhoud is toegekend; of
  • uit een overeenkomst waarin een onderhoudsverplichting jegens de partner is vastgelegd. 

De Hoge Raad laat echter wel ruimte om aanvullend bewijs te leveren door te overwegen dat voor de beoordeling of een overeenkomst tussen partijen een onderhoudsverplichting inhoudt, de Haviltex-maatstaf moet worden toegepast. Deze maatstaf houdt in dat niet alleen de taalkundige betekenis van belang is, maar ook wat partijen hebben bedoeld. Het gaat dan tevens om de gerechtvaardigde verwachtingen die partijen over en weer mochten hebben, welke vervolgens door de rechter worden meegewogen bij de vaststelling van de gemaakte afspraken.   

Noot fiscaal jurist

Als partijen geen afspraken hebben gemaakt over de betaling van de hypotheekrente, dan ontstaat er een probleem. Uit een stijging van het aantal gerelateerde vragen maak ik op dat de Belastingdienst hier strenger op controleert.

Zijn er geen afspraken gemaakt, dan is het wellicht nog mogelijk om de voor de ex betaalde hypotheekrente te kwalificeren als een zakelijke vergoeding voor het gebruik van de woning. In dat geval blijft de rente drukken op de ex waardoor de echtscheidingsregeling ineens van toepassing wordt. De ex mag de rente dan maximaal 24 maanden na vertrek uit de woning aftrekken in de aangifte. Degene die de rente betaalt heeft hier weinig aan, maar in onderling overleg kunnen hier misschien nog afspraken over worden gemaakt.

Bron hypotheekrenteaftrek bij echtscheiding

Hoge Raad 16 november 2018, ECLI:NL:HR:2018:2134. 

Hypotheekrenteaftrek bij echtscheiding [news] 2019-03-15 0000-00-00 0000-00-00 5837

Echtscheiding en verplicht afstorten pensioen in eigen beheer

Veel advocaten en echtelieden maken zich druk om pensioen in eigen beheer bij een echtscheiding. De financiële gevolgen zijn substantieel en vaak heeft de DGA (directeur-grootaandeelhouder) weinig trek in het verplicht afstorten van (een deel van) het pensioen dat in eigen beheer is opgebouwd. In dit artikel een aantal uitspraken van rechters. Lees ook dit artikel over pensioen bij echtscheiding van een DGA.

De hoofdregel omtrent afstorten pensioen bij echtscheiding

De hoofdregel (vaste jurisprudentie) is dat pensioen in eigen beheer moet worden afgestort bij een externe verzekeraar. Dit kan anders zijn als de onderneming hierdoor mogelijk in gevaar komt. Wanneer komt de onderneming in gevaar?

Onderneming in gevaar bij afstorten pensioen in eigen beheer

In een uitspraak van het Gerechtshof in 2016 kwam de vraag aan de orde of de man (zijn B.V.) in staat is om het deel van het pensioen (van de vrouw) af te storten bij een externe pensioenverzekeraar. De man heeft tijdens de procedure zijn best gedaan om aan te geven waarom de B.V. niet in staat zou zijn het pensioen af te storten resp. hiervoor een financiering te verkrijgen. De vrouw vraagt om afstorting van haar deel van het pensioen (ruim € 220.000) of het verstrekken van zekerheid hiervoor (subsidiair). Het Gerechtshof gaat er eens rustig voor zitten en kijkt ook naar een arrest van de Hoge Raad uit 2007. Het uitgangspunt is afstorten, aldus de Hoge Raad. Het kan namelijk van de vrouw niet worden gevraagd om bij voortduring afhankelijk te blijven van het beleid van de andere echtgenoot in de onderneming / rechtspersoon. Hiermee loopt de vrouw ook een onredelijk risico over haar pensioenrechten, dit is niet redelijk.

In de onderhavige situatie is er onvoldoende geld (liquide middelen) om de afstorting van het pensioen te regelen (effectueren). De man stelt dat hij ook geen middelen kan verkrijgen, zelfs niet via een externe financiering. Als hij dit wel zou doen, zou het voortbestaan van de onderneming in gevaar komen. Dit standpunt van de man is volgens het Gerechtshof onvoldoende onderbouwd, dit mede doordat er overwaarde is gelegen in de onroerende zaken binnen de onderneming. Het is niet duidelijk of een tweede hypotheek tot de mogelijkheden zou behoren. De man heeft ook geen alternatieve oplossing naar voren gebracht.

Het Gerechtshof is helder, zonder een duidelijke toelichting, met vele vragen en geen alternatieve oplossing, moet de man binnen 4 maanden overgaan tot afstorting van het pensioen. Lukt hem dit niet, dan moet hij voldoende zekerheid stellen, bijvoorbeeld via een hypothecaire inschrijving.  

Vraag over echtscheiding bij ondernemers?

Echtscheiding bij ondernemers en DGA's is een vak apart, lees ook dit artikel. Wij adviseren vaak ondernemers en vertrekkende echtgenoten bij dergelijke situaties. Kom gerust eens langs voor een vrijblijvend gesprek.

Pensioen in stichting en echtscheiding

In een uitspraak van het Gerechtshof 's Hertogenbosch in 2019 volgt een duidelijke lijn. De man en vrouw zijn sinds 1992 getrouwd. Het pensioen is in eerste instantie ondergebracht in een B.V. Het pensioen wordt uiteindelijk ondergebracht in een stichting waarbij de ex-partner geen bestuurder meer is. Het huwelijk loopt op de klippen en het pensioen moet worden verdeeld. De vrouw vordert dat de stichting haar deel van het pensioen gaat afstorten bij een pensioenverzekeraar. De pensioenstichting weigert dit omdat het bestuur onafhankelijk is van de man en dat de vrouw hiermee dus niet afhankelijk is van de mogelijke problemen bij haar man en / of de wensen van de man. Dat een pensioen bij een verzekeraar minder risico zal opleveren is voor beide partijen wel duidelijk. Dat de man geen invloed heeft bij de stichting begrijpt ook iedereen. Het Gerechtshof springt echter in de bres voor de vrouw. De redelijkheid en billijkheid brengen mee dat het pensioen moet worden afgestort.

Noot fiscaal jurist over pensioen en echtscheiding

Veel pensioenen van een directeur-grootaandeelhouder (DGA) zijn ondergebracht in een B.V. of stichting. Als verevening niet is uitgesloten, heeft de ex-partner recht op zijn of haar deel. Hierbij mag de vertrekkende partner niet afhankelijk zijn van het beleid van de B.V. / stichting ten aanzien van dit pensioen. De ex-partner heeft hierop namelijk geen enkele invloed.

Dat het pensioen moet worden afgestort is een duidelijk en stevig uitgangspunt. Als dit niet kan, dan moet de echtgenoot met een duidelijk en helder verhaal komen, dit dus met verklaringen van de accountant en de bancaire instelling. Dit eventueel met ondersteunend bewijs (zoals een taxatierapport van bijvoorbeeld aanwezige onroerende zaken). Voor DGA's die na 2017 hun pensioen in eigen beheer hebben laten staan en niet hebben afgekocht (of omgezet) is dit nog steeds het uitgangspunt.

De Hoge Raad stelt wel dat verplichte afstorting afhankelijk is van alle omstandigheden van een casus / concreet geval. Als er onvoldoende liquide middelen zijn kan dit een signaal zijn, maar meestal is dit niet voldoende om afstorting te voorkomen. Ook als de ex-partner geen invloed heeft op het pensioen (zoals bij de uitspraak uit 2019), dan nog kan het zo zijn dat er moet worden afgestort. Het bestuur van de stichting moet namelijk - aldus de rechter - een zodanig beleid voeren dat de belangen van beide echtelieden (pensioengerechtigden) (met een ander / tegengesteld belang) op een juiste wijze moeten worden behartigd. Het niet afstorten van het pensioen kan dan in strijd zijn met de redelijkheid en billijkheid.

Bron pensioen eigen beheer bij echtscheiding

Hoge Raad van 9 februari 2007 (ECLI:NL:HR:AZ2658)

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden d.d. 28 juli 2016 (ECLI:NL:GHARL:2016:7633)

Gerechtshof 's Hertogenbosch d.d. 9 februari 2019 (ECLI:NL:GHSHE:2019:384)

Echtscheiding en afstorten pensioen [news] 5868

Afkoop alimentatie kan netto

Fiscaal nieuws alimentatie

In het verleden was alimentatie aftrekbaar tegen het maximale tarief van 51,95%. De aftrek van alimentatie (en hypotheekrente) is de afgelopen jaren verlaagd. Vanaf 2020 ging dit sneller. Alimentatie (en hypotheekrente etc.) is in de toekomst tegen een lager tarief aftrekbaar de afbouw ziet er als volgt uit:

  • 2019: 46%
  • 2020: 46%
  • 2021: 43%
  • 2022: 40%
  • 2023: 37%

Afkoop van alimentatie kan dus beter vlot plaatsvinden. Als u alimentatie moet betalen aan uw voormalig partner dan kunt u eens overwegen om deze te herzien, de netto last neemt immers door de lagere aftrek toe. Heeft u vragen stuur dan gerust een e-mail of neem contact met ons op.

Met enige regelmaat ben ik betrokken bij echtscheidingen van ondernemers / DGA's. In de meeste gevallen word ik hierbij ingeschakeld door de (ex-)partner van de ondernemer / DGA.  De discussies die ontstaan hebben veelal betrekking op de waarde van de onderneming, de uitleg van huwelijkse voorwaarden, ontvangen schenkingen, maar zeker ook het bepalen van de draagkracht van de ondernemer.

Afkoop alimentatie bij ondernemers

Als partners uit elkaar gaan, wil men het liefst financieel volledig afscheid nemen. Volledig afscheid nemen is vaak door de kinderen (of toekomstig pensioen) niet mogelijk. Financieel afscheid nemen kan worden vormgegeven via de afkoop van alimentatie en de verrekening van toekomstige pensioenen. Steeds meer mannen en vrouwen willen niet meer financieel aan elkaar verbonden zijn door maandelijkse partneralimentatie. Recent riep een ondernemer hierover nog: "weggegooid geld, mijn ex ga ik niet nog 12 jaar ondersteunen." De ontvanger van de alimentatie wil vaak ook niet van de ex afhankelijk zijn:

  • Wordt de alimentatie wel op tijd betaald?
  • Kan de ondernemer in de toekomst nog wel betalen?
  • Loop ik risico op zijn ondernemerschap?
  • Komen er nog toekomstige procedures als zijn of haar bedrijf slechter draait? 

Bovenstaande geeft stress.  Een afkoop van alimentatie kan deze stress voorkomen. Maar hoe doe je dit fiscaal voordelig?

Netto afkoop van alimentatie

Henk is ondernemer en wil zijn vrouw eenmalig een afkoopsom betalen voor de toekomstige alimentatie. Wettelijk moet Henk 10 jaar betalen. Hij komt echter via een mediator met zijn vrouw overeen dat hij ineens de contante waarde voor de komende 8 jaar zal betalen, een bedrag van € 300.000. De vrouw is het hiermee eens, maar wil dit bedrag dan wel in één keer netto op haar bankrekening. Omdat de man en vrouw in 2021 nog fiscaal partner zijn, kan in 2021 de afkoop netto worden betaald, mits beide partners in 2021 ervoor kiezen elkaars partner te zijn. Dit kan ook als de partners niet geheel 2021 elkaars fiscale partner zijn. Echtgenoten kunnen nog het hele jaar waarin het verzoek tot echtscheiding is ingediend een aangifte Inkomstenbelasting indienen alsof ze fiscaal partner zijn (artikel 2:17 lid 7 Wet op de Inkomstenbelasting 2001). De man kan niet alleen zijn eigen aftrekpost, maar ook de verschuldigde heffing van zijn vrouw in zijn eigen aangifte opnemen. Door deze aangifte vallen de aftrekpost en de verschuldigde heffing tegen elkaar weg. Al met al "netto afkoop van alimentatie". Eventueel kan de betaling ook in termijnen plaatsvinden, dit overleggen wij veelal met de Belastingdienst. Aandachtspunt is wel dat u er vroegtijdig over nadenkt. Als een verzoek tot echtscheiding in 2020 is ingediend en in 2021 wordt besloten tot afkoop, bent u te laat, dit kan dus niet.

Termijn partneralimentatie sinds 2020

De termijn voor de partneralimentatie is sinds 2020 aangepast in standaard 5 jaar. Er bestaan op deze termijn veel uitzonderingen. De belangrijkste:

  1. Termijn korter: als het huwelijk korter dan 10 jaar heeft geduurd, is de termijn 50% van de duur van het huwelijk of het geregistreerde partnerschap. Bij 6 jaar gehuwd zijn is de termijn dus 3 jaar. Hierop bestaan weer uitzonderingen. De belangrijkste is dat, als u samen kinderen heeft (einde alimentatie als jongste kind 12 jaar is geworden).
  2. Heeft huwelijk (of partnerschap) minimaal 15 jaar geduurd? Krijgt uw ex-partner binnen 10 jaar AOW? Dan moet u alimentatie betalen tot dat uw partner AOW ontvangt.
  3. Bent u geboren vóór 1 januari 1970? Duurde uw huwelijk of partnerschap langer dan 15 jaar? Krijgt u over meer dan 10 jaar AOW? Dan is de termijn 10 jaar.

De partneralimentatie stopt als uw ex-partner opnieuw gaat trouwen. De alimentatie kan hoger of lager worden als u of uw ex-parter meer of minder gaat verdienen. U kunt ook anders overeenkomen in het echtscheidingsconvenant.

Vragen over echtscheiding bij ondernemers

Wilt u een vrijblijvend gesprek over een echtscheiding bij ondernemers of een DGA. dan kunt u contact opnemen met de heer mr. D.J.B. Jongbloed. Hij is vaak betrokken bij dergelijke procedures. De uiteindelijke echtscheiding zal altijd in overleg met een advocaat plaatsvinden.

Afkoop alimentatie kan netto [news] 7100

DGA pensioen bij echtscheiding

DGA moet vaker pensioen afstorten bij verzekeraar

Update

Directeuren-grootaandeelhouders (DGA's) krijgen in 2017 (en 2018 en 2019) de mogelijkheid om hun pensioen in eigen beheer van de balans te halen (af te kopen). Dit kan met een korting van 34,5% in 2017 (en in de jaren daarna tegen lagere percentages, namelijk 2018: 25% en 2019: 19,5%). Heeft u geen geld, dan resteren er twee opties:

  1. Premievrij maken;
  2. Spaarvariant kiezen.

Pensioen in eigen beheer opbouwen is dus vanaf 2017 feitelijk voorbij.

De casus

Een DGA was 25 jaar getrouwd en ging scheiden, hij had een pensioen in eigen beheer opgebouwd. De pensioenen worden verevend conform de wet. De ex-vrouw wil dat haar deel wordt afgestort bij een verzekeraar, de Hoge Raad is het met haar eens. Een opmerkelijke uitspraak. De Hoge Raad stelt dat op basis van de redelijkheid en billijkheid niet van de ex-vrouw kan worden verlangd dat haar deel bij de B.V. van de ex-man blijft. De man houdt immers de volledige zeggenschap over dit pensioen. Dit kan anders zijn als het afstorten de continuïteit van zijn bedrijf in gevaar brengt. Als de B.V. geen geld heeft en dit ook niet kan lenen, kan het verzoek om afstorten worden betwist, anders niet.

Algemeen

Het pensioen van de DGA wordt in 2007 aangepast. Allereerst geldt met ingang van 1 januari 2007 een nieuwe pensioenwet die niet van toepassing is op de DGA (minimaal 10% van de aandelen / certificaten). In 2007 moet de DGA kiezen, óf in eigen beheer verzekeren óf extern bij een verzekeraar (wellicht in de toekomst ook bij een bank).

Pensioen in eigen beheer en echtscheiding

Tot februari 2007 dachten advocaten dat een DGA bij echtscheiding een eigenbeheerpensioen niet extern hoeft onder te brengen. Dit was anders als de B.V. onvoldoende zorg zou besteden aan de pensioendekking en de DGA het beleid kon bepalen. De Hoge Raad gaat nu een stuk verder. Op grond van de uitspraak van 9 februari 2007 moet er worden afgestort, tenzij de DGA aannemelijk maakt dat hij geen liquide middelen heeft of deze elders kan verkrijgen (intern of extern lenen). De continuïteit mag niet in gevaar komen.

Conclusie

De uitspraak zorgt bij advocaten en accountants voor ophef en beroering. Het kan betekenen dat (een deel van) de pensioenreserve daadwerkelijk beschikbaar moet zijn bij een echtscheiding, dit is bij de meeste bedrijven niet zo. Bij het grote aantal echtscheidingen in Nederland is dit dus een daadwerkelijk probleem.

Voor lopende zaken en ook voor reeds uitgesproken echtscheidingen is deze uitspraak van belang. Als u nog gaat scheiden, neem deze uitspraak dan mee in uw overwegingen. Als u reeds gescheiden bent, kijk dan eens in het echtscheidingsconvenant, wellicht moet uw ex alsnog het pensioen afstorten. Ook kinderen kunnen een beroep doen op deze uitspraak.

Indien u overweegt te gaan procederen, overweeg dan ook eens de pensioenreserve te laten berekenen door een deskundige. Het kan zijn dat de pensioenreserve niet gelijk is aan de toezegging die uit de pensioenbrief volgt. De ex-partner heeft recht op 50% van het tijdens het huwelijk opgebouwde ouderdomspensioen, te vermeerderen met het nabestaandenpensioen. Op de balans staat veelal een fiscale waardering, de werkelijke waarde kan anders zijn. Hoewel ik geen pensioendeskundige ben, zie ik verschillen ontstaan door (na)indexatie en kosten- en winstopslag.

Bron: HR 9 februari 2007 / nummer R06/021.

DGA pensioen bij echtscheiding [news] 1957

DGA en eigen woning

De directeur-grootaandeelhouder (DGA) van een B.V. kan eens met zijn fiscaal jurist nadenken over zijn eigen woning. Wat is er mogelijk?

  1. Grond onder de eigen woning verkopen aan de B.V. en in erfpacht uitgeven.
  2. De woning aan de B.V. verkopen.
  3. Hypotheek via de B.V. afsluiten (bijvoorbeeld tegen een rente van 0%).
  4. Bijgebouw of garage via de B.V.

In 2016 hebben wij diverse DGA's geadviseerd bij nieuwe structuren en overdrachten van woningen. Soms om een lagere hypotheekrente te krijgen, een rekening-courantschuld af te lossen en / of om goedkoper te wonen / werken.

Grond in erfpacht (ad 1)

De grond wordt verkocht aan de B.V. tegen de waarde in het economische verkeer. De opbrengst is voor de DGA belastingvrij. De DGA zal vervolgens (eeuwigdurend en niet voor 30 jaar) een erfpachtcanon kunnen aftrekken van zijn inkomen. De erfpacht is dan aftrekbaar tegen 52% en in de B.V. (direct) belast tegen 20% of 25% vennootschapsbelasting. Aandachtspunten zijn:

  1. afschrijving grond in de B.V. mogelijk;
  2. is de structuur zakelijk;
  3. prijs voor de grond;
  4. dividenduitkering in de toekomst (of direct);
  5. toekomstige verkoop van de grond (en de woning) aan een derde.

Een zorgvuldig opgezette structuur is van belang. De rechter heeft al eens een structuur afgekeurd (fraus legis) en sinds de uitspraak van de Hoge Raad van 8 juli 2016, nr 15/04315, is de constructie voor bestaande situaties bijna onhaalbaar geworden. De Hoge Raad heeft hier geoordeeld dat bij vervreemding van de grond in ruil voor het verkrijgen van erfpacht de te betalen erfpachtcanon niet aftrekbaar is als aftrekbare kosten van de eigen woning. Volgende de Hoge Raad moet er een direct verband zijn tussen de erfpacht en de verwerving, aankoop c.q. verbouwing of onderhoud van de eigen woning. In bestaande situaties is dit verband er niet, omdat de woning al een eigen woning is volgens de Wet IB 2001 voordat het recht van erfpacht wordt gevestigd.

De woning aan de B.V. verkopen (ad 2)

De woning kan ook worden verkocht aan de B.V. of wellicht in de B.V. worden ingebracht (mits privé-onderneming in de eigen woning). Een dergelijke transactie kent een aantal voordelen en nadelen. De belangrijkste voordelen zijn:

  1. Kosten eigen woning zijn aftrekbaar (onderhoud, gemeentelijke kosten, etc.).
  2. De B.V. kan de woning afschrijven ten laste van de winst, de woning is immers een bedrijfsmiddel. Afschrijving op vastgoed is echter beperkt (afschrijving tot maximaal de bodemwaarde). Omdat het een beleggingspand is, bedraagt de bodemwaarde de WOZ-waarde. Afschrijving is derhalve beperkt.
  3. Afwaardering woning tot lagere bedrijfswaarde, dit lijkt mogelijk, temeer omdat woningen en beleggingspanden substantieel in waarde dalen. Dit kan een substantieel voordeel opleveren. In privé is een verlies niet aftrekbaar, in een B.V. wel. Een afwaardering tot een lagere bedrijfswaarde moet plaatsvinden in het jaar waarin de substantiële waardedaling zich heeft voorgedaan, u mag dus niet zomaar willekeurig kiezen. U mag niet afwaarderen als sprake is van incidentele prijsschommelingen.
  4. De B.V. kan de hypotheekrente in lengte der jaren aftrekken, derhalve geen hypotheekrenteaftrekbeperkingen na 30 jaar en / of een bijleenregeling.

Belangrijkste nadeel is wel dat de DGA (niet aftrekbare) huur aan zijn eigen B.V. moet gaan betalen. Daar staat tegenover dat de B.V. over de ontvangen huur wel gewoon 20% of 25% vennootschapsbelasting moet betalen. Bovendien komt op de huur nog eens een aanmerkelijkbelangclaim (box 2)  te rusten van 25%. De huurgelden kunnen door de DGA - nadat de kosten in de B.V. zijn betaald - wel weer als dividend uitgekeerd worden, zodat de nettolast in privé beperkt is. Als u deze structuur zou doorrekenen, komt u tot de conclusie dat dit niet snel financieel aantrekkelijk is. Door de bijleenregeling (zie hierna) kan de structuur - in z'n geheel gezien - wel weer aantrekkelijk zijn. Daarnaast is de waardedaling van de woning voor de B.V. aftrekbaar.

Hypotheek via de B.V. (ad 3)

De hypotheekrenteaftrek is een veelbesproken onderwerp. Vroeg of laat zal de hele regeling op de schop gaan, echter het is nog (lang) niet zover. Derhalve dient het te behalen voordeel te worden geoptimaliseerd zolang het nog kan.

Een DGA (directeur-grootaandeelhouder) kan de hypotheek via zijn B.V. opzetten. Indien dit op de juiste wijze wordt vormgegeven, levert dit direct geld op. Hieronder een uiteenzetting van deze optimalisatie.

De rente op een schuld die is aangegaan ten behoeve van de aankoop, onderhoud of verbetering van een eigen woning is aftrekbaar in box 1. Bij wie de schuld is aangegaan, doet niet ter zake. Dit betekent dat ook uw eigen B.V. als leningverstrekker kan optreden. Ook de overname van een bancaire schuld door uw B.V. (schuldovername) staat de renteaftrek niet in de weg. De hypotheek bij de eigen B.V. is een aansprekende en flexibele manier van eigenwoningfinanciering. De rente die u aan de B.V. betaalt, blijft voor u aftrekbaar in box 1. Bij de B.V. zal het rendement op de overtollige liquiditeiten (bijv. depositorente) worden ingewisseld voor het rendement op de eigenwoninglening. Afhankelijk van uw situatie kan de hypotheek tegen een hoge rente (zeg 6%) of tegen een lage rente (0%) kunnen worden verstrekt. Een uitgebreid artikel over dit onderwerp treft u hier aan.

Bijgebouw of garage in de B.V. (ad 4)

Steeds vaker zien wij dat een bijgebouw (echt kantoor, dus met toilet en separaat te verhuren) of garage door de B.V. wordt gebouwd. De belangrijkste voordelen zijn:

  • Financieringslasten aftrekbaar (en niet beperkt tot 30 jaar);
  • BTW op de nieuwbouw verrekenbaar;
  • Kosten aftrekbaar;
  • Deel algemene kosten eigen woning (tuinman, schilder, etc.) aftrekbaar;
  • Lagere WOZ-waarde eigen woning.

Noot fiscaal jurist over woning en DGA

Het verkopen van de grond en weer uitgeven tegen erfpacht komt in de praktijk (nog) weinig voor, dit is een aantrekkelijke optie. Het verkopen van de eigen woning aan de B.V. is een stuk complexer, maar kan wel voordelig zijn, veelal bent u bij de verkoop overdrachtsbelasting verschuldigd. De hypotheek via uw B.V. laten lopen komt in onze praktijk steeds vaker voor.

Een reden om de woning (tijdelijk) aan de B.V. te verkopen kan de bijleenregeling zijn. U kunt gewoon in uw woning blijven wonen en na 3 jaar is de bijleenregeling niet meer van toepassing (uitgewerkt). U kunt de woning weer terugkopen en weer volledig financieren tegen een aftrekbare rente. Een opzet (vooraf geheel duidelijk) kan een probleem veroorzaken (fraus legis). De nieuwe schuld moet dan wel annuïtair worden afgelost (nieuwe hypotheekrecht).

DGA en zijn eigen woning [news] 2013-03-24 0000-00-00 0000-00-00 3677
Wijziging DGA pensioen in 2014 [news] 2013-03-30

Wijziging DGA-pensioen in 2014

Update

Directeuren-grootaandeelhouders (DGA's) krijgen in 2017 (en 2018 en 2019) de mogelijkheid om hun pensioen in eigen beheer van de balans te halen (af te kopen). Dit kan met een korting van 34,5% in 2017 (en in de jaren daarna tegen lagere percentages, namelijk 2018: 25% en 2019: 19,5%). Heeft u geen geld, dan resteren er twee opties:

  1. Premievrij maken;
  2. Spaarvariant kiezen.

Pensioen in eigen beheer opbouwen is dus vanaf 2017 feitelijk voorbij.

De invoering is uitgesteld tot 1 april 2017, lees hiertoe deze brief van de Staatssecretaris van Financiën.

Inleiding

De DGA moet zijn pensioen per 1 januari 2014 aanpassen. De belangrijkste reden is dat de pensioenleeftijd in 2014 naar 67 jaar wordt verhoogd. De DGA die is geboren na 1950 moet dus aan de slag met zijn pensioen. De wijziging moet in 2013 worden doorgevoerd. Het eenvoudig opstellen van een nieuwe pensioenbrief is niet verstandig, laat u goed adviseren en neem er de tijd voor.

Een korte terugblik op het DGA-pensioen

We hebben al vele stelsels gehad, de belangrijkste waren:

  • Pre-Witteveen (tot uiterlijk 01-06-2004): opbouwpercentage 2,33%, lage AOW-franchise (8/7 zelfstandig, geschoond), opbouw over auto van de zaak, pensioenleeftijd 60 jaar, met een overbruggingspensioen voor de periode 60-65.
  • Witteveen (tot 01-01-2006): 2% opbouw, hoge(re) bruto ongehuwden, AOW-franchise op basis van 10/7 bruto ongehuwde AOW-uitkering, pensioenleeftijd 60 jaar. 
  • VPL: 2% opbouw en pensioenleeftijd 65 jaar.
  • Vanaf 2014 wordt het 1,9% en 67 jaar als pensioendatum. En alvast voor de periode daarna (2015) zelfs 1,5% met ook nog eens een maximaal pensioengevend salaris tot € 100.000. 

Commerciële en fiscale waarde DGA-pensioen

Door de wetswijziging in de B.V. (flex B.V. in oktober 2012) is de commerciële en fiscale waardering ook van belang geworden. Er is een beperking op het uitkeren van dividenden als dit eigenlijk niet zou kunnen, hiertoe is de commerciële waarde van het pensioen van belang. Betrek hierbij ook het nabestaandenpensioen. Meestal is dit extern ondergebracht, maar als dit niet zo is, moet dit bij de waardering worden betrokken.

Overwegingen bij de DGA

  1. Commercieel en fiscaal: laat uw pensioenvoorziening berekenen en kijk of de commerciële waarde wel binnen de B.V. aanwezig is.
  2. Nabestaandenpensioen: bekijk of het zinvol is om dit extern te verzekeren, regel dit voor uw partner / kinderen!
  3. Vermogen: bekijk of het vermogen voor uw pensioen wel aanwezig is. Veelal zien wij dat de B.V. een onderneming heeft waar de waarde in is opgeslagen en / of een rekening-courantvordering op de DGA. Dit is niet verstandig, probeer om  - bijvoorbeeld - 70% van de benodigde middelen opzij te leggen in beleggingen of een aparte spaarrekening.
  4. Echtscheiding: bereken wat de gevolgen voor het pensioen in eigen beheer zijn als u zou gaan scheiden, sommige bedrijven komen bij een echtscheiding van de DGA in substantiële problemen.
  5. Overlijden: laat uw pensioenadviseur berekenen wat de gevolgen zijn als u komt te overlijden.

Vragen over DGA-pensioen

Neem gerust contact op en laat u geheel vrijblijvend adviseren. Voor zeer complexe vraagstukken werken wij samen met pensioenspecialisten.

0000-00-00 0000-00-00 3686
Belastinglatentie bij echtscheiding [news] 2014-12-04

Belastinglatentie ondernemer / DGA bij echtscheiding

Veel ondernemers stellen huwelijkse voorwaarden op met een periodiek verrekenbeding. Er zijn ook ondernemers die er bewust of onbewust voor kiezen om pas aan het einde van het huwelijk (bij de echtscheiding) af te rekenen. Dit is een prima voedingsbron voor advocaten en geeft dan ook vaak discussies tussen de ex-echtgenoten (en soms met de Belastingdienst).

Ondernemer met een B.V.

Een ondernemer met een B.V. moet in de toekomst ooit nog eens afrekenen met de Belastingdienst. De heffing zal plaatsvinden in box 2 en bedraagt 25% of in box 1 (maximaal 52%). Er moet worden afgerekend over de verkoopprijs te verminderen met de oorspronkelijke verkrijgingsprijs (bij een B.V.) en over de verkrijgingsprijs -/- de boekwaarde bij een eenmanszaak, VOF of maatschap.

Procedure over belastinglatentie bij echtscheiding

Henk en Truus zijn getrouwd op huwelijkse voorwaarden, ze hebben 2 kinderen. De vrouw exploiteert met haar familie een cafetaria en de man houdt zich bezig met panden (onroerende zaken), dit doet hij in privé (en niet via een B.V.). Ze waren gehuwd op huwelijkse voorwaarden, maar er is nooit rekening gehouden met het periodieke verrekenbeding. Uiteindelijk hebben ze besloten om te gaan scheiden. Tijdens de scheiding ontstond er discussie over de belastinglatentie.

De Hoge Raad (ons hoogste rechtscollege) kwam tot een oordeel. Bij het bepalen van de belastinglatentie moet rekening worden gehouden met de omstandigheden van het geval. Een advocaat (en ook rechter) mag rekening houden met de volgende omstandigheden:

  • Wordt de onderneming na de echtscheiding nog voortgezet?
  • Het bepalen van de onderneming moet door een deskundige plaatsvinden (stille reserves en goodwill zijn hierbij van essentieel belang).
  • Bij het bepalen van de waarde van de onroerende zaken (in de B.V.) mocht worden uitgegaan van een huurwaarde te vermeerderen met een bepaalde factor.
  • Een belastinglatentie van 52% (het huidige percentage bij direct afrekenen) is niet toegestaan.

Bron echtscheiding en belastinglatentie

Hoge Raad 28 november 2014 (ECLI HR 2014 3462).

Conclusie Advocaat Generaal d.d. 5 september 2014 (ECLI NL PHR 2014 1770).

Gerechtshof d.d. 10 juli 2013 (ECLI NL GHDHA 2013 2603).

Gerechtshof d.d. 18 januari 2012 (ECLI NL GHSGR BY 0223).

0000-00-00 0000-00-00 4473

Advocaatkosten echtscheiding in bedrijf aftrekbaar

Voor de wet is elke echtscheiding gelijk, in de praktijk ligt dit vaak anders. Een echtscheiding van een ondernemer of DGA is vaak complexer omdat zijn inkomen en vermogen niet altijd even duidelijk zijn. Wij adviseren vaak bij echtscheidingen, dit veelal in overleg met een advocaat, mediator of notaris. Wij kijken dan naar de volgende onderdelen:

  1. Wat is nu echt de waarde van de onderneming?
  2. Grondslagen voor de partneralimentatie (verhouding salaris, management fee, dividend en winst) 
  3. Dividend en geldstromen binnen de onderneming
  4. Waardering pensioen / fiscale oudedagsreserves
  5. Fiscale structuren na de echtscheiding
  6. Is er met winsten geschoven?

Bedrijfskosten aftrekbaar

Van de opbrengsten binnen een bedrijf mogen zakelijke kosten worden afgetrokken. Alleen de kosten die de ondernemer (of rechtspersoon) maakt voor de zakelijke belangen van de onderneming zijn aftrekbaar. Zakelijke kosten zijn kosten die binnen redelijke grenzen nodig zijn voor de uitoefening van de onderneming en de kosten die rechtstreeks op de onderneming betrekking hebben. Andere kosten zijn nietaftrekbaar. Hoe zit dit met advocaatkosten tijdens een echtscheidingsprocedure waarbij een onderneming betrokken is?

Procedure inzake advocaatkosten bij onderneming

Een bedrijf kent de man en de vrouw als aandeelhouder. De man en de vrouw gaan scheiden. Er wordt over veel dingen geprocedeerd, onder meer: "wie mag de aandelen verkrijgen?" De vrouw heeft al 90% van de aandelen en verkrijgt via de rechter ook de aandelen van de man. De advocaatkosten worden door het bedrijf afgetrokken van de winst. Hoewel de toedeling ziet op de privé belangen van de vrouw, zijn toch 20% van de advocaatkosten (volgens de rechter) aftrekbaar. De reden: "de man heeft een strafblad en de onderneming zou haar vergunning kunnen verliezen als de man aandeelhouder zou blijven."

Advocaatkosten aftrekbaar

Advocaatkostenzijn binnen de fiscale aangifte beperkt aftrekbaar. De algemene stelregel is dat advocaatkosten aftrekbaar zijn indien deze zijn gemaakt voor het verkrijgen van partneralimentatie. Als ontvanger van partneralimentatie zijn dan naar de advocaatkosten ook telefoonkosten, portokosten, reiskosten en incassokosten aftrekbaar.  

Noot fiscaal jurist inzake advocaatkosten als ondernemingskosten

De advocaatkosten bij een echtscheiding zijn niet zo vaak aftrekbaar binnen de onderneming of de B.V. Als de onderneming of de B.V. echter een belang heeft, dan zijn (een deel van) de kosten wel aftrekbaar. In casu ging het om een raamprostitutiebedrijf, edoch dit maakt voor de feiten geen verschil. Een echtscheiding bij een ondernemer of DGAgeeft vaak veel meer discussie dan een reguliere echtscheiding, de belangrijkste discussie punten zijn dan de grondslagen voor de partneralimentatie (met winst/ dividend of zonder) en de waardering van de onderneming.

Een ander veel voorkomende probleem betreft de hypotheekrente van de eigen woning, lees hiervoor dit artikel.

Bron advocaatkosten aftrekbaar

Gerechtshof Amsterdam d.d. 7 juni 2016 (ECLI NL GHAMS 2016 2438).

Gerechtshof Amsterdam d.d. 21 oktober 2010, ECLI:NL:GHAMS:2010:BO4792.

Advocaatkosten echtscheiding in bedrijf aftrekbaar [news] 4959

Fiscale emigratie en pensioen

Bij emigratie moet u in beginsel afrekenen over de meerwaarde in vermogensbestanddelen die u bij de emigratie "meeneemt". De fiscale wetgeving in Nederland kent voor natuurlijke / rechtspersonen een eindafrekeningsmoment (de emigratie).

Emigratie van mensen (natuurlijke personen)

Bij de emigratie van natuurlijke personen moet er een verschil worden gemaakt tussen DGA's (aanmerkelijk belanghouders) en IB-ondernemers. Als een IB-ondernemer zijn onderneming verplaatst, dan moet er worden afgerekend. Bij een DGA is er sprake van een fictieve vervreemding (van de aandelen in zijn B.V.).

Emigratie B.V.

Als de DGA zou emigreren, dan verplaatst de feitelijke leiding van de B.V. zich. Hierbij emigreert de B.V. feitelijk ook mee met de DGA. De B.V. moet afrekenen (vennootschapsbelasting) over de vermogensbestanddelen in de B.V. Dit is anders als de B.V. in Nederland blijft en of er over de vermogensbestanddelen na emigratie nog gewoon in Nederland belasting wordt betaald.

Noot fiscaal jurist

Bij emigratie ontvangt u geen contanten, direct afrekenen zal dus voor liquiditeitsproblemen kunnen zorgen. De (conserverende) aanslag die bij emigratie wordt opgelegd hoeft dan ook niet direct te worden betaald. Er loopt op dit moment een procedure bij de Rechtbank Zeeland - West Brabant over de rechtmatigheid van heffing door Nederland. De Rechtbank heeft prejudiciële vragen gesteld aan de Hoge Raad, deze vragen gaan over de reparatiewetgeving welke Nederland heeft ingevoerd. In deze casus wordt een conserverende aanslag verstrekt aan een DGA die naar Frankrijk is geëmigreerd. Er wordt een conserverende aanslag opgelegd over zijn pensioen en lijfrente-aanspraken. De aanslag is opgelegd op grond van Nederlandse wetgeving maar waarschijnlijk in strijd met de goede verdragstrouw. Het wachten is thans op deze uitspraak die voor veel mensen die met pensioen en / of een lijfrente gaan emigreren van belang is. Met name bij oudere belastingverdragen kan dit ervoor zorgen dat de conserverende aanslag ten onrechte is opgelegd.

[news] 2017-03-24 0000-00-00 0000-00-00 5106

Waardebepaling onderneming bij echtscheiding

Advisering inzake waardebepaling onderneming bij echtscheiding

Wij adviseren wekelijks ondernemers en partners van ondernemers die discussie hebben over de waarde van een eenmanszaak, VOF of B.V. Soms vindt de advisering op verzoek van een gespecialiseerde echtscheidingsadvocaat of mediator plaats. Door een praktische insteek met voldoende theoretische en wettelijke verwijzingen volgen rechters onze insteek. Dit voorkomt eindeloze discussies en kosten van deskundigen die vaak worden aangewezen door rechters.

Waarde of prijs van een onderneming bij echtscheiding

De waarde van een onderneming wordt veelal bepaald op grond van een berekeningsmethode, veelal de DCF-methode (discounted cash flow methode). Bij een echtscheiding moeten zaken echter worden gewaardeerd op de waarde in het economische verkeer en niet op de economische waarde. Waarde in het economische verkeer is "de prijs die op het meest geschikte moment op de meest geschikte wijze na de beste voorbereiding door de meest biedende gegadigde voor de onderneming wordt geboden en betaald". Het gaat hierbij dus niet direct om de waarde, maar om de prijs: "wat kun je ervoor krijgen?" Wat is van belang:

  1. Is er sprake van persoonlijke goodwill ?
  2. Zijn er stille reserves ?
  3. Moet er rekening worden gehouden met een belastinglatentie ?
  4. Wat is een normale beloning voor de DGA of ondernemer?
  5. Zijn er meerdere eigenaren waardoor verkopen aan derde lastiger is?
  6. Zijn er specifieke vergunningen / kennis / opleidingen nodig ?
  7. Zijn er partijen die de onderneming willen kopen ?
  8. Is de onderneming na verkoop nog levensvatbaar?

Echtscheiding en waarde bedrijf

Een accountantsbenadering van de waarde van een onderneming bij een echtscheiding werkt meestal niet. Bij een accountantsbenadering moet u denken aan:

  1. intrinsieke waarde;
  2. rentabiliteitswaarde;
  3. rendementswaarde;
  4. verbeterde rentabiliteitswaarde;
  5. DCF-methode;
  6. combinatie van ad 1 - 5 (met weging of zonder wegingsfactoren).

Bij de waardering van de onderneming spelen emoties vaak de boventoon. Als partijen recht tegenover elkaar staan en al een tijdje aan het schrijven / procederen zijn, is het lastig een middenweg te vinden. Komen partijen er niet uit, dan wordt vaak een waarderingsdeskundige aangesteld, dit met alle kosten van dien. Tevens zal de waardering van de onderneming invloed hebben op de alimentatiegrondslagen. Een DGA kan immers zijn eigen salaris vaststellen en moet bij een financiering van de waarde van de onderneming (soms) een lening aangaan, deze lening drukt het rendement van de onderneming.

Vragen over waarde onderneming bij echtscheiding

Als u vragen of opmerkingen heeft, kom gerust eens langs voor een vrijblijvend gesprek.

Waardebepaling onderneming bij echtscheiding [news] 5320

Draagkracht van een DGA berekenen

Bij het bepalen van de draagkracht van een directeur-grootaandeelhouder is vaak discussie over winsten in de B.V. of aanwezige reserves (eigen vermogen). Hoewel dit "voer" is voor advocaten en veel discussies, hebben wij geprobeerd u hierin eenvoudig enig inzicht te geven. Wij merken nog te vaak dat advocaten erg goed de regels en wetten kennen, maar minder sterk zijn in de financiële kant van het verhaal. Bij een echtscheiding tevens een fiscaal jurist inschakelen is daarom verstandig.

Is de dividendreserve van bepaling voor de draagkracht van een DGA?

Een DGA ontvangt een salaris en daarnaast maakt zijn B.V. winst. De winsten blijven achter in de B.V. omdat deze nog niet in privé nodig zijn en noodzakelijk zijn voor investeringen (of reserves) binnen de de B.V. In een casus bij het Gerechtshof Den Haag (25 mei 2016 ECLI:NL:GHDHA:2016:1890) kwam de vraag aan de orde of de aanwezige winstreserves in de B.V. moesten meetellen voor de draagkracht van een DGA. De man is van mening dat de winst / dividendreserve niet moet worden meegewogen omdat deze moet worden aangehouden voor de continuïteit van zijn onderneming. Zowel de Rechtbank als het Gerechtshof zijn het met de man eens. Dat er winstreserves aanwezig zijn wil nog niet zeggen dat er ruimte is voor een dividenduitkering. Dit is ter beoordeling van de bestuurders van de B.V. Daarbij dient er rekening te worden gehouden met de wettelijke verplichtingen uit hoofde van boek 2 BW en de belangen van de vennootschap, aldus het Gerechtshof.

De vrouw stapt naar de Hoge Raad (Hoge Raad d.d. 19 mei 2017 ECLI:NL:2017:934) en krijgt gelijk. Bij de beoordeling van dit vraagstuk moet er worden gekeken naar:

  • de inkomsten die worden verworven;
  • de inkomsten die kunnen worden verworven.

Het gaat daarbij niet alleen om het salaris, maar ook om de inkomsten in de B.V. De zaak wordt verwezen naar een ander Gerechtshof.

Noot fiscaal jurist over draagkracht DGA / ondernemer

Vaak wordt er tussen echtelieden ruzie gemaakt over de winsten in de B.V. of de winsten uit het verleden. Moeten deze worden meegenomen bij de berekening van de draagkracht van de DGA? Het is redelijk vaste jurisprudentie dat opnamen in rekening-courant met de B.V. niet als inkomen hoeven te worden gezien. De lening moet immers worden terugbetaald. Of gemaakte winsten of winstreserves moeten worden meegenomen is een geheel andere vraag. Er is altijd een spanningsveld tussen:

  1. dividendreserve nodig voor de B.V. (en haar continuïteit);
  2. dividendreserve duurzaam overtollig en beschikbaar als inkomen voor de DGA.

Een DGA (bestuurder) heeft een zekere vrijheid om te bepalen wat hij / zij met het geld in de B.V. gaat doen. Een rechter zal dit vaak terughoudend toetsen. De rechter zal de met het oog op een goede bedrijfsvoering en gezonde financiële toekomst van de B.V. gemaakte keuzes van de DGA in beginsel moeten respecteren, tenzij bijvoorbeeld vast zou komen te staan dat de keuze van de DGA vooral is ingegeven om zijn alimentatiedraagkracht te drukken of hij anderszins een keuze heeft gemaakt die geen redelijk denkend ondernemer in dezelfde branche zou hebben gemaakt.

De bewijslast ligt bij de DGA, hij / zij moet bewijzen (met stukken) dat de gelden nodig zijn voor de onderneming / B.V. Stukken die hiervoor noodzakelijk zijn:

  • jaarrekening;
  • kasstroomoverzicht;
  • sterkte- en zwakte-analyse van de onderneming;
  • ontwikkelingen in de branche;
  • verklaringen van een deskundige (bijvoorbeeld de accountant);
  • prognoses voor de toekomst.

De centrale vraag is dus of er gemotiveerd wordt bewezen dat winsten moeten worden opgepot en voor welk deel.

Draagkracht DGA berekenen [news] 5683

Partneralimentatie minder aftrek

Vanaf 2020 is de partneralimentatie niet meer aftrekbaar tegen 50% (of 52%) maar tegen 46%. Uiteindelijk is in 2023 nog maar 37% (exact 37,05%) aftrekbaar. Dit zorgt ervoor dat de betaler van partneralimentatie netto meer kwijt is. U moet hiermee reeds nu rekening houden bij het opstellen van een echtscheidingsconvenant.

Procedures partneralimentatie in 2020 en daarna

Partners die op dit moment partneralimentatie betalen zullen gaan stellen dat de partneralimentatie te hoog is omdat de aftrek lager is. De verwachting isdat dit veel procedures gaat opleveren in 2020 en daarna. De overheid verwacht dat de maatregel (lagere aftrek) geld gaat opleveren (ongeveer 100 miljoen), edoch als de partneralimentatie wordt verlaagd zal de ontvangende partij een beroep doen op een hogere uitkering en/of toeslagen.

Dalende aftrek partneralimentatie

Partneralimentatie wordt voor de betaler duurder, de aftrek daalt de komende jaren als volgt:

  • aftrekbare partneralimentatie in 2020: 46%;
  • aftrekbare partneralimentatie in 2021: 43%;
  • aftrekbare partneralimentatie in 2022: 40%;
  • aftrekbare partneralimentatie in 2023: 37,05%.

Partneralimentatie wordt duurder voor betaler

Partneralimentatie is aftrekbaar voor de betaler en is belast bij de ontvanger. Afhankelijk van uw inkomen is de aftrek op dit moment ongeveer 52%. Dit wil zeggen dat de alimentatiebetaler ongeveer 52% van de betaalde partneralimentatie terugkrijgt van de Belastingdienst. In een nieuw wetsvoorstel is bepaald dat deze aftrek wordt verlaagd tot 37,05% in 2023. De daling wordt ingezet in 2020. De draagkracht van de alimentatiebetaler neemt hierdoor af, hierdoor zou de partneralimentatie dus moeten dalen. Vanaf een inkomen van € 68.000 neemt uw nadeel toe. Voor lagere inkomens valt het nadeel wel mee.

Echtscheidingsconvenant fiscaal aanpassen

Als u nu gaat scheiden en u bent in overleg over een echtscheidingsconvenant, dan is het verstandig om reeds nu rekening te houden met de aangekondigde wetswijziging. In het echtscheidingsconvenant kunt u opnemen dat de partneralimentatie vanaf 2020 opnieuw wordt berekend.

Partneralimentatie laten aanpassen

Als u al gescheiden bent en op dit moment partneralimentatie moet betalen, dan is het verstandig om in 2019 met uw fiscaal jurist of advocaat te overleggen omtrent een wijzigingsverzoek voor uw partneralimentatie. Rechtstreeks met uw (ex) partner overleggen heeft de voorkeur, maar vaak is dit een lastige hobbel. Een wijziging van uw partneralimentatie kan alleen via de rechter plaatsvinden, wacht hier niet te lang mee. Wijziging met terugwerkende kracht is niet mogelijk (tenzij de rechter hiertoe beslist, maar dit komt zelden voor).

Vragen fiscaal jurist over partneralimentatie

Heeft u vragen of opmerkingen over partneralimentatie, bel ons gerust voor een vrijblijvende afspraak.

Partneralimentatie lagere aftrek [news] 5811

Schenking en echtscheiding

Veel mensen zijn getrouwd in gemeenschap van goederen, bij een echtscheiding worden dan alle bezittingen en schulden gelijk verdeeld. Als één van de partners tijdens het huwelijk een erfenis of schenking heeft ontvangen, valt dit soms binnen en soms buiten de gemeenschap van goederen. Soms spelen ook bepalingen uit een testament. In dit artikel behandelen wij een arrest van de Hoge Raad uit 2019.

Schenking, uitsluitingsclause en echtscheiding

De Hoge Raad heeft bepaald dat een schenking met uitsluitingsclausule die een vrouw tijdens een huwelijk ontvangt tot haar privé vermogen blijft behoren, ook als de man en de vrouw in gemeenschap van goederen zijn getrouwd en als de schenkingen bewust samen zijn uitgegeven.

In deze procedure ontving de vrouw tijdens het huwelijk met de man in totaal € 30.000 aan schenkingen. Bij de echtscheiding heeft de schenker een zogenaamde uitsluitingsclausule opgenomen (schenking mag niet in enig vermogen vloeien van een ander dan de begiftigde). De schenking wordt overgeboekt naar een gemeenschappelijke rekening van de man en de vrouw. Het geld wordt door de man en de vrouw gezamenlijk uitgegeven aan diverse privé zaken. Na de echtscheiding kregen de man en vrouw ruzie over de behandeling van de schenkingen, de vrouw is achteraf van mening dat de schenkingen buiten de gemeenschap moeten blijven. Tevens waren de man en vrouw het er niet over eens waar het geld aan was opgegaan, de man stelt aan vakanties en vrouw aan verbouwingen van de eigen woning.

De Hoge Raad is er vlot klaar mee:

  • Het maakt niet uit waar het geld aan is opgegaan / besteed.
  • Het maakt niet uit dat het geld is overgemaakt naar de gemeenschappelijke rekening.
  • Het maakt niet uit dat het geld in overleg en met medewerking van de vrouw is besteed aan gezamenlijke doelen.
  • De schenkingen zijn en blijven privé vermogen van de vrouw.
  • De schenkingen moeten als eigen vermogen van de vrouw worden gezien en aan haar worden toegedeeld.

Noot fiscaal jurist over schenkingen en echtscheiding

Schenkingen blijven meestal buiten het gezamenlijke vermogen. Bij een gemeenschap van goederen kan dit soms anders zijn. De Hoge Raad geeft hierbij een heldere visie op schenkingen bij een echtscheiding. Vorenstaande staat ook helder omschreven in artikel 1:94 lid 2 onder a van het BW:

  • ... goederen ten aanzien waarvan bij uiterste wilsbeschikking van de erflater of bij gift is bepaald dat zij buiten de gemeenschap vallen.

Dit is in het verleden ook al bevestigd door de Hoge Raad (HR 21 november 1980 NJ 1981, 193). Het Gerechtshof was in een eerdere uitspraak in deze zaak van mening dat de vrouw geen vorderingsrecht toekomt. De overwegingen van het Gerechtshof:

  • Het geld is niet besteed aan de eigen woning (zoals de vrouw stelt).
  • De besteding is niet meer traceerbaar en is op de gemeenschappelijke rekening geboekt.
  • Het geld is gezamenlijk geconsumeerd.
  • Partijen waren het eens over de besteding van het geld (kosten van de gezamenlijke huishouding).

Is de man (degene die de schenking niet krijgt) dan volledig kansloos? Zeker niet.

  • De man had feiten en omstandigheden moeten stellen om te bewijzen op grond waarvan het vergoedingsrecht van de vrouw niet geldend kan worden gemaakt. Dit kan bijvoorbeeld spelen indien er met het geld privé schulden van de vrouw zijn betaald of indien uitdrukkelijk (of stilzwijgend) is afgesproken dat de vrouw m.b.t. de uitgaven van de schenkingen geen aanspraak wilde maken op de schenkingen. Dit heeft de man niet aangetoond, dus heeft de vrouw recht op de schenkingen.

Bron echtscheiding en schenking of erfenis

Hoge Raad d.d. 5 april 2019 (ECLI:NL:HR:2019:504)

Gerechtshof d.d. 7 november 2017 (ECLI:NL:GHSHE:2017:4752)

Schenking echtscheiding [news] 6156

Alimentatie schriftelijk vastleggen

Fiscaal nieuws alimentatie

In het verleden was alimentatie aftrekbaar tegen het maximale tarief van 51,95%. De aftrek van alimentatie (en hypotheekrente) is de afgelopen jaren verlaagd. Vanaf 2020 ging dit sneller. Alimentatie (en hypotheekrente etc.) is in de toekomst tegen een lager tarief aftrekbaar de afbouw ziet er als volgt uit:

  • 2019: 46%
  • 2020: 46%
  • 2021: 43%
  • 2022: 40%
  • 2023: 37%

Afkoop van alimentatie kan dus beter vlot plaatsvinden. Als u alimentatie moet betalen aan uw voormalig partner dan kunt u eens overwegen om deze te herzien, de netto last neemt immers door de lagere aftrek toe. Heeft u vragen stuur dan gerust een e-mail of neem contact met ons op.

Als alimentatie niet schriftelijk is vastgelegd, is deze soms niet aftrekbaar bij de betalende partner. In dit artikel duiken wij eens in een uitspraak van de Rechtbank in 2019.

Niet schriftelijk vastgelegde alimentatie niet aftrekbaar

Henk en Truus gingen in 2004 een geregistreerd partnerschap aan. In 2014 liep dit op de klippen en werd het partnerschap beëindigd. De belangrijkste afspraken werden vastgelegd in een overeenkomst, de vaststellingsovereenkomst ontbinding geregistreerd partnerschap. In deze overeenkomst stond over alimentatie: "niet nodig, beide partners kunnen in hun levensonderhoud voorzien." Beide partners deden afstand van hun recht op partneralimentatie. In de aangifte Inkomstenbelasting 2016 nam Henk een aftrekpost op in de aangifte (ruim € 6.000), dit in het kader van een onderhoudsverplichting voor Truus. Truus kon niet rondkomen en daarom heeft Henk de hypotheekrente voor haar voldaan. De Rechtbank is het met de belastinginspecteur eens, de betaalde bedragen zijn niet aftrekbaar, Henk heeft niet aannemelijk gemaakt dat de betaalde bedragen waren bedoeld als partneralimentatie. Het zijn geen rechtstreeks uit het familierecht verrichte en / of verschuldigde betalingen.

Fiscale noot aftrekbare partneralimentatie

De wet Inkomstenbelasting is redelijk duidelijk over de aftrekbaarheid van partneralimentatie:

  • Uit artikel 6.1, eerste en tweede lid, Wet IB 2001 volgt dat de persoonsgebonden aftrek onder andere bestaat uit uitgaven voor onderhoudsverplichtingen. Deze zijn omschreven in artikel 6.3, eerste lid, van de Wet IB 2001, welke bepaling voor zover hier van belang als volgt luidt:
  • “1. Onderhoudsverplichtingen zijn:

    a. periodieke uitkeringen en verstrekkingen op grond van een rechtstreeks uit het familierecht voortvloeiende verplichting, tenzij deze worden gedaan aan bloed- of aanverwanten in de rechte lijn of in de tweede graad van de zijlijn;(…)
  • f. in rechte vorderbare periodieke uitkeringen en verstrekkingen die berusten op een dringende morele verplichting tot voorziening in het levensonderhoud.”

In de vaststellingsovereenkomst stond geen enkele verplichting tot het betalen van partneralimentatie. Partijen hadden dit dus in 2014 beter en zorgvuldiger moeten vastleggen. Een redelijke verdeling van de bewijslast brengt met zich dat Henk (en / of Truus) de feiten en omstandigheden aannemelijk moet maken waaruit volgt dat de door hem gedane betalingen kunnen worden aangemerkt als aan zijn ex-partner gedane betalingen in het kader van onderhoudsverplichtingen als bedoeld in artikel 6.3 Wet IB 2001. Dit is met een paar bankafschriften niet voldoende duidelijk gemaakt. De verplichting om te moeten betalen is niet schriftelijk vastgelegd. Tevens is niet duidelijk of de betalingen de titel van partneralimentatie moeten krijgen.

Een zijsprong via de "dringende morele verplichting " ex artikel 6.3 eerste lid letter f had wellicht nog gekund maar in rechte had Truus niks te vorderen.

Al met al is dit een voorbeeld van een slechte voorbereiding en een niet juist gevoerde procedure. Er hadden bijvoorbeeld verklaringen van Truus moeten liggen of een nadere overeenkomst.

Bron niet aftrekbare partner alimentatie

Rechtbank Den Haag 15 oktober 2019 ECLI:NL:RBDHA:2019:14410

Alimentatie schriftelijk vastleggen [news] 6360

DGA-salaris en rekening-courantschuld

DGA en niet uitbetalen salaris

In deze barre tijden staan bij veel ondernemers de resultaten onder (zware) druk. Huur, onderhoud en personeel kunnen niet meer betaald worden. Als ook de coronamaatregelen van de overheid niet voldoende zijn en de financiering niet meer rond gekregen kan worden, zal de directeur-grootaandeelhouder (DGA) alles doen om de tent overeind te houden.

Vaak zien we dat het eigen loon van de DGA dan maar niet wordt uitbetaald. Dat kan pijnlijke gevolgen hebben, zoals hierna zal blijken.

Update 17 juni 2020

Het wetsvoorstel inzake excessief lenen ligt sinds 17 juni 2020 bij de tweede kamer (dit voorstel kunt u hier raadplegen). Vanaf 2023 worden DGA's (AB houders) beperkt in het geld lenen van hun BV (tot maximaal € 500.000), met uitzondering van bestaande eigenwoning schulden. Het gaat om 11.000 DGA's die iets moeten veranderen in de afspraken met hun BV.

De DGA kan zijn salaris niet uitbetalen

Hugo was DGA van zijn eigen vennootschap ‘Profileringsdrang B.V.’ Daar staat hij op de loonlijst voor een schamele € 32.000, waarover de B.V. keurig loonheffing aangeeft. Zoals wel vaker bij een DGA, heeft ook hij een schuld in rekening-courant aan de B.V. Die is ruim 7 ton. Royaal, maar kan gebeuren.

Op enig moment gaan de zaken slecht, zeer slecht. ‘Profileringsdrang B.V.’ kan door liquiditeitsproblemen het loon van Hugo niet meer betalen. Hugo krijgt dus niet uitbetaald. Dat neemt hij dan ook op in zijn aangifte inkomstenbelasting, loon is nul.

De belastinginspecteur is het daar niet mee eens en neemt de € 32.000 wel in aanmerking als genoten looninkomsten.

Hugo, assertief van nature, pikt het niet een stapt naar de rechter.

De rechter pelt de zaak keurig af en stelt vast dat het loon door Hugo gewoon vorderbaar is, omdat het behoort tot het tussen Hugo en de B.V. overeengekomen afspraken. Ook stelt de rechter vast dat het loon voor Hugo te innen is bij ‘Profileringsdrang B.V.’ omdat zonder verder verwijl betaling door de B.V. zal plaatsvinden (Hugo is er immers de baas).

Voor niet-fiscalisten is dat moeilijk te vatten, maar de crux zit hem in de schuld die Hugo aan de B.V. heeft.

De rechter stelt vast dat die rekening-courantschuld een zodanige waarde (omvang) had, dat daarmee het loon van € 32.000 kon worden verrekend.  Verrekenen is ook een vorm van innen, dus is het loon ‘gewoon’ genoten en daarmee belast.

Hugo probeert het nog door aan te voeren dat hij door de hele malaise in zijn levensstandaard achteruit is geboerd. Ook dat baat hem niet. De aanslag is terecht. Als hij niet kan betalen, moet hij maar een regeling treffen met de ontvanger (en dat is een ander loket). Tot en met de hoogste rechter (Hoge Raad) vangt Hugo bot.

Noot fiscaal jurist inzake DGA-loon en rekening-courantschuld aan B.V.

Als uw vennootschap niet meer in staat is uw salaris te betalen, trek dan tijdig aan de bel. Dan kunnen we samen bezien op welke wijze het loon kan worden verlaagd of kan worden voorkomen dat niet feitelijk ontvangen loon toch wordt belast.

In deze bijzondere tijden kan dat onder andere op basis van de volgende regeling.

Coronamaatregel gebruikelijk loon DGA

Als de coronacrisis grote gevolgen heeft voor omzet en liquiditeit, kan de DGA voor 2020 tijdelijk een lager maandloon afspreken. Het gebruikelijk loon is € 3.833 per maand. De DGA mag vanwege de coronacrisis het gebruikelijk loon achteraf bepalen, maar niet al genoten loon met terugwerkende kracht verlagen. Kijk ook naar dit artikel:  DGA_en_corona_maatregelen

Bronnen bij ‘DGA en niet uitbetalen salaris’

Hof Den Haag

Hoge Raad

DGA_en_coronamaatregelen

DGA salaris en rekening courant [news] 2020-05-18 0000-00-00 0000-00-00 6578

Advocaatkosten aftrekbaar bij echtscheiding

Sommige scheidingskosten, zoals advocaatkosten / advieskosten zijn aftrekbaar. De Belastingdienst kijkt scherp naar de verdeling van de kosten van uw advocaat. Zorg er dus voor dat uw advocaat helder en duidelijk aangeeft (specificatie bij factuur) welke kosten waarmee samenhangen.

In het algemeen kunt u ervan uitgaan dat de kosten die u moet maken om partneralimentatie (inkomen) te krijgen aftrekbaar zijn. Overige advocaatkosten zijn niet aftrekbaar.

Wanneer bent u gescheiden?

Vanaf het moment dat u geen fiscaal partner meer bent kunt u kosten aftrekken. U bent daadwerkelijk gescheiden / geen fiscaal partner meer als u niet meer op hetzelfde adres woont (staat ingeschreven) en het verzoek tot echtscheiding is gedaan. Vanaf het moment dat u geen fiscaal partner meer bent, kunt u zelfstandig aangifte doen en zelf kosten aftrekken van uw inkomen.

Soms (bijvoorbeeld bij een afkoop van alimentatie) is het verstandig om nog even fiscaal partner te blijven. Dit is sterk afhankelijk van de feiten en omstandigheden.

Advocaatkosten die NIET aftrekbaar zijn bij een echtscheiding

  1. De kosten voor een procedure (echtscheiding) zijn in principe niet aftrekbaar.
  2. De alimentatiebetaler mag kosten voor een procedure omtrent een alimentatieplicht (of aanpassing van de alimentatie) niet aftrekken.
  3. Advocaatkosten in verband met kinderalimentatie zijn niet aftrekbaar (niet voor betaler en ook niet voor ontvanger).

Advocaatkosten die WEL aftrekbaar zijn bij een echtscheiding

De kosten die de alimentatie-ontvanger heeft betaald / gemaakt om partneralimentatie te verkrijgen (of herzieningsprocedure), behouden of te verhogen zijn aftrekbaar. De uiteindelijke partneralimentatie moet daarna wel vaststaan (in echtscheidingsconvenant of uitspraak van een rechter). Het kan hierbij gaan om kosten van een (belasting-)adviseur, jurist, advocaat en de proceskosten. De kosten voor een deurwaarder / incassobureau mogen ook als aftrekposten worden opgevoerd.

Procedure inzake advocaatkosten en echtscheiding

Jan en Truus gaan scheiden. Er is discussie over de waarde en verdeling van de levensverzekeringen. De advocaatkosten die met de (civiele) procedure samenhangen zijn niet aftrekbaar (Gerechtshof Arnhem - Leeuwarden d.d. 31 maart 2015).

Advocaatkosten aftrekbaar bij scheiding [news] 4502

Echtscheiding en eigen woning

Als u gaat scheiden met een eigen woning, dan komt u aan het lezen en nadenken. Dit is fiscaal lastig en soms erg onvoordelig. In de praktijk zijn er vele adviseurs met verschillende meningen. In dit artikel een uitleg over de feiten en enige jurisprudentie. Veel voorkomende fouten zijn:

  • hypotheekrenteaftrek;
  • te laat scheiden / einde fiscaal partnerschap;
  • erfgenaam van elkaar blijven;
  • hoofdelijke aansprakelijkheid hypotheek blijft bestaan na echtscheiding.

Voorbeeld eigen woning en echtscheiding

Truus en Henk zijn getrouwd en hebben 2 kinderen. Ze zijn gezamenlijk eigenaar van een woning. Op de woning rust een hypotheek, beide zijn hoofdelijk aansprakelijk voor de schuld. De echtscheiding wordt uitgesproken en Henk laat zich uitschrijven uit de woning en gaat bij zijn vader en moeder wonen. Truus blijft met de kinderen in de woning wonen, dit in afwachting van een verkoop van de woning. Truus krijgt de hypotheekrenteaftrek (wordt ook door haar betaald), ze is echter voor 50% eigenaar van de woning. Vanaf het moment dat Henk vertrekt, eindigt ook het fiscaal partnerschap tussen Truus en Henk. In dit geval is 50% van de hypotheekrente aftrekbaar en niet 100%. Truus moet ook 50% van het eigenwoningforfait aangeven.

Voor Henk zal een speciale regeling gelden. Gedurende 2 (of 30 jaar na de echtscheiding / het verlaten van de woning mag Henk 50% van de woning aanmerken als "fictieve eigen woning". Als Henk dan ook 50% van de hypotheekrente heeft betaald, mag hij deze fiscaal aftrekken. In het jaar van de echtscheiding mag nog worden gekozen voor fiscaal partnerschap.

Deze kwestie is eenvoudig op te lossen:

  • Truus voldoet 50% van de hypotheekrente;
  • Truus betaalt 50% van de hypotheekrente als partneralimentie aan Henk;
  • Truus kan hierdoor 100% van de betaling aftrekken;
  • Henk moet over de partneralimentatie in box 1 belasting betalen;
  • Henk voldoet 50% van de hypotheekrente en deze is dan in box 1 aftrekbaar;
  • Henk moet 50% van het eigenwoningforfait opgeven, maar mag dit ook aftrekken als ter beschikking gesteld woongenot (onderhoudsverplichting richting Truus);
  • Per saldo is bij Henk niets belast en bij Truus alles aftrekbaar;
  • Maximale termijn 2 (of 3) jaar;
  • Is de woning na 2 jaar nog niet verkocht, dan moet deze voor 100% worden toegedeeld aan Truus.

Uitspraak echtscheiding en eigen woning

Het Gerechtshof Den Bosch heeft zich in 2015 gebogen over de hypotheekrente bij een echtscheiding. Volgens de rechter heeft de man recht op 50% van de renteaftrek op een eigen woning. X en Y zijn getrouwd en gaan in 2006 gescheiden leven. In 2008 wordt de daadwerkelijke echtscheiding uitgesproken. X blijft in de woning wonen, Y voldoet de hypotheekrente en trekt in zijn aangifte inkomstenbelasting 2009 (dus na de echtscheiding) € 20.000 af als partneralimentatie. Y en X zijn beide eigenaar van de woning. De inspecteur is het hier niet mee eens. De Rechtbank is het met de inspecteur eens en Y gaat in hoger beroep bij het Gerechtshof. Het Gerechtshof komt tot de volgende overwegingen:

  • Vooruitlopende op de definitieve echtscheiding is een voorlopige voorziening tussen X en Y (mondeling) overeengekomen.
  • Y zou de woonlasten blijven dragen.
  • Er is een mondelinge overeenkomst tussen partijen.
  • 50% Van de woonlasten zijn als onderhoudsverplichting bij Y aftrekbaar.
  • Er is € 6.000 aftrekbaar bij Y.  

Conclusie eigen woning en echtscheiding

Veelal zijn er advocaten (zonder of beperkte fiscale kennis) aan het woord gedurende een echtscheiding. Het is verstandig om tijdens dit traject een fiscaal jurist te laten meekijken. Dit kan veel fiscale en financiële problemen voorkomen dan wel een substantieel voordeel opleveren. Denk bij een echtscheiding ook aan:

  • aanpassen van uw testament;
  • aanpassen verzekeringen (zoals overlijdensrisicoverzekeringen);
  • bankrekeningen scheiden.

Echtscheiding en eigen woning [news] 4505

Advocaatkosten echtscheiding in bedrijf aftrekbaar

Voor de wet is elke echtscheiding gelijk, in de praktijk ligt dit vaak anders. Een echtscheiding van een ondernemer of DGA is vaak complexer omdat zijn inkomen en vermogen niet altijd even duidelijk zijn. Wij adviseren vaak bij echtscheidingen, dit veelal in overleg met een advocaat, mediator of notaris. Wij kijken dan naar de volgende onderdelen:

  1. Wat is nu echt de waarde van de onderneming?
  2. Grondslagen voor de partneralimentatie (verhouding salaris, management fee, dividend en winst) 
  3. Dividend en geldstromen binnen de onderneming
  4. Waardering pensioen / fiscale oudedagsreserves
  5. Fiscale structuren na de echtscheiding
  6. Is er met winsten geschoven?

Bedrijfskosten aftrekbaar

Van de opbrengsten binnen een bedrijf mogen zakelijke kosten worden afgetrokken. Alleen de kosten die de ondernemer (of rechtspersoon) maakt voor de zakelijke belangen van de onderneming zijn aftrekbaar. Zakelijke kosten zijn kosten die binnen redelijke grenzen nodig zijn voor de uitoefening van de onderneming en de kosten die rechtstreeks op de onderneming betrekking hebben. Andere kosten zijn nietaftrekbaar. Hoe zit dit met advocaatkosten tijdens een echtscheidingsprocedure waarbij een onderneming betrokken is?

Procedure inzake advocaatkosten bij onderneming

Een bedrijf kent de man en de vrouw als aandeelhouder. De man en de vrouw gaan scheiden. Er wordt over veel dingen geprocedeerd, onder meer: "wie mag de aandelen verkrijgen?" De vrouw heeft al 90% van de aandelen en verkrijgt via de rechter ook de aandelen van de man. De advocaatkosten worden door het bedrijf afgetrokken van de winst. Hoewel de toedeling ziet op de privé belangen van de vrouw, zijn toch 20% van de advocaatkosten (volgens de rechter) aftrekbaar. De reden: "de man heeft een strafblad en de onderneming zou haar vergunning kunnen verliezen als de man aandeelhouder zou blijven."

Advocaatkosten aftrekbaar

Advocaatkostenzijn binnen de fiscale aangifte beperkt aftrekbaar. De algemene stelregel is dat advocaatkosten aftrekbaar zijn indien deze zijn gemaakt voor het verkrijgen van partneralimentatie. Als ontvanger van partneralimentatie zijn dan naar de advocaatkosten ook telefoonkosten, portokosten, reiskosten en incassokosten aftrekbaar.  

Noot fiscaal jurist inzake advocaatkosten als ondernemingskosten

De advocaatkosten bij een echtscheiding zijn niet zo vaak aftrekbaar binnen de onderneming of de B.V. Als de onderneming of de B.V. echter een belang heeft, dan zijn (een deel van) de kosten wel aftrekbaar. In casu ging het om een raamprostitutiebedrijf, edoch dit maakt voor de feiten geen verschil. Een echtscheiding bij een ondernemer of DGAgeeft vaak veel meer discussie dan een reguliere echtscheiding, de belangrijkste discussie punten zijn dan de grondslagen voor de partneralimentatie (met winst/ dividend of zonder) en de waardering van de onderneming.

Een ander veel voorkomende probleem betreft de hypotheekrente van de eigen woning, lees hiervoor dit artikel.

Bron advocaatkosten aftrekbaar

Gerechtshof Amsterdam d.d. 7 juni 2016 (ECLI NL GHAMS 2016 2438).

Gerechtshof Amsterdam d.d. 21 oktober 2010, ECLI:NL:GHAMS:2010:BO4792.

Advocaatkosten echtscheiding in bedrijf aftrekbaar [news] 4959

Waardebepaling onderneming bij echtscheiding

Advisering inzake waardebepaling onderneming bij echtscheiding

Wij adviseren wekelijks ondernemers en partners van ondernemers die discussie hebben over de waarde van een eenmanszaak, VOF of B.V. Soms vindt de advisering op verzoek van een gespecialiseerde echtscheidingsadvocaat of mediator plaats. Door een praktische insteek met voldoende theoretische en wettelijke verwijzingen volgen rechters onze insteek. Dit voorkomt eindeloze discussies en kosten van deskundigen die vaak worden aangewezen door rechters.

Waarde of prijs van een onderneming bij echtscheiding

De waarde van een onderneming wordt veelal bepaald op grond van een berekeningsmethode, veelal de DCF-methode (discounted cash flow methode). Bij een echtscheiding moeten zaken echter worden gewaardeerd op de waarde in het economische verkeer en niet op de economische waarde. Waarde in het economische verkeer is "de prijs die op het meest geschikte moment op de meest geschikte wijze na de beste voorbereiding door de meest biedende gegadigde voor de onderneming wordt geboden en betaald". Het gaat hierbij dus niet direct om de waarde, maar om de prijs: "wat kun je ervoor krijgen?" Wat is van belang:

  1. Is er sprake van persoonlijke goodwill ?
  2. Zijn er stille reserves ?
  3. Moet er rekening worden gehouden met een belastinglatentie ?
  4. Wat is een normale beloning voor de DGA of ondernemer?
  5. Zijn er meerdere eigenaren waardoor verkopen aan derde lastiger is?
  6. Zijn er specifieke vergunningen / kennis / opleidingen nodig ?
  7. Zijn er partijen die de onderneming willen kopen ?
  8. Is de onderneming na verkoop nog levensvatbaar?

Echtscheiding en waarde bedrijf

Een accountantsbenadering van de waarde van een onderneming bij een echtscheiding werkt meestal niet. Bij een accountantsbenadering moet u denken aan:

  1. intrinsieke waarde;
  2. rentabiliteitswaarde;
  3. rendementswaarde;
  4. verbeterde rentabiliteitswaarde;
  5. DCF-methode;
  6. combinatie van ad 1 - 5 (met weging of zonder wegingsfactoren).

Bij de waardering van de onderneming spelen emoties vaak de boventoon. Als partijen recht tegenover elkaar staan en al een tijdje aan het schrijven / procederen zijn, is het lastig een middenweg te vinden. Komen partijen er niet uit, dan wordt vaak een waarderingsdeskundige aangesteld, dit met alle kosten van dien. Tevens zal de waardering van de onderneming invloed hebben op de alimentatiegrondslagen. Een DGA kan immers zijn eigen salaris vaststellen en moet bij een financiering van de waarde van de onderneming (soms) een lening aangaan, deze lening drukt het rendement van de onderneming.

Vragen over waarde onderneming bij echtscheiding

Als u vragen of opmerkingen heeft, kom gerust eens langs voor een vrijblijvend gesprek.

Waardebepaling onderneming bij echtscheiding [news] 5320

Draagkracht van een DGA berekenen

Bij het bepalen van de draagkracht van een directeur-grootaandeelhouder is vaak discussie over winsten in de B.V. of aanwezige reserves (eigen vermogen). Hoewel dit "voer" is voor advocaten en veel discussies, hebben wij geprobeerd u hierin eenvoudig enig inzicht te geven. Wij merken nog te vaak dat advocaten erg goed de regels en wetten kennen, maar minder sterk zijn in de financiële kant van het verhaal. Bij een echtscheiding tevens een fiscaal jurist inschakelen is daarom verstandig.

Is de dividendreserve van bepaling voor de draagkracht van een DGA?

Een DGA ontvangt een salaris en daarnaast maakt zijn B.V. winst. De winsten blijven achter in de B.V. omdat deze nog niet in privé nodig zijn en noodzakelijk zijn voor investeringen (of reserves) binnen de de B.V. In een casus bij het Gerechtshof Den Haag (25 mei 2016 ECLI:NL:GHDHA:2016:1890) kwam de vraag aan de orde of de aanwezige winstreserves in de B.V. moesten meetellen voor de draagkracht van een DGA. De man is van mening dat de winst / dividendreserve niet moet worden meegewogen omdat deze moet worden aangehouden voor de continuïteit van zijn onderneming. Zowel de Rechtbank als het Gerechtshof zijn het met de man eens. Dat er winstreserves aanwezig zijn wil nog niet zeggen dat er ruimte is voor een dividenduitkering. Dit is ter beoordeling van de bestuurders van de B.V. Daarbij dient er rekening te worden gehouden met de wettelijke verplichtingen uit hoofde van boek 2 BW en de belangen van de vennootschap, aldus het Gerechtshof.

De vrouw stapt naar de Hoge Raad (Hoge Raad d.d. 19 mei 2017 ECLI:NL:2017:934) en krijgt gelijk. Bij de beoordeling van dit vraagstuk moet er worden gekeken naar:

  • de inkomsten die worden verworven;
  • de inkomsten die kunnen worden verworven.

Het gaat daarbij niet alleen om het salaris, maar ook om de inkomsten in de B.V. De zaak wordt verwezen naar een ander Gerechtshof.

Noot fiscaal jurist over draagkracht DGA / ondernemer

Vaak wordt er tussen echtelieden ruzie gemaakt over de winsten in de B.V. of de winsten uit het verleden. Moeten deze worden meegenomen bij de berekening van de draagkracht van de DGA? Het is redelijk vaste jurisprudentie dat opnamen in rekening-courant met de B.V. niet als inkomen hoeven te worden gezien. De lening moet immers worden terugbetaald. Of gemaakte winsten of winstreserves moeten worden meegenomen is een geheel andere vraag. Er is altijd een spanningsveld tussen:

  1. dividendreserve nodig voor de B.V. (en haar continuïteit);
  2. dividendreserve duurzaam overtollig en beschikbaar als inkomen voor de DGA.

Een DGA (bestuurder) heeft een zekere vrijheid om te bepalen wat hij / zij met het geld in de B.V. gaat doen. Een rechter zal dit vaak terughoudend toetsen. De rechter zal de met het oog op een goede bedrijfsvoering en gezonde financiële toekomst van de B.V. gemaakte keuzes van de DGA in beginsel moeten respecteren, tenzij bijvoorbeeld vast zou komen te staan dat de keuze van de DGA vooral is ingegeven om zijn alimentatiedraagkracht te drukken of hij anderszins een keuze heeft gemaakt die geen redelijk denkend ondernemer in dezelfde branche zou hebben gemaakt.

De bewijslast ligt bij de DGA, hij / zij moet bewijzen (met stukken) dat de gelden nodig zijn voor de onderneming / B.V. Stukken die hiervoor noodzakelijk zijn:

  • jaarrekening;
  • kasstroomoverzicht;
  • sterkte- en zwakte-analyse van de onderneming;
  • ontwikkelingen in de branche;
  • verklaringen van een deskundige (bijvoorbeeld de accountant);
  • prognoses voor de toekomst.

De centrale vraag is dus of er gemotiveerd wordt bewezen dat winsten moeten worden opgepot en voor welk deel.

Draagkracht DGA berekenen [news] 5683

Afkoop alimentatie kan netto

Fiscaal nieuws alimentatie

In het verleden was alimentatie aftrekbaar tegen het maximale tarief van 51,95%. De aftrek van alimentatie (en hypotheekrente) is de afgelopen jaren verlaagd. Vanaf 2020 ging dit sneller. Alimentatie (en hypotheekrente etc.) is in de toekomst tegen een lager tarief aftrekbaar de afbouw ziet er als volgt uit:

  • 2019: 46%
  • 2020: 46%
  • 2021: 43%
  • 2022: 40%
  • 2023: 37%

Afkoop van alimentatie kan dus beter vlot plaatsvinden. Als u alimentatie moet betalen aan uw voormalig partner dan kunt u eens overwegen om deze te herzien, de netto last neemt immers door de lagere aftrek toe. Heeft u vragen stuur dan gerust een e-mail of neem contact met ons op.

Met enige regelmaat ben ik betrokken bij echtscheidingen van ondernemers / DGA's. In de meeste gevallen word ik hierbij ingeschakeld door de (ex-)partner van de ondernemer / DGA.  De discussies die ontstaan hebben veelal betrekking op de waarde van de onderneming, de uitleg van huwelijkse voorwaarden, ontvangen schenkingen, maar zeker ook het bepalen van de draagkracht van de ondernemer.

Afkoop alimentatie bij ondernemers

Als partners uit elkaar gaan, wil men het liefst financieel volledig afscheid nemen. Volledig afscheid nemen is vaak door de kinderen (of toekomstig pensioen) niet mogelijk. Financieel afscheid nemen kan worden vormgegeven via de afkoop van alimentatie en de verrekening van toekomstige pensioenen. Steeds meer mannen en vrouwen willen niet meer financieel aan elkaar verbonden zijn door maandelijkse partneralimentatie. Recent riep een ondernemer hierover nog: "weggegooid geld, mijn ex ga ik niet nog 12 jaar ondersteunen." De ontvanger van de alimentatie wil vaak ook niet van de ex afhankelijk zijn:

  • Wordt de alimentatie wel op tijd betaald?
  • Kan de ondernemer in de toekomst nog wel betalen?
  • Loop ik risico op zijn ondernemerschap?
  • Komen er nog toekomstige procedures als zijn of haar bedrijf slechter draait? 

Bovenstaande geeft stress.  Een afkoop van alimentatie kan deze stress voorkomen. Maar hoe doe je dit fiscaal voordelig?

Netto afkoop van alimentatie

Henk is ondernemer en wil zijn vrouw eenmalig een afkoopsom betalen voor de toekomstige alimentatie. Wettelijk moet Henk 10 jaar betalen. Hij komt echter via een mediator met zijn vrouw overeen dat hij ineens de contante waarde voor de komende 8 jaar zal betalen, een bedrag van € 300.000. De vrouw is het hiermee eens, maar wil dit bedrag dan wel in één keer netto op haar bankrekening. Omdat de man en vrouw in 2021 nog fiscaal partner zijn, kan in 2021 de afkoop netto worden betaald, mits beide partners in 2021 ervoor kiezen elkaars partner te zijn. Dit kan ook als de partners niet geheel 2021 elkaars fiscale partner zijn. Echtgenoten kunnen nog het hele jaar waarin het verzoek tot echtscheiding is ingediend een aangifte Inkomstenbelasting indienen alsof ze fiscaal partner zijn (artikel 2:17 lid 7 Wet op de Inkomstenbelasting 2001). De man kan niet alleen zijn eigen aftrekpost, maar ook de verschuldigde heffing van zijn vrouw in zijn eigen aangifte opnemen. Door deze aangifte vallen de aftrekpost en de verschuldigde heffing tegen elkaar weg. Al met al "netto afkoop van alimentatie". Eventueel kan de betaling ook in termijnen plaatsvinden, dit overleggen wij veelal met de Belastingdienst. Aandachtspunt is wel dat u er vroegtijdig over nadenkt. Als een verzoek tot echtscheiding in 2020 is ingediend en in 2021 wordt besloten tot afkoop, bent u te laat, dit kan dus niet.

Termijn partneralimentatie sinds 2020

De termijn voor de partneralimentatie is sinds 2020 aangepast in standaard 5 jaar. Er bestaan op deze termijn veel uitzonderingen. De belangrijkste:

  1. Termijn korter: als het huwelijk korter dan 10 jaar heeft geduurd, is de termijn 50% van de duur van het huwelijk of het geregistreerde partnerschap. Bij 6 jaar gehuwd zijn is de termijn dus 3 jaar. Hierop bestaan weer uitzonderingen. De belangrijkste is dat, als u samen kinderen heeft (einde alimentatie als jongste kind 12 jaar is geworden).
  2. Heeft huwelijk (of partnerschap) minimaal 15 jaar geduurd? Krijgt uw ex-partner binnen 10 jaar AOW? Dan moet u alimentatie betalen tot dat uw partner AOW ontvangt.
  3. Bent u geboren vóór 1 januari 1970? Duurde uw huwelijk of partnerschap langer dan 15 jaar? Krijgt u over meer dan 10 jaar AOW? Dan is de termijn 10 jaar.

De partneralimentatie stopt als uw ex-partner opnieuw gaat trouwen. De alimentatie kan hoger of lager worden als u of uw ex-parter meer of minder gaat verdienen. U kunt ook anders overeenkomen in het echtscheidingsconvenant.

Vragen over echtscheiding bij ondernemers

Wilt u een vrijblijvend gesprek over een echtscheiding bij ondernemers of een DGA. dan kunt u contact opnemen met de heer mr. D.J.B. Jongbloed. Hij is vaak betrokken bij dergelijke procedures. De uiteindelijke echtscheiding zal altijd in overleg met een advocaat plaatsvinden.

Afkoop alimentatie kan netto [news] 7100

Echtscheiding en hypotheekrente

Echtscheiding en eigen woning bij achterblijvende partner

Tamara gaat scheiden in 2018. Ze blijft tot het moment van levering van de woning in de woning wonen. Tamara voldoet alle hypotheekrente en trekt deze (deels als betaalde alimentatie) af in haar aangifte inkomstenbelasting. De inspecteur is het niet met Tamara eens, de rechter ook niet. Volgens beiden is 50% van de hypotheekrente aftrekbaar.

Procedure echtscheiding en hypotheekrente

Tamara en Henk gaan in 2018 scheiden, er is geen echtscheidingsconvenant gesloten. In de echtscheidingsbeschikking staat dat Tamara gerechtigd is om in de eigen woning te blijven wonen tot de datum van levering. Dit onder de voorwaarde dat Tamara 100% van de hypotheekrente gaat betalen. De overwaarde van de eigen woning komt toe aan Henk en Tamara, voor gelijke delen. Tamara neemt in haar aangifte inkomstenbelasting € 4.500 op als betaalde alimentatie. Tevens brengt ze € 4.500 in aftrek als hypotheekrente.

De inspecteur is van mening dat de betaalde alimentatie niet kan worden afgetrokken. Tamara heeft volgens de inspecteur recht op een aftrek van 50% van de door haar betaalde hypotheekrente. De rechter is het met de inspecteur eens.

  • Uit de echtscheidingsbeschikking volgt namelijk, aldus de rechtbank, dat de door Tamara betaalde hypotheekrente, voor zover deze betrekking heeft op het aan haar ex-echtgenoot (Henk) toerekenbare deel van de woning, heeft gestrekt tot vergoeding voor het gebruik van de woning. De rechtbank acht het niet aannemelijk dat de rentevergoeding tot doel had om Henk te voorzien in zijn levensonderhoud. 
  • Daarbij neemt de rechtbank in aanmerking dat de rentevergoeding ophield bij verkoop van de woning en dat daar niet een andere vergoeding of betalingsverplichting voor in de plaats is gekomen.
  • De woning is voor Tamara voor 50% aan te merken als eigen woning. 50% Van de hypothecaire schuld is voor Tamara aan te merken als eigenwoningschuld. De overige 50% kan naar het oordeel van de rechtbank dus niet als eigenwoningschuld in aanmerking worden genomen, wat betekent dat de daarmee corresponderende hypotheekrente niet bij Tamara aftrekbaar is.

Noot fiscaal jurist en echtscheiding

Bovenstaande situatie was via een eenvoudig fiscaal advies op te lossen. Als Henk de woning verlaat, kan hij de betaalde hypotheekrente nog 2 jaar aftrekken. Het bedrag van het eigenwoningforfait kan worden opgegeven als partneralimentatie. Koopt Henk direct na zijn vertrek een nieuwe woning, dan kan hij gedurende 2 jaar de hypotheekrente voor beide woningen aftrekken, mits Henk de hypotheekrente ook heeft voldaan. De gebruikelijke regeling is dus de volgende:

  1. Henk vertrekt uit de woning en Tamara blijft er wonen.
  2. Henk stelt zijn aandeel in de eigen woning beschikbaar aan Tamara. Dit is een vorm van (aftrekbare) partneralimentatie (in natura) welke wordt gewaardeerd op het eigenwoningforfait (dus per saldo nihil).
  3. Tamara ontvangt een belaste partneralimentatie (in de vorm van woongenot) die wordt gewaardeerd op hetzelfde bedrag (als bij Henk).
  4. Als Henk alle rente zou betalen (dus ook voor aandeel Tamara), dan is dit bij Henk aftrekbaar als partneralimentatie en bij Tamara belast als partneralimentatie. Tamara mag hierop haar aandeel van de hypotheekrente in mindering brengen.

Doordat er in deze casus een (verkeerde en anders luidende) beschikking lag, ging het in deze casus niet goed. Het is belangrijk dat u in overleg met een fiscaal jurist en een advocaat uw echtscheiding goed en zorgvuldig regelt. Zijn er vragen, stuur ons dan gerust een e-mail via onderstaand formulier.

Bron eigen woning, echtscheiding en hypotheekrente

Rechtbank Noord-Nederland d.d. 6 augustus 2021 ECLI:NL:RBNNE:2021:3392

Echtscheiding en hypotheekrente [news] 7186

Advocaatkosten echtscheiding in bedrijf aftrekbaar

Voor de wet is elke echtscheiding gelijk, in de praktijk ligt dit vaak anders. Een echtscheiding van een ondernemer of DGA is vaak complexer omdat zijn inkomen en vermogen niet altijd even duidelijk zijn. Wij adviseren vaak bij echtscheidingen, dit veelal in overleg met een advocaat, mediator of notaris. Wij kijken dan naar de volgende onderdelen:

  1. Wat is nu echt de waarde van de onderneming?
  2. Grondslagen voor de partneralimentatie (verhouding salaris, management fee, dividend en winst) 
  3. Dividend en geldstromen binnen de onderneming
  4. Waardering pensioen / fiscale oudedagsreserves
  5. Fiscale structuren na de echtscheiding
  6. Is er met winsten geschoven?

Bedrijfskosten aftrekbaar

Van de opbrengsten binnen een bedrijf mogen zakelijke kosten worden afgetrokken. Alleen de kosten die de ondernemer (of rechtspersoon) maakt voor de zakelijke belangen van de onderneming zijn aftrekbaar. Zakelijke kosten zijn kosten die binnen redelijke grenzen nodig zijn voor de uitoefening van de onderneming en de kosten die rechtstreeks op de onderneming betrekking hebben. Andere kosten zijn nietaftrekbaar. Hoe zit dit met advocaatkosten tijdens een echtscheidingsprocedure waarbij een onderneming betrokken is?

Procedure inzake advocaatkosten bij onderneming

Een bedrijf kent de man en de vrouw als aandeelhouder. De man en de vrouw gaan scheiden. Er wordt over veel dingen geprocedeerd, onder meer: "wie mag de aandelen verkrijgen?" De vrouw heeft al 90% van de aandelen en verkrijgt via de rechter ook de aandelen van de man. De advocaatkosten worden door het bedrijf afgetrokken van de winst. Hoewel de toedeling ziet op de privé belangen van de vrouw, zijn toch 20% van de advocaatkosten (volgens de rechter) aftrekbaar. De reden: "de man heeft een strafblad en de onderneming zou haar vergunning kunnen verliezen als de man aandeelhouder zou blijven."

Advocaatkosten aftrekbaar

Advocaatkostenzijn binnen de fiscale aangifte beperkt aftrekbaar. De algemene stelregel is dat advocaatkosten aftrekbaar zijn indien deze zijn gemaakt voor het verkrijgen van partneralimentatie. Als ontvanger van partneralimentatie zijn dan naar de advocaatkosten ook telefoonkosten, portokosten, reiskosten en incassokosten aftrekbaar.  

Noot fiscaal jurist inzake advocaatkosten als ondernemingskosten

De advocaatkosten bij een echtscheiding zijn niet zo vaak aftrekbaar binnen de onderneming of de B.V. Als de onderneming of de B.V. echter een belang heeft, dan zijn (een deel van) de kosten wel aftrekbaar. In casu ging het om een raamprostitutiebedrijf, edoch dit maakt voor de feiten geen verschil. Een echtscheiding bij een ondernemer of DGAgeeft vaak veel meer discussie dan een reguliere echtscheiding, de belangrijkste discussie punten zijn dan de grondslagen voor de partneralimentatie (met winst/ dividend of zonder) en de waardering van de onderneming.

Een ander veel voorkomende probleem betreft de hypotheekrente van de eigen woning, lees hiervoor dit artikel.

Bron advocaatkosten aftrekbaar

Gerechtshof Amsterdam d.d. 7 juni 2016 (ECLI NL GHAMS 2016 2438).

Gerechtshof Amsterdam d.d. 21 oktober 2010, ECLI:NL:GHAMS:2010:BO4792.

Advocaatkosten echtscheiding in bedrijf aftrekbaar [news] 4959 Echtscheiding en belastingen]]>

DGA pensioen bij echtscheiding

DGA moet vaker pensioen afstorten bij verzekeraar

Update

Directeuren-grootaandeelhouders (DGA's) krijgen in 2017 (en 2018 en 2019) de mogelijkheid om hun pensioen in eigen beheer van de balans te halen (af te kopen). Dit kan met een korting van 34,5% in 2017 (en in de jaren daarna tegen lagere percentages, namelijk 2018: 25% en 2019: 19,5%). Heeft u geen geld, dan resteren er twee opties:

  1. Premievrij maken;
  2. Spaarvariant kiezen.

Pensioen in eigen beheer opbouwen is dus vanaf 2017 feitelijk voorbij.

De casus

Een DGA was 25 jaar getrouwd en ging scheiden, hij had een pensioen in eigen beheer opgebouwd. De pensioenen worden verevend conform de wet. De ex-vrouw wil dat haar deel wordt afgestort bij een verzekeraar, de Hoge Raad is het met haar eens. Een opmerkelijke uitspraak. De Hoge Raad stelt dat op basis van de redelijkheid en billijkheid niet van de ex-vrouw kan worden verlangd dat haar deel bij de B.V. van de ex-man blijft. De man houdt immers de volledige zeggenschap over dit pensioen. Dit kan anders zijn als het afstorten de continuïteit van zijn bedrijf in gevaar brengt. Als de B.V. geen geld heeft en dit ook niet kan lenen, kan het verzoek om afstorten worden betwist, anders niet.

Algemeen

Het pensioen van de DGA wordt in 2007 aangepast. Allereerst geldt met ingang van 1 januari 2007 een nieuwe pensioenwet die niet van toepassing is op de DGA (minimaal 10% van de aandelen / certificaten). In 2007 moet de DGA kiezen, óf in eigen beheer verzekeren óf extern bij een verzekeraar (wellicht in de toekomst ook bij een bank).

Pensioen in eigen beheer en echtscheiding

Tot februari 2007 dachten advocaten dat een DGA bij echtscheiding een eigenbeheerpensioen niet extern hoeft onder te brengen. Dit was anders als de B.V. onvoldoende zorg zou besteden aan de pensioendekking en de DGA het beleid kon bepalen. De Hoge Raad gaat nu een stuk verder. Op grond van de uitspraak van 9 februari 2007 moet er worden afgestort, tenzij de DGA aannemelijk maakt dat hij geen liquide middelen heeft of deze elders kan verkrijgen (intern of extern lenen). De continuïteit mag niet in gevaar komen.

Conclusie

De uitspraak zorgt bij advocaten en accountants voor ophef en beroering. Het kan betekenen dat (een deel van) de pensioenreserve daadwerkelijk beschikbaar moet zijn bij een echtscheiding, dit is bij de meeste bedrijven niet zo. Bij het grote aantal echtscheidingen in Nederland is dit dus een daadwerkelijk probleem.

Voor lopende zaken en ook voor reeds uitgesproken echtscheidingen is deze uitspraak van belang. Als u nog gaat scheiden, neem deze uitspraak dan mee in uw overwegingen. Als u reeds gescheiden bent, kijk dan eens in het echtscheidingsconvenant, wellicht moet uw ex alsnog het pensioen afstorten. Ook kinderen kunnen een beroep doen op deze uitspraak.

Indien u overweegt te gaan procederen, overweeg dan ook eens de pensioenreserve te laten berekenen door een deskundige. Het kan zijn dat de pensioenreserve niet gelijk is aan de toezegging die uit de pensioenbrief volgt. De ex-partner heeft recht op 50% van het tijdens het huwelijk opgebouwde ouderdomspensioen, te vermeerderen met het nabestaandenpensioen. Op de balans staat veelal een fiscale waardering, de werkelijke waarde kan anders zijn. Hoewel ik geen pensioendeskundige ben, zie ik verschillen ontstaan door (na)indexatie en kosten- en winstopslag.

Bron: HR 9 februari 2007 / nummer R06/021.

DGA pensioen bij echtscheiding [news] 1957
Echtscheiding ondernemer en DGA Directeur Groot Aandeelhouder [news] 2010-05-17

Echtscheiding ondernemer en DGA

Fiscale advisering van ondernemer en advocaat is noodzaak en financieel voordelig

Ruim 30% van de huwelijken eindigt via een echtscheiding. Voor de wet is elke echtscheiding gelijk. Een echtscheiding van een ondernemer of DGA is vaak complexer, omdat zijn / haar inkomen per jaar kan verschillen en de waarde van de onderneming geen vaststaande grootheid is. Dit is een bron van slepende procedures en een hoop gezeur. In mijn praktijk word ik regelmatig door advocaten, ondernemers of diens ex-partners gevraagd om te adviseren bij de omvang van de alimentatie, waarde van de onderneming, verdeling van het pensioen en natuurlijk het vaststellen van de draagkracht van de ondernemer (wat kan hij / zij betalen?).

Vanuit de kant van de ex-partner (niet-ondernemer) word ik regelmatig door advocaten benaderd om te kijken of er met de winsten is geschoven en in welke mate winsten moeten worden meegenomen.

De alimentatie wordt berekend op grond van de zogenaamde TREMA-normen. Deze bieden echter voor de ondernemer niet veel duidelijkheid. Een uitgebreid jurisprudentieonderzoek kan wenselijk zijn en voor de DGA is het verstandig om de jaarrekening - bij het actueel worden van de echtscheiding - door een fiscaal jurist te laten beoordelen. Voor de ex-partner is het verstandig om te kijken of de jaarrekening een juist beeld geeft van de feiten.

Wat speelt er bij een ondernemer?

  • Wat gebeurt er met de eenmanszaak of aandelen in de B.V.?
  • Hoe moet de alimentatie van de ondernemer of DGA worden berekend?
  • Wat is de onderneming waard en wie gaat dit bepalen?
  • Hoeveel winst moet worden meegenomen voor de alimentatieberekening?
  • Hoe wordt omgegaan met een dalende / stijgende winst in de toekomst?
  • Kan een deel van de alimentatie op de onderneming worden afgewenteld, bijvoorbeeld via een dienstbetrekking van de ex-partner?
  • Moet het dividend respectievelijk de algemene reserve binnen een B.V. worden meegenomen of niet?
  • Kunnen winsten naar boven of beneden worden bijgesteld?
  • Zijn er huwelijkse voorwaarden en kunnen hieraan rechten worden ontleend?
  • Moet pensioen in eigen beheer worden afgestort?

Regel zaken tijdens het huwelijk

De ondernemer of DGA kan het beste tijdens het huwelijk de zaken goed regelen. Dit kan bijvoorbeeld door de huwelijkse voorwaarden eens onder de loep te nemen en tevens duidelijke afspraken te maken over de manier waarop alimentatie zou moeten worden berekend. Wellicht dat er ook afspraken kunnen worden gemaakt over het (deels) afstorten van het pensioen in eigen beheer. Als uw huwelijk er nu goed voorstaat, regel dan nu de mogelijke gevolgen van een scheiding. Dit voorkomt veel gezeur en discussies in de toekomst.

DGA-scan

Wij maken op kantoor regelmatig een DGA-scan. Hierbij wordt beoordeeld wat er gaat gebeuren bij overlijden, pensioen, arbeidsongeschiktheid, verkoop van de onderneming, maar ook bij een echtscheiding. Een eenvoudige scan kost € 1.000, een uitgebreide scan € 3.000.

2010-05-17 2015-05-17 2787

Echtscheiding en eigen woning

Als u gaat scheiden met een eigen woning, dan komt u aan het lezen en nadenken. Dit is fiscaal lastig en soms erg onvoordelig. In de praktijk zijn er vele adviseurs met verschillende meningen. In dit artikel een uitleg over de feiten en enige jurisprudentie. Veel voorkomende fouten zijn:

  • hypotheekrenteaftrek;
  • te laat scheiden / einde fiscaal partnerschap;
  • erfgenaam van elkaar blijven;
  • hoofdelijke aansprakelijkheid hypotheek blijft bestaan na echtscheiding.

Voorbeeld eigen woning en echtscheiding

Truus en Henk zijn getrouwd en hebben 2 kinderen. Ze zijn gezamenlijk eigenaar van een woning. Op de woning rust een hypotheek, beide zijn hoofdelijk aansprakelijk voor de schuld. De echtscheiding wordt uitgesproken en Henk laat zich uitschrijven uit de woning en gaat bij zijn vader en moeder wonen. Truus blijft met de kinderen in de woning wonen, dit in afwachting van een verkoop van de woning. Truus krijgt de hypotheekrenteaftrek (wordt ook door haar betaald), ze is echter voor 50% eigenaar van de woning. Vanaf het moment dat Henk vertrekt, eindigt ook het fiscaal partnerschap tussen Truus en Henk. In dit geval is 50% van de hypotheekrente aftrekbaar en niet 100%. Truus moet ook 50% van het eigenwoningforfait aangeven.

Voor Henk zal een speciale regeling gelden. Gedurende 2 (of 30 jaar na de echtscheiding / het verlaten van de woning mag Henk 50% van de woning aanmerken als "fictieve eigen woning". Als Henk dan ook 50% van de hypotheekrente heeft betaald, mag hij deze fiscaal aftrekken. In het jaar van de echtscheiding mag nog worden gekozen voor fiscaal partnerschap.

Deze kwestie is eenvoudig op te lossen:

  • Truus voldoet 50% van de hypotheekrente;
  • Truus betaalt 50% van de hypotheekrente als partneralimentie aan Henk;
  • Truus kan hierdoor 100% van de betaling aftrekken;
  • Henk moet over de partneralimentatie in box 1 belasting betalen;
  • Henk voldoet 50% van de hypotheekrente en deze is dan in box 1 aftrekbaar;
  • Henk moet 50% van het eigenwoningforfait opgeven, maar mag dit ook aftrekken als ter beschikking gesteld woongenot (onderhoudsverplichting richting Truus);
  • Per saldo is bij Henk niets belast en bij Truus alles aftrekbaar;
  • Maximale termijn 2 (of 3) jaar;
  • Is de woning na 2 jaar nog niet verkocht, dan moet deze voor 100% worden toegedeeld aan Truus.

Uitspraak echtscheiding en eigen woning

Het Gerechtshof Den Bosch heeft zich in 2015 gebogen over de hypotheekrente bij een echtscheiding. Volgens de rechter heeft de man recht op 50% van de renteaftrek op een eigen woning. X en Y zijn getrouwd en gaan in 2006 gescheiden leven. In 2008 wordt de daadwerkelijke echtscheiding uitgesproken. X blijft in de woning wonen, Y voldoet de hypotheekrente en trekt in zijn aangifte inkomstenbelasting 2009 (dus na de echtscheiding) € 20.000 af als partneralimentatie. Y en X zijn beide eigenaar van de woning. De inspecteur is het hier niet mee eens. De Rechtbank is het met de inspecteur eens en Y gaat in hoger beroep bij het Gerechtshof. Het Gerechtshof komt tot de volgende overwegingen:

  • Vooruitlopende op de definitieve echtscheiding is een voorlopige voorziening tussen X en Y (mondeling) overeengekomen.
  • Y zou de woonlasten blijven dragen.
  • Er is een mondelinge overeenkomst tussen partijen.
  • 50% Van de woonlasten zijn als onderhoudsverplichting bij Y aftrekbaar.
  • Er is € 6.000 aftrekbaar bij Y.  

Conclusie eigen woning en echtscheiding

Veelal zijn er advocaten (zonder of beperkte fiscale kennis) aan het woord gedurende een echtscheiding. Het is verstandig om tijdens dit traject een fiscaal jurist te laten meekijken. Dit kan veel fiscale en financiële problemen voorkomen dan wel een substantieel voordeel opleveren. Denk bij een echtscheiding ook aan:

  • aanpassen van uw testament;
  • aanpassen verzekeringen (zoals overlijdensrisicoverzekeringen);
  • bankrekeningen scheiden.

Echtscheiding en eigen woning [news] 4505

Draagkracht van een DGA berekenen

Bij het bepalen van de draagkracht van een directeur-grootaandeelhouder is vaak discussie over winsten in de B.V. of aanwezige reserves (eigen vermogen). Hoewel dit "voer" is voor advocaten en veel discussies, hebben wij geprobeerd u hierin eenvoudig enig inzicht te geven. Wij merken nog te vaak dat advocaten erg goed de regels en wetten kennen, maar minder sterk zijn in de financiële kant van het verhaal. Bij een echtscheiding tevens een fiscaal jurist inschakelen is daarom verstandig.

Is de dividendreserve van bepaling voor de draagkracht van een DGA?

Een DGA ontvangt een salaris en daarnaast maakt zijn B.V. winst. De winsten blijven achter in de B.V. omdat deze nog niet in privé nodig zijn en noodzakelijk zijn voor investeringen (of reserves) binnen de de B.V. In een casus bij het Gerechtshof Den Haag (25 mei 2016 ECLI:NL:GHDHA:2016:1890) kwam de vraag aan de orde of de aanwezige winstreserves in de B.V. moesten meetellen voor de draagkracht van een DGA. De man is van mening dat de winst / dividendreserve niet moet worden meegewogen omdat deze moet worden aangehouden voor de continuïteit van zijn onderneming. Zowel de Rechtbank als het Gerechtshof zijn het met de man eens. Dat er winstreserves aanwezig zijn wil nog niet zeggen dat er ruimte is voor een dividenduitkering. Dit is ter beoordeling van de bestuurders van de B.V. Daarbij dient er rekening te worden gehouden met de wettelijke verplichtingen uit hoofde van boek 2 BW en de belangen van de vennootschap, aldus het Gerechtshof.

De vrouw stapt naar de Hoge Raad (Hoge Raad d.d. 19 mei 2017 ECLI:NL:2017:934) en krijgt gelijk. Bij de beoordeling van dit vraagstuk moet er worden gekeken naar:

  • de inkomsten die worden verworven;
  • de inkomsten die kunnen worden verworven.

Het gaat daarbij niet alleen om het salaris, maar ook om de inkomsten in de B.V. De zaak wordt verwezen naar een ander Gerechtshof.

Noot fiscaal jurist over draagkracht DGA / ondernemer

Vaak wordt er tussen echtelieden ruzie gemaakt over de winsten in de B.V. of de winsten uit het verleden. Moeten deze worden meegenomen bij de berekening van de draagkracht van de DGA? Het is redelijk vaste jurisprudentie dat opnamen in rekening-courant met de B.V. niet als inkomen hoeven te worden gezien. De lening moet immers worden terugbetaald. Of gemaakte winsten of winstreserves moeten worden meegenomen is een geheel andere vraag. Er is altijd een spanningsveld tussen:

  1. dividendreserve nodig voor de B.V. (en haar continuïteit);
  2. dividendreserve duurzaam overtollig en beschikbaar als inkomen voor de DGA.

Een DGA (bestuurder) heeft een zekere vrijheid om te bepalen wat hij / zij met het geld in de B.V. gaat doen. Een rechter zal dit vaak terughoudend toetsen. De rechter zal de met het oog op een goede bedrijfsvoering en gezonde financiële toekomst van de B.V. gemaakte keuzes van de DGA in beginsel moeten respecteren, tenzij bijvoorbeeld vast zou komen te staan dat de keuze van de DGA vooral is ingegeven om zijn alimentatiedraagkracht te drukken of hij anderszins een keuze heeft gemaakt die geen redelijk denkend ondernemer in dezelfde branche zou hebben gemaakt.

De bewijslast ligt bij de DGA, hij / zij moet bewijzen (met stukken) dat de gelden nodig zijn voor de onderneming / B.V. Stukken die hiervoor noodzakelijk zijn:

  • jaarrekening;
  • kasstroomoverzicht;
  • sterkte- en zwakte-analyse van de onderneming;
  • ontwikkelingen in de branche;
  • verklaringen van een deskundige (bijvoorbeeld de accountant);
  • prognoses voor de toekomst.

De centrale vraag is dus of er gemotiveerd wordt bewezen dat winsten moeten worden opgepot en voor welk deel.

Draagkracht DGA berekenen [news] 5683

Echtscheiding en verplicht afstorten pensioen in eigen beheer

Veel advocaten en echtelieden maken zich druk om pensioen in eigen beheer bij een echtscheiding. De financiële gevolgen zijn substantieel en vaak heeft de DGA (directeur-grootaandeelhouder) weinig trek in het verplicht afstorten van (een deel van) het pensioen dat in eigen beheer is opgebouwd. In dit artikel een aantal uitspraken van rechters. Lees ook dit artikel over pensioen bij echtscheiding van een DGA.

De hoofdregel omtrent afstorten pensioen bij echtscheiding

De hoofdregel (vaste jurisprudentie) is dat pensioen in eigen beheer moet worden afgestort bij een externe verzekeraar. Dit kan anders zijn als de onderneming hierdoor mogelijk in gevaar komt. Wanneer komt de onderneming in gevaar?

Onderneming in gevaar bij afstorten pensioen in eigen beheer

In een uitspraak van het Gerechtshof in 2016 kwam de vraag aan de orde of de man (zijn B.V.) in staat is om het deel van het pensioen (van de vrouw) af te storten bij een externe pensioenverzekeraar. De man heeft tijdens de procedure zijn best gedaan om aan te geven waarom de B.V. niet in staat zou zijn het pensioen af te storten resp. hiervoor een financiering te verkrijgen. De vrouw vraagt om afstorting van haar deel van het pensioen (ruim € 220.000) of het verstrekken van zekerheid hiervoor (subsidiair). Het Gerechtshof gaat er eens rustig voor zitten en kijkt ook naar een arrest van de Hoge Raad uit 2007. Het uitgangspunt is afstorten, aldus de Hoge Raad. Het kan namelijk van de vrouw niet worden gevraagd om bij voortduring afhankelijk te blijven van het beleid van de andere echtgenoot in de onderneming / rechtspersoon. Hiermee loopt de vrouw ook een onredelijk risico over haar pensioenrechten, dit is niet redelijk.

In de onderhavige situatie is er onvoldoende geld (liquide middelen) om de afstorting van het pensioen te regelen (effectueren). De man stelt dat hij ook geen middelen kan verkrijgen, zelfs niet via een externe financiering. Als hij dit wel zou doen, zou het voortbestaan van de onderneming in gevaar komen. Dit standpunt van de man is volgens het Gerechtshof onvoldoende onderbouwd, dit mede doordat er overwaarde is gelegen in de onroerende zaken binnen de onderneming. Het is niet duidelijk of een tweede hypotheek tot de mogelijkheden zou behoren. De man heeft ook geen alternatieve oplossing naar voren gebracht.

Het Gerechtshof is helder, zonder een duidelijke toelichting, met vele vragen en geen alternatieve oplossing, moet de man binnen 4 maanden overgaan tot afstorting van het pensioen. Lukt hem dit niet, dan moet hij voldoende zekerheid stellen, bijvoorbeeld via een hypothecaire inschrijving.  

Vraag over echtscheiding bij ondernemers?

Echtscheiding bij ondernemers en DGA's is een vak apart, lees ook dit artikel. Wij adviseren vaak ondernemers en vertrekkende echtgenoten bij dergelijke situaties. Kom gerust eens langs voor een vrijblijvend gesprek.

Pensioen in stichting en echtscheiding

In een uitspraak van het Gerechtshof 's Hertogenbosch in 2019 volgt een duidelijke lijn. De man en vrouw zijn sinds 1992 getrouwd. Het pensioen is in eerste instantie ondergebracht in een B.V. Het pensioen wordt uiteindelijk ondergebracht in een stichting waarbij de ex-partner geen bestuurder meer is. Het huwelijk loopt op de klippen en het pensioen moet worden verdeeld. De vrouw vordert dat de stichting haar deel van het pensioen gaat afstorten bij een pensioenverzekeraar. De pensioenstichting weigert dit omdat het bestuur onafhankelijk is van de man en dat de vrouw hiermee dus niet afhankelijk is van de mogelijke problemen bij haar man en / of de wensen van de man. Dat een pensioen bij een verzekeraar minder risico zal opleveren is voor beide partijen wel duidelijk. Dat de man geen invloed heeft bij de stichting begrijpt ook iedereen. Het Gerechtshof springt echter in de bres voor de vrouw. De redelijkheid en billijkheid brengen mee dat het pensioen moet worden afgestort.

Noot fiscaal jurist over pensioen en echtscheiding

Veel pensioenen van een directeur-grootaandeelhouder (DGA) zijn ondergebracht in een B.V. of stichting. Als verevening niet is uitgesloten, heeft de ex-partner recht op zijn of haar deel. Hierbij mag de vertrekkende partner niet afhankelijk zijn van het beleid van de B.V. / stichting ten aanzien van dit pensioen. De ex-partner heeft hierop namelijk geen enkele invloed.

Dat het pensioen moet worden afgestort is een duidelijk en stevig uitgangspunt. Als dit niet kan, dan moet de echtgenoot met een duidelijk en helder verhaal komen, dit dus met verklaringen van de accountant en de bancaire instelling. Dit eventueel met ondersteunend bewijs (zoals een taxatierapport van bijvoorbeeld aanwezige onroerende zaken). Voor DGA's die na 2017 hun pensioen in eigen beheer hebben laten staan en niet hebben afgekocht (of omgezet) is dit nog steeds het uitgangspunt.

De Hoge Raad stelt wel dat verplichte afstorting afhankelijk is van alle omstandigheden van een casus / concreet geval. Als er onvoldoende liquide middelen zijn kan dit een signaal zijn, maar meestal is dit niet voldoende om afstorting te voorkomen. Ook als de ex-partner geen invloed heeft op het pensioen (zoals bij de uitspraak uit 2019), dan nog kan het zo zijn dat er moet worden afgestort. Het bestuur van de stichting moet namelijk - aldus de rechter - een zodanig beleid voeren dat de belangen van beide echtelieden (pensioengerechtigden) (met een ander / tegengesteld belang) op een juiste wijze moeten worden behartigd. Het niet afstorten van het pensioen kan dan in strijd zijn met de redelijkheid en billijkheid.

Bron pensioen eigen beheer bij echtscheiding

Hoge Raad van 9 februari 2007 (ECLI:NL:HR:AZ2658)

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden d.d. 28 juli 2016 (ECLI:NL:GHARL:2016:7633)

Gerechtshof 's Hertogenbosch d.d. 9 februari 2019 (ECLI:NL:GHSHE:2019:384)

Echtscheiding en afstorten pensioen [news] 5868

Schenking en echtscheiding

Veel mensen zijn getrouwd in gemeenschap van goederen, bij een echtscheiding worden dan alle bezittingen en schulden gelijk verdeeld. Als één van de partners tijdens het huwelijk een erfenis of schenking heeft ontvangen, valt dit soms binnen en soms buiten de gemeenschap van goederen. Soms spelen ook bepalingen uit een testament. In dit artikel behandelen wij een arrest van de Hoge Raad uit 2019.

Schenking, uitsluitingsclause en echtscheiding

De Hoge Raad heeft bepaald dat een schenking met uitsluitingsclausule die een vrouw tijdens een huwelijk ontvangt tot haar privé vermogen blijft behoren, ook als de man en de vrouw in gemeenschap van goederen zijn getrouwd en als de schenkingen bewust samen zijn uitgegeven.

In deze procedure ontving de vrouw tijdens het huwelijk met de man in totaal € 30.000 aan schenkingen. Bij de echtscheiding heeft de schenker een zogenaamde uitsluitingsclausule opgenomen (schenking mag niet in enig vermogen vloeien van een ander dan de begiftigde). De schenking wordt overgeboekt naar een gemeenschappelijke rekening van de man en de vrouw. Het geld wordt door de man en de vrouw gezamenlijk uitgegeven aan diverse privé zaken. Na de echtscheiding kregen de man en vrouw ruzie over de behandeling van de schenkingen, de vrouw is achteraf van mening dat de schenkingen buiten de gemeenschap moeten blijven. Tevens waren de man en vrouw het er niet over eens waar het geld aan was opgegaan, de man stelt aan vakanties en vrouw aan verbouwingen van de eigen woning.

De Hoge Raad is er vlot klaar mee:

  • Het maakt niet uit waar het geld aan is opgegaan / besteed.
  • Het maakt niet uit dat het geld is overgemaakt naar de gemeenschappelijke rekening.
  • Het maakt niet uit dat het geld in overleg en met medewerking van de vrouw is besteed aan gezamenlijke doelen.
  • De schenkingen zijn en blijven privé vermogen van de vrouw.
  • De schenkingen moeten als eigen vermogen van de vrouw worden gezien en aan haar worden toegedeeld.

Noot fiscaal jurist over schenkingen en echtscheiding

Schenkingen blijven meestal buiten het gezamenlijke vermogen. Bij een gemeenschap van goederen kan dit soms anders zijn. De Hoge Raad geeft hierbij een heldere visie op schenkingen bij een echtscheiding. Vorenstaande staat ook helder omschreven in artikel 1:94 lid 2 onder a van het BW:

  • ... goederen ten aanzien waarvan bij uiterste wilsbeschikking van de erflater of bij gift is bepaald dat zij buiten de gemeenschap vallen.

Dit is in het verleden ook al bevestigd door de Hoge Raad (HR 21 november 1980 NJ 1981, 193). Het Gerechtshof was in een eerdere uitspraak in deze zaak van mening dat de vrouw geen vorderingsrecht toekomt. De overwegingen van het Gerechtshof:

  • Het geld is niet besteed aan de eigen woning (zoals de vrouw stelt).
  • De besteding is niet meer traceerbaar en is op de gemeenschappelijke rekening geboekt.
  • Het geld is gezamenlijk geconsumeerd.
  • Partijen waren het eens over de besteding van het geld (kosten van de gezamenlijke huishouding).

Is de man (degene die de schenking niet krijgt) dan volledig kansloos? Zeker niet.

  • De man had feiten en omstandigheden moeten stellen om te bewijzen op grond waarvan het vergoedingsrecht van de vrouw niet geldend kan worden gemaakt. Dit kan bijvoorbeeld spelen indien er met het geld privé schulden van de vrouw zijn betaald of indien uitdrukkelijk (of stilzwijgend) is afgesproken dat de vrouw m.b.t. de uitgaven van de schenkingen geen aanspraak wilde maken op de schenkingen. Dit heeft de man niet aangetoond, dus heeft de vrouw recht op de schenkingen.

Bron echtscheiding en schenking of erfenis

Hoge Raad d.d. 5 april 2019 (ECLI:NL:HR:2019:504)

Gerechtshof d.d. 7 november 2017 (ECLI:NL:GHSHE:2017:4752)

Schenking echtscheiding [news] 6156

Wisselende alimentatie aftrekbaar

Henk voldoet aan Truus partneralimentatie. Er wordt onregelmatig alimentatie voldaan met wisselende bedragen, dit maakt volgens de rechter geen verschil.

Procedure over aftrekbaarheid partneralimentatie

De rechtbank buigt zich over de partneralimentatie van Henk, is deze aftrekbaar of niet? Henk en Truus wonen niet meer onder één dak. De bedragen die Henk heeft betaald worden afgetrokken als onderhoudsverplichting / partneralimentatie. Het inkomen van Henk wisselt en daarom voldoet hij niet alle maanden het afgesproken bedrag van € 2.000 per maand. Volgens de inspecteur wijken de bedragen teveel af van hetgeen in de voorlopige voorziening is bepaald en zijn daarom de betalingen niet aftrekbaar (vloeien niet rechtstreeks uit het familierecht voort). Volgens de rechtbank maakt het niet uit dat de bedragen wisselen en niet regelmatig worden betaald. De betalingen zijn gewoon aftrekbaar. De alimentatie die is voldaan voor de inschrijving van de echtscheiding is niet aftrekbaar, omdat partijen hebben bepaald (in het echtscheidingsconvenant) dat er geen alimentatie is verschuldigd.

Noot fiscaal jurist over partneralimentatie

Een fiscaal jurist laten meekijken bij een echtscheiding is verstandig. Fiscale merites spelen zowel bij de partneralimentatie als ook bij de eigen woning. Heeft u vragen, email ons gerust.

Bron wisselende partneralimentantie

Rechtbank Noord Holland d.d. 5 maart 2021 ECLI:NL:RBNHO:2021:1761

Wisselende alimentatie aftrekbaar [news] 6932

Advocaatkosten terugvorderen alimentatie

Henk heeft in 1992 tot en met 2004 partneralimentatie betaald. De vrouw, we noemen haar Truus, wil naast de alimentatie ook een deel van de pensioenrechten ontvangen en start in 2010 een procedure tegen Henk. Henk komt er in de procedure achter dat Truus veel meer inkomen heeft genoten dan hij had gedacht. De partneralimentatie die Henk heeft betaald was te hoog en hij wil deze terugontvangen van Truus. De advocaatkosten voor deze procedure, zo'n € 7.000, wil Henk aftrekken in zijn aangifte Inkomstenbelasting. En toen?

De procedure inzake alimentatie en advocaatkosten

De Rechtbank Den Haag deed op 3 april 2015 uitspraak (ECLI NL RBDHA 2015 4199) was het niet met Henk eens. De kosten zijn niet aftrekbaar. Het Gerechtshof Den Haag bespreekt de zaak in haar uitspraak op 3 mei 2016 (ECLI NL GHDHA 2016 1520). Volgens het Gerechtshof heeft de procedure betrekking op de pensioenrechten en heeft Henk een kostenvergoeding (voor de procedure) ontvangen van ruim € 4.000. Bij de zitting heeft Henk de uitspraak van het Gerechtshof bijgevoegd en hierop de proceskostenvergoeding stiekem weggelakt. Hij heeft blijkbaar de intentie gehad om het Gerechtshof niet volledig of onjuist te informeren (wellicht zelfs misleiding). De netto kosten zijn niet aftrekbaar volgens de de rechter. Het Gerechtshof verwijst hiervoor naar een uitspraak van de Hoge Raad op 26 februari 2016 (ECLI NL HR 2016 317). De Hoge Raad is er op 28 oktober 2016 (ECLI NL HR 2016 2439) is er snel klaar mee, een 81 Wet RO casus.

Commentaar fiscaal jurist

In diverse procedures is duidelijk geworden dat advocaatkosten als zodanig niet als onderhoudsverplichting in de zin van artikel 6.3, lid 1, aanhef en letter d, van de Wet IB 2001 zijn aan te merken. Ook is duidelijk geworden dat advocaatkosten niet op de voet van artikel 3.108 van de Wet IB 2001 aftrekbaar zijn, aangezien de betalingen van belanghebbende aan de ex‑echtgenote in het kader van de onderhoudsverplichting in de sfeer van de inkomensbesteding liggen en niet in die van de inkomensverwerving.

Ook in eerdere zaken (Hoge Raad 15 juli 1986 BNB 1986/265) waren advocaatkosten voor een lagere alimentatie niet aftrekbaar (edoch onder de Wet Inkomstenbelasting 1964). In een zaak hierna (Hoge Raad 5 juli 1995 / BNB 1995/283) kwam de Hoge Raad wel tot een oordeel dat kosten voor een advocaat voor de ontvangende partij (alimentatiegerechtige) wel aftrekbaar waren. (Proceskosten die betrekking hebben op het behouden van uitkeringen tot levensonderhoud komen wel voor aftrek in aanmerking op grond van het bepaalde in art. 35 (…)

Kosten voor een advocaat zijn derhalve veelal voor de alimentatieplichtige niet aftrekbaar en voor de alimentatiegerechtigde soms wel. Een onevenwichtig en belachelijk systeem dat niet te volgen is. Een ander aspect van de kostenaftrek bij de alimentatiegerechtigde is dat eigenlijk alleen de kosten samenhangende met de verwerving, inning en behoud van deze inkomsten aftrekbaar zijn (art. 3.108 Wet IB 2001), de rest van de procedurekosten niet.

Advocaatkosten terugvorderen alimentatie [news] 5005

Alimentatie en belastingen

Bij een echtscheiding kan de ene partner onvoldoende of geen inkomen hebben. De andere partner moet dan veel alimentatie betalen. Alimentatie is bij de ontvanger belast en bij de betaler aftrekbaar. Voor het overige:

  • Betaling gedurende een termijn van 5 jaar, afwijken mag (soms is het door omstandigheden 12 jaar)
  • Verlenging na 5 jaar is mogelijk (opletten, direct verzoek indienen).
  • Alimentatie kan lager worden bij samenwonen, eigen inkomen of lager inkomen bij uw ex-partner.
  • Bij overlijden van uw ex-partner krijgt u geen alimentatie meer, dit risico is te verzekeren.

Afkoop van alimentatie is onder voorwaarden aftrekbaar voor de inkomstenbelasting. Van belang is dat de betaling moet worden gedaan aan een ex-partner en dat de betaling voortvloeit uit het familierecht. U bent pas gescheiden zodra dit is ingeschreven bij de burgerlijke stand. Als u voordien heeft betaald, is de afkoop niet aftrekbaar. Dit is in 1999 reeds bepaald en recentelijk (december 2006) heeft het Gerechtshof in Arnhem dit nog eens bevestigd.

Feiten

Na 10 jaar huwelijk viel het nest uit de boom … een echtscheiding. Er wordt een convenant opgesteld waarbij de man € 90.000 aan zijn ex zou betalen. De betaling heeft plaatsgevonden voordat het convenant was getekend en voordat de echtscheiding bij de burgerlijke stand was ingeschreven. Conclusie: er wordt niet betaald aan een ex-echtgenote en er was geen verplichting om te betalen, dit omdat het convenant nog niet was ondertekend.

Alimentatie niet aftrekbaar

Als er geen plicht is om alimentatie te betalen, dan is de betaling niet aftrekbaar. Het Gerechtshof in Amsterdam is van mening dat er bij Henk geen recht bestaat op aftrek van alimentatie. Er is geen vanuit het familierecht voortvloeiende verplichting.

Conclusie

Let op de formaliteiten bij een echtscheiding. Als de inspecteur in voorgaande voorbeeld echt scherp was geweest, had hij kunnen stellen dat sprake was van vrijgevigheid van de man, een schenking dus. Het gevolg zou dan zijn dat de man én de € 90.000 niet kan aftrekken én tevens over € 90.000 schenkingsrecht moet betalen.

Bron alimentatie

Bron: Hof Arnhem, 5 oktober 2006, nummer. 04/00228.

Gerechtshof Amsterdam 7 juli 2016 ECLI NL GHAMS 2016 2793.

Alimentatie en belastingen [news] 2021-02-24 0000-00-00 0000-00-00

Partneralimentatie en fiscus

Fiscaal nieuws alimentatie

In het verleden was alimentatie aftrekbaar tegen het maximale tarief van 51,95%. De aftrek van alimentatie (en hypotheekrente) is de afgelopen jaren verlaagd. Vanaf 2020 ging dit sneller. Alimentatie (en hypotheekrente etc.) is in de toekomst tegen een lager tarief aftrekbaar de afbouw ziet er als volgt uit:

  • 2019: 46%
  • 2020: 46%
  • 2021: 43%
  • 2022: 40%
  • 2023: 37%

Afkoop van alimentatie kan dus beter vlot plaatsvinden. Als u alimentatie moet betalen aan uw voormalig partner dan kunt u eens overwegen om deze te herzien, de netto last neemt immers door de lagere aftrek toe. Heeft u vragen stuur dan gerust een e-mail of neem contact met ons op.

Partneralimentatie en belastingdienst

De betaler van alimentatie kan dit ten laste van zijn inkomen brengen. Bij de alimentatie-ontvanger is de alimentatie een vorm van inkomen en wordt dus aldaar belast. Elke betaling in het levensonderhoud van uw ex-partner na de datum waarop u duurzaam gescheiden bent gaan leven, is te beschouwen als alimentatie. Het kan zo zijn dat de man in een hogere belastingschijf zit dan de vrouw. De alimentatie wordt afgetrokken van zijn inkomen (dus tegen het hoogste tarief). Bij de berekening van de alimentatie wordt rekening gehouden met het fiscale voordeel dat de belastingbetaler heeft.

Kinderalimentatie is niet aftrekbaar, maar ook geen inkomen bij de ontvanger. In het verleden was het interessant om de partneralimentatie in één keer af te kopen. Dat is onder het huidige belastingstelsel minder relevant. 

Alimentatie niet aftrekbaar

Als er geen plicht is om alimentatie te betalen, dan is de betaling niet aftrekbaar. Het Gerechtshof in Amsterdam is van mening dat er bij Henk geen recht bestaat op aftrek van alimentatie. Er is geen vanuit het familierecht voortvloeiende verplichting.  

Bron alimentatie

Gerechtshof Amsterdam 7 juli 2016 ECLI NL GHAMS 2016 2793

]]>

Afkoop alimentatie via lijfrente of banksparen

Een gevolg van vele echtscheidingen is dat er alimentatie moet worden betaald. In steeds meer situaties wordt er besloten om de alimentatie in één keer te betalen (afkopen). De afkoopsom is meestal ineens aftrekbaar en bij de ontvanger belast. De ontvanger kan er ook voor kiezen om de afkoopsom voor de partneralimentatie onder te brengen in een lijfrente. Sinds 2019 is het ook mogelijk om de afkoopsom voor de partneralimentatie onder te brengen in bij een bank, dit via banksparen.

Afkoop alimentatie

De afkoopsom wordt vaak ineens betaald. Omdat dit soms een groot bedrag betreft, is de kans aanwezig dat de afkoopsom niet volledig in box 1 kan worden afgetrokken. Het restant kan dan eerst in box 3 en box 2 verrekend worden, dit voordat het wordt doorgeschoven naar een volgend belastingjaar. Het is mede daarom vaak verstandiger om de afkoop in termijnen vorm te geven, hierdoor kan deze tegen het maximale tarief worden afgetrokken.

Afkoop niet aftrekbaar

Als de afkoop van alimentatie samenhangt met bijvoorbeeld een overbedeling, dan is de alimentatie niet aftrekbaar.

Afkoop alimentatie via lijfrente

Het is voor degene die de alimentatie moet betalen ook mogelijk om dit bedrag niet over te maken naar de ex-partner, maar aan een verzekeraar, dit als storting op een lijfrentepolis. Deze lijfrentepolis zal dan in termijnen het bedrag uitkeren aan de ex-partner (rechthebbende op partneralimentatie). Hieraan zijn wel voorwaarden verbonden, de belangrijkste zijn:

  1. De alimentatieplichtige maakt het bedrag over aan de verzekeraar.
  2. De verzekeraar rekent de verplichting tot haar binnenlandse ondernemingsvermogen.
  3. De uitkeringen (termijnen) komen toe aan de ex-partner.
  4. De uitkeringen worden direct uitbetaald.
  5. De uitkeringen eindigen bij het overlijden van de ex-partner.

Het komt voor dat de lijfrentepremie aan de verzekeraar wordt betaald vóórdat de echtscheiding formeel tot stand is gekomen. De betaling van de lijfrentepremie voordat de echtscheiding formeel tot stand is gekomen, verhindert de aftrek niet. Hierbij gelden de volgende voorwaarden.

  1. Het moet vaststaan dat de lijfrentetermijnen die voortvloeien uit de betaalde koopsom zullen toekomen aan de gewezen echtgenoot.
  2. Op het tijdstip van indiening van de aangifte van de betalende (ex-)echtgenoot moet de echtscheiding daadwerkelijk tot stand zijn gekomen.

Afkoop alimentatie bij jonge mensen (en onzekerheidsvereiste)

Als een lijfrente een korte periode loopt of als het gaat om een jonge alimentatiegerechtigde, bestaat de kans dat niet in alle gevallen wordt voldaan aan de onzekerheidseis (de 1% sterftekans). De Staatssecretaris is van mening dat het maatschappelijk ongewenst is dat in dergelijke situaties voor de afkoopsom geen recht zou bestaan op persoonsgebonden aftrek (artikel 6.5 Wet IB 2001). U moet dan wel even langs de Belastingdienst en een beroep doen op de hardheidsclausule ex artikel 63 AWR (en onderstaande besluit).

Afkoop alimentatie via banksparen

Deze optie is nieuw sinds 2019. U moet hierbij wel even opletten omdat dit een goedkeuring van de Staatssecretaris betreft en dit nog niet in de wet is vastgelegd. Er komt een wetswijziging aan, maar als deze niet wordt ingevoerd komt deze regeling weer te vervallen. Vooroverleg met de Belastingdienst is derhalve van belang.

Een afkoopsom voor een alimentatieverplichting aan de ex-partner kan worden vormgegeven via banksparen (of lijfrente of lijfrente beleggingsrekening). Het bedrag wordt dan ondergebracht bij een bank of beleggingsinstelling. De voorwaarden zijn:

  1. Het gaat hierbij om een lijfrenterekening of een lijfrentebeleggingsrecht in de zin van artikel 3.126a, eerste lid, Wet IB 2001 afgesloten bij een bank, een beleggingsonderneming, een beheerder van een beleggingsinstelling of een instelling voor collectieve belegging in effecten als bedoeld in artikel 3.126a, tweede lid Wet IB 2001.
  2. Bij overlijden van de gewezen echtgenoot gaat het recht op de nog niet gedane uitkeringen over op de erfgenamen van de gewezen echtgenoot (analoog aan het bepaalde in artikel 3.126a, zesde lid, Wet IB 2001).
  3. De gewezen echtgenoot is belastingplichtige en (rekening-)houder van de lijfrenterekening of van het lijfrentebeleggingsrecht.

Noot fiscaal jurist inzake afkoop alimentatie

De nieuwe optie om via banksparen een afkoopalimentatie vorm te geven kan fiscaal interessant zijn. De alimentatiebetaler / -plichtige heeft een grote aftrekpost en de ex-partner (alimentatiegerechtigde) hoeft niet direct over de ontvangst belasting te betalen. Voor de alimentatieplichtige kan het interessant zijn om de betaling in 2 of meer termijnen (meerdere belastingjaren) te laten plaatsvinden (maximaal fiscaal voordeel). Tevens kan de alimentatieplichtige een verzoek inzake middeling van inkomen indienen, dit om de fiscale positie te optimaliseren.

Bron afkoop alimentatie en lijfrente of banksparen.

Besluit Staatssecretaris van Financien d.d. 16 mei 2019, nr. 2019-115021.

Afkoop alimentatie via lijfrente of banksparen [news] 6206

Partneralimentatie in 2020 te hoog

Fiscaal nieuws alimentatie

In het verleden was alimentatie aftrekbaar tegen het maximale tarief van 51,95%. De aftrek van alimentatie (en hypotheekrente) is de afgelopen jaren verlaagd. Vanaf 2020 ging dit sneller. Alimentatie (en hypotheekrente etc.) is in de toekomst tegen een lager tarief aftrekbaar de afbouw ziet er als volgt uit:

  • 2019: 46%
  • 2020: 46%
  • 2021: 43%
  • 2022: 40%
  • 2023: 37%

Afkoop van alimentatie kan dus beter vlot plaatsvinden. Als u alimentatie moet betalen aan uw voormalig partner dan kunt u eens overwegen om deze te herzien, de netto last neemt immers door de lagere aftrek toe. Heeft u vragen stuur dan gerust een e-mail of neem contact met ons op.

Partneralimentatie vanaf 2020

Als u alimentatie moet betalen aan uw ex-echtgenoot of -echtgenote, dan komt u de komende jaren bedrogen uit. Waarschijnlijk moet u in overleg met uw ex-partner en / of moet u naar de rechter om uw partneralimentatie opnieuw te laten vaststellen. Waarom?

De aftrekbaarheid van vele kosten zal de komende jaren worden verlaagd, zo ook de betaalde partneralimentatie. Vanaf 2020 is partneralimentatie tegen een lager tarief aftrekbaar. In 2019 is de partneralimentatie nog aftrekbaar tegen 51,95%, vanaf 2020 is dit percentage 46% en in 2023 nog maar 37%. Uw netto last voor de partneralimentatie zal dus gaan stijgen. Vooral hogere inkomens (boven € 68.500) gaan deze last echt voelen. In veel gevallen moet de partneralimentatie opnieuw worden berekend. Gevolg: een golf aan procedures en hiermee samenhangende advocaatkosten.

Wat zegt onze regering over hogere last partneralimentatie?

Staatssecretaris Snel van Financiën schrijft dat ongeveer 30% van de alimentatieplichtigen hier echt last van krijgen, zij hebben een inkomen boven € 68.507. Voor hen wijzigt het fiscale voordeel van de aftrek wat mede bepalend is voor de draagkracht van de alimentatieplichtige. Zij zullen waarschijnlijk een verzoek moeten indienen bij de rechtbank om de alimentatieplicht te herzien. Als deze alimentatieplichtige meer inkomen heeft (sinds de echtscheiding), dan kan een herzieningsverzoek ook zorgen voor een hogere partneralimentatie.

Procedure over partneralimentatie

In een procedure bij de Rechtbank Amsterdam stelde de man het volgende: ik heb minder draagkracht omdat de partneralimentatie de komende jaren voor een lager percentage aftrekbaar is. Daarom wil ik nu al minder partneralimentatie betalen. De rechtbank was het niet met de man eens omdat de man nu nog geen “schade” heeft. Anticiperen op toekomstige wetswijzigingen is niet mogelijk. Daarnaast hangt de grondslag niet alleen af van het aftrekbaarheidspercentage, maar ook van meerdere factoren, zoals de inkomensontwikkeling van de man. Verder wijst de rechtbank erop dat de exacte tarieven waartegen de aftrek plaats kan vinden pas in de laatste weken van het jaar definitief worden vastgesteld, wat een praktische belemmering vormt voor het maken van de berekening. De man kreeg wel een beetje gelijk omdat vanaf 2020 voor hem een speciale fiscale regeling niet meer van toepassing is (de 30% regeling).

Bron herziening partneralimentatie

Brief Staatssecretaris van Financiën van 17 oktober 2019, nr. 2019-0000161905

Rechtbank Amsterdam d.d. 4 september 2019 (ECLI:NL:RBAMSL2019:6446)

Parteralimentatie in 2020 te hoog [news] 6320

Echtscheiding en testament

Is uw echtscheiding definitief afgerond, dan is het verstandig om ook uw testament aan te passen. Als u geen testament zou hebben, dan is uw ex-echtgenoot geen erfgenaam meer van u, de kinderen blijven dit wel. Zijn er geen kinderen, dan zijn uw naaste familieleden uw erfgenaam, denk hierbij aan uw ouders, broers of zussen.

Testament en echtscheiding, hoe werkt dit?

Na uw echtscheiding vervalt niet automatisch ook uw testament. De erfstelling in uw testament is hiervoor alles bepalend. Als uw testament een echtscheidingsbepaling bevat, dan is deze regel van toepassing. Het is echter verstandiger om na uw echtscheiding ook uw testament te laten aanpassen. In dat geval weet u zeker dat uw laatste wil (testament) ook echt weergeeft hetgeen u voor ogen heeft gehad, uw ex is geen erfgenaam meer en uw testament kan actueel worden vormgegeven naar de huidige situatie en stand van de wetgeving.

Stel dat u en uw partner beiden een nieuwe partner hebben of krijgen en uw kinderen enig erfgenaam zijn (bij 2 kinderen beide voor gelijke delen). Als uw kind minderjarig is kunnen er vreemde situaties ontstaan:

  • Het kan zomaar zo zijn dat uw ex-partner over het geld / vermogen van uw nalatenschap kan beschikken.
  • Als uw kind komt te overlijden (en minderjarig is zonder testament), dan kan uw ex-partner alsnog erfgenaam zijn van uw vermogen.

U kunt bovenstaande voorkomen door in uw testament hierover na te denken, bijvoorbeeld via een tweetrapsmaking. Dit wil zeggen dat het erfdeel dat uw zoon of dochter bij uw overlijden vererft (en nog niet op is) bij het overlijden van deze zoon of dochter naar uw andere zoon of dochter gaat. Oke, u regeert over uw graf heen, maar het voorkomt onbedoelde effecten.

Als uw kind bij uw overlijden nog minderjarig is, dan komt ook het zogenaamde ouderlijke vruchtgebruik / genot in beeld. Totdat uw kind meerderjarig is heeft de ouder het ouderlijk vruchtgenot over het vermogen dat van uw zoon of dochter is, u kunt hierbij denken aan huurinkomsten van onroerende zaken of rentebetalingen op spaarrekeningen. De ouder (uw ex) hoeft dit vermogen niet aan uw zoon of dochter terug te betalen. In uw testament kunt u dit voorkomen.

Tevens is het te overwegen om een baasje in uw testament te benoemen, een zogenaamde bewindvoerder. Deze persoon kan dan uw vermogen (dat bij uw zoon of dochter terecht komt) beheren. Regelt u niks, dan komt dit beheer bij uw ex-partner terecht totdat uw kind meerderjarig zou worden. Eventueel kunt u het vermogen zelfs tot de 23e verjaardag door de bewindvoerder laten beheren en via ingewikkelde structuren zelfs langer.

Vragen over testament

Bel eens met één van onze fiscaal juristen over de beste opzet en / of bel met uw notaris.

Echtscheiding en testament [news] 5079

Checklist echtscheiding

Als een echtscheiding in beeld is, moet u ervoor zorgen dat de advocaat snel en met volledig zicht op alle noodzakelijke informatie zijn werk kan doen. Als het voorwerk goed is, scheelt de advocaat dit tijd en u dus geld.

Persoonlijke informatie

  1. Uittreksels uit het persoonsregister.
  2. Uittreksel uit het huwelijksregister (gemeente).
  3. Uittreksel uit het geboorteregister van de minderjarige kinderen.
  4. Kopie paspoort.
  5. Akte huwelijkse voorwaarden (indien aanwezig).

Financiële informatie

  1. Verklaring van inkomen en vermogen (bewijs van onvermogen) (gemeente / sociale dienst).
  2. Opstelling inboedelgoederen met daarop aangegeven de gewenste verdeling en de waarden.
  3. Kopie kentekenbewijzen auto, motor of boot (inclusief aankoopfacturen).
  4. Optelling waardevolle zaken zoals kunst, antiek, etc.
  5. Informatie woning: eigendomsakte, hypotheekakte, jaaropgave hypotheek (eventueel huurovereenkomst).
  6. Polissen van levensverzekeringen, lijfrenten, etc.
  7. Overzicht schulden (inclusief laatste termijnbetaling en jaaropgave bank).
  8. Testament.
  9. Overzicht ontvangen erfenissen (inclusief successieaangifte en testament overleden persoon).
  10. Bankafschriften van betaal- en spaarrekeningen (laatste afschriften).
  11. Aandelen / obligaties / spaarbrieven / spaarbankboekjes / koopsompolissen / beleggingscertificaten, etc.
  12. Inkomen: jaaropgave en laatste salarisstrook (inclusief arbeidsovereenkomst).
  13. Zelfstandigen: jaarrekeningen laatste 4 jaar.
  14. Belastingaangiften laatste 3 jaar.
  15. Informatie pensioen bij de werkgever.

Checklist voor na de echtscheiding

  1. Digid wijzigen
  2. Voorlopige aanslag inkomstenbelasting aanpassen
  3. Adreswijziging doorgeven aan de gemeente
  4. Nieuw rekening nummer opgeven bij de Belastingdienst
  5. Algemene heffingskorting nazien
  6. Samen of apart aangifte inkomstenbelasting doen?
  7. Toeslagen nazien
  8. Adreswijzigingen doorgeven aan bank, etc.
  9. Kapitaalverzekeringen en lijfrenten aanpassen
  10. Pensioen aanpassen
  11. Testament wijzigen
  12. Kijk ook hier voor de checklist van de Belastingdienst

Checklist echtscheiding [news] 1045

Pensioen en echtscheiding



Inleiding

Een scheiding betekent naast het gescheiden gaan leven en beide een eigen weg inslaan, ook een opsplitsing van het vermogen, inkomen en het pensioen. Alles wordt dus in stukken "gehakt". Bij echtscheidingen moet het pensioen (ouderdoms- en nabestaandenpensioen) worden verrekend (artikel 8a PSW voor de liefhebber). De ex-echtgenote krijgt rechtstreeks een aanspraak bij het pensioenfonds (de verevening). In beginsel is dit recht ongeveer 50% van het ouderdomspensioen.

Tips

  1. Verevening pensioenrechten enkel voor pensioen dat is opgebouwd tijdens de huwelijkse periode.
  2. De aanspraak wordt vastgesteld op het moment van de scheiding, let op de opbouw tijdens de echtscheidingsprocedure.
  3. Loonstijgingen kunnen een hogere opbouw tot gevolg hebben, let hierop tijdens de echtscheidingsprocedure.
  4. U moet binnen 2 jaar een mededeling doen aan het uitvoeringsorgaan (speciaal formulier).
  5. Een andere verdeling van de pensioenrechten is toegestaan (is aan partijen). Doe hiervan wel een mededeling aan de verzekeraar van het pensioen.
  6. Zet de polis om in een polis op uw eigen leven (verzekeraars willen hier niet altijd aan meewerken, dit i.v.m. de kosten).
  7. Een pensioen van zo'n € 350 per jaar hoeft niet te worden verdeeld (de zogenaamde ondergrens). Woont de partner in het buitenland, dan is de grens het dubbele, dus € 700 per jaar.
  8. Het pensioen gaat pas in als de pensioenopbouwer met pensioen gaat, bij grote leeftijdsverschillen kan dit een probleem zijn.
  9. Als de pensioenopbouwer komt te overlijden, is het denkbaar dat degene die de alimentatie ontvangt geen pensioen meer zal ontvangen. Leg de splitsing van de pensioenpot in het convenant vast.

Directeur-grootaandeelhouder en pensioen

De Wet Verevening Pensioenrechten is ook op de directeur-grootaandeelhouder (DGA) van toepassing. De ex-echtgenoot heeft geen recht op afstorting. Ik vraag zelf meestal om een zekerheidsstelling, als blijkt dat afstorting niet mogelijk is. Voor de DGA is het te overwegen om in de pensioenbrief een bepaling op te nemen dat afstorting plaats zal vinden, tenzij hierdoor de continuïteit van de B.V. aantoonbaar in gevaar komt. Als dit er niet in staat, heeft de ex munitie om zekerheid te vragen.

Verdelen ja / nee

De PSW mag worden toegepast, u mag ook een eigen verdeling uitvoeren. U kunt een langere periode dan het huwelijk overeenkomen maar ook geheel afzien van een verdeling van pensioenrechten (bijvoorbeeld als beide partners een redelijk pensioen hebben).

Overlijden na echtscheiding

Min of meer zijn de echtelieden tot de pensioenleeftijd van de opbouwer (hierna als voorbeeld: de man) aan elkaar verbonden. Er wordt pas uitbetaald zodra de man met pensioen gaat, de vrouw kan hierdoor lang moeten wachten. Als de man komt te overlijden, stopt het pensioen. Als de vrouw komt te overlijden, gaat dit terug naar de man. Het is hierom beter om het pensioen ook echt te verdelen en dit ook zo bij de verzekeraar te regelen. Soms is dit financieel minder gunstig, psychologisch voelt het meestal wel beter. Laat het pensioenfonds even rekenen, is veelal mijn advies.

Pensioentekort na echtscheiding

Na de echtscheiding is er veelal een tekort in het uiteindelijke pensioen. Jammer, zegt de wetgever, kun je niks aan doen. Het tekort in de pensioenopbouw door echtscheiding is niet relevant voor het vaststellen van uw fiscale ruimte om uw pensioen aan te vullen. De wetgever heeft hier bij de behandeling van de Wet inkomstenbelasting 2001 bewust voor gekozen.

Pensioen en echtscheiding [news] 2013-06-24 0000-00-00 0000-00-00
Echtscheiding ondernemer en DGA Directeur Groot Aandeelhouder [news] 2010-05-17

Echtscheiding ondernemer en DGA

Fiscale advisering van ondernemer en advocaat is noodzaak en financieel voordelig

Ruim 30% van de huwelijken eindigt via een echtscheiding. Voor de wet is elke echtscheiding gelijk. Een echtscheiding van een ondernemer of DGA is vaak complexer, omdat zijn / haar inkomen per jaar kan verschillen en de waarde van de onderneming geen vaststaande grootheid is. Dit is een bron van slepende procedures en een hoop gezeur. In mijn praktijk word ik regelmatig door advocaten, ondernemers of diens ex-partners gevraagd om te adviseren bij de omvang van de alimentatie, waarde van de onderneming, verdeling van het pensioen en natuurlijk het vaststellen van de draagkracht van de ondernemer (wat kan hij / zij betalen?).

Vanuit de kant van de ex-partner (niet-ondernemer) word ik regelmatig door advocaten benaderd om te kijken of er met de winsten is geschoven en in welke mate winsten moeten worden meegenomen.

De alimentatie wordt berekend op grond van de zogenaamde TREMA-normen. Deze bieden echter voor de ondernemer niet veel duidelijkheid. Een uitgebreid jurisprudentieonderzoek kan wenselijk zijn en voor de DGA is het verstandig om de jaarrekening - bij het actueel worden van de echtscheiding - door een fiscaal jurist te laten beoordelen. Voor de ex-partner is het verstandig om te kijken of de jaarrekening een juist beeld geeft van de feiten.

Wat speelt er bij een ondernemer?

  • Wat gebeurt er met de eenmanszaak of aandelen in de B.V.?
  • Hoe moet de alimentatie van de ondernemer of DGA worden berekend?
  • Wat is de onderneming waard en wie gaat dit bepalen?
  • Hoeveel winst moet worden meegenomen voor de alimentatieberekening?
  • Hoe wordt omgegaan met een dalende / stijgende winst in de toekomst?
  • Kan een deel van de alimentatie op de onderneming worden afgewenteld, bijvoorbeeld via een dienstbetrekking van de ex-partner?
  • Moet het dividend respectievelijk de algemene reserve binnen een B.V. worden meegenomen of niet?
  • Kunnen winsten naar boven of beneden worden bijgesteld?
  • Zijn er huwelijkse voorwaarden en kunnen hieraan rechten worden ontleend?
  • Moet pensioen in eigen beheer worden afgestort?

Regel zaken tijdens het huwelijk

De ondernemer of DGA kan het beste tijdens het huwelijk de zaken goed regelen. Dit kan bijvoorbeeld door de huwelijkse voorwaarden eens onder de loep te nemen en tevens duidelijke afspraken te maken over de manier waarop alimentatie zou moeten worden berekend. Wellicht dat er ook afspraken kunnen worden gemaakt over het (deels) afstorten van het pensioen in eigen beheer. Als uw huwelijk er nu goed voorstaat, regel dan nu de mogelijke gevolgen van een scheiding. Dit voorkomt veel gezeur en discussies in de toekomst.

DGA-scan

Wij maken op kantoor regelmatig een DGA-scan. Hierbij wordt beoordeeld wat er gaat gebeuren bij overlijden, pensioen, arbeidsongeschiktheid, verkoop van de onderneming, maar ook bij een echtscheiding. Een eenvoudige scan kost € 1.000, een uitgebreide scan € 3.000.

2010-05-17 2015-05-17 2787
Echtscheiding en eigen woning in 2011 Iedereen [news] 2011-01-19

Echtscheiding en woning in 2011

Als u vanaf 2011 in scheiding ligt en u de woning verlaat, komt uw hypotheekrenteaftrek in gevaar.

Partnerschap in 2011

Door een wetswijziging in 2011 ontstaan er problemen voor mensen die gaan scheiden. Vanaf 2011 eindigt een fiscaal huwelijk op de datum van de scheiding, of eerder als de (duurzame) samenleving wordt beëindigd. Als u dus niet meer op hetzelfde adres staat inschreven en het verzoek tot echtscheiding is ingediend, bent u geen fiscaal partner meer.

Het fiscaal partnerschap voor gehuwden eindigt als ze een verzoek tot echtscheiding bij de Rechtbank hebben ingediend en niet meer in hetzelfde huis wonen. Als de man de woning verlaat voordat de scheiding rond is, blijft hij fiscaal partner, edoch zijn hoofdverblijf is ergens anders. Zijn deel van de hypotheekrente komt dan te vervallen. Zijn vrouw kan haar deel van de hypotheekrente nog wel aftrekken.

Problemen vanaf 2011

Iedereen die gescheiden is gaan leven maar nog niet is gescheiden heeft sinds 2011 een probleem. Vanaf 2011 bent u verplicht fiscaal partner van elkaar (dus met uw ex). Als u al een nieuwe partner heeft, kunt u geen fiscaal partner meer zijn met hem of haar. Dit kunt u oplossen door een verzoek tot echtscheiding in te dienen.

Als u een nieuwe woning koopt en nog geen verzoekschrift hebt ingediend, ontstaat er fiscaal een complexe situatie. U bent dan namelijk nog fiscaal partner en zou dan dus maar 1 eigen woning kunnen hebben. Als de wet goed wordt gelezen gaat dit goed, maar ik zou mijn handen er nog niet voor in het vuur steken.

Normale situatie vanaf 2011

Als u gaat scheiden, een scheidingsverzoek indient, het huis verlaat en ergens anders gaat wonen, bent u geen fiscaal partner meer. U heeft nog maximaal 2 jaar recht op hypotheekrenteaftrek, ondanks dat u niet meer in de woning woont resp. de woning niet meer uw hoofdverblijf is. Oorspronkelijk stond dit anders in de wet, maar dit is aangepast.

Uitbreiding partnerbegrip in 2011

Het fiscaal partner begrip wordt in 2011 uitgebreid met:

  1. ongehuwd samenwonenden met een notarieel samenlevingscontract;
  2. ongehuwd samenwonenden zonder notarieel samenlevingscontract die samen een kind hebben, voor een pensioenregeling als partner gelden of samen een eigen woning hebben.

Bron

Brief Staatssecretaris 5 november 2010: Motie en toezegging inzake het partnerbegrip.

2010-11-11 0000-00-00 2922
Stel een testament op

Bij de afwezigheid van een testament vindt de vererving in geval van een langstlevende ouder en kinderen plaats op grond van de wettelijke verdeling. Bij de wettelijke verdeling krijgen de kinderen hun erfdeel in de vorm van een vordering op de langstlevende ouder. Hoofdsom en (eventueel) rente zijn voor de kinderen in beginsel pas opeisbaar bij overlijden van die langstlevende ouder. De wettelijke verdeling is doorgaans alleen passend voor personen met relatief weinig vermogen en een eenvoudige vermogensstructuur.

Veelal adviseren wij dus om een testament op te stellen. Hieronder volgt een niet limitatieve opsomming voor de redenen van een testament:

  • Als u niets regelt, regeert alleen de wet. U kunt dan geen erfenis nalaten aan niet bloedverwanten naders dan uw echtgenoot of geregistreerd partner. Niets gaat dan naar een pleegkind of petekind, goede buur, verre vriend, goed doel etc.
  • Met een testament kunt u bepaalde goederen of bedragen aan erfgenamen legateren.
  • U kunt de voogdij over uw kinderen regelen.
  • U wilt een uitsluitingsclausule opnemen.
  • U wilt de erfdelen aanpassen.
  • U woont samen zonder geregistreerd partnerschap. Personen die enkel samenwonen hebben namelijk geen recht op een erfenis.

Hieronder lichten wij een aantal van onze veelvoorkomende adviezen om op te nemen in een testament uit.

Quasi wettelijke verdeling

Een argument om een testament te maken is dat de drie-maandsperiode om de wettelijke verdeling ongedaan te maken te kort is. Als deze periode namelijk is verstreken, is bijvoorbeeld de mogelijkheid vervallen om een woning vrij van overdrachtsbelasting op naam van uw kind te zetten of een onderneming aan uw kind toe te delen. De wettelijke verdeling kan worden nagebootst met een testament op basis van de quasi wttelijke verdeling. Hierin kan een langere ongedaanmaakperiode worden opgenomen.

Afvullegaat

Door middel van het opnemen van een afvullegaat van ten behoeve van de langstlevende partner, kan optimaal gebruik worden gemaakt van de vrijstelling voor de erfbelasting van deze langstlevende partner. Deze is namelijk vele malen hoger dan die van de kinderen. In de situatie dat de langstlevende partner en de kinderen allemaal voor een gelijk deel tot erfgenaam zijn benoemd, erven de kinderen vaak meer dan hun vrijstelling en moet er dus erfbelasting worden betaald, dit terwijl de langstlevende partner een deel van zijn of haar vrijstelling onbenut laat.

Tweetrapsmaking

Er kan een vorm van tweetrapsmaking worden opgenomen die ervoor zorgt dat bij het overlijden van één van de kinderen zonder achterlating van afstemmelingen geen 30/40% erfbelasting is verschuldigd, doch slechts 10/20%.

Wat moet u niet doen?

De praktijk leert dat veel vermogen in stenen zit. Het merendeel van de ouders hebben een forse overwaarde op hun huis en willen dan dit huis aan de kinderen overdragen. Niet doen, dit is meestal een zeer slechte constructie. U moet 2% of zelfs 8% overdrachtsbelasting betalen en de hypotheekrente is niet meer aftrekbaar. Het is een beter idee om het huis te verkopen aan een derde en van het geld een mooi appartement of woonhuis te huren en het geld dan aan de kinderen te schenken. Een andere optie is om vermogen op papier te schenken. Het tarief voor schenkingen aan kinderen is relatief laag (10/20%) en ook gelden er vrijstellingen, dus dan valt de schade eventueel nog mee.

Tot besluit

Bel ons of ga eens bij een notaris bij u in de buurt langs en ga eens in gesprek over uw testament. Het eerste gesprek is doorgaans gratis (althans bij ons).

]]>

Waardebepaling onderneming bij echtscheiding

Advisering inzake waardebepaling onderneming bij echtscheiding

Wij adviseren wekelijks ondernemers en partners van ondernemers die discussie hebben over de waarde van een eenmanszaak, VOF of B.V. Soms vindt de advisering op verzoek van een gespecialiseerde echtscheidingsadvocaat of mediator plaats. Door een praktische insteek met voldoende theoretische en wettelijke verwijzingen volgen rechters onze insteek. Dit voorkomt eindeloze discussies en kosten van deskundigen die vaak worden aangewezen door rechters.

Waarde of prijs van een onderneming bij echtscheiding

De waarde van een onderneming wordt veelal bepaald op grond van een berekeningsmethode, veelal de DCF-methode (discounted cash flow methode). Bij een echtscheiding moeten zaken echter worden gewaardeerd op de waarde in het economische verkeer en niet op de economische waarde. Waarde in het economische verkeer is "de prijs die op het meest geschikte moment op de meest geschikte wijze na de beste voorbereiding door de meest biedende gegadigde voor de onderneming wordt geboden en betaald". Het gaat hierbij dus niet direct om de waarde, maar om de prijs: "wat kun je ervoor krijgen?" Wat is van belang:

  1. Is er sprake van persoonlijke goodwill ?
  2. Zijn er stille reserves ?
  3. Moet er rekening worden gehouden met een belastinglatentie ?
  4. Wat is een normale beloning voor de DGA of ondernemer?
  5. Zijn er meerdere eigenaren waardoor verkopen aan derde lastiger is?
  6. Zijn er specifieke vergunningen / kennis / opleidingen nodig ?
  7. Zijn er partijen die de onderneming willen kopen ?
  8. Is de onderneming na verkoop nog levensvatbaar?

Echtscheiding en waarde bedrijf

Een accountantsbenadering van de waarde van een onderneming bij een echtscheiding werkt meestal niet. Bij een accountantsbenadering moet u denken aan:

  1. intrinsieke waarde;
  2. rentabiliteitswaarde;
  3. rendementswaarde;
  4. verbeterde rentabiliteitswaarde;
  5. DCF-methode;
  6. combinatie van ad 1 - 5 (met weging of zonder wegingsfactoren).

Bij de waardering van de onderneming spelen emoties vaak de boventoon. Als partijen recht tegenover elkaar staan en al een tijdje aan het schrijven / procederen zijn, is het lastig een middenweg te vinden. Komen partijen er niet uit, dan wordt vaak een waarderingsdeskundige aangesteld, dit met alle kosten van dien. Tevens zal de waardering van de onderneming invloed hebben op de alimentatiegrondslagen. Een DGA kan immers zijn eigen salaris vaststellen en moet bij een financiering van de waarde van de onderneming (soms) een lening aangaan, deze lening drukt het rendement van de onderneming.

Vragen over waarde onderneming bij echtscheiding

Als u vragen of opmerkingen heeft, kom gerust eens langs voor een vrijblijvend gesprek.

Waardebepaling onderneming bij echtscheiding [news] 5320

Partneralimentatie minder aftrek

Vanaf 2020 is de partneralimentatie niet meer aftrekbaar tegen 50% (of 52%) maar tegen 46%. Uiteindelijk is in 2023 nog maar 37% (exact 37,05%) aftrekbaar. Dit zorgt ervoor dat de betaler van partneralimentatie netto meer kwijt is. U moet hiermee reeds nu rekening houden bij het opstellen van een echtscheidingsconvenant.

Procedures partneralimentatie in 2020 en daarna

Partners die op dit moment partneralimentatie betalen zullen gaan stellen dat de partneralimentatie te hoog is omdat de aftrek lager is. De verwachting isdat dit veel procedures gaat opleveren in 2020 en daarna. De overheid verwacht dat de maatregel (lagere aftrek) geld gaat opleveren (ongeveer 100 miljoen), edoch als de partneralimentatie wordt verlaagd zal de ontvangende partij een beroep doen op een hogere uitkering en/of toeslagen.

Dalende aftrek partneralimentatie

Partneralimentatie wordt voor de betaler duurder, de aftrek daalt de komende jaren als volgt:

  • aftrekbare partneralimentatie in 2020: 46%;
  • aftrekbare partneralimentatie in 2021: 43%;
  • aftrekbare partneralimentatie in 2022: 40%;
  • aftrekbare partneralimentatie in 2023: 37,05%.

Partneralimentatie wordt duurder voor betaler

Partneralimentatie is aftrekbaar voor de betaler en is belast bij de ontvanger. Afhankelijk van uw inkomen is de aftrek op dit moment ongeveer 52%. Dit wil zeggen dat de alimentatiebetaler ongeveer 52% van de betaalde partneralimentatie terugkrijgt van de Belastingdienst. In een nieuw wetsvoorstel is bepaald dat deze aftrek wordt verlaagd tot 37,05% in 2023. De daling wordt ingezet in 2020. De draagkracht van de alimentatiebetaler neemt hierdoor af, hierdoor zou de partneralimentatie dus moeten dalen. Vanaf een inkomen van € 68.000 neemt uw nadeel toe. Voor lagere inkomens valt het nadeel wel mee.

Echtscheidingsconvenant fiscaal aanpassen

Als u nu gaat scheiden en u bent in overleg over een echtscheidingsconvenant, dan is het verstandig om reeds nu rekening te houden met de aangekondigde wetswijziging. In het echtscheidingsconvenant kunt u opnemen dat de partneralimentatie vanaf 2020 opnieuw wordt berekend.

Partneralimentatie laten aanpassen

Als u al gescheiden bent en op dit moment partneralimentatie moet betalen, dan is het verstandig om in 2019 met uw fiscaal jurist of advocaat te overleggen omtrent een wijzigingsverzoek voor uw partneralimentatie. Rechtstreeks met uw (ex) partner overleggen heeft de voorkeur, maar vaak is dit een lastige hobbel. Een wijziging van uw partneralimentatie kan alleen via de rechter plaatsvinden, wacht hier niet te lang mee. Wijziging met terugwerkende kracht is niet mogelijk (tenzij de rechter hiertoe beslist, maar dit komt zelden voor).

Vragen fiscaal jurist over partneralimentatie

Heeft u vragen of opmerkingen over partneralimentatie, bel ons gerust voor een vrijblijvende afspraak.

Partneralimentatie lagere aftrek [news] 5811

Alimentatie schriftelijk vastleggen

Fiscaal nieuws alimentatie

In het verleden was alimentatie aftrekbaar tegen het maximale tarief van 51,95%. De aftrek van alimentatie (en hypotheekrente) is de afgelopen jaren verlaagd. Vanaf 2020 ging dit sneller. Alimentatie (en hypotheekrente etc.) is in de toekomst tegen een lager tarief aftrekbaar de afbouw ziet er als volgt uit:

  • 2019: 46%
  • 2020: 46%
  • 2021: 43%
  • 2022: 40%
  • 2023: 37%

Afkoop van alimentatie kan dus beter vlot plaatsvinden. Als u alimentatie moet betalen aan uw voormalig partner dan kunt u eens overwegen om deze te herzien, de netto last neemt immers door de lagere aftrek toe. Heeft u vragen stuur dan gerust een e-mail of neem contact met ons op.

Als alimentatie niet schriftelijk is vastgelegd, is deze soms niet aftrekbaar bij de betalende partner. In dit artikel duiken wij eens in een uitspraak van de Rechtbank in 2019.

Niet schriftelijk vastgelegde alimentatie niet aftrekbaar

Henk en Truus gingen in 2004 een geregistreerd partnerschap aan. In 2014 liep dit op de klippen en werd het partnerschap beëindigd. De belangrijkste afspraken werden vastgelegd in een overeenkomst, de vaststellingsovereenkomst ontbinding geregistreerd partnerschap. In deze overeenkomst stond over alimentatie: "niet nodig, beide partners kunnen in hun levensonderhoud voorzien." Beide partners deden afstand van hun recht op partneralimentatie. In de aangifte Inkomstenbelasting 2016 nam Henk een aftrekpost op in de aangifte (ruim € 6.000), dit in het kader van een onderhoudsverplichting voor Truus. Truus kon niet rondkomen en daarom heeft Henk de hypotheekrente voor haar voldaan. De Rechtbank is het met de belastinginspecteur eens, de betaalde bedragen zijn niet aftrekbaar, Henk heeft niet aannemelijk gemaakt dat de betaalde bedragen waren bedoeld als partneralimentatie. Het zijn geen rechtstreeks uit het familierecht verrichte en / of verschuldigde betalingen.

Fiscale noot aftrekbare partneralimentatie

De wet Inkomstenbelasting is redelijk duidelijk over de aftrekbaarheid van partneralimentatie:

  • Uit artikel 6.1, eerste en tweede lid, Wet IB 2001 volgt dat de persoonsgebonden aftrek onder andere bestaat uit uitgaven voor onderhoudsverplichtingen. Deze zijn omschreven in artikel 6.3, eerste lid, van de Wet IB 2001, welke bepaling voor zover hier van belang als volgt luidt:
  • “1. Onderhoudsverplichtingen zijn:

    a. periodieke uitkeringen en verstrekkingen op grond van een rechtstreeks uit het familierecht voortvloeiende verplichting, tenzij deze worden gedaan aan bloed- of aanverwanten in de rechte lijn of in de tweede graad van de zijlijn;(…)
  • f. in rechte vorderbare periodieke uitkeringen en verstrekkingen die berusten op een dringende morele verplichting tot voorziening in het levensonderhoud.”

In de vaststellingsovereenkomst stond geen enkele verplichting tot het betalen van partneralimentatie. Partijen hadden dit dus in 2014 beter en zorgvuldiger moeten vastleggen. Een redelijke verdeling van de bewijslast brengt met zich dat Henk (en / of Truus) de feiten en omstandigheden aannemelijk moet maken waaruit volgt dat de door hem gedane betalingen kunnen worden aangemerkt als aan zijn ex-partner gedane betalingen in het kader van onderhoudsverplichtingen als bedoeld in artikel 6.3 Wet IB 2001. Dit is met een paar bankafschriften niet voldoende duidelijk gemaakt. De verplichting om te moeten betalen is niet schriftelijk vastgelegd. Tevens is niet duidelijk of de betalingen de titel van partneralimentatie moeten krijgen.

Een zijsprong via de "dringende morele verplichting " ex artikel 6.3 eerste lid letter f had wellicht nog gekund maar in rechte had Truus niks te vorderen.

Al met al is dit een voorbeeld van een slechte voorbereiding en een niet juist gevoerde procedure. Er hadden bijvoorbeeld verklaringen van Truus moeten liggen of een nadere overeenkomst.

Bron niet aftrekbare partner alimentatie

Rechtbank Den Haag 15 oktober 2019 ECLI:NL:RBDHA:2019:14410

Alimentatie schriftelijk vastleggen [news] 6360

Echtscheiding en hypotheekrente

Echtscheiding en eigen woning bij achterblijvende partner

Tamara gaat scheiden in 2018. Ze blijft tot het moment van levering van de woning in de woning wonen. Tamara voldoet alle hypotheekrente en trekt deze (deels als betaalde alimentatie) af in haar aangifte inkomstenbelasting. De inspecteur is het niet met Tamara eens, de rechter ook niet. Volgens beiden is 50% van de hypotheekrente aftrekbaar.

Procedure echtscheiding en hypotheekrente

Tamara en Henk gaan in 2018 scheiden, er is geen echtscheidingsconvenant gesloten. In de echtscheidingsbeschikking staat dat Tamara gerechtigd is om in de eigen woning te blijven wonen tot de datum van levering. Dit onder de voorwaarde dat Tamara 100% van de hypotheekrente gaat betalen. De overwaarde van de eigen woning komt toe aan Henk en Tamara, voor gelijke delen. Tamara neemt in haar aangifte inkomstenbelasting € 4.500 op als betaalde alimentatie. Tevens brengt ze € 4.500 in aftrek als hypotheekrente.

De inspecteur is van mening dat de betaalde alimentatie niet kan worden afgetrokken. Tamara heeft volgens de inspecteur recht op een aftrek van 50% van de door haar betaalde hypotheekrente. De rechter is het met de inspecteur eens.

  • Uit de echtscheidingsbeschikking volgt namelijk, aldus de rechtbank, dat de door Tamara betaalde hypotheekrente, voor zover deze betrekking heeft op het aan haar ex-echtgenoot (Henk) toerekenbare deel van de woning, heeft gestrekt tot vergoeding voor het gebruik van de woning. De rechtbank acht het niet aannemelijk dat de rentevergoeding tot doel had om Henk te voorzien in zijn levensonderhoud. 
  • Daarbij neemt de rechtbank in aanmerking dat de rentevergoeding ophield bij verkoop van de woning en dat daar niet een andere vergoeding of betalingsverplichting voor in de plaats is gekomen.
  • De woning is voor Tamara voor 50% aan te merken als eigen woning. 50% Van de hypothecaire schuld is voor Tamara aan te merken als eigenwoningschuld. De overige 50% kan naar het oordeel van de rechtbank dus niet als eigenwoningschuld in aanmerking worden genomen, wat betekent dat de daarmee corresponderende hypotheekrente niet bij Tamara aftrekbaar is.

Noot fiscaal jurist en echtscheiding

Bovenstaande situatie was via een eenvoudig fiscaal advies op te lossen. Als Henk de woning verlaat, kan hij de betaalde hypotheekrente nog 2 jaar aftrekken. Het bedrag van het eigenwoningforfait kan worden opgegeven als partneralimentatie. Koopt Henk direct na zijn vertrek een nieuwe woning, dan kan hij gedurende 2 jaar de hypotheekrente voor beide woningen aftrekken, mits Henk de hypotheekrente ook heeft voldaan. De gebruikelijke regeling is dus de volgende:

  1. Henk vertrekt uit de woning en Tamara blijft er wonen.
  2. Henk stelt zijn aandeel in de eigen woning beschikbaar aan Tamara. Dit is een vorm van (aftrekbare) partneralimentatie (in natura) welke wordt gewaardeerd op het eigenwoningforfait (dus per saldo nihil).
  3. Tamara ontvangt een belaste partneralimentatie (in de vorm van woongenot) die wordt gewaardeerd op hetzelfde bedrag (als bij Henk).
  4. Als Henk alle rente zou betalen (dus ook voor aandeel Tamara), dan is dit bij Henk aftrekbaar als partneralimentatie en bij Tamara belast als partneralimentatie. Tamara mag hierop haar aandeel van de hypotheekrente in mindering brengen.

Doordat er in deze casus een (verkeerde en anders luidende) beschikking lag, ging het in deze casus niet goed. Het is belangrijk dat u in overleg met een fiscaal jurist en een advocaat uw echtscheiding goed en zorgvuldig regelt. Zijn er vragen, stuur ons dan gerust een e-mail via onderstaand formulier.

Bron eigen woning, echtscheiding en hypotheekrente

Rechtbank Noord-Nederland d.d. 6 augustus 2021 ECLI:NL:RBNNE:2021:3392

Echtscheiding en hypotheekrente [news] 7186

Waardebepaling onderneming bij echtscheiding

Advisering inzake waardebepaling onderneming bij echtscheiding

Wij adviseren wekelijks ondernemers en partners van ondernemers die discussie hebben over de waarde van een eenmanszaak, VOF of B.V. Soms vindt de advisering op verzoek van een gespecialiseerde echtscheidingsadvocaat of mediator plaats. Door een praktische insteek met voldoende theoretische en wettelijke verwijzingen volgen rechters onze insteek. Dit voorkomt eindeloze discussies en kosten van deskundigen die vaak worden aangewezen door rechters.

Waarde of prijs van een onderneming bij echtscheiding

De waarde van een onderneming wordt veelal bepaald op grond van een berekeningsmethode, veelal de DCF-methode (discounted cash flow methode). Bij een echtscheiding moeten zaken echter worden gewaardeerd op de waarde in het economische verkeer en niet op de economische waarde. Waarde in het economische verkeer is "de prijs die op het meest geschikte moment op de meest geschikte wijze na de beste voorbereiding door de meest biedende gegadigde voor de onderneming wordt geboden en betaald". Het gaat hierbij dus niet direct om de waarde, maar om de prijs: "wat kun je ervoor krijgen?" Wat is van belang:

  1. Is er sprake van persoonlijke goodwill ?
  2. Zijn er stille reserves ?
  3. Moet er rekening worden gehouden met een belastinglatentie ?
  4. Wat is een normale beloning voor de DGA of ondernemer?
  5. Zijn er meerdere eigenaren waardoor verkopen aan derde lastiger is?
  6. Zijn er specifieke vergunningen / kennis / opleidingen nodig ?
  7. Zijn er partijen die de onderneming willen kopen ?
  8. Is de onderneming na verkoop nog levensvatbaar?

Echtscheiding en waarde bedrijf

Een accountantsbenadering van de waarde van een onderneming bij een echtscheiding werkt meestal niet. Bij een accountantsbenadering moet u denken aan:

  1. intrinsieke waarde;
  2. rentabiliteitswaarde;
  3. rendementswaarde;
  4. verbeterde rentabiliteitswaarde;
  5. DCF-methode;
  6. combinatie van ad 1 - 5 (met weging of zonder wegingsfactoren).

Bij de waardering van de onderneming spelen emoties vaak de boventoon. Als partijen recht tegenover elkaar staan en al een tijdje aan het schrijven / procederen zijn, is het lastig een middenweg te vinden. Komen partijen er niet uit, dan wordt vaak een waarderingsdeskundige aangesteld, dit met alle kosten van dien. Tevens zal de waardering van de onderneming invloed hebben op de alimentatiegrondslagen. Een DGA kan immers zijn eigen salaris vaststellen en moet bij een financiering van de waarde van de onderneming (soms) een lening aangaan, deze lening drukt het rendement van de onderneming.

Vragen over waarde onderneming bij echtscheiding

Als u vragen of opmerkingen heeft, kom gerust eens langs voor een vrijblijvend gesprek.

Waardebepaling onderneming bij echtscheiding [news] 5320 Echtscheiding en belastingen]]>

DGA pensioen bij echtscheiding

DGA moet vaker pensioen afstorten bij verzekeraar

Update

Directeuren-grootaandeelhouders (DGA's) krijgen in 2017 (en 2018 en 2019) de mogelijkheid om hun pensioen in eigen beheer van de balans te halen (af te kopen). Dit kan met een korting van 34,5% in 2017 (en in de jaren daarna tegen lagere percentages, namelijk 2018: 25% en 2019: 19,5%). Heeft u geen geld, dan resteren er twee opties:

  1. Premievrij maken;
  2. Spaarvariant kiezen.

Pensioen in eigen beheer opbouwen is dus vanaf 2017 feitelijk voorbij.

De casus

Een DGA was 25 jaar getrouwd en ging scheiden, hij had een pensioen in eigen beheer opgebouwd. De pensioenen worden verevend conform de wet. De ex-vrouw wil dat haar deel wordt afgestort bij een verzekeraar, de Hoge Raad is het met haar eens. Een opmerkelijke uitspraak. De Hoge Raad stelt dat op basis van de redelijkheid en billijkheid niet van de ex-vrouw kan worden verlangd dat haar deel bij de B.V. van de ex-man blijft. De man houdt immers de volledige zeggenschap over dit pensioen. Dit kan anders zijn als het afstorten de continuïteit van zijn bedrijf in gevaar brengt. Als de B.V. geen geld heeft en dit ook niet kan lenen, kan het verzoek om afstorten worden betwist, anders niet.

Algemeen

Het pensioen van de DGA wordt in 2007 aangepast. Allereerst geldt met ingang van 1 januari 2007 een nieuwe pensioenwet die niet van toepassing is op de DGA (minimaal 10% van de aandelen / certificaten). In 2007 moet de DGA kiezen, óf in eigen beheer verzekeren óf extern bij een verzekeraar (wellicht in de toekomst ook bij een bank).

Pensioen in eigen beheer en echtscheiding

Tot februari 2007 dachten advocaten dat een DGA bij echtscheiding een eigenbeheerpensioen niet extern hoeft onder te brengen. Dit was anders als de B.V. onvoldoende zorg zou besteden aan de pensioendekking en de DGA het beleid kon bepalen. De Hoge Raad gaat nu een stuk verder. Op grond van de uitspraak van 9 februari 2007 moet er worden afgestort, tenzij de DGA aannemelijk maakt dat hij geen liquide middelen heeft of deze elders kan verkrijgen (intern of extern lenen). De continuïteit mag niet in gevaar komen.

Conclusie

De uitspraak zorgt bij advocaten en accountants voor ophef en beroering. Het kan betekenen dat (een deel van) de pensioenreserve daadwerkelijk beschikbaar moet zijn bij een echtscheiding, dit is bij de meeste bedrijven niet zo. Bij het grote aantal echtscheidingen in Nederland is dit dus een daadwerkelijk probleem.

Voor lopende zaken en ook voor reeds uitgesproken echtscheidingen is deze uitspraak van belang. Als u nog gaat scheiden, neem deze uitspraak dan mee in uw overwegingen. Als u reeds gescheiden bent, kijk dan eens in het echtscheidingsconvenant, wellicht moet uw ex alsnog het pensioen afstorten. Ook kinderen kunnen een beroep doen op deze uitspraak.

Indien u overweegt te gaan procederen, overweeg dan ook eens de pensioenreserve te laten berekenen door een deskundige. Het kan zijn dat de pensioenreserve niet gelijk is aan de toezegging die uit de pensioenbrief volgt. De ex-partner heeft recht op 50% van het tijdens het huwelijk opgebouwde ouderdomspensioen, te vermeerderen met het nabestaandenpensioen. Op de balans staat veelal een fiscale waardering, de werkelijke waarde kan anders zijn. Hoewel ik geen pensioendeskundige ben, zie ik verschillen ontstaan door (na)indexatie en kosten- en winstopslag.

Bron: HR 9 februari 2007 / nummer R06/021.

DGA pensioen bij echtscheiding [news] 1957
Echtscheiding ondernemer en DGA Directeur Groot Aandeelhouder [news] 2010-05-17

Echtscheiding ondernemer en DGA

Fiscale advisering van ondernemer en advocaat is noodzaak en financieel voordelig

Ruim 30% van de huwelijken eindigt via een echtscheiding. Voor de wet is elke echtscheiding gelijk. Een echtscheiding van een ondernemer of DGA is vaak complexer, omdat zijn / haar inkomen per jaar kan verschillen en de waarde van de onderneming geen vaststaande grootheid is. Dit is een bron van slepende procedures en een hoop gezeur. In mijn praktijk word ik regelmatig door advocaten, ondernemers of diens ex-partners gevraagd om te adviseren bij de omvang van de alimentatie, waarde van de onderneming, verdeling van het pensioen en natuurlijk het vaststellen van de draagkracht van de ondernemer (wat kan hij / zij betalen?).

Vanuit de kant van de ex-partner (niet-ondernemer) word ik regelmatig door advocaten benaderd om te kijken of er met de winsten is geschoven en in welke mate winsten moeten worden meegenomen.

De alimentatie wordt berekend op grond van de zogenaamde TREMA-normen. Deze bieden echter voor de ondernemer niet veel duidelijkheid. Een uitgebreid jurisprudentieonderzoek kan wenselijk zijn en voor de DGA is het verstandig om de jaarrekening - bij het actueel worden van de echtscheiding - door een fiscaal jurist te laten beoordelen. Voor de ex-partner is het verstandig om te kijken of de jaarrekening een juist beeld geeft van de feiten.

Wat speelt er bij een ondernemer?

  • Wat gebeurt er met de eenmanszaak of aandelen in de B.V.?
  • Hoe moet de alimentatie van de ondernemer of DGA worden berekend?
  • Wat is de onderneming waard en wie gaat dit bepalen?
  • Hoeveel winst moet worden meegenomen voor de alimentatieberekening?
  • Hoe wordt omgegaan met een dalende / stijgende winst in de toekomst?
  • Kan een deel van de alimentatie op de onderneming worden afgewenteld, bijvoorbeeld via een dienstbetrekking van de ex-partner?
  • Moet het dividend respectievelijk de algemene reserve binnen een B.V. worden meegenomen of niet?
  • Kunnen winsten naar boven of beneden worden bijgesteld?
  • Zijn er huwelijkse voorwaarden en kunnen hieraan rechten worden ontleend?
  • Moet pensioen in eigen beheer worden afgestort?

Regel zaken tijdens het huwelijk

De ondernemer of DGA kan het beste tijdens het huwelijk de zaken goed regelen. Dit kan bijvoorbeeld door de huwelijkse voorwaarden eens onder de loep te nemen en tevens duidelijke afspraken te maken over de manier waarop alimentatie zou moeten worden berekend. Wellicht dat er ook afspraken kunnen worden gemaakt over het (deels) afstorten van het pensioen in eigen beheer. Als uw huwelijk er nu goed voorstaat, regel dan nu de mogelijke gevolgen van een scheiding. Dit voorkomt veel gezeur en discussies in de toekomst.

DGA-scan

Wij maken op kantoor regelmatig een DGA-scan. Hierbij wordt beoordeeld wat er gaat gebeuren bij overlijden, pensioen, arbeidsongeschiktheid, verkoop van de onderneming, maar ook bij een echtscheiding. Een eenvoudige scan kost € 1.000, een uitgebreide scan € 3.000.

2010-05-17 2015-05-17 2787
Echtscheiding en eigen woning in 2011 Iedereen [news] 2011-01-19

Echtscheiding en woning in 2011

Als u vanaf 2011 in scheiding ligt en u de woning verlaat, komt uw hypotheekrenteaftrek in gevaar.

Partnerschap in 2011

Door een wetswijziging in 2011 ontstaan er problemen voor mensen die gaan scheiden. Vanaf 2011 eindigt een fiscaal huwelijk op de datum van de scheiding, of eerder als de (duurzame) samenleving wordt beëindigd. Als u dus niet meer op hetzelfde adres staat inschreven en het verzoek tot echtscheiding is ingediend, bent u geen fiscaal partner meer.

Het fiscaal partnerschap voor gehuwden eindigt als ze een verzoek tot echtscheiding bij de Rechtbank hebben ingediend en niet meer in hetzelfde huis wonen. Als de man de woning verlaat voordat de scheiding rond is, blijft hij fiscaal partner, edoch zijn hoofdverblijf is ergens anders. Zijn deel van de hypotheekrente komt dan te vervallen. Zijn vrouw kan haar deel van de hypotheekrente nog wel aftrekken.

Problemen vanaf 2011

Iedereen die gescheiden is gaan leven maar nog niet is gescheiden heeft sinds 2011 een probleem. Vanaf 2011 bent u verplicht fiscaal partner van elkaar (dus met uw ex). Als u al een nieuwe partner heeft, kunt u geen fiscaal partner meer zijn met hem of haar. Dit kunt u oplossen door een verzoek tot echtscheiding in te dienen.

Als u een nieuwe woning koopt en nog geen verzoekschrift hebt ingediend, ontstaat er fiscaal een complexe situatie. U bent dan namelijk nog fiscaal partner en zou dan dus maar 1 eigen woning kunnen hebben. Als de wet goed wordt gelezen gaat dit goed, maar ik zou mijn handen er nog niet voor in het vuur steken.

Normale situatie vanaf 2011

Als u gaat scheiden, een scheidingsverzoek indient, het huis verlaat en ergens anders gaat wonen, bent u geen fiscaal partner meer. U heeft nog maximaal 2 jaar recht op hypotheekrenteaftrek, ondanks dat u niet meer in de woning woont resp. de woning niet meer uw hoofdverblijf is. Oorspronkelijk stond dit anders in de wet, maar dit is aangepast.

Uitbreiding partnerbegrip in 2011

Het fiscaal partner begrip wordt in 2011 uitgebreid met:

  1. ongehuwd samenwonenden met een notarieel samenlevingscontract;
  2. ongehuwd samenwonenden zonder notarieel samenlevingscontract die samen een kind hebben, voor een pensioenregeling als partner gelden of samen een eigen woning hebben.

Bron

Brief Staatssecretaris 5 november 2010: Motie en toezegging inzake het partnerbegrip.

2010-11-11 0000-00-00 2922

Echtscheiding en eigen woning

Als u gaat scheiden met een eigen woning, dan komt u aan het lezen en nadenken. Dit is fiscaal lastig en soms erg onvoordelig. In de praktijk zijn er vele adviseurs met verschillende meningen. In dit artikel een uitleg over de feiten en enige jurisprudentie. Veel voorkomende fouten zijn:

  • hypotheekrenteaftrek;
  • te laat scheiden / einde fiscaal partnerschap;
  • erfgenaam van elkaar blijven;
  • hoofdelijke aansprakelijkheid hypotheek blijft bestaan na echtscheiding.

Voorbeeld eigen woning en echtscheiding

Truus en Henk zijn getrouwd en hebben 2 kinderen. Ze zijn gezamenlijk eigenaar van een woning. Op de woning rust een hypotheek, beide zijn hoofdelijk aansprakelijk voor de schuld. De echtscheiding wordt uitgesproken en Henk laat zich uitschrijven uit de woning en gaat bij zijn vader en moeder wonen. Truus blijft met de kinderen in de woning wonen, dit in afwachting van een verkoop van de woning. Truus krijgt de hypotheekrenteaftrek (wordt ook door haar betaald), ze is echter voor 50% eigenaar van de woning. Vanaf het moment dat Henk vertrekt, eindigt ook het fiscaal partnerschap tussen Truus en Henk. In dit geval is 50% van de hypotheekrente aftrekbaar en niet 100%. Truus moet ook 50% van het eigenwoningforfait aangeven.

Voor Henk zal een speciale regeling gelden. Gedurende 2 (of 30 jaar na de echtscheiding / het verlaten van de woning mag Henk 50% van de woning aanmerken als "fictieve eigen woning". Als Henk dan ook 50% van de hypotheekrente heeft betaald, mag hij deze fiscaal aftrekken. In het jaar van de echtscheiding mag nog worden gekozen voor fiscaal partnerschap.

Deze kwestie is eenvoudig op te lossen:

  • Truus voldoet 50% van de hypotheekrente;
  • Truus betaalt 50% van de hypotheekrente als partneralimentie aan Henk;
  • Truus kan hierdoor 100% van de betaling aftrekken;
  • Henk moet over de partneralimentatie in box 1 belasting betalen;
  • Henk voldoet 50% van de hypotheekrente en deze is dan in box 1 aftrekbaar;
  • Henk moet 50% van het eigenwoningforfait opgeven, maar mag dit ook aftrekken als ter beschikking gesteld woongenot (onderhoudsverplichting richting Truus);
  • Per saldo is bij Henk niets belast en bij Truus alles aftrekbaar;
  • Maximale termijn 2 (of 3) jaar;
  • Is de woning na 2 jaar nog niet verkocht, dan moet deze voor 100% worden toegedeeld aan Truus.

Uitspraak echtscheiding en eigen woning

Het Gerechtshof Den Bosch heeft zich in 2015 gebogen over de hypotheekrente bij een echtscheiding. Volgens de rechter heeft de man recht op 50% van de renteaftrek op een eigen woning. X en Y zijn getrouwd en gaan in 2006 gescheiden leven. In 2008 wordt de daadwerkelijke echtscheiding uitgesproken. X blijft in de woning wonen, Y voldoet de hypotheekrente en trekt in zijn aangifte inkomstenbelasting 2009 (dus na de echtscheiding) € 20.000 af als partneralimentatie. Y en X zijn beide eigenaar van de woning. De inspecteur is het hier niet mee eens. De Rechtbank is het met de inspecteur eens en Y gaat in hoger beroep bij het Gerechtshof. Het Gerechtshof komt tot de volgende overwegingen:

  • Vooruitlopende op de definitieve echtscheiding is een voorlopige voorziening tussen X en Y (mondeling) overeengekomen.
  • Y zou de woonlasten blijven dragen.
  • Er is een mondelinge overeenkomst tussen partijen.
  • 50% Van de woonlasten zijn als onderhoudsverplichting bij Y aftrekbaar.
  • Er is € 6.000 aftrekbaar bij Y.  

Conclusie eigen woning en echtscheiding

Veelal zijn er advocaten (zonder of beperkte fiscale kennis) aan het woord gedurende een echtscheiding. Het is verstandig om tijdens dit traject een fiscaal jurist te laten meekijken. Dit kan veel fiscale en financiële problemen voorkomen dan wel een substantieel voordeel opleveren. Denk bij een echtscheiding ook aan:

  • aanpassen van uw testament;
  • aanpassen verzekeringen (zoals overlijdensrisicoverzekeringen);
  • bankrekeningen scheiden.

Echtscheiding en eigen woning [news] 4505

Echtscheiding en testament

Is uw echtscheiding definitief afgerond, dan is het verstandig om ook uw testament aan te passen. Als u geen testament zou hebben, dan is uw ex-echtgenoot geen erfgenaam meer van u, de kinderen blijven dit wel. Zijn er geen kinderen, dan zijn uw naaste familieleden uw erfgenaam, denk hierbij aan uw ouders, broers of zussen.

Testament en echtscheiding, hoe werkt dit?

Na uw echtscheiding vervalt niet automatisch ook uw testament. De erfstelling in uw testament is hiervoor alles bepalend. Als uw testament een echtscheidingsbepaling bevat, dan is deze regel van toepassing. Het is echter verstandiger om na uw echtscheiding ook uw testament te laten aanpassen. In dat geval weet u zeker dat uw laatste wil (testament) ook echt weergeeft hetgeen u voor ogen heeft gehad, uw ex is geen erfgenaam meer en uw testament kan actueel worden vormgegeven naar de huidige situatie en stand van de wetgeving.

Stel dat u en uw partner beiden een nieuwe partner hebben of krijgen en uw kinderen enig erfgenaam zijn (bij 2 kinderen beide voor gelijke delen). Als uw kind minderjarig is kunnen er vreemde situaties ontstaan:

  • Het kan zomaar zo zijn dat uw ex-partner over het geld / vermogen van uw nalatenschap kan beschikken.
  • Als uw kind komt te overlijden (en minderjarig is zonder testament), dan kan uw ex-partner alsnog erfgenaam zijn van uw vermogen.

U kunt bovenstaande voorkomen door in uw testament hierover na te denken, bijvoorbeeld via een tweetrapsmaking. Dit wil zeggen dat het erfdeel dat uw zoon of dochter bij uw overlijden vererft (en nog niet op is) bij het overlijden van deze zoon of dochter naar uw andere zoon of dochter gaat. Oke, u regeert over uw graf heen, maar het voorkomt onbedoelde effecten.

Als uw kind bij uw overlijden nog minderjarig is, dan komt ook het zogenaamde ouderlijke vruchtgebruik / genot in beeld. Totdat uw kind meerderjarig is heeft de ouder het ouderlijk vruchtgenot over het vermogen dat van uw zoon of dochter is, u kunt hierbij denken aan huurinkomsten van onroerende zaken of rentebetalingen op spaarrekeningen. De ouder (uw ex) hoeft dit vermogen niet aan uw zoon of dochter terug te betalen. In uw testament kunt u dit voorkomen.

Tevens is het te overwegen om een baasje in uw testament te benoemen, een zogenaamde bewindvoerder. Deze persoon kan dan uw vermogen (dat bij uw zoon of dochter terecht komt) beheren. Regelt u niks, dan komt dit beheer bij uw ex-partner terecht totdat uw kind meerderjarig zou worden. Eventueel kunt u het vermogen zelfs tot de 23e verjaardag door de bewindvoerder laten beheren en via ingewikkelde structuren zelfs langer.

Vragen over testament

Bel eens met één van onze fiscaal juristen over de beste opzet en / of bel met uw notaris.

Echtscheiding en testament [news] 5079

Afkoop alimentatie kan netto

Fiscaal nieuws alimentatie

In het verleden was alimentatie aftrekbaar tegen het maximale tarief van 51,95%. De aftrek van alimentatie (en hypotheekrente) is de afgelopen jaren verlaagd. Vanaf 2020 ging dit sneller. Alimentatie (en hypotheekrente etc.) is in de toekomst tegen een lager tarief aftrekbaar de afbouw ziet er als volgt uit:

  • 2019: 46%
  • 2020: 46%
  • 2021: 43%
  • 2022: 40%
  • 2023: 37%

Afkoop van alimentatie kan dus beter vlot plaatsvinden. Als u alimentatie moet betalen aan uw voormalig partner dan kunt u eens overwegen om deze te herzien, de netto last neemt immers door de lagere aftrek toe. Heeft u vragen stuur dan gerust een e-mail of neem contact met ons op.

Met enige regelmaat ben ik betrokken bij echtscheidingen van ondernemers / DGA's. In de meeste gevallen word ik hierbij ingeschakeld door de (ex-)partner van de ondernemer / DGA.  De discussies die ontstaan hebben veelal betrekking op de waarde van de onderneming, de uitleg van huwelijkse voorwaarden, ontvangen schenkingen, maar zeker ook het bepalen van de draagkracht van de ondernemer.

Afkoop alimentatie bij ondernemers

Als partners uit elkaar gaan, wil men het liefst financieel volledig afscheid nemen. Volledig afscheid nemen is vaak door de kinderen (of toekomstig pensioen) niet mogelijk. Financieel afscheid nemen kan worden vormgegeven via de afkoop van alimentatie en de verrekening van toekomstige pensioenen. Steeds meer mannen en vrouwen willen niet meer financieel aan elkaar verbonden zijn door maandelijkse partneralimentatie. Recent riep een ondernemer hierover nog: "weggegooid geld, mijn ex ga ik niet nog 12 jaar ondersteunen." De ontvanger van de alimentatie wil vaak ook niet van de ex afhankelijk zijn:

  • Wordt de alimentatie wel op tijd betaald?
  • Kan de ondernemer in de toekomst nog wel betalen?
  • Loop ik risico op zijn ondernemerschap?
  • Komen er nog toekomstige procedures als zijn of haar bedrijf slechter draait? 

Bovenstaande geeft stress.  Een afkoop van alimentatie kan deze stress voorkomen. Maar hoe doe je dit fiscaal voordelig?

Netto afkoop van alimentatie

Henk is ondernemer en wil zijn vrouw eenmalig een afkoopsom betalen voor de toekomstige alimentatie. Wettelijk moet Henk 10 jaar betalen. Hij komt echter via een mediator met zijn vrouw overeen dat hij ineens de contante waarde voor de komende 8 jaar zal betalen, een bedrag van € 300.000. De vrouw is het hiermee eens, maar wil dit bedrag dan wel in één keer netto op haar bankrekening. Omdat de man en vrouw in 2021 nog fiscaal partner zijn, kan in 2021 de afkoop netto worden betaald, mits beide partners in 2021 ervoor kiezen elkaars partner te zijn. Dit kan ook als de partners niet geheel 2021 elkaars fiscale partner zijn. Echtgenoten kunnen nog het hele jaar waarin het verzoek tot echtscheiding is ingediend een aangifte Inkomstenbelasting indienen alsof ze fiscaal partner zijn (artikel 2:17 lid 7 Wet op de Inkomstenbelasting 2001). De man kan niet alleen zijn eigen aftrekpost, maar ook de verschuldigde heffing van zijn vrouw in zijn eigen aangifte opnemen. Door deze aangifte vallen de aftrekpost en de verschuldigde heffing tegen elkaar weg. Al met al "netto afkoop van alimentatie". Eventueel kan de betaling ook in termijnen plaatsvinden, dit overleggen wij veelal met de Belastingdienst. Aandachtspunt is wel dat u er vroegtijdig over nadenkt. Als een verzoek tot echtscheiding in 2020 is ingediend en in 2021 wordt besloten tot afkoop, bent u te laat, dit kan dus niet.

Termijn partneralimentatie sinds 2020

De termijn voor de partneralimentatie is sinds 2020 aangepast in standaard 5 jaar. Er bestaan op deze termijn veel uitzonderingen. De belangrijkste:

  1. Termijn korter: als het huwelijk korter dan 10 jaar heeft geduurd, is de termijn 50% van de duur van het huwelijk of het geregistreerde partnerschap. Bij 6 jaar gehuwd zijn is de termijn dus 3 jaar. Hierop bestaan weer uitzonderingen. De belangrijkste is dat, als u samen kinderen heeft (einde alimentatie als jongste kind 12 jaar is geworden).
  2. Heeft huwelijk (of partnerschap) minimaal 15 jaar geduurd? Krijgt uw ex-partner binnen 10 jaar AOW? Dan moet u alimentatie betalen tot dat uw partner AOW ontvangt.
  3. Bent u geboren vóór 1 januari 1970? Duurde uw huwelijk of partnerschap langer dan 15 jaar? Krijgt u over meer dan 10 jaar AOW? Dan is de termijn 10 jaar.

De partneralimentatie stopt als uw ex-partner opnieuw gaat trouwen. De alimentatie kan hoger of lager worden als u of uw ex-parter meer of minder gaat verdienen. U kunt ook anders overeenkomen in het echtscheidingsconvenant.

Vragen over echtscheiding bij ondernemers

Wilt u een vrijblijvend gesprek over een echtscheiding bij ondernemers of een DGA. dan kunt u contact opnemen met de heer mr. D.J.B. Jongbloed. Hij is vaak betrokken bij dergelijke procedures. De uiteindelijke echtscheiding zal altijd in overleg met een advocaat plaatsvinden.

Afkoop alimentatie kan netto [news] 7100

Draagkracht van een DGA berekenen

Bij het bepalen van de draagkracht van een directeur-grootaandeelhouder is vaak discussie over winsten in de B.V. of aanwezige reserves (eigen vermogen). Hoewel dit "voer" is voor advocaten en veel discussies, hebben wij geprobeerd u hierin eenvoudig enig inzicht te geven. Wij merken nog te vaak dat advocaten erg goed de regels en wetten kennen, maar minder sterk zijn in de financiële kant van het verhaal. Bij een echtscheiding tevens een fiscaal jurist inschakelen is daarom verstandig.

Is de dividendreserve van bepaling voor de draagkracht van een DGA?

Een DGA ontvangt een salaris en daarnaast maakt zijn B.V. winst. De winsten blijven achter in de B.V. omdat deze nog niet in privé nodig zijn en noodzakelijk zijn voor investeringen (of reserves) binnen de de B.V. In een casus bij het Gerechtshof Den Haag (25 mei 2016 ECLI:NL:GHDHA:2016:1890) kwam de vraag aan de orde of de aanwezige winstreserves in de B.V. moesten meetellen voor de draagkracht van een DGA. De man is van mening dat de winst / dividendreserve niet moet worden meegewogen omdat deze moet worden aangehouden voor de continuïteit van zijn onderneming. Zowel de Rechtbank als het Gerechtshof zijn het met de man eens. Dat er winstreserves aanwezig zijn wil nog niet zeggen dat er ruimte is voor een dividenduitkering. Dit is ter beoordeling van de bestuurders van de B.V. Daarbij dient er rekening te worden gehouden met de wettelijke verplichtingen uit hoofde van boek 2 BW en de belangen van de vennootschap, aldus het Gerechtshof.

De vrouw stapt naar de Hoge Raad (Hoge Raad d.d. 19 mei 2017 ECLI:NL:2017:934) en krijgt gelijk. Bij de beoordeling van dit vraagstuk moet er worden gekeken naar:

  • de inkomsten die worden verworven;
  • de inkomsten die kunnen worden verworven.

Het gaat daarbij niet alleen om het salaris, maar ook om de inkomsten in de B.V. De zaak wordt verwezen naar een ander Gerechtshof.

Noot fiscaal jurist over draagkracht DGA / ondernemer

Vaak wordt er tussen echtelieden ruzie gemaakt over de winsten in de B.V. of de winsten uit het verleden. Moeten deze worden meegenomen bij de berekening van de draagkracht van de DGA? Het is redelijk vaste jurisprudentie dat opnamen in rekening-courant met de B.V. niet als inkomen hoeven te worden gezien. De lening moet immers worden terugbetaald. Of gemaakte winsten of winstreserves moeten worden meegenomen is een geheel andere vraag. Er is altijd een spanningsveld tussen:

  1. dividendreserve nodig voor de B.V. (en haar continuïteit);
  2. dividendreserve duurzaam overtollig en beschikbaar als inkomen voor de DGA.

Een DGA (bestuurder) heeft een zekere vrijheid om te bepalen wat hij / zij met het geld in de B.V. gaat doen. Een rechter zal dit vaak terughoudend toetsen. De rechter zal de met het oog op een goede bedrijfsvoering en gezonde financiële toekomst van de B.V. gemaakte keuzes van de DGA in beginsel moeten respecteren, tenzij bijvoorbeeld vast zou komen te staan dat de keuze van de DGA vooral is ingegeven om zijn alimentatiedraagkracht te drukken of hij anderszins een keuze heeft gemaakt die geen redelijk denkend ondernemer in dezelfde branche zou hebben gemaakt.

De bewijslast ligt bij de DGA, hij / zij moet bewijzen (met stukken) dat de gelden nodig zijn voor de onderneming / B.V. Stukken die hiervoor noodzakelijk zijn:

  • jaarrekening;
  • kasstroomoverzicht;
  • sterkte- en zwakte-analyse van de onderneming;
  • ontwikkelingen in de branche;
  • verklaringen van een deskundige (bijvoorbeeld de accountant);
  • prognoses voor de toekomst.

De centrale vraag is dus of er gemotiveerd wordt bewezen dat winsten moeten worden opgepot en voor welk deel.

Draagkracht DGA berekenen [news] 5683

De voorfase bij echtscheidingen

Het nest ligt onder de boom en de echtelieden gaan uit elkaar. Maar al te vaak hoor je als adviseur pas laat van de emotionele problemen en is er al teveel onjuist of niet geregeld. Tussen het moment van "einde oefening" en de daadwerkelijke echtscheiding ligt te vaak een lang traject. Dit noemen ze in de praktijk de onderhandelingsfase. De echtelieden kunnen het beste zelf tot een beslissing van de verdeling komen, wellicht met hulp van een derde. Zodra de advocaten en juristen in beeld komen, leert de praktijk veelal dat de standpunten verharden en er met modder wordt gegooid. Daarnaast gaat de tikker van de advocaat dan onverwacht snel lopen. Alles wat u aan hem of haar moet betalen, kan niet worden verdeeld tussen de echtelieden, dit wordt vaak vergeten of onderschat.

Bij de verbreking van de relatie spelen vragen over de wijze waarop men uit elkaar wil gaan, wat de gevolgen daarvan zijn en welke afspraken in dat kader gemaakt moeten / kunnen worden. Dit onderhandelingsproces leidt uiteindelijk tot een verzoek tot echtscheiding bij de rechter.

De volgende zaken moeten worden geregeld:

  1. woning;
  2. boedelverdeling;
  3. alimentatie;
  4. pensioen;
  5. ouderlijk gezag.

Als u het eens bent, gaat u dan zelf naar de rechter voor de ontbinding. Lukt dit niet, dan komt u in een ander proces terecht waarbij wellicht een derde het probleem op kan (of moet ) oplossen. Houdt u een goed chronologisch dossier bij waarin het volgende wordt opgenomen:

  1. Welke afspraken zijn gemaakt?
  2. Welke gesprekken zijn wanneer gevoerd?
  3. Welke pogingen heeft u ondernomen?
  4. Waarover bestaat er nog verschil van mening?

Echtscheiding de voorfase [news] 849

DGA pensioen bij echtscheiding

DGA moet vaker pensioen afstorten bij verzekeraar

Update

Directeuren-grootaandeelhouders (DGA's) krijgen in 2017 (en 2018 en 2019) de mogelijkheid om hun pensioen in eigen beheer van de balans te halen (af te kopen). Dit kan met een korting van 34,5% in 2017 (en in de jaren daarna tegen lagere percentages, namelijk 2018: 25% en 2019: 19,5%). Heeft u geen geld, dan resteren er twee opties:

  1. Premievrij maken;
  2. Spaarvariant kiezen.

Pensioen in eigen beheer opbouwen is dus vanaf 2017 feitelijk voorbij.

De casus

Een DGA was 25 jaar getrouwd en ging scheiden, hij had een pensioen in eigen beheer opgebouwd. De pensioenen worden verevend conform de wet. De ex-vrouw wil dat haar deel wordt afgestort bij een verzekeraar, de Hoge Raad is het met haar eens. Een opmerkelijke uitspraak. De Hoge Raad stelt dat op basis van de redelijkheid en billijkheid niet van de ex-vrouw kan worden verlangd dat haar deel bij de B.V. van de ex-man blijft. De man houdt immers de volledige zeggenschap over dit pensioen. Dit kan anders zijn als het afstorten de continuïteit van zijn bedrijf in gevaar brengt. Als de B.V. geen geld heeft en dit ook niet kan lenen, kan het verzoek om afstorten worden betwist, anders niet.

Algemeen

Het pensioen van de DGA wordt in 2007 aangepast. Allereerst geldt met ingang van 1 januari 2007 een nieuwe pensioenwet die niet van toepassing is op de DGA (minimaal 10% van de aandelen / certificaten). In 2007 moet de DGA kiezen, óf in eigen beheer verzekeren óf extern bij een verzekeraar (wellicht in de toekomst ook bij een bank).

Pensioen in eigen beheer en echtscheiding

Tot februari 2007 dachten advocaten dat een DGA bij echtscheiding een eigenbeheerpensioen niet extern hoeft onder te brengen. Dit was anders als de B.V. onvoldoende zorg zou besteden aan de pensioendekking en de DGA het beleid kon bepalen. De Hoge Raad gaat nu een stuk verder. Op grond van de uitspraak van 9 februari 2007 moet er worden afgestort, tenzij de DGA aannemelijk maakt dat hij geen liquide middelen heeft of deze elders kan verkrijgen (intern of extern lenen). De continuïteit mag niet in gevaar komen.

Conclusie

De uitspraak zorgt bij advocaten en accountants voor ophef en beroering. Het kan betekenen dat (een deel van) de pensioenreserve daadwerkelijk beschikbaar moet zijn bij een echtscheiding, dit is bij de meeste bedrijven niet zo. Bij het grote aantal echtscheidingen in Nederland is dit dus een daadwerkelijk probleem.

Voor lopende zaken en ook voor reeds uitgesproken echtscheidingen is deze uitspraak van belang. Als u nog gaat scheiden, neem deze uitspraak dan mee in uw overwegingen. Als u reeds gescheiden bent, kijk dan eens in het echtscheidingsconvenant, wellicht moet uw ex alsnog het pensioen afstorten. Ook kinderen kunnen een beroep doen op deze uitspraak.

Indien u overweegt te gaan procederen, overweeg dan ook eens de pensioenreserve te laten berekenen door een deskundige. Het kan zijn dat de pensioenreserve niet gelijk is aan de toezegging die uit de pensioenbrief volgt. De ex-partner heeft recht op 50% van het tijdens het huwelijk opgebouwde ouderdomspensioen, te vermeerderen met het nabestaandenpensioen. Op de balans staat veelal een fiscale waardering, de werkelijke waarde kan anders zijn. Hoewel ik geen pensioendeskundige ben, zie ik verschillen ontstaan door (na)indexatie en kosten- en winstopslag.

Bron: HR 9 februari 2007 / nummer R06/021.

DGA pensioen bij echtscheiding [news] 1957
2010-05-17

Echtscheiding ondernemer en DGA

Fiscale advisering van ondernemer en advocaat is noodzaak en financieel voordelig

Ruim 30% van de huwelijken eindigt via een echtscheiding. Voor de wet is elke echtscheiding gelijk. Een echtscheiding van een ondernemer of DGA is vaak complexer omdat zijn / haar inkomen per jaar kan verschillen en de waarde van de onderneming geen vaststaande grootheid is. Dit is een bron voor slepende procedures en een hoop gezeur. In mijn praktijk word ik regelmatig door advocaten, ondernemers of diens ex-partners gevraagd om te adviseren bij de omvang van de alimentatie, waarde van de onderneming, verdeling van het pensioen en natuurlijk het vaststellen van de draagkracht van de ondernemer (wat kan hij / zij betalen).

Vanuit de kant van de ex-partner (niet-ondernemer) word ik regelmatig door advocaten benaderd om te kijken of er met de winsten is geschoven en in welke mate winsten moeten worden meegenomen.

De alimentatie wordt berekend op grond van de zogenaamde TREMA-normen. Deze bieden echter voor de ondernemer niet veel duidelijkheid. Een uitgebreid jurisprudentieonderzoek kan wenselijk zijn en voor de DGA is het verstandig om de jaarrekening - bij het actueel worden van de echtscheiding - door een fiscaal jurist te laten beoordelen. Voor de ex-partner is het verstandig om te kijken of de jaarrekening een juist beeld geeft van de feiten.

Wat speelt er bij een ondernemer?

  • Wat gebeurt er met de eenmanszaak of aandelen in de B.V.?
  • Hoe moet de alimentatie van de ondernemer of DGA worden berekend?
  • Wat is de onderneming waard en wie gaat dit bepalen?
  • Hoeveel winst moet worden meegenomen voor de alimentatieberekening?
  • Hoe wordt omgegaan met een dalende / stijgende winst in de toekomst?
  • Kan een deel van de alimentatie op de onderneming worden afgewenteld, bijvoorbeeld via een dienstbetrekking van de ex-partner?
  • Moet het dividend respectievelijk de algemene reserve binnen een B.V. worden meegenomen of niet?
  • Kunnen winsten naar boven of beneden worden bijgesteld?
  • Zijn er huwelijkse voorwaarden en kunnen hieraan rechten worden ontleend?
  • Moet pensioen in eigen beheer worden afgestort?

Regel zaken tijdens het huwelijk

De ondernemer of DGA kan het beste tijdens het huwelijk de zaken goed regelen. Dit kan bijvoorbeeld door de huwelijkse voorwaarden eens onder de loep te nemen en tevens duidelijke afspraken te maken over de manier waarop alimentatie zou moeten worden berekend. Wellicht dat er ook afspraken kunnen worden gemaakt over het (deels) afstorten van het pensioen in eigen beheer. Als uw huwelijk er nu goed voorstaat, regel dan nu de mogelijke gevolgen van een scheiding. Dit voorkomt veel gezeur en discussies in de toekomst.

DGA-scan

Wij maken op kantoor regelmatig een DGA-scan. Hierbij wordt beoordeeld wat er gaat gebeuren bij overlijden, pensioen, arbeidsongeschiktheid, verkoop van de onderneming, maar ook bij een echtscheiding. Een eenvoudige scan kost € 1.000, een uitgebreide scan € 3.000.

0000-00-00 0000-00-00 2788

Echtscheiding en eigen woning

Als u gaat scheiden met een eigen woning, dan komt u aan het lezen en nadenken. Dit is fiscaal lastig en soms erg onvoordelig. In de praktijk zijn er vele adviseurs met verschillende meningen. In dit artikel een uitleg over de feiten en enige jurisprudentie. Veel voorkomende fouten zijn:

  • hypotheekrenteaftrek;
  • te laat scheiden / einde fiscaal partnerschap;
  • erfgenaam van elkaar blijven;
  • hoofdelijke aansprakelijkheid hypotheek blijft bestaan na echtscheiding.

Voorbeeld eigen woning en echtscheiding

Truus en Henk zijn getrouwd en hebben 2 kinderen. Ze zijn gezamenlijk eigenaar van een woning. Op de woning rust een hypotheek, beide zijn hoofdelijk aansprakelijk voor de schuld. De echtscheiding wordt uitgesproken en Henk laat zich uitschrijven uit de woning en gaat bij zijn vader en moeder wonen. Truus blijft met de kinderen in de woning wonen, dit in afwachting van een verkoop van de woning. Truus krijgt de hypotheekrenteaftrek (wordt ook door haar betaald), ze is echter voor 50% eigenaar van de woning. Vanaf het moment dat Henk vertrekt, eindigt ook het fiscaal partnerschap tussen Truus en Henk. In dit geval is 50% van de hypotheekrente aftrekbaar en niet 100%. Truus moet ook 50% van het eigenwoningforfait aangeven.

Voor Henk zal een speciale regeling gelden. Gedurende 2 (of 30 jaar na de echtscheiding / het verlaten van de woning mag Henk 50% van de woning aanmerken als "fictieve eigen woning". Als Henk dan ook 50% van de hypotheekrente heeft betaald, mag hij deze fiscaal aftrekken. In het jaar van de echtscheiding mag nog worden gekozen voor fiscaal partnerschap.

Deze kwestie is eenvoudig op te lossen:

  • Truus voldoet 50% van de hypotheekrente;
  • Truus betaalt 50% van de hypotheekrente als partneralimentie aan Henk;
  • Truus kan hierdoor 100% van de betaling aftrekken;
  • Henk moet over de partneralimentatie in box 1 belasting betalen;
  • Henk voldoet 50% van de hypotheekrente en deze is dan in box 1 aftrekbaar;
  • Henk moet 50% van het eigenwoningforfait opgeven, maar mag dit ook aftrekken als ter beschikking gesteld woongenot (onderhoudsverplichting richting Truus);
  • Per saldo is bij Henk niets belast en bij Truus alles aftrekbaar;
  • Maximale termijn 2 (of 3) jaar;
  • Is de woning na 2 jaar nog niet verkocht, dan moet deze voor 100% worden toegedeeld aan Truus.

Uitspraak echtscheiding en eigen woning

Het Gerechtshof Den Bosch heeft zich in 2015 gebogen over de hypotheekrente bij een echtscheiding. Volgens de rechter heeft de man recht op 50% van de renteaftrek op een eigen woning. X en Y zijn getrouwd en gaan in 2006 gescheiden leven. In 2008 wordt de daadwerkelijke echtscheiding uitgesproken. X blijft in de woning wonen, Y voldoet de hypotheekrente en trekt in zijn aangifte inkomstenbelasting 2009 (dus na de echtscheiding) € 20.000 af als partneralimentatie. Y en X zijn beide eigenaar van de woning. De inspecteur is het hier niet mee eens. De Rechtbank is het met de inspecteur eens en Y gaat in hoger beroep bij het Gerechtshof. Het Gerechtshof komt tot de volgende overwegingen:

  • Vooruitlopende op de definitieve echtscheiding is een voorlopige voorziening tussen X en Y (mondeling) overeengekomen.
  • Y zou de woonlasten blijven dragen.
  • Er is een mondelinge overeenkomst tussen partijen.
  • 50% Van de woonlasten zijn als onderhoudsverplichting bij Y aftrekbaar.
  • Er is € 6.000 aftrekbaar bij Y.  

Conclusie eigen woning en echtscheiding

Veelal zijn er advocaten (zonder of beperkte fiscale kennis) aan het woord gedurende een echtscheiding. Het is verstandig om tijdens dit traject een fiscaal jurist te laten meekijken. Dit kan veel fiscale en financiële problemen voorkomen dan wel een substantieel voordeel opleveren. Denk bij een echtscheiding ook aan:

  • aanpassen van uw testament;
  • aanpassen verzekeringen (zoals overlijdensrisicoverzekeringen);
  • bankrekeningen scheiden.

Echtscheiding en eigen woning [news] 4505

Advocaatkosten echtscheiding in bedrijf aftrekbaar

Voor de wet is elke echtscheiding gelijk, in de praktijk ligt dit vaak anders. Een echtscheiding van een ondernemer of DGA is vaak complexer omdat zijn inkomen en vermogen niet altijd even duidelijk zijn. Wij adviseren vaak bij echtscheidingen, dit veelal in overleg met een advocaat, mediator of notaris. Wij kijken dan naar de volgende onderdelen:

  1. Wat is nu echt de waarde van de onderneming?
  2. Grondslagen voor de partneralimentatie (verhouding salaris, management fee, dividend en winst) 
  3. Dividend en geldstromen binnen de onderneming
  4. Waardering pensioen / fiscale oudedagsreserves
  5. Fiscale structuren na de echtscheiding
  6. Is er met winsten geschoven?

Bedrijfskosten aftrekbaar

Van de opbrengsten binnen een bedrijf mogen zakelijke kosten worden afgetrokken. Alleen de kosten die de ondernemer (of rechtspersoon) maakt voor de zakelijke belangen van de onderneming zijn aftrekbaar. Zakelijke kosten zijn kosten die binnen redelijke grenzen nodig zijn voor de uitoefening van de onderneming en de kosten die rechtstreeks op de onderneming betrekking hebben. Andere kosten zijn nietaftrekbaar. Hoe zit dit met advocaatkosten tijdens een echtscheidingsprocedure waarbij een onderneming betrokken is?

Procedure inzake advocaatkosten bij onderneming

Een bedrijf kent de man en de vrouw als aandeelhouder. De man en de vrouw gaan scheiden. Er wordt over veel dingen geprocedeerd, onder meer: "wie mag de aandelen verkrijgen?" De vrouw heeft al 90% van de aandelen en verkrijgt via de rechter ook de aandelen van de man. De advocaatkosten worden door het bedrijf afgetrokken van de winst. Hoewel de toedeling ziet op de privé belangen van de vrouw, zijn toch 20% van de advocaatkosten (volgens de rechter) aftrekbaar. De reden: "de man heeft een strafblad en de onderneming zou haar vergunning kunnen verliezen als de man aandeelhouder zou blijven."

Advocaatkosten aftrekbaar

Advocaatkostenzijn binnen de fiscale aangifte beperkt aftrekbaar. De algemene stelregel is dat advocaatkosten aftrekbaar zijn indien deze zijn gemaakt voor het verkrijgen van partneralimentatie. Als ontvanger van partneralimentatie zijn dan naar de advocaatkosten ook telefoonkosten, portokosten, reiskosten en incassokosten aftrekbaar.  

Noot fiscaal jurist inzake advocaatkosten als ondernemingskosten

De advocaatkosten bij een echtscheiding zijn niet zo vaak aftrekbaar binnen de onderneming of de B.V. Als de onderneming of de B.V. echter een belang heeft, dan zijn (een deel van) de kosten wel aftrekbaar. In casu ging het om een raamprostitutiebedrijf, edoch dit maakt voor de feiten geen verschil. Een echtscheiding bij een ondernemer of DGAgeeft vaak veel meer discussie dan een reguliere echtscheiding, de belangrijkste discussie punten zijn dan de grondslagen voor de partneralimentatie (met winst/ dividend of zonder) en de waardering van de onderneming.

Een ander veel voorkomende probleem betreft de hypotheekrente van de eigen woning, lees hiervoor dit artikel.

Bron advocaatkosten aftrekbaar

Gerechtshof Amsterdam d.d. 7 juni 2016 (ECLI NL GHAMS 2016 2438).

Gerechtshof Amsterdam d.d. 21 oktober 2010, ECLI:NL:GHAMS:2010:BO4792.

Advocaatkosten echtscheiding in bedrijf aftrekbaar [news] 4959

Partneralimentatie minder aftrek

Vanaf 2020 is de partneralimentatie niet meer aftrekbaar tegen 50% (of 52%) maar tegen 46%. Uiteindelijk is in 2023 nog maar 37% (exact 37,05%) aftrekbaar. Dit zorgt ervoor dat de betaler van partneralimentatie netto meer kwijt is. U moet hiermee reeds nu rekening houden bij het opstellen van een echtscheidingsconvenant.

Procedures partneralimentatie in 2020 en daarna

Partners die op dit moment partneralimentatie betalen zullen gaan stellen dat de partneralimentatie te hoog is omdat de aftrek lager is. De verwachting isdat dit veel procedures gaat opleveren in 2020 en daarna. De overheid verwacht dat de maatregel (lagere aftrek) geld gaat opleveren (ongeveer 100 miljoen), edoch als de partneralimentatie wordt verlaagd zal de ontvangende partij een beroep doen op een hogere uitkering en/of toeslagen.

Dalende aftrek partneralimentatie

Partneralimentatie wordt voor de betaler duurder, de aftrek daalt de komende jaren als volgt:

  • aftrekbare partneralimentatie in 2020: 46%;
  • aftrekbare partneralimentatie in 2021: 43%;
  • aftrekbare partneralimentatie in 2022: 40%;
  • aftrekbare partneralimentatie in 2023: 37,05%.

Partneralimentatie wordt duurder voor betaler

Partneralimentatie is aftrekbaar voor de betaler en is belast bij de ontvanger. Afhankelijk van uw inkomen is de aftrek op dit moment ongeveer 52%. Dit wil zeggen dat de alimentatiebetaler ongeveer 52% van de betaalde partneralimentatie terugkrijgt van de Belastingdienst. In een nieuw wetsvoorstel is bepaald dat deze aftrek wordt verlaagd tot 37,05% in 2023. De daling wordt ingezet in 2020. De draagkracht van de alimentatiebetaler neemt hierdoor af, hierdoor zou de partneralimentatie dus moeten dalen. Vanaf een inkomen van € 68.000 neemt uw nadeel toe. Voor lagere inkomens valt het nadeel wel mee.

Echtscheidingsconvenant fiscaal aanpassen

Als u nu gaat scheiden en u bent in overleg over een echtscheidingsconvenant, dan is het verstandig om reeds nu rekening te houden met de aangekondigde wetswijziging. In het echtscheidingsconvenant kunt u opnemen dat de partneralimentatie vanaf 2020 opnieuw wordt berekend.

Partneralimentatie laten aanpassen

Als u al gescheiden bent en op dit moment partneralimentatie moet betalen, dan is het verstandig om in 2019 met uw fiscaal jurist of advocaat te overleggen omtrent een wijzigingsverzoek voor uw partneralimentatie. Rechtstreeks met uw (ex) partner overleggen heeft de voorkeur, maar vaak is dit een lastige hobbel. Een wijziging van uw partneralimentatie kan alleen via de rechter plaatsvinden, wacht hier niet te lang mee. Wijziging met terugwerkende kracht is niet mogelijk (tenzij de rechter hiertoe beslist, maar dit komt zelden voor).

Vragen fiscaal jurist over partneralimentatie

Heeft u vragen of opmerkingen over partneralimentatie, bel ons gerust voor een vrijblijvende afspraak.

Partneralimentatie lagere aftrek [news] 5811 Echtscheiding met fiscale bril

Wij adviseren regelmatig ondernemers en ondernemersvrouwen bij een echtscheiding. Veelal is er discussie over de waarde van de onderneming of de grondslagen voor de alimentatie. Discussie over pensioenen in eigen beheer worden door rechtspraak steeds eenvoudiger en de vermogensverdeling is veelal een kwestie van taxeren en goede wil van partijen. 

Gaat u scheiden? Bent u gescheiden? Hierbij een korte cursus over de fiscale aandachtspunten en mogelijkheden.

Als u overweegt om te gaan scheiden, breekt een intensieve en emotionele tijd aan. Deskundige en soms slimme juristen zijn hierbij veelal nodig, temeer als er ondernemers bij betrokken zijn. Wie zich over de kinderen gaat ontfermen, wordt vaak nog wel eenvoudig ingevuld. Zodra het op de financiën aankomt, trekken partijen alle registers open.

Contactpersoon

Bij ons op kantoor is de heer mr. Dennis J.B. Jongbloed regelmatig adviseur bij echtscheidingen. Veelal adviseert hij ondernemers of de partner van de ondernemer. Ook advocaten vragen regelmatig om toelichtingen of waarderingen van ondernemingen. U kunt hem geheel vrijblijvend e-mailen voor een gratis oriënterend gesprek of voor uw vragen of opmerkingen.

Vragen die dan voorliggen zijn: 

  • Hoe kan ik de winst verlagen?
  • Waarom is de winst ineens weg?
  • Moet dividend worden meegeteld voor alimentatieberekeningen?
  • Hoe zit het met het pensioen of de FOR?  
  • Wat is mijn bedrijf nu echt waard?
  • Waar is de winst ineens gebleven nu we gaan scheiden?

Inleiding

Een echtscheiding komt steeds vaker voor, 1 op de 3 huwelijken loopt stuk. Een advocaat regelt meestal de juridische kant van de zaak en wij als fiscaal juristen worden veelal inschakeld bij de fiscale beoordeling van de draagkracht bij ondernemers of vermogende particulieren. In de meeste gevallen adviseren wij hierbij de vrouw die twijfelt aan de juistheid van de verstrekte gegevens welke worden opgegeven door haar man (of diens accountant). Dit traditionele patroon zie je in deze moderne tijd nog steeds.

Veelal wordt in overleg met de advocaat de draagkracht en behoefte van de echtelieden bepaald. De moeilijkheidsgraad is veelal te vinden in de ondernemingswinst van de man, respectievelijk de winst van zijn B.V. In de praktijk zie ik maar al te vaak dat de winst - in het zicht van de echtscheiding - een dalende trend vertoont.

In aansluiting op de echtscheiding wordt door mij de aangifte inkomstenbelasting verzorgd. Hierbij kijk ik naar diverse fiscale aspecten zoals:

  1. alimentatie-uitkeringen / afkoop;
  2. toepasselijke heffingskortingen;
  3. mogelijke extra aftrekposten (bijvoorbeeld advocaat en notaris);
  4. hypotheekrente eigen woning;
  5. heffingskortingen.

Het eerste jaar van scheiding is fiscaal lastig, het volgende jaar kan de cliënt veelal zelf weer invullen.

]]>

Checklist echtscheiding

Als een echtscheiding in beeld is, moet u ervoor zorgen dat de advocaat snel en met volledig zicht op alle noodzakelijke informatie zijn werk kan doen. Als het voorwerk goed is, scheelt de advocaat dit tijd en u dus geld.

Persoonlijke informatie

  1. Uittreksels uit het persoonsregister.
  2. Uittreksel uit het huwelijksregister (gemeente).
  3. Uittreksel uit het geboorteregister van de minderjarige kinderen.
  4. Kopie paspoort.
  5. Akte huwelijkse voorwaarden (indien aanwezig).

Financiële informatie

  1. Verklaring van inkomen en vermogen (bewijs van onvermogen) (gemeente / sociale dienst).
  2. Opstelling inboedelgoederen met daarop aangegeven de gewenste verdeling en de waarden.
  3. Kopie kentekenbewijzen auto, motor of boot (inclusief aankoopfacturen).
  4. Optelling waardevolle zaken zoals kunst, antiek, etc.
  5. Informatie woning: eigendomsakte, hypotheekakte, jaaropgave hypotheek (eventueel huurovereenkomst).
  6. Polissen van levensverzekeringen, lijfrenten, etc.
  7. Overzicht schulden (inclusief laatste termijnbetaling en jaaropgave bank).
  8. Testament.
  9. Overzicht ontvangen erfenissen (inclusief successieaangifte en testament overleden persoon).
  10. Bankafschriften van betaal- en spaarrekeningen (laatste afschriften).
  11. Aandelen / obligaties / spaarbrieven / spaarbankboekjes / koopsompolissen / beleggingscertificaten, etc.
  12. Inkomen: jaaropgave en laatste salarisstrook (inclusief arbeidsovereenkomst).
  13. Zelfstandigen: jaarrekeningen laatste 4 jaar.
  14. Belastingaangiften laatste 3 jaar.
  15. Informatie pensioen bij de werkgever.

Checklist voor na de echtscheiding

  1. Digid wijzigen
  2. Voorlopige aanslag inkomstenbelasting aanpassen
  3. Adreswijziging doorgeven aan de gemeente
  4. Nieuw rekening nummer opgeven bij de Belastingdienst
  5. Algemene heffingskorting nazien
  6. Samen of apart aangifte inkomstenbelasting doen?
  7. Toeslagen nazien
  8. Adreswijzigingen doorgeven aan bank, etc.
  9. Kapitaalverzekeringen en lijfrenten aanpassen
  10. Pensioen aanpassen
  11. Testament wijzigen
  12. Kijk ook hier voor de checklist van de Belastingdienst

Checklist echtscheiding [news] 1045

Pensioen en echtscheiding



Inleiding

Een scheiding betekent naast het gescheiden gaan leven en beide een eigen weg inslaan, ook een opsplitsing van het vermogen, inkomen en het pensioen. Alles wordt dus in stukken "gehakt". Bij echtscheidingen moet het pensioen (ouderdoms- en nabestaandenpensioen) worden verrekend (artikel 8a PSW voor de liefhebber). De ex-echtgenote krijgt rechtstreeks een aanspraak bij het pensioenfonds (de verevening). In beginsel is dit recht ongeveer 50% van het ouderdomspensioen.

Tips

  1. Verevening pensioenrechten enkel voor pensioen dat is opgebouwd tijdens de huwelijkse periode.
  2. De aanspraak wordt vastgesteld op het moment van de scheiding, let op de opbouw tijdens de echtscheidingsprocedure.
  3. Loonstijgingen kunnen een hogere opbouw tot gevolg hebben, let hierop tijdens de echtscheidingsprocedure.
  4. U moet binnen 2 jaar een mededeling doen aan het uitvoeringsorgaan (speciaal formulier).
  5. Een andere verdeling van de pensioenrechten is toegestaan (is aan partijen). Doe hiervan wel een mededeling aan de verzekeraar van het pensioen.
  6. Zet de polis om in een polis op uw eigen leven (verzekeraars willen hier niet altijd aan meewerken, dit i.v.m. de kosten).
  7. Een pensioen van zo'n € 350 per jaar hoeft niet te worden verdeeld (de zogenaamde ondergrens). Woont de partner in het buitenland, dan is de grens het dubbele, dus € 700 per jaar.
  8. Het pensioen gaat pas in als de pensioenopbouwer met pensioen gaat, bij grote leeftijdsverschillen kan dit een probleem zijn.
  9. Als de pensioenopbouwer komt te overlijden, is het denkbaar dat degene die de alimentatie ontvangt geen pensioen meer zal ontvangen. Leg de splitsing van de pensioenpot in het convenant vast.

Directeur-grootaandeelhouder en pensioen

De Wet Verevening Pensioenrechten is ook op de directeur-grootaandeelhouder (DGA) van toepassing. De ex-echtgenoot heeft geen recht op afstorting. Ik vraag zelf meestal om een zekerheidsstelling, als blijkt dat afstorting niet mogelijk is. Voor de DGA is het te overwegen om in de pensioenbrief een bepaling op te nemen dat afstorting plaats zal vinden, tenzij hierdoor de continuïteit van de B.V. aantoonbaar in gevaar komt. Als dit er niet in staat, heeft de ex munitie om zekerheid te vragen.

Verdelen ja / nee

De PSW mag worden toegepast, u mag ook een eigen verdeling uitvoeren. U kunt een langere periode dan het huwelijk overeenkomen maar ook geheel afzien van een verdeling van pensioenrechten (bijvoorbeeld als beide partners een redelijk pensioen hebben).

Overlijden na echtscheiding

Min of meer zijn de echtelieden tot de pensioenleeftijd van de opbouwer (hierna als voorbeeld: de man) aan elkaar verbonden. Er wordt pas uitbetaald zodra de man met pensioen gaat, de vrouw kan hierdoor lang moeten wachten. Als de man komt te overlijden, stopt het pensioen. Als de vrouw komt te overlijden, gaat dit terug naar de man. Het is hierom beter om het pensioen ook echt te verdelen en dit ook zo bij de verzekeraar te regelen. Soms is dit financieel minder gunstig, psychologisch voelt het meestal wel beter. Laat het pensioenfonds even rekenen, is veelal mijn advies.

Pensioentekort na echtscheiding

Na de echtscheiding is er veelal een tekort in het uiteindelijke pensioen. Jammer, zegt de wetgever, kun je niks aan doen. Het tekort in de pensioenopbouw door echtscheiding is niet relevant voor het vaststellen van uw fiscale ruimte om uw pensioen aan te vullen. De wetgever heeft hier bij de behandeling van de Wet inkomstenbelasting 2001 bewust voor gekozen.

Pensioen en echtscheiding [news] 2013-06-24 0000-00-00 0000-00-00

DGA pensioen bij echtscheiding

DGA moet vaker pensioen afstorten bij verzekeraar

Update

Directeuren-grootaandeelhouders (DGA's) krijgen in 2017 (en 2018 en 2019) de mogelijkheid om hun pensioen in eigen beheer van de balans te halen (af te kopen). Dit kan met een korting van 34,5% in 2017 (en in de jaren daarna tegen lagere percentages, namelijk 2018: 25% en 2019: 19,5%). Heeft u geen geld, dan resteren er twee opties:

  1. Premievrij maken;
  2. Spaarvariant kiezen.

Pensioen in eigen beheer opbouwen is dus vanaf 2017 feitelijk voorbij.

De casus

Een DGA was 25 jaar getrouwd en ging scheiden, hij had een pensioen in eigen beheer opgebouwd. De pensioenen worden verevend conform de wet. De ex-vrouw wil dat haar deel wordt afgestort bij een verzekeraar, de Hoge Raad is het met haar eens. Een opmerkelijke uitspraak. De Hoge Raad stelt dat op basis van de redelijkheid en billijkheid niet van de ex-vrouw kan worden verlangd dat haar deel bij de B.V. van de ex-man blijft. De man houdt immers de volledige zeggenschap over dit pensioen. Dit kan anders zijn als het afstorten de continuïteit van zijn bedrijf in gevaar brengt. Als de B.V. geen geld heeft en dit ook niet kan lenen, kan het verzoek om afstorten worden betwist, anders niet.

Algemeen

Het pensioen van de DGA wordt in 2007 aangepast. Allereerst geldt met ingang van 1 januari 2007 een nieuwe pensioenwet die niet van toepassing is op de DGA (minimaal 10% van de aandelen / certificaten). In 2007 moet de DGA kiezen, óf in eigen beheer verzekeren óf extern bij een verzekeraar (wellicht in de toekomst ook bij een bank).

Pensioen in eigen beheer en echtscheiding

Tot februari 2007 dachten advocaten dat een DGA bij echtscheiding een eigenbeheerpensioen niet extern hoeft onder te brengen. Dit was anders als de B.V. onvoldoende zorg zou besteden aan de pensioendekking en de DGA het beleid kon bepalen. De Hoge Raad gaat nu een stuk verder. Op grond van de uitspraak van 9 februari 2007 moet er worden afgestort, tenzij de DGA aannemelijk maakt dat hij geen liquide middelen heeft of deze elders kan verkrijgen (intern of extern lenen). De continuïteit mag niet in gevaar komen.

Conclusie

De uitspraak zorgt bij advocaten en accountants voor ophef en beroering. Het kan betekenen dat (een deel van) de pensioenreserve daadwerkelijk beschikbaar moet zijn bij een echtscheiding, dit is bij de meeste bedrijven niet zo. Bij het grote aantal echtscheidingen in Nederland is dit dus een daadwerkelijk probleem.

Voor lopende zaken en ook voor reeds uitgesproken echtscheidingen is deze uitspraak van belang. Als u nog gaat scheiden, neem deze uitspraak dan mee in uw overwegingen. Als u reeds gescheiden bent, kijk dan eens in het echtscheidingsconvenant, wellicht moet uw ex alsnog het pensioen afstorten. Ook kinderen kunnen een beroep doen op deze uitspraak.

Indien u overweegt te gaan procederen, overweeg dan ook eens de pensioenreserve te laten berekenen door een deskundige. Het kan zijn dat de pensioenreserve niet gelijk is aan de toezegging die uit de pensioenbrief volgt. De ex-partner heeft recht op 50% van het tijdens het huwelijk opgebouwde ouderdomspensioen, te vermeerderen met het nabestaandenpensioen. Op de balans staat veelal een fiscale waardering, de werkelijke waarde kan anders zijn. Hoewel ik geen pensioendeskundige ben, zie ik verschillen ontstaan door (na)indexatie en kosten- en winstopslag.

Bron: HR 9 februari 2007 / nummer R06/021.

DGA pensioen bij echtscheiding [news] 1957
Echtscheiding ondernemer en DGA Directeur Groot Aandeelhouder [news] 2010-05-17

Echtscheiding ondernemer en DGA

Fiscale advisering van ondernemer en advocaat is noodzaak en financieel voordelig

Ruim 30% van de huwelijken eindigt via een echtscheiding. Voor de wet is elke echtscheiding gelijk. Een echtscheiding van een ondernemer of DGA is vaak complexer, omdat zijn / haar inkomen per jaar kan verschillen en de waarde van de onderneming geen vaststaande grootheid is. Dit is een bron van slepende procedures en een hoop gezeur. In mijn praktijk word ik regelmatig door advocaten, ondernemers of diens ex-partners gevraagd om te adviseren bij de omvang van de alimentatie, waarde van de onderneming, verdeling van het pensioen en natuurlijk het vaststellen van de draagkracht van de ondernemer (wat kan hij / zij betalen?).

Vanuit de kant van de ex-partner (niet-ondernemer) word ik regelmatig door advocaten benaderd om te kijken of er met de winsten is geschoven en in welke mate winsten moeten worden meegenomen.

De alimentatie wordt berekend op grond van de zogenaamde TREMA-normen. Deze bieden echter voor de ondernemer niet veel duidelijkheid. Een uitgebreid jurisprudentieonderzoek kan wenselijk zijn en voor de DGA is het verstandig om de jaarrekening - bij het actueel worden van de echtscheiding - door een fiscaal jurist te laten beoordelen. Voor de ex-partner is het verstandig om te kijken of de jaarrekening een juist beeld geeft van de feiten.

Wat speelt er bij een ondernemer?

  • Wat gebeurt er met de eenmanszaak of aandelen in de B.V.?
  • Hoe moet de alimentatie van de ondernemer of DGA worden berekend?
  • Wat is de onderneming waard en wie gaat dit bepalen?
  • Hoeveel winst moet worden meegenomen voor de alimentatieberekening?
  • Hoe wordt omgegaan met een dalende / stijgende winst in de toekomst?
  • Kan een deel van de alimentatie op de onderneming worden afgewenteld, bijvoorbeeld via een dienstbetrekking van de ex-partner?
  • Moet het dividend respectievelijk de algemene reserve binnen een B.V. worden meegenomen of niet?
  • Kunnen winsten naar boven of beneden worden bijgesteld?
  • Zijn er huwelijkse voorwaarden en kunnen hieraan rechten worden ontleend?
  • Moet pensioen in eigen beheer worden afgestort?

Regel zaken tijdens het huwelijk

De ondernemer of DGA kan het beste tijdens het huwelijk de zaken goed regelen. Dit kan bijvoorbeeld door de huwelijkse voorwaarden eens onder de loep te nemen en tevens duidelijke afspraken te maken over de manier waarop alimentatie zou moeten worden berekend. Wellicht dat er ook afspraken kunnen worden gemaakt over het (deels) afstorten van het pensioen in eigen beheer. Als uw huwelijk er nu goed voorstaat, regel dan nu de mogelijke gevolgen van een scheiding. Dit voorkomt veel gezeur en discussies in de toekomst.

DGA-scan

Wij maken op kantoor regelmatig een DGA-scan. Hierbij wordt beoordeeld wat er gaat gebeuren bij overlijden, pensioen, arbeidsongeschiktheid, verkoop van de onderneming, maar ook bij een echtscheiding. Een eenvoudige scan kost € 1.000, een uitgebreide scan € 3.000.

2010-05-17 2015-05-17 2787
Echtscheiding en eigen woning in 2011 Iedereen [news] 2011-01-19

Echtscheiding en woning in 2011

Als u vanaf 2011 in scheiding ligt en u de woning verlaat, komt uw hypotheekrenteaftrek in gevaar.

Partnerschap in 2011

Door een wetswijziging in 2011 ontstaan er problemen voor mensen die gaan scheiden. Vanaf 2011 eindigt een fiscaal huwelijk op de datum van de scheiding, of eerder als de (duurzame) samenleving wordt beëindigd. Als u dus niet meer op hetzelfde adres staat inschreven en het verzoek tot echtscheiding is ingediend, bent u geen fiscaal partner meer.

Het fiscaal partnerschap voor gehuwden eindigt als ze een verzoek tot echtscheiding bij de Rechtbank hebben ingediend en niet meer in hetzelfde huis wonen. Als de man de woning verlaat voordat de scheiding rond is, blijft hij fiscaal partner, edoch zijn hoofdverblijf is ergens anders. Zijn deel van de hypotheekrente komt dan te vervallen. Zijn vrouw kan haar deel van de hypotheekrente nog wel aftrekken.

Problemen vanaf 2011

Iedereen die gescheiden is gaan leven maar nog niet is gescheiden heeft sinds 2011 een probleem. Vanaf 2011 bent u verplicht fiscaal partner van elkaar (dus met uw ex). Als u al een nieuwe partner heeft, kunt u geen fiscaal partner meer zijn met hem of haar. Dit kunt u oplossen door een verzoek tot echtscheiding in te dienen.

Als u een nieuwe woning koopt en nog geen verzoekschrift hebt ingediend, ontstaat er fiscaal een complexe situatie. U bent dan namelijk nog fiscaal partner en zou dan dus maar 1 eigen woning kunnen hebben. Als de wet goed wordt gelezen gaat dit goed, maar ik zou mijn handen er nog niet voor in het vuur steken.

Normale situatie vanaf 2011

Als u gaat scheiden, een scheidingsverzoek indient, het huis verlaat en ergens anders gaat wonen, bent u geen fiscaal partner meer. U heeft nog maximaal 2 jaar recht op hypotheekrenteaftrek, ondanks dat u niet meer in de woning woont resp. de woning niet meer uw hoofdverblijf is. Oorspronkelijk stond dit anders in de wet, maar dit is aangepast.

Uitbreiding partnerbegrip in 2011

Het fiscaal partner begrip wordt in 2011 uitgebreid met:

  1. ongehuwd samenwonenden met een notarieel samenlevingscontract;
  2. ongehuwd samenwonenden zonder notarieel samenlevingscontract die samen een kind hebben, voor een pensioenregeling als partner gelden of samen een eigen woning hebben.

Bron

Brief Staatssecretaris 5 november 2010: Motie en toezegging inzake het partnerbegrip.

2010-11-11 0000-00-00 2922

Echtscheiding en testament

Is uw echtscheiding definitief afgerond, dan is het verstandig om ook uw testament aan te passen. Als u geen testament zou hebben, dan is uw ex-echtgenoot geen erfgenaam meer van u, de kinderen blijven dit wel. Zijn er geen kinderen, dan zijn uw naaste familieleden uw erfgenaam, denk hierbij aan uw ouders, broers of zussen.

Testament en echtscheiding, hoe werkt dit?

Na uw echtscheiding vervalt niet automatisch ook uw testament. De erfstelling in uw testament is hiervoor alles bepalend. Als uw testament een echtscheidingsbepaling bevat, dan is deze regel van toepassing. Het is echter verstandiger om na uw echtscheiding ook uw testament te laten aanpassen. In dat geval weet u zeker dat uw laatste wil (testament) ook echt weergeeft hetgeen u voor ogen heeft gehad, uw ex is geen erfgenaam meer en uw testament kan actueel worden vormgegeven naar de huidige situatie en stand van de wetgeving.

Stel dat u en uw partner beiden een nieuwe partner hebben of krijgen en uw kinderen enig erfgenaam zijn (bij 2 kinderen beide voor gelijke delen). Als uw kind minderjarig is kunnen er vreemde situaties ontstaan:

  • Het kan zomaar zo zijn dat uw ex-partner over het geld / vermogen van uw nalatenschap kan beschikken.
  • Als uw kind komt te overlijden (en minderjarig is zonder testament), dan kan uw ex-partner alsnog erfgenaam zijn van uw vermogen.

U kunt bovenstaande voorkomen door in uw testament hierover na te denken, bijvoorbeeld via een tweetrapsmaking. Dit wil zeggen dat het erfdeel dat uw zoon of dochter bij uw overlijden vererft (en nog niet op is) bij het overlijden van deze zoon of dochter naar uw andere zoon of dochter gaat. Oke, u regeert over uw graf heen, maar het voorkomt onbedoelde effecten.

Als uw kind bij uw overlijden nog minderjarig is, dan komt ook het zogenaamde ouderlijke vruchtgebruik / genot in beeld. Totdat uw kind meerderjarig is heeft de ouder het ouderlijk vruchtgenot over het vermogen dat van uw zoon of dochter is, u kunt hierbij denken aan huurinkomsten van onroerende zaken of rentebetalingen op spaarrekeningen. De ouder (uw ex) hoeft dit vermogen niet aan uw zoon of dochter terug te betalen. In uw testament kunt u dit voorkomen.

Tevens is het te overwegen om een baasje in uw testament te benoemen, een zogenaamde bewindvoerder. Deze persoon kan dan uw vermogen (dat bij uw zoon of dochter terecht komt) beheren. Regelt u niks, dan komt dit beheer bij uw ex-partner terecht totdat uw kind meerderjarig zou worden. Eventueel kunt u het vermogen zelfs tot de 23e verjaardag door de bewindvoerder laten beheren en via ingewikkelde structuren zelfs langer.

Vragen over testament

Bel eens met één van onze fiscaal juristen over de beste opzet en / of bel met uw notaris.

Echtscheiding en testament [news] 5079

Afkoop alimentatie via lijfrente of banksparen

Een gevolg van vele echtscheidingen is dat er alimentatie moet worden betaald. In steeds meer situaties wordt er besloten om de alimentatie in één keer te betalen (afkopen). De afkoopsom is meestal ineens aftrekbaar en bij de ontvanger belast. De ontvanger kan er ook voor kiezen om de afkoopsom voor de partneralimentatie onder te brengen in een lijfrente. Sinds 2019 is het ook mogelijk om de afkoopsom voor de partneralimentatie onder te brengen in bij een bank, dit via banksparen.

Afkoop alimentatie

De afkoopsom wordt vaak ineens betaald. Omdat dit soms een groot bedrag betreft, is de kans aanwezig dat de afkoopsom niet volledig in box 1 kan worden afgetrokken. Het restant kan dan eerst in box 3 en box 2 verrekend worden, dit voordat het wordt doorgeschoven naar een volgend belastingjaar. Het is mede daarom vaak verstandiger om de afkoop in termijnen vorm te geven, hierdoor kan deze tegen het maximale tarief worden afgetrokken.

Afkoop niet aftrekbaar

Als de afkoop van alimentatie samenhangt met bijvoorbeeld een overbedeling, dan is de alimentatie niet aftrekbaar.

Afkoop alimentatie via lijfrente

Het is voor degene die de alimentatie moet betalen ook mogelijk om dit bedrag niet over te maken naar de ex-partner, maar aan een verzekeraar, dit als storting op een lijfrentepolis. Deze lijfrentepolis zal dan in termijnen het bedrag uitkeren aan de ex-partner (rechthebbende op partneralimentatie). Hieraan zijn wel voorwaarden verbonden, de belangrijkste zijn:

  1. De alimentatieplichtige maakt het bedrag over aan de verzekeraar.
  2. De verzekeraar rekent de verplichting tot haar binnenlandse ondernemingsvermogen.
  3. De uitkeringen (termijnen) komen toe aan de ex-partner.
  4. De uitkeringen worden direct uitbetaald.
  5. De uitkeringen eindigen bij het overlijden van de ex-partner.

Het komt voor dat de lijfrentepremie aan de verzekeraar wordt betaald vóórdat de echtscheiding formeel tot stand is gekomen. De betaling van de lijfrentepremie voordat de echtscheiding formeel tot stand is gekomen, verhindert de aftrek niet. Hierbij gelden de volgende voorwaarden.

  1. Het moet vaststaan dat de lijfrentetermijnen die voortvloeien uit de betaalde koopsom zullen toekomen aan de gewezen echtgenoot.
  2. Op het tijdstip van indiening van de aangifte van de betalende (ex-)echtgenoot moet de echtscheiding daadwerkelijk tot stand zijn gekomen.

Afkoop alimentatie bij jonge mensen (en onzekerheidsvereiste)

Als een lijfrente een korte periode loopt of als het gaat om een jonge alimentatiegerechtigde, bestaat de kans dat niet in alle gevallen wordt voldaan aan de onzekerheidseis (de 1% sterftekans). De Staatssecretaris is van mening dat het maatschappelijk ongewenst is dat in dergelijke situaties voor de afkoopsom geen recht zou bestaan op persoonsgebonden aftrek (artikel 6.5 Wet IB 2001). U moet dan wel even langs de Belastingdienst en een beroep doen op de hardheidsclausule ex artikel 63 AWR (en onderstaande besluit).

Afkoop alimentatie via banksparen

Deze optie is nieuw sinds 2019. U moet hierbij wel even opletten omdat dit een goedkeuring van de Staatssecretaris betreft en dit nog niet in de wet is vastgelegd. Er komt een wetswijziging aan, maar als deze niet wordt ingevoerd komt deze regeling weer te vervallen. Vooroverleg met de Belastingdienst is derhalve van belang.

Een afkoopsom voor een alimentatieverplichting aan de ex-partner kan worden vormgegeven via banksparen (of lijfrente of lijfrente beleggingsrekening). Het bedrag wordt dan ondergebracht bij een bank of beleggingsinstelling. De voorwaarden zijn:

  1. Het gaat hierbij om een lijfrenterekening of een lijfrentebeleggingsrecht in de zin van artikel 3.126a, eerste lid, Wet IB 2001 afgesloten bij een bank, een beleggingsonderneming, een beheerder van een beleggingsinstelling of een instelling voor collectieve belegging in effecten als bedoeld in artikel 3.126a, tweede lid Wet IB 2001.
  2. Bij overlijden van de gewezen echtgenoot gaat het recht op de nog niet gedane uitkeringen over op de erfgenamen van de gewezen echtgenoot (analoog aan het bepaalde in artikel 3.126a, zesde lid, Wet IB 2001).
  3. De gewezen echtgenoot is belastingplichtige en (rekening-)houder van de lijfrenterekening of van het lijfrentebeleggingsrecht.

Noot fiscaal jurist inzake afkoop alimentatie

De nieuwe optie om via banksparen een afkoopalimentatie vorm te geven kan fiscaal interessant zijn. De alimentatiebetaler / -plichtige heeft een grote aftrekpost en de ex-partner (alimentatiegerechtigde) hoeft niet direct over de ontvangst belasting te betalen. Voor de alimentatieplichtige kan het interessant zijn om de betaling in 2 of meer termijnen (meerdere belastingjaren) te laten plaatsvinden (maximaal fiscaal voordeel). Tevens kan de alimentatieplichtige een verzoek inzake middeling van inkomen indienen, dit om de fiscale positie te optimaliseren.

Bron afkoop alimentatie en lijfrente of banksparen.

Besluit Staatssecretaris van Financien d.d. 16 mei 2019, nr. 2019-115021.

Afkoop alimentatie via lijfrente of banksparen [news] 6206

Partneralimentatie in 2020 te hoog

Fiscaal nieuws alimentatie

In het verleden was alimentatie aftrekbaar tegen het maximale tarief van 51,95%. De aftrek van alimentatie (en hypotheekrente) is de afgelopen jaren verlaagd. Vanaf 2020 ging dit sneller. Alimentatie (en hypotheekrente etc.) is in de toekomst tegen een lager tarief aftrekbaar de afbouw ziet er als volgt uit:

  • 2019: 46%
  • 2020: 46%
  • 2021: 43%
  • 2022: 40%
  • 2023: 37%

Afkoop van alimentatie kan dus beter vlot plaatsvinden. Als u alimentatie moet betalen aan uw voormalig partner dan kunt u eens overwegen om deze te herzien, de netto last neemt immers door de lagere aftrek toe. Heeft u vragen stuur dan gerust een e-mail of neem contact met ons op.

Partneralimentatie vanaf 2020

Als u alimentatie moet betalen aan uw ex-echtgenoot of -echtgenote, dan komt u de komende jaren bedrogen uit. Waarschijnlijk moet u in overleg met uw ex-partner en / of moet u naar de rechter om uw partneralimentatie opnieuw te laten vaststellen. Waarom?

De aftrekbaarheid van vele kosten zal de komende jaren worden verlaagd, zo ook de betaalde partneralimentatie. Vanaf 2020 is partneralimentatie tegen een lager tarief aftrekbaar. In 2019 is de partneralimentatie nog aftrekbaar tegen 51,95%, vanaf 2020 is dit percentage 46% en in 2023 nog maar 37%. Uw netto last voor de partneralimentatie zal dus gaan stijgen. Vooral hogere inkomens (boven € 68.500) gaan deze last echt voelen. In veel gevallen moet de partneralimentatie opnieuw worden berekend. Gevolg: een golf aan procedures en hiermee samenhangende advocaatkosten.

Wat zegt onze regering over hogere last partneralimentatie?

Staatssecretaris Snel van Financiën schrijft dat ongeveer 30% van de alimentatieplichtigen hier echt last van krijgen, zij hebben een inkomen boven € 68.507. Voor hen wijzigt het fiscale voordeel van de aftrek wat mede bepalend is voor de draagkracht van de alimentatieplichtige. Zij zullen waarschijnlijk een verzoek moeten indienen bij de rechtbank om de alimentatieplicht te herzien. Als deze alimentatieplichtige meer inkomen heeft (sinds de echtscheiding), dan kan een herzieningsverzoek ook zorgen voor een hogere partneralimentatie.

Procedure over partneralimentatie

In een procedure bij de Rechtbank Amsterdam stelde de man het volgende: ik heb minder draagkracht omdat de partneralimentatie de komende jaren voor een lager percentage aftrekbaar is. Daarom wil ik nu al minder partneralimentatie betalen. De rechtbank was het niet met de man eens omdat de man nu nog geen “schade” heeft. Anticiperen op toekomstige wetswijzigingen is niet mogelijk. Daarnaast hangt de grondslag niet alleen af van het aftrekbaarheidspercentage, maar ook van meerdere factoren, zoals de inkomensontwikkeling van de man. Verder wijst de rechtbank erop dat de exacte tarieven waartegen de aftrek plaats kan vinden pas in de laatste weken van het jaar definitief worden vastgesteld, wat een praktische belemmering vormt voor het maken van de berekening. De man kreeg wel een beetje gelijk omdat vanaf 2020 voor hem een speciale fiscale regeling niet meer van toepassing is (de 30% regeling).

Bron herziening partneralimentatie

Brief Staatssecretaris van Financiën van 17 oktober 2019, nr. 2019-0000161905

Rechtbank Amsterdam d.d. 4 september 2019 (ECLI:NL:RBAMSL2019:6446)

Parteralimentatie in 2020 te hoog [news] 6320

Afkoop alimentatie en emigratie

Fiscaal nieuws alimentatie

In het verleden was alimentatie aftrekbaar tegen het maximale tarief van 51,95%. De aftrek van alimentatie (en hypotheekrente) is de afgelopen jaren verlaagd. Vanaf 2020 ging dit sneller. Alimentatie (en hypotheekrente etc.) is in de toekomst tegen een lager tarief aftrekbaar de afbouw ziet er als volgt uit:

  • 2019: 46%
  • 2020: 46%
  • 2021: 43%
  • 2022: 40%
  • 2023: 37%

Afkoop van alimentatie kan dus beter vlot plaatsvinden. Als u alimentatie moet betalen aan uw voormalig partner dan kunt u eens overwegen om deze te herzien, de netto last neemt immers door de lagere aftrek toe. Heeft u vragen stuur dan gerust een e-mail of neem contact met ons op.

Afkoop en emigratie

Een echtscheiding is veelal een vervelende periode voor de betrokkenen. Wij adviseren wekelijks ondernemers / DGA's en / of diens ex-partner (dit laatste komt nog vaker voor). Advocaten zijn geen fiscaal juristen en dit kan soms voor problemen zorgen. Vanuit fiscaal en financieel oogpunt is het verstandig om naast uw advocaat een fiscaal jurist in te schakelen. Dit is niet praten voor eigen parochie, maar echt verstandig.

Bij een echtscheiding is een combinatie tussen fiscaal jurist (belastingadviseur) en Nederlandsrechtjurist (advocaat) meestal zeer nuttig. Vele fiscale zaken kunnen spelen zonder dat dit door de adviseurs wordt erkend.

Afkoop en emigratie

De afkoopsom voor partneralimentatie is voor de in Nederland wonende ontvanger belast in Nederland en voor de betaler (die in Nederland woont) aftrekbaar (artikel 6.3 Wet IB 2001). Als de ontvanger in het buitenland woont, zal de afkoopsom - op grond van het belastingverdrag (als deze er is) ter heffing worden toegewezen aan het buitenland. Soms is de heffing in het buitenland lager of nihil. Een emigratie (voor betaling van de afkoopsom) is daarom soms erg voordelig. Wel aftrek in Nederland en geen of een beperkte heffing in het buitenland.

Afkoop alimentatie soms niet aftrekbaar

De afkoopsom van een alimentatieverplichting aan een ex-echtgenoot is aftrekbaar als de betaler in Nederland woont. Als de ontvanger van de partneralimentatie niet in Nederland woont (op het moment van de betaling), mag Nederland niet heffen over de afkoopsom. Als de ontvanger van de alimentatie wordt overbedeeld bij de scheiding, is het verstandig om in het convenant op te nemen dat sprake is van een afkoopalimentatie. Afkoopsommen die worden betaald voordat de echtelieden zijn gescheiden zijn niet aftrekbaar. Afkoopsommen die worden betaald vóór emigratie zijn gewoon in Nederland belast.

Essentieel is dat het tijdstip van betaling of het rentedragend worden van de schuld vóór het moment van wijziging van de woonplaats ligt. In een tweetal procedures bij het Gerechtshof (zie onder) ging dit fout en goed, het moment is dus van cruciaal belang. Een goed advies en juiste en tijdige emigratie is dus van belang. 

Termijn partneralimentatie sinds 2020

De termijn voor de partneralimentatie is sinds 2020 aangepast in standaard 5 jaar. Er bestaan op deze termijn veel uitzonderingen. De belangrijkste:

  1. Termijn korter: als het huwelijk korter dan 10 jaar heeft geduurd, is de termijn 50% van de duur van het huwelijk of het geregistreerde partnerschap. Bij 6 jaar gehuwd zijn is de termijn dus 3 jaar. Hierop bestaan weer uitzonderingen. De belangrijkste is dat als u samen kinderen heeft (einde alimentatie als jongste kind 12 jaar is geworden).
  2. Heeft huwelijk (of partnerschap) minimaal 15 jaar geduurd? Krijgt uw ex-partner binnen 10 jaar AOW? Dan moet u alimentatie betalen tot dat uw partner AOW ontvangt.
  3. Bent u geboren vóór 1 januari 1970? Duurde uw huwelijk of partnerschap langer dan 15 jaar? Krijgt u over meer dan 10 jaar AOW? Dan is de termijn 10 jaar.

De partneralimentatie stopt als uw ex-partner opnieuw gaat trouwen. De alimentatie kan hoger of lager worden als u of uw ex-parter meer of minder gaat verdienen. U kunt ook anders overeenkomen in het echtscheidingsconvenant.

Bron afkoop alimenatie

Hof Den Bosch 18 juni 2001, ECLI:NL:GHSHE:2001:AB2846

Hof Amsterdam 11 juli 2001, ECLI:NL:GHAMS:2001:AB2713

Afkoop alimentatie emigratie [news] 7101

Echtscheiding en verplicht afstorten pensioen in eigen beheer

Veel advocaten en echtelieden maken zich druk om pensioen in eigen beheer bij een echtscheiding. De financiële gevolgen zijn substantieel en vaak heeft de DGA (directeur-grootaandeelhouder) weinig trek in het verplicht afstorten van (een deel van) het pensioen dat in eigen beheer is opgebouwd. In dit artikel een aantal uitspraken van rechters. Lees ook dit artikel over pensioen bij echtscheiding van een DGA.

De hoofdregel omtrent afstorten pensioen bij echtscheiding

De hoofdregel (vaste jurisprudentie) is dat pensioen in eigen beheer moet worden afgestort bij een externe verzekeraar. Dit kan anders zijn als de onderneming hierdoor mogelijk in gevaar komt. Wanneer komt de onderneming in gevaar?

Onderneming in gevaar bij afstorten pensioen in eigen beheer

In een uitspraak van het Gerechtshof in 2016 kwam de vraag aan de orde of de man (zijn B.V.) in staat is om het deel van het pensioen (van de vrouw) af te storten bij een externe pensioenverzekeraar. De man heeft tijdens de procedure zijn best gedaan om aan te geven waarom de B.V. niet in staat zou zijn het pensioen af te storten resp. hiervoor een financiering te verkrijgen. De vrouw vraagt om afstorting van haar deel van het pensioen (ruim € 220.000) of het verstrekken van zekerheid hiervoor (subsidiair). Het Gerechtshof gaat er eens rustig voor zitten en kijkt ook naar een arrest van de Hoge Raad uit 2007. Het uitgangspunt is afstorten, aldus de Hoge Raad. Het kan namelijk van de vrouw niet worden gevraagd om bij voortduring afhankelijk te blijven van het beleid van de andere echtgenoot in de onderneming / rechtspersoon. Hiermee loopt de vrouw ook een onredelijk risico over haar pensioenrechten, dit is niet redelijk.

In de onderhavige situatie is er onvoldoende geld (liquide middelen) om de afstorting van het pensioen te regelen (effectueren). De man stelt dat hij ook geen middelen kan verkrijgen, zelfs niet via een externe financiering. Als hij dit wel zou doen, zou het voortbestaan van de onderneming in gevaar komen. Dit standpunt van de man is volgens het Gerechtshof onvoldoende onderbouwd, dit mede doordat er overwaarde is gelegen in de onroerende zaken binnen de onderneming. Het is niet duidelijk of een tweede hypotheek tot de mogelijkheden zou behoren. De man heeft ook geen alternatieve oplossing naar voren gebracht.

Het Gerechtshof is helder, zonder een duidelijke toelichting, met vele vragen en geen alternatieve oplossing, moet de man binnen 4 maanden overgaan tot afstorting van het pensioen. Lukt hem dit niet, dan moet hij voldoende zekerheid stellen, bijvoorbeeld via een hypothecaire inschrijving.  

Vraag over echtscheiding bij ondernemers?

Echtscheiding bij ondernemers en DGA's is een vak apart, lees ook dit artikel. Wij adviseren vaak ondernemers en vertrekkende echtgenoten bij dergelijke situaties. Kom gerust eens langs voor een vrijblijvend gesprek.

Pensioen in stichting en echtscheiding

In een uitspraak van het Gerechtshof 's Hertogenbosch in 2019 volgt een duidelijke lijn. De man en vrouw zijn sinds 1992 getrouwd. Het pensioen is in eerste instantie ondergebracht in een B.V. Het pensioen wordt uiteindelijk ondergebracht in een stichting waarbij de ex-partner geen bestuurder meer is. Het huwelijk loopt op de klippen en het pensioen moet worden verdeeld. De vrouw vordert dat de stichting haar deel van het pensioen gaat afstorten bij een pensioenverzekeraar. De pensioenstichting weigert dit omdat het bestuur onafhankelijk is van de man en dat de vrouw hiermee dus niet afhankelijk is van de mogelijke problemen bij haar man en / of de wensen van de man. Dat een pensioen bij een verzekeraar minder risico zal opleveren is voor beide partijen wel duidelijk. Dat de man geen invloed heeft bij de stichting begrijpt ook iedereen. Het Gerechtshof springt echter in de bres voor de vrouw. De redelijkheid en billijkheid brengen mee dat het pensioen moet worden afgestort.

Noot fiscaal jurist over pensioen en echtscheiding

Veel pensioenen van een directeur-grootaandeelhouder (DGA) zijn ondergebracht in een B.V. of stichting. Als verevening niet is uitgesloten, heeft de ex-partner recht op zijn of haar deel. Hierbij mag de vertrekkende partner niet afhankelijk zijn van het beleid van de B.V. / stichting ten aanzien van dit pensioen. De ex-partner heeft hierop namelijk geen enkele invloed.

Dat het pensioen moet worden afgestort is een duidelijk en stevig uitgangspunt. Als dit niet kan, dan moet de echtgenoot met een duidelijk en helder verhaal komen, dit dus met verklaringen van de accountant en de bancaire instelling. Dit eventueel met ondersteunend bewijs (zoals een taxatierapport van bijvoorbeeld aanwezige onroerende zaken). Voor DGA's die na 2017 hun pensioen in eigen beheer hebben laten staan en niet hebben afgekocht (of omgezet) is dit nog steeds het uitgangspunt.

De Hoge Raad stelt wel dat verplichte afstorting afhankelijk is van alle omstandigheden van een casus / concreet geval. Als er onvoldoende liquide middelen zijn kan dit een signaal zijn, maar meestal is dit niet voldoende om afstorting te voorkomen. Ook als de ex-partner geen invloed heeft op het pensioen (zoals bij de uitspraak uit 2019), dan nog kan het zo zijn dat er moet worden afgestort. Het bestuur van de stichting moet namelijk - aldus de rechter - een zodanig beleid voeren dat de belangen van beide echtelieden (pensioengerechtigden) (met een ander / tegengesteld belang) op een juiste wijze moeten worden behartigd. Het niet afstorten van het pensioen kan dan in strijd zijn met de redelijkheid en billijkheid.

Bron pensioen eigen beheer bij echtscheiding

Hoge Raad van 9 februari 2007 (ECLI:NL:HR:AZ2658)

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden d.d. 28 juli 2016 (ECLI:NL:GHARL:2016:7633)

Gerechtshof 's Hertogenbosch d.d. 9 februari 2019 (ECLI:NL:GHSHE:2019:384)

Echtscheiding en afstorten pensioen [news] 5868 Echtscheiding en belastingen]]>

Checklist echtscheiding

Als een echtscheiding in beeld is, moet u ervoor zorgen dat de advocaat snel en met volledig zicht op alle noodzakelijke informatie zijn werk kan doen. Als het voorwerk goed is, scheelt de advocaat dit tijd en u dus geld.

Persoonlijke informatie

  1. Uittreksels uit het persoonsregister.
  2. Uittreksel uit het huwelijksregister (gemeente).
  3. Uittreksel uit het geboorteregister van de minderjarige kinderen.
  4. Kopie paspoort.
  5. Akte huwelijkse voorwaarden (indien aanwezig).

Financiële informatie

  1. Verklaring van inkomen en vermogen (bewijs van onvermogen) (gemeente / sociale dienst).
  2. Opstelling inboedelgoederen met daarop aangegeven de gewenste verdeling en de waarden.
  3. Kopie kentekenbewijzen auto, motor of boot (inclusief aankoopfacturen).
  4. Optelling waardevolle zaken zoals kunst, antiek, etc.
  5. Informatie woning: eigendomsakte, hypotheekakte, jaaropgave hypotheek (eventueel huurovereenkomst).
  6. Polissen van levensverzekeringen, lijfrenten, etc.
  7. Overzicht schulden (inclusief laatste termijnbetaling en jaaropgave bank).
  8. Testament.
  9. Overzicht ontvangen erfenissen (inclusief successieaangifte en testament overleden persoon).
  10. Bankafschriften van betaal- en spaarrekeningen (laatste afschriften).
  11. Aandelen / obligaties / spaarbrieven / spaarbankboekjes / koopsompolissen / beleggingscertificaten, etc.
  12. Inkomen: jaaropgave en laatste salarisstrook (inclusief arbeidsovereenkomst).
  13. Zelfstandigen: jaarrekeningen laatste 4 jaar.
  14. Belastingaangiften laatste 3 jaar.
  15. Informatie pensioen bij de werkgever.

Checklist voor na de echtscheiding

  1. Digid wijzigen
  2. Voorlopige aanslag inkomstenbelasting aanpassen
  3. Adreswijziging doorgeven aan de gemeente
  4. Nieuw rekening nummer opgeven bij de Belastingdienst
  5. Algemene heffingskorting nazien
  6. Samen of apart aangifte inkomstenbelasting doen?
  7. Toeslagen nazien
  8. Adreswijzigingen doorgeven aan bank, etc.
  9. Kapitaalverzekeringen en lijfrenten aanpassen
  10. Pensioen aanpassen
  11. Testament wijzigen
  12. Kijk ook hier voor de checklist van de Belastingdienst

Checklist echtscheiding [news] 1045
2010-05-17

Echtscheiding ondernemer en DGA

Fiscale advisering van ondernemer en advocaat is noodzaak en financieel voordelig

Ruim 30% van de huwelijken eindigt via een echtscheiding. Voor de wet is elke echtscheiding gelijk. Een echtscheiding van een ondernemer of DGA is vaak complexer omdat zijn / haar inkomen per jaar kan verschillen en de waarde van de onderneming geen vaststaande grootheid is. Dit is een bron voor slepende procedures en een hoop gezeur. In mijn praktijk word ik regelmatig door advocaten, ondernemers of diens ex-partners gevraagd om te adviseren bij de omvang van de alimentatie, waarde van de onderneming, verdeling van het pensioen en natuurlijk het vaststellen van de draagkracht van de ondernemer (wat kan hij / zij betalen).

Vanuit de kant van de ex-partner (niet-ondernemer) word ik regelmatig door advocaten benaderd om te kijken of er met de winsten is geschoven en in welke mate winsten moeten worden meegenomen.

De alimentatie wordt berekend op grond van de zogenaamde TREMA-normen. Deze bieden echter voor de ondernemer niet veel duidelijkheid. Een uitgebreid jurisprudentieonderzoek kan wenselijk zijn en voor de DGA is het verstandig om de jaarrekening - bij het actueel worden van de echtscheiding - door een fiscaal jurist te laten beoordelen. Voor de ex-partner is het verstandig om te kijken of de jaarrekening een juist beeld geeft van de feiten.

Wat speelt er bij een ondernemer?

  • Wat gebeurt er met de eenmanszaak of aandelen in de B.V.?
  • Hoe moet de alimentatie van de ondernemer of DGA worden berekend?
  • Wat is de onderneming waard en wie gaat dit bepalen?
  • Hoeveel winst moet worden meegenomen voor de alimentatieberekening?
  • Hoe wordt omgegaan met een dalende / stijgende winst in de toekomst?
  • Kan een deel van de alimentatie op de onderneming worden afgewenteld, bijvoorbeeld via een dienstbetrekking van de ex-partner?
  • Moet het dividend respectievelijk de algemene reserve binnen een B.V. worden meegenomen of niet?
  • Kunnen winsten naar boven of beneden worden bijgesteld?
  • Zijn er huwelijkse voorwaarden en kunnen hieraan rechten worden ontleend?
  • Moet pensioen in eigen beheer worden afgestort?

Regel zaken tijdens het huwelijk

De ondernemer of DGA kan het beste tijdens het huwelijk de zaken goed regelen. Dit kan bijvoorbeeld door de huwelijkse voorwaarden eens onder de loep te nemen en tevens duidelijke afspraken te maken over de manier waarop alimentatie zou moeten worden berekend. Wellicht dat er ook afspraken kunnen worden gemaakt over het (deels) afstorten van het pensioen in eigen beheer. Als uw huwelijk er nu goed voorstaat, regel dan nu de mogelijke gevolgen van een scheiding. Dit voorkomt veel gezeur en discussies in de toekomst.

DGA-scan

Wij maken op kantoor regelmatig een DGA-scan. Hierbij wordt beoordeeld wat er gaat gebeuren bij overlijden, pensioen, arbeidsongeschiktheid, verkoop van de onderneming, maar ook bij een echtscheiding. Een eenvoudige scan kost € 1.000, een uitgebreide scan € 3.000.

0000-00-00 0000-00-00 2788
Echtscheiding ondernemer en DGA Directeur Groot Aandeelhouder [news] 2010-05-17

Echtscheiding ondernemer en DGA

Fiscale advisering van ondernemer en advocaat is noodzaak en financieel voordelig

Ruim 30% van de huwelijken eindigt via een echtscheiding. Voor de wet is elke echtscheiding gelijk. Een echtscheiding van een ondernemer of DGA is vaak complexer, omdat zijn / haar inkomen per jaar kan verschillen en de waarde van de onderneming geen vaststaande grootheid is. Dit is een bron van slepende procedures en een hoop gezeur. In mijn praktijk word ik regelmatig door advocaten, ondernemers of diens ex-partners gevraagd om te adviseren bij de omvang van de alimentatie, waarde van de onderneming, verdeling van het pensioen en natuurlijk het vaststellen van de draagkracht van de ondernemer (wat kan hij / zij betalen?).

Vanuit de kant van de ex-partner (niet-ondernemer) word ik regelmatig door advocaten benaderd om te kijken of er met de winsten is geschoven en in welke mate winsten moeten worden meegenomen.

De alimentatie wordt berekend op grond van de zogenaamde TREMA-normen. Deze bieden echter voor de ondernemer niet veel duidelijkheid. Een uitgebreid jurisprudentieonderzoek kan wenselijk zijn en voor de DGA is het verstandig om de jaarrekening - bij het actueel worden van de echtscheiding - door een fiscaal jurist te laten beoordelen. Voor de ex-partner is het verstandig om te kijken of de jaarrekening een juist beeld geeft van de feiten.

Wat speelt er bij een ondernemer?

  • Wat gebeurt er met de eenmanszaak of aandelen in de B.V.?
  • Hoe moet de alimentatie van de ondernemer of DGA worden berekend?
  • Wat is de onderneming waard en wie gaat dit bepalen?
  • Hoeveel winst moet worden meegenomen voor de alimentatieberekening?
  • Hoe wordt omgegaan met een dalende / stijgende winst in de toekomst?
  • Kan een deel van de alimentatie op de onderneming worden afgewenteld, bijvoorbeeld via een dienstbetrekking van de ex-partner?
  • Moet het dividend respectievelijk de algemene reserve binnen een B.V. worden meegenomen of niet?
  • Kunnen winsten naar boven of beneden worden bijgesteld?
  • Zijn er huwelijkse voorwaarden en kunnen hieraan rechten worden ontleend?
  • Moet pensioen in eigen beheer worden afgestort?

Regel zaken tijdens het huwelijk

De ondernemer of DGA kan het beste tijdens het huwelijk de zaken goed regelen. Dit kan bijvoorbeeld door de huwelijkse voorwaarden eens onder de loep te nemen en tevens duidelijke afspraken te maken over de manier waarop alimentatie zou moeten worden berekend. Wellicht dat er ook afspraken kunnen worden gemaakt over het (deels) afstorten van het pensioen in eigen beheer. Als uw huwelijk er nu goed voorstaat, regel dan nu de mogelijke gevolgen van een scheiding. Dit voorkomt veel gezeur en discussies in de toekomst.

DGA-scan

Wij maken op kantoor regelmatig een DGA-scan. Hierbij wordt beoordeeld wat er gaat gebeuren bij overlijden, pensioen, arbeidsongeschiktheid, verkoop van de onderneming, maar ook bij een echtscheiding. Een eenvoudige scan kost € 1.000, een uitgebreide scan € 3.000.

2010-05-17 2015-05-17 2787
Belastinglatentie bij echtscheiding [news] 2014-12-04

Belastinglatentie ondernemer / DGA bij echtscheiding

Veel ondernemers stellen huwelijkse voorwaarden op met een periodiek verrekenbeding. Er zijn ook ondernemers die er bewust of onbewust voor kiezen om pas aan het einde van het huwelijk (bij de echtscheiding) af te rekenen. Dit is een prima voedingsbron voor advocaten en geeft dan ook vaak discussies tussen de ex-echtgenoten (en soms met de Belastingdienst).

Ondernemer met een B.V.

Een ondernemer met een B.V. moet in de toekomst ooit nog eens afrekenen met de Belastingdienst. De heffing zal plaatsvinden in box 2 en bedraagt 25% of in box 1 (maximaal 52%). Er moet worden afgerekend over de verkoopprijs te verminderen met de oorspronkelijke verkrijgingsprijs (bij een B.V.) en over de verkrijgingsprijs -/- de boekwaarde bij een eenmanszaak, VOF of maatschap.

Procedure over belastinglatentie bij echtscheiding

Henk en Truus zijn getrouwd op huwelijkse voorwaarden, ze hebben 2 kinderen. De vrouw exploiteert met haar familie een cafetaria en de man houdt zich bezig met panden (onroerende zaken), dit doet hij in privé (en niet via een B.V.). Ze waren gehuwd op huwelijkse voorwaarden, maar er is nooit rekening gehouden met het periodieke verrekenbeding. Uiteindelijk hebben ze besloten om te gaan scheiden. Tijdens de scheiding ontstond er discussie over de belastinglatentie.

De Hoge Raad (ons hoogste rechtscollege) kwam tot een oordeel. Bij het bepalen van de belastinglatentie moet rekening worden gehouden met de omstandigheden van het geval. Een advocaat (en ook rechter) mag rekening houden met de volgende omstandigheden:

  • Wordt de onderneming na de echtscheiding nog voortgezet?
  • Het bepalen van de onderneming moet door een deskundige plaatsvinden (stille reserves en goodwill zijn hierbij van essentieel belang).
  • Bij het bepalen van de waarde van de onroerende zaken (in de B.V.) mocht worden uitgegaan van een huurwaarde te vermeerderen met een bepaalde factor.
  • Een belastinglatentie van 52% (het huidige percentage bij direct afrekenen) is niet toegestaan.

Bron echtscheiding en belastinglatentie

Hoge Raad 28 november 2014 (ECLI HR 2014 3462).

Conclusie Advocaat Generaal d.d. 5 september 2014 (ECLI NL PHR 2014 1770).

Gerechtshof d.d. 10 juli 2013 (ECLI NL GHDHA 2013 2603).

Gerechtshof d.d. 18 januari 2012 (ECLI NL GHSGR BY 0223).

0000-00-00 0000-00-00 4473

Advocaatkosten echtscheiding in bedrijf aftrekbaar

Voor de wet is elke echtscheiding gelijk, in de praktijk ligt dit vaak anders. Een echtscheiding van een ondernemer of DGA is vaak complexer omdat zijn inkomen en vermogen niet altijd even duidelijk zijn. Wij adviseren vaak bij echtscheidingen, dit veelal in overleg met een advocaat, mediator of notaris. Wij kijken dan naar de volgende onderdelen:

  1. Wat is nu echt de waarde van de onderneming?
  2. Grondslagen voor de partneralimentatie (verhouding salaris, management fee, dividend en winst) 
  3. Dividend en geldstromen binnen de onderneming
  4. Waardering pensioen / fiscale oudedagsreserves
  5. Fiscale structuren na de echtscheiding
  6. Is er met winsten geschoven?

Bedrijfskosten aftrekbaar

Van de opbrengsten binnen een bedrijf mogen zakelijke kosten worden afgetrokken. Alleen de kosten die de ondernemer (of rechtspersoon) maakt voor de zakelijke belangen van de onderneming zijn aftrekbaar. Zakelijke kosten zijn kosten die binnen redelijke grenzen nodig zijn voor de uitoefening van de onderneming en de kosten die rechtstreeks op de onderneming betrekking hebben. Andere kosten zijn nietaftrekbaar. Hoe zit dit met advocaatkosten tijdens een echtscheidingsprocedure waarbij een onderneming betrokken is?

Procedure inzake advocaatkosten bij onderneming

Een bedrijf kent de man en de vrouw als aandeelhouder. De man en de vrouw gaan scheiden. Er wordt over veel dingen geprocedeerd, onder meer: "wie mag de aandelen verkrijgen?" De vrouw heeft al 90% van de aandelen en verkrijgt via de rechter ook de aandelen van de man. De advocaatkosten worden door het bedrijf afgetrokken van de winst. Hoewel de toedeling ziet op de privé belangen van de vrouw, zijn toch 20% van de advocaatkosten (volgens de rechter) aftrekbaar. De reden: "de man heeft een strafblad en de onderneming zou haar vergunning kunnen verliezen als de man aandeelhouder zou blijven."

Advocaatkosten aftrekbaar

Advocaatkostenzijn binnen de fiscale aangifte beperkt aftrekbaar. De algemene stelregel is dat advocaatkosten aftrekbaar zijn indien deze zijn gemaakt voor het verkrijgen van partneralimentatie. Als ontvanger van partneralimentatie zijn dan naar de advocaatkosten ook telefoonkosten, portokosten, reiskosten en incassokosten aftrekbaar.  

Noot fiscaal jurist inzake advocaatkosten als ondernemingskosten

De advocaatkosten bij een echtscheiding zijn niet zo vaak aftrekbaar binnen de onderneming of de B.V. Als de onderneming of de B.V. echter een belang heeft, dan zijn (een deel van) de kosten wel aftrekbaar. In casu ging het om een raamprostitutiebedrijf, edoch dit maakt voor de feiten geen verschil. Een echtscheiding bij een ondernemer of DGAgeeft vaak veel meer discussie dan een reguliere echtscheiding, de belangrijkste discussie punten zijn dan de grondslagen voor de partneralimentatie (met winst/ dividend of zonder) en de waardering van de onderneming.

Een ander veel voorkomende probleem betreft de hypotheekrente van de eigen woning, lees hiervoor dit artikel.

Bron advocaatkosten aftrekbaar

Gerechtshof Amsterdam d.d. 7 juni 2016 (ECLI NL GHAMS 2016 2438).

Gerechtshof Amsterdam d.d. 21 oktober 2010, ECLI:NL:GHAMS:2010:BO4792.

Advocaatkosten echtscheiding in bedrijf aftrekbaar [news] 4959

Afkoop alimentatie kan netto

Fiscaal nieuws alimentatie

In het verleden was alimentatie aftrekbaar tegen het maximale tarief van 51,95%. De aftrek van alimentatie (en hypotheekrente) is de afgelopen jaren verlaagd. Vanaf 2020 ging dit sneller. Alimentatie (en hypotheekrente etc.) is in de toekomst tegen een lager tarief aftrekbaar de afbouw ziet er als volgt uit:

  • 2019: 46%
  • 2020: 46%
  • 2021: 43%
  • 2022: 40%
  • 2023: 37%

Afkoop van alimentatie kan dus beter vlot plaatsvinden. Als u alimentatie moet betalen aan uw voormalig partner dan kunt u eens overwegen om deze te herzien, de netto last neemt immers door de lagere aftrek toe. Heeft u vragen stuur dan gerust een e-mail of neem contact met ons op.

Met enige regelmaat ben ik betrokken bij echtscheidingen van ondernemers / DGA's. In de meeste gevallen word ik hierbij ingeschakeld door de (ex-)partner van de ondernemer / DGA.  De discussies die ontstaan hebben veelal betrekking op de waarde van de onderneming, de uitleg van huwelijkse voorwaarden, ontvangen schenkingen, maar zeker ook het bepalen van de draagkracht van de ondernemer.

Afkoop alimentatie bij ondernemers

Als partners uit elkaar gaan, wil men het liefst financieel volledig afscheid nemen. Volledig afscheid nemen is vaak door de kinderen (of toekomstig pensioen) niet mogelijk. Financieel afscheid nemen kan worden vormgegeven via de afkoop van alimentatie en de verrekening van toekomstige pensioenen. Steeds meer mannen en vrouwen willen niet meer financieel aan elkaar verbonden zijn door maandelijkse partneralimentatie. Recent riep een ondernemer hierover nog: "weggegooid geld, mijn ex ga ik niet nog 12 jaar ondersteunen." De ontvanger van de alimentatie wil vaak ook niet van de ex afhankelijk zijn:

  • Wordt de alimentatie wel op tijd betaald?
  • Kan de ondernemer in de toekomst nog wel betalen?
  • Loop ik risico op zijn ondernemerschap?
  • Komen er nog toekomstige procedures als zijn of haar bedrijf slechter draait? 

Bovenstaande geeft stress.  Een afkoop van alimentatie kan deze stress voorkomen. Maar hoe doe je dit fiscaal voordelig?

Netto afkoop van alimentatie

Henk is ondernemer en wil zijn vrouw eenmalig een afkoopsom betalen voor de toekomstige alimentatie. Wettelijk moet Henk 10 jaar betalen. Hij komt echter via een mediator met zijn vrouw overeen dat hij ineens de contante waarde voor de komende 8 jaar zal betalen, een bedrag van € 300.000. De vrouw is het hiermee eens, maar wil dit bedrag dan wel in één keer netto op haar bankrekening. Omdat de man en vrouw in 2021 nog fiscaal partner zijn, kan in 2021 de afkoop netto worden betaald, mits beide partners in 2021 ervoor kiezen elkaars partner te zijn. Dit kan ook als de partners niet geheel 2021 elkaars fiscale partner zijn. Echtgenoten kunnen nog het hele jaar waarin het verzoek tot echtscheiding is ingediend een aangifte Inkomstenbelasting indienen alsof ze fiscaal partner zijn (artikel 2:17 lid 7 Wet op de Inkomstenbelasting 2001). De man kan niet alleen zijn eigen aftrekpost, maar ook de verschuldigde heffing van zijn vrouw in zijn eigen aangifte opnemen. Door deze aangifte vallen de aftrekpost en de verschuldigde heffing tegen elkaar weg. Al met al "netto afkoop van alimentatie". Eventueel kan de betaling ook in termijnen plaatsvinden, dit overleggen wij veelal met de Belastingdienst. Aandachtspunt is wel dat u er vroegtijdig over nadenkt. Als een verzoek tot echtscheiding in 2020 is ingediend en in 2021 wordt besloten tot afkoop, bent u te laat, dit kan dus niet.

Termijn partneralimentatie sinds 2020

De termijn voor de partneralimentatie is sinds 2020 aangepast in standaard 5 jaar. Er bestaan op deze termijn veel uitzonderingen. De belangrijkste:

  1. Termijn korter: als het huwelijk korter dan 10 jaar heeft geduurd, is de termijn 50% van de duur van het huwelijk of het geregistreerde partnerschap. Bij 6 jaar gehuwd zijn is de termijn dus 3 jaar. Hierop bestaan weer uitzonderingen. De belangrijkste is dat, als u samen kinderen heeft (einde alimentatie als jongste kind 12 jaar is geworden).
  2. Heeft huwelijk (of partnerschap) minimaal 15 jaar geduurd? Krijgt uw ex-partner binnen 10 jaar AOW? Dan moet u alimentatie betalen tot dat uw partner AOW ontvangt.
  3. Bent u geboren vóór 1 januari 1970? Duurde uw huwelijk of partnerschap langer dan 15 jaar? Krijgt u over meer dan 10 jaar AOW? Dan is de termijn 10 jaar.

De partneralimentatie stopt als uw ex-partner opnieuw gaat trouwen. De alimentatie kan hoger of lager worden als u of uw ex-parter meer of minder gaat verdienen. U kunt ook anders overeenkomen in het echtscheidingsconvenant.

Vragen over echtscheiding bij ondernemers

Wilt u een vrijblijvend gesprek over een echtscheiding bij ondernemers of een DGA. dan kunt u contact opnemen met de heer mr. D.J.B. Jongbloed. Hij is vaak betrokken bij dergelijke procedures. De uiteindelijke echtscheiding zal altijd in overleg met een advocaat plaatsvinden.

Afkoop alimentatie kan netto [news] 7100

Echtscheiding en hypotheekrente

Echtscheiding en eigen woning bij achterblijvende partner

Tamara gaat scheiden in 2018. Ze blijft tot het moment van levering van de woning in de woning wonen. Tamara voldoet alle hypotheekrente en trekt deze (deels als betaalde alimentatie) af in haar aangifte inkomstenbelasting. De inspecteur is het niet met Tamara eens, de rechter ook niet. Volgens beiden is 50% van de hypotheekrente aftrekbaar.

Procedure echtscheiding en hypotheekrente

Tamara en Henk gaan in 2018 scheiden, er is geen echtscheidingsconvenant gesloten. In de echtscheidingsbeschikking staat dat Tamara gerechtigd is om in de eigen woning te blijven wonen tot de datum van levering. Dit onder de voorwaarde dat Tamara 100% van de hypotheekrente gaat betalen. De overwaarde van de eigen woning komt toe aan Henk en Tamara, voor gelijke delen. Tamara neemt in haar aangifte inkomstenbelasting € 4.500 op als betaalde alimentatie. Tevens brengt ze € 4.500 in aftrek als hypotheekrente.

De inspecteur is van mening dat de betaalde alimentatie niet kan worden afgetrokken. Tamara heeft volgens de inspecteur recht op een aftrek van 50% van de door haar betaalde hypotheekrente. De rechter is het met de inspecteur eens.

  • Uit de echtscheidingsbeschikking volgt namelijk, aldus de rechtbank, dat de door Tamara betaalde hypotheekrente, voor zover deze betrekking heeft op het aan haar ex-echtgenoot (Henk) toerekenbare deel van de woning, heeft gestrekt tot vergoeding voor het gebruik van de woning. De rechtbank acht het niet aannemelijk dat de rentevergoeding tot doel had om Henk te voorzien in zijn levensonderhoud. 
  • Daarbij neemt de rechtbank in aanmerking dat de rentevergoeding ophield bij verkoop van de woning en dat daar niet een andere vergoeding of betalingsverplichting voor in de plaats is gekomen.
  • De woning is voor Tamara voor 50% aan te merken als eigen woning. 50% Van de hypothecaire schuld is voor Tamara aan te merken als eigenwoningschuld. De overige 50% kan naar het oordeel van de rechtbank dus niet als eigenwoningschuld in aanmerking worden genomen, wat betekent dat de daarmee corresponderende hypotheekrente niet bij Tamara aftrekbaar is.

Noot fiscaal jurist en echtscheiding

Bovenstaande situatie was via een eenvoudig fiscaal advies op te lossen. Als Henk de woning verlaat, kan hij de betaalde hypotheekrente nog 2 jaar aftrekken. Het bedrag van het eigenwoningforfait kan worden opgegeven als partneralimentatie. Koopt Henk direct na zijn vertrek een nieuwe woning, dan kan hij gedurende 2 jaar de hypotheekrente voor beide woningen aftrekken, mits Henk de hypotheekrente ook heeft voldaan. De gebruikelijke regeling is dus de volgende:

  1. Henk vertrekt uit de woning en Tamara blijft er wonen.
  2. Henk stelt zijn aandeel in de eigen woning beschikbaar aan Tamara. Dit is een vorm van (aftrekbare) partneralimentatie (in natura) welke wordt gewaardeerd op het eigenwoningforfait (dus per saldo nihil).
  3. Tamara ontvangt een belaste partneralimentatie (in de vorm van woongenot) die wordt gewaardeerd op hetzelfde bedrag (als bij Henk).
  4. Als Henk alle rente zou betalen (dus ook voor aandeel Tamara), dan is dit bij Henk aftrekbaar als partneralimentatie en bij Tamara belast als partneralimentatie. Tamara mag hierop haar aandeel van de hypotheekrente in mindering brengen.

Doordat er in deze casus een (verkeerde en anders luidende) beschikking lag, ging het in deze casus niet goed. Het is belangrijk dat u in overleg met een fiscaal jurist en een advocaat uw echtscheiding goed en zorgvuldig regelt. Zijn er vragen, stuur ons dan gerust een e-mail via onderstaand formulier.

Bron eigen woning, echtscheiding en hypotheekrente

Rechtbank Noord-Nederland d.d. 6 augustus 2021 ECLI:NL:RBNNE:2021:3392

Echtscheiding en hypotheekrente [news] 7186

Schenking en echtscheiding

Veel mensen zijn getrouwd in gemeenschap van goederen, bij een echtscheiding worden dan alle bezittingen en schulden gelijk verdeeld. Als één van de partners tijdens het huwelijk een erfenis of schenking heeft ontvangen, valt dit soms binnen en soms buiten de gemeenschap van goederen. Soms spelen ook bepalingen uit een testament. In dit artikel behandelen wij een arrest van de Hoge Raad uit 2019.

Schenking, uitsluitingsclause en echtscheiding

De Hoge Raad heeft bepaald dat een schenking met uitsluitingsclausule die een vrouw tijdens een huwelijk ontvangt tot haar privé vermogen blijft behoren, ook als de man en de vrouw in gemeenschap van goederen zijn getrouwd en als de schenkingen bewust samen zijn uitgegeven.

In deze procedure ontving de vrouw tijdens het huwelijk met de man in totaal € 30.000 aan schenkingen. Bij de echtscheiding heeft de schenker een zogenaamde uitsluitingsclausule opgenomen (schenking mag niet in enig vermogen vloeien van een ander dan de begiftigde). De schenking wordt overgeboekt naar een gemeenschappelijke rekening van de man en de vrouw. Het geld wordt door de man en de vrouw gezamenlijk uitgegeven aan diverse privé zaken. Na de echtscheiding kregen de man en vrouw ruzie over de behandeling van de schenkingen, de vrouw is achteraf van mening dat de schenkingen buiten de gemeenschap moeten blijven. Tevens waren de man en vrouw het er niet over eens waar het geld aan was opgegaan, de man stelt aan vakanties en vrouw aan verbouwingen van de eigen woning.

De Hoge Raad is er vlot klaar mee:

  • Het maakt niet uit waar het geld aan is opgegaan / besteed.
  • Het maakt niet uit dat het geld is overgemaakt naar de gemeenschappelijke rekening.
  • Het maakt niet uit dat het geld in overleg en met medewerking van de vrouw is besteed aan gezamenlijke doelen.
  • De schenkingen zijn en blijven privé vermogen van de vrouw.
  • De schenkingen moeten als eigen vermogen van de vrouw worden gezien en aan haar worden toegedeeld.

Noot fiscaal jurist over schenkingen en echtscheiding

Schenkingen blijven meestal buiten het gezamenlijke vermogen. Bij een gemeenschap van goederen kan dit soms anders zijn. De Hoge Raad geeft hierbij een heldere visie op schenkingen bij een echtscheiding. Vorenstaande staat ook helder omschreven in artikel 1:94 lid 2 onder a van het BW:

  • ... goederen ten aanzien waarvan bij uiterste wilsbeschikking van de erflater of bij gift is bepaald dat zij buiten de gemeenschap vallen.

Dit is in het verleden ook al bevestigd door de Hoge Raad (HR 21 november 1980 NJ 1981, 193). Het Gerechtshof was in een eerdere uitspraak in deze zaak van mening dat de vrouw geen vorderingsrecht toekomt. De overwegingen van het Gerechtshof:

  • Het geld is niet besteed aan de eigen woning (zoals de vrouw stelt).
  • De besteding is niet meer traceerbaar en is op de gemeenschappelijke rekening geboekt.
  • Het geld is gezamenlijk geconsumeerd.
  • Partijen waren het eens over de besteding van het geld (kosten van de gezamenlijke huishouding).

Is de man (degene die de schenking niet krijgt) dan volledig kansloos? Zeker niet.

  • De man had feiten en omstandigheden moeten stellen om te bewijzen op grond waarvan het vergoedingsrecht van de vrouw niet geldend kan worden gemaakt. Dit kan bijvoorbeeld spelen indien er met het geld privé schulden van de vrouw zijn betaald of indien uitdrukkelijk (of stilzwijgend) is afgesproken dat de vrouw m.b.t. de uitgaven van de schenkingen geen aanspraak wilde maken op de schenkingen. Dit heeft de man niet aangetoond, dus heeft de vrouw recht op de schenkingen.

Bron echtscheiding en schenking of erfenis

Hoge Raad d.d. 5 april 2019 (ECLI:NL:HR:2019:504)

Gerechtshof d.d. 7 november 2017 (ECLI:NL:GHSHE:2017:4752)

Schenking echtscheiding [news] 6156 Echtscheiding en belastingen]]>

Pensioen en echtscheiding



Inleiding

Een scheiding betekent naast het gescheiden gaan leven en beide een eigen weg inslaan, ook een opsplitsing van het vermogen, inkomen en het pensioen. Alles wordt dus in stukken "gehakt". Bij echtscheidingen moet het pensioen (ouderdoms- en nabestaandenpensioen) worden verrekend (artikel 8a PSW voor de liefhebber). De ex-echtgenote krijgt rechtstreeks een aanspraak bij het pensioenfonds (de verevening). In beginsel is dit recht ongeveer 50% van het ouderdomspensioen.

Tips

  1. Verevening pensioenrechten enkel voor pensioen dat is opgebouwd tijdens de huwelijkse periode.
  2. De aanspraak wordt vastgesteld op het moment van de scheiding, let op de opbouw tijdens de echtscheidingsprocedure.
  3. Loonstijgingen kunnen een hogere opbouw tot gevolg hebben, let hierop tijdens de echtscheidingsprocedure.
  4. U moet binnen 2 jaar een mededeling doen aan het uitvoeringsorgaan (speciaal formulier).
  5. Een andere verdeling van de pensioenrechten is toegestaan (is aan partijen). Doe hiervan wel een mededeling aan de verzekeraar van het pensioen.
  6. Zet de polis om in een polis op uw eigen leven (verzekeraars willen hier niet altijd aan meewerken, dit i.v.m. de kosten).
  7. Een pensioen van zo'n € 350 per jaar hoeft niet te worden verdeeld (de zogenaamde ondergrens). Woont de partner in het buitenland, dan is de grens het dubbele, dus € 700 per jaar.
  8. Het pensioen gaat pas in als de pensioenopbouwer met pensioen gaat, bij grote leeftijdsverschillen kan dit een probleem zijn.
  9. Als de pensioenopbouwer komt te overlijden, is het denkbaar dat degene die de alimentatie ontvangt geen pensioen meer zal ontvangen. Leg de splitsing van de pensioenpot in het convenant vast.

Directeur-grootaandeelhouder en pensioen

De Wet Verevening Pensioenrechten is ook op de directeur-grootaandeelhouder (DGA) van toepassing. De ex-echtgenoot heeft geen recht op afstorting. Ik vraag zelf meestal om een zekerheidsstelling, als blijkt dat afstorting niet mogelijk is. Voor de DGA is het te overwegen om in de pensioenbrief een bepaling op te nemen dat afstorting plaats zal vinden, tenzij hierdoor de continuïteit van de B.V. aantoonbaar in gevaar komt. Als dit er niet in staat, heeft de ex munitie om zekerheid te vragen.

Verdelen ja / nee

De PSW mag worden toegepast, u mag ook een eigen verdeling uitvoeren. U kunt een langere periode dan het huwelijk overeenkomen maar ook geheel afzien van een verdeling van pensioenrechten (bijvoorbeeld als beide partners een redelijk pensioen hebben).

Overlijden na echtscheiding

Min of meer zijn de echtelieden tot de pensioenleeftijd van de opbouwer (hierna als voorbeeld: de man) aan elkaar verbonden. Er wordt pas uitbetaald zodra de man met pensioen gaat, de vrouw kan hierdoor lang moeten wachten. Als de man komt te overlijden, stopt het pensioen. Als de vrouw komt te overlijden, gaat dit terug naar de man. Het is hierom beter om het pensioen ook echt te verdelen en dit ook zo bij de verzekeraar te regelen. Soms is dit financieel minder gunstig, psychologisch voelt het meestal wel beter. Laat het pensioenfonds even rekenen, is veelal mijn advies.

Pensioentekort na echtscheiding

Na de echtscheiding is er veelal een tekort in het uiteindelijke pensioen. Jammer, zegt de wetgever, kun je niks aan doen. Het tekort in de pensioenopbouw door echtscheiding is niet relevant voor het vaststellen van uw fiscale ruimte om uw pensioen aan te vullen. De wetgever heeft hier bij de behandeling van de Wet inkomstenbelasting 2001 bewust voor gekozen.

Pensioen en echtscheiding [news] 2013-06-24 0000-00-00 0000-00-00

DGA pensioen bij echtscheiding

DGA moet vaker pensioen afstorten bij verzekeraar

Update

Directeuren-grootaandeelhouders (DGA's) krijgen in 2017 (en 2018 en 2019) de mogelijkheid om hun pensioen in eigen beheer van de balans te halen (af te kopen). Dit kan met een korting van 34,5% in 2017 (en in de jaren daarna tegen lagere percentages, namelijk 2018: 25% en 2019: 19,5%). Heeft u geen geld, dan resteren er twee opties:

  1. Premievrij maken;
  2. Spaarvariant kiezen.

Pensioen in eigen beheer opbouwen is dus vanaf 2017 feitelijk voorbij.

De casus

Een DGA was 25 jaar getrouwd en ging scheiden, hij had een pensioen in eigen beheer opgebouwd. De pensioenen worden verevend conform de wet. De ex-vrouw wil dat haar deel wordt afgestort bij een verzekeraar, de Hoge Raad is het met haar eens. Een opmerkelijke uitspraak. De Hoge Raad stelt dat op basis van de redelijkheid en billijkheid niet van de ex-vrouw kan worden verlangd dat haar deel bij de B.V. van de ex-man blijft. De man houdt immers de volledige zeggenschap over dit pensioen. Dit kan anders zijn als het afstorten de continuïteit van zijn bedrijf in gevaar brengt. Als de B.V. geen geld heeft en dit ook niet kan lenen, kan het verzoek om afstorten worden betwist, anders niet.

Algemeen

Het pensioen van de DGA wordt in 2007 aangepast. Allereerst geldt met ingang van 1 januari 2007 een nieuwe pensioenwet die niet van toepassing is op de DGA (minimaal 10% van de aandelen / certificaten). In 2007 moet de DGA kiezen, óf in eigen beheer verzekeren óf extern bij een verzekeraar (wellicht in de toekomst ook bij een bank).

Pensioen in eigen beheer en echtscheiding

Tot februari 2007 dachten advocaten dat een DGA bij echtscheiding een eigenbeheerpensioen niet extern hoeft onder te brengen. Dit was anders als de B.V. onvoldoende zorg zou besteden aan de pensioendekking en de DGA het beleid kon bepalen. De Hoge Raad gaat nu een stuk verder. Op grond van de uitspraak van 9 februari 2007 moet er worden afgestort, tenzij de DGA aannemelijk maakt dat hij geen liquide middelen heeft of deze elders kan verkrijgen (intern of extern lenen). De continuïteit mag niet in gevaar komen.

Conclusie

De uitspraak zorgt bij advocaten en accountants voor ophef en beroering. Het kan betekenen dat (een deel van) de pensioenreserve daadwerkelijk beschikbaar moet zijn bij een echtscheiding, dit is bij de meeste bedrijven niet zo. Bij het grote aantal echtscheidingen in Nederland is dit dus een daadwerkelijk probleem.

Voor lopende zaken en ook voor reeds uitgesproken echtscheidingen is deze uitspraak van belang. Als u nog gaat scheiden, neem deze uitspraak dan mee in uw overwegingen. Als u reeds gescheiden bent, kijk dan eens in het echtscheidingsconvenant, wellicht moet uw ex alsnog het pensioen afstorten. Ook kinderen kunnen een beroep doen op deze uitspraak.

Indien u overweegt te gaan procederen, overweeg dan ook eens de pensioenreserve te laten berekenen door een deskundige. Het kan zijn dat de pensioenreserve niet gelijk is aan de toezegging die uit de pensioenbrief volgt. De ex-partner heeft recht op 50% van het tijdens het huwelijk opgebouwde ouderdomspensioen, te vermeerderen met het nabestaandenpensioen. Op de balans staat veelal een fiscale waardering, de werkelijke waarde kan anders zijn. Hoewel ik geen pensioendeskundige ben, zie ik verschillen ontstaan door (na)indexatie en kosten- en winstopslag.

Bron: HR 9 februari 2007 / nummer R06/021.

DGA pensioen bij echtscheiding [news] 1957
Echtscheiding ondernemer en DGA Directeur Groot Aandeelhouder [news] 2010-05-17

Echtscheiding ondernemer en DGA

Fiscale advisering van ondernemer en advocaat is noodzaak en financieel voordelig

Ruim 30% van de huwelijken eindigt via een echtscheiding. Voor de wet is elke echtscheiding gelijk. Een echtscheiding van een ondernemer of DGA is vaak complexer, omdat zijn / haar inkomen per jaar kan verschillen en de waarde van de onderneming geen vaststaande grootheid is. Dit is een bron van slepende procedures en een hoop gezeur. In mijn praktijk word ik regelmatig door advocaten, ondernemers of diens ex-partners gevraagd om te adviseren bij de omvang van de alimentatie, waarde van de onderneming, verdeling van het pensioen en natuurlijk het vaststellen van de draagkracht van de ondernemer (wat kan hij / zij betalen?).

Vanuit de kant van de ex-partner (niet-ondernemer) word ik regelmatig door advocaten benaderd om te kijken of er met de winsten is geschoven en in welke mate winsten moeten worden meegenomen.

De alimentatie wordt berekend op grond van de zogenaamde TREMA-normen. Deze bieden echter voor de ondernemer niet veel duidelijkheid. Een uitgebreid jurisprudentieonderzoek kan wenselijk zijn en voor de DGA is het verstandig om de jaarrekening - bij het actueel worden van de echtscheiding - door een fiscaal jurist te laten beoordelen. Voor de ex-partner is het verstandig om te kijken of de jaarrekening een juist beeld geeft van de feiten.

Wat speelt er bij een ondernemer?

  • Wat gebeurt er met de eenmanszaak of aandelen in de B.V.?
  • Hoe moet de alimentatie van de ondernemer of DGA worden berekend?
  • Wat is de onderneming waard en wie gaat dit bepalen?
  • Hoeveel winst moet worden meegenomen voor de alimentatieberekening?
  • Hoe wordt omgegaan met een dalende / stijgende winst in de toekomst?
  • Kan een deel van de alimentatie op de onderneming worden afgewenteld, bijvoorbeeld via een dienstbetrekking van de ex-partner?
  • Moet het dividend respectievelijk de algemene reserve binnen een B.V. worden meegenomen of niet?
  • Kunnen winsten naar boven of beneden worden bijgesteld?
  • Zijn er huwelijkse voorwaarden en kunnen hieraan rechten worden ontleend?
  • Moet pensioen in eigen beheer worden afgestort?

Regel zaken tijdens het huwelijk

De ondernemer of DGA kan het beste tijdens het huwelijk de zaken goed regelen. Dit kan bijvoorbeeld door de huwelijkse voorwaarden eens onder de loep te nemen en tevens duidelijke afspraken te maken over de manier waarop alimentatie zou moeten worden berekend. Wellicht dat er ook afspraken kunnen worden gemaakt over het (deels) afstorten van het pensioen in eigen beheer. Als uw huwelijk er nu goed voorstaat, regel dan nu de mogelijke gevolgen van een scheiding. Dit voorkomt veel gezeur en discussies in de toekomst.

DGA-scan

Wij maken op kantoor regelmatig een DGA-scan. Hierbij wordt beoordeeld wat er gaat gebeuren bij overlijden, pensioen, arbeidsongeschiktheid, verkoop van de onderneming, maar ook bij een echtscheiding. Een eenvoudige scan kost € 1.000, een uitgebreide scan € 3.000.

2010-05-17 2015-05-17 2787
Echtscheiding en eigen woning in 2011 Iedereen [news] 2011-01-19

Echtscheiding en woning in 2011

Als u vanaf 2011 in scheiding ligt en u de woning verlaat, komt uw hypotheekrenteaftrek in gevaar.

Partnerschap in 2011

Door een wetswijziging in 2011 ontstaan er problemen voor mensen die gaan scheiden. Vanaf 2011 eindigt een fiscaal huwelijk op de datum van de scheiding, of eerder als de (duurzame) samenleving wordt beëindigd. Als u dus niet meer op hetzelfde adres staat inschreven en het verzoek tot echtscheiding is ingediend, bent u geen fiscaal partner meer.

Het fiscaal partnerschap voor gehuwden eindigt als ze een verzoek tot echtscheiding bij de Rechtbank hebben ingediend en niet meer in hetzelfde huis wonen. Als de man de woning verlaat voordat de scheiding rond is, blijft hij fiscaal partner, edoch zijn hoofdverblijf is ergens anders. Zijn deel van de hypotheekrente komt dan te vervallen. Zijn vrouw kan haar deel van de hypotheekrente nog wel aftrekken.

Problemen vanaf 2011

Iedereen die gescheiden is gaan leven maar nog niet is gescheiden heeft sinds 2011 een probleem. Vanaf 2011 bent u verplicht fiscaal partner van elkaar (dus met uw ex). Als u al een nieuwe partner heeft, kunt u geen fiscaal partner meer zijn met hem of haar. Dit kunt u oplossen door een verzoek tot echtscheiding in te dienen.

Als u een nieuwe woning koopt en nog geen verzoekschrift hebt ingediend, ontstaat er fiscaal een complexe situatie. U bent dan namelijk nog fiscaal partner en zou dan dus maar 1 eigen woning kunnen hebben. Als de wet goed wordt gelezen gaat dit goed, maar ik zou mijn handen er nog niet voor in het vuur steken.

Normale situatie vanaf 2011

Als u gaat scheiden, een scheidingsverzoek indient, het huis verlaat en ergens anders gaat wonen, bent u geen fiscaal partner meer. U heeft nog maximaal 2 jaar recht op hypotheekrenteaftrek, ondanks dat u niet meer in de woning woont resp. de woning niet meer uw hoofdverblijf is. Oorspronkelijk stond dit anders in de wet, maar dit is aangepast.

Uitbreiding partnerbegrip in 2011

Het fiscaal partner begrip wordt in 2011 uitgebreid met:

  1. ongehuwd samenwonenden met een notarieel samenlevingscontract;
  2. ongehuwd samenwonenden zonder notarieel samenlevingscontract die samen een kind hebben, voor een pensioenregeling als partner gelden of samen een eigen woning hebben.

Bron

Brief Staatssecretaris 5 november 2010: Motie en toezegging inzake het partnerbegrip.

2010-11-11 0000-00-00 2922

Advocaatkosten echtscheiding in bedrijf aftrekbaar

Voor de wet is elke echtscheiding gelijk, in de praktijk ligt dit vaak anders. Een echtscheiding van een ondernemer of DGA is vaak complexer omdat zijn inkomen en vermogen niet altijd even duidelijk zijn. Wij adviseren vaak bij echtscheidingen, dit veelal in overleg met een advocaat, mediator of notaris. Wij kijken dan naar de volgende onderdelen:

  1. Wat is nu echt de waarde van de onderneming?
  2. Grondslagen voor de partneralimentatie (verhouding salaris, management fee, dividend en winst) 
  3. Dividend en geldstromen binnen de onderneming
  4. Waardering pensioen / fiscale oudedagsreserves
  5. Fiscale structuren na de echtscheiding
  6. Is er met winsten geschoven?

Bedrijfskosten aftrekbaar

Van de opbrengsten binnen een bedrijf mogen zakelijke kosten worden afgetrokken. Alleen de kosten die de ondernemer (of rechtspersoon) maakt voor de zakelijke belangen van de onderneming zijn aftrekbaar. Zakelijke kosten zijn kosten die binnen redelijke grenzen nodig zijn voor de uitoefening van de onderneming en de kosten die rechtstreeks op de onderneming betrekking hebben. Andere kosten zijn nietaftrekbaar. Hoe zit dit met advocaatkosten tijdens een echtscheidingsprocedure waarbij een onderneming betrokken is?

Procedure inzake advocaatkosten bij onderneming

Een bedrijf kent de man en de vrouw als aandeelhouder. De man en de vrouw gaan scheiden. Er wordt over veel dingen geprocedeerd, onder meer: "wie mag de aandelen verkrijgen?" De vrouw heeft al 90% van de aandelen en verkrijgt via de rechter ook de aandelen van de man. De advocaatkosten worden door het bedrijf afgetrokken van de winst. Hoewel de toedeling ziet op de privé belangen van de vrouw, zijn toch 20% van de advocaatkosten (volgens de rechter) aftrekbaar. De reden: "de man heeft een strafblad en de onderneming zou haar vergunning kunnen verliezen als de man aandeelhouder zou blijven."

Advocaatkosten aftrekbaar

Advocaatkostenzijn binnen de fiscale aangifte beperkt aftrekbaar. De algemene stelregel is dat advocaatkosten aftrekbaar zijn indien deze zijn gemaakt voor het verkrijgen van partneralimentatie. Als ontvanger van partneralimentatie zijn dan naar de advocaatkosten ook telefoonkosten, portokosten, reiskosten en incassokosten aftrekbaar.  

Noot fiscaal jurist inzake advocaatkosten als ondernemingskosten

De advocaatkosten bij een echtscheiding zijn niet zo vaak aftrekbaar binnen de onderneming of de B.V. Als de onderneming of de B.V. echter een belang heeft, dan zijn (een deel van) de kosten wel aftrekbaar. In casu ging het om een raamprostitutiebedrijf, edoch dit maakt voor de feiten geen verschil. Een echtscheiding bij een ondernemer of DGAgeeft vaak veel meer discussie dan een reguliere echtscheiding, de belangrijkste discussie punten zijn dan de grondslagen voor de partneralimentatie (met winst/ dividend of zonder) en de waardering van de onderneming.

Een ander veel voorkomende probleem betreft de hypotheekrente van de eigen woning, lees hiervoor dit artikel.

Bron advocaatkosten aftrekbaar

Gerechtshof Amsterdam d.d. 7 juni 2016 (ECLI NL GHAMS 2016 2438).

Gerechtshof Amsterdam d.d. 21 oktober 2010, ECLI:NL:GHAMS:2010:BO4792.

Advocaatkosten echtscheiding in bedrijf aftrekbaar [news] 4959

Partneralimentatie in 2020 te hoog

Fiscaal nieuws alimentatie

In het verleden was alimentatie aftrekbaar tegen het maximale tarief van 51,95%. De aftrek van alimentatie (en hypotheekrente) is de afgelopen jaren verlaagd. Vanaf 2020 ging dit sneller. Alimentatie (en hypotheekrente etc.) is in de toekomst tegen een lager tarief aftrekbaar de afbouw ziet er als volgt uit:

  • 2019: 46%
  • 2020: 46%
  • 2021: 43%
  • 2022: 40%
  • 2023: 37%

Afkoop van alimentatie kan dus beter vlot plaatsvinden. Als u alimentatie moet betalen aan uw voormalig partner dan kunt u eens overwegen om deze te herzien, de netto last neemt immers door de lagere aftrek toe. Heeft u vragen stuur dan gerust een e-mail of neem contact met ons op.

Partneralimentatie vanaf 2020

Als u alimentatie moet betalen aan uw ex-echtgenoot of -echtgenote, dan komt u de komende jaren bedrogen uit. Waarschijnlijk moet u in overleg met uw ex-partner en / of moet u naar de rechter om uw partneralimentatie opnieuw te laten vaststellen. Waarom?

De aftrekbaarheid van vele kosten zal de komende jaren worden verlaagd, zo ook de betaalde partneralimentatie. Vanaf 2020 is partneralimentatie tegen een lager tarief aftrekbaar. In 2019 is de partneralimentatie nog aftrekbaar tegen 51,95%, vanaf 2020 is dit percentage 46% en in 2023 nog maar 37%. Uw netto last voor de partneralimentatie zal dus gaan stijgen. Vooral hogere inkomens (boven € 68.500) gaan deze last echt voelen. In veel gevallen moet de partneralimentatie opnieuw worden berekend. Gevolg: een golf aan procedures en hiermee samenhangende advocaatkosten.

Wat zegt onze regering over hogere last partneralimentatie?

Staatssecretaris Snel van Financiën schrijft dat ongeveer 30% van de alimentatieplichtigen hier echt last van krijgen, zij hebben een inkomen boven € 68.507. Voor hen wijzigt het fiscale voordeel van de aftrek wat mede bepalend is voor de draagkracht van de alimentatieplichtige. Zij zullen waarschijnlijk een verzoek moeten indienen bij de rechtbank om de alimentatieplicht te herzien. Als deze alimentatieplichtige meer inkomen heeft (sinds de echtscheiding), dan kan een herzieningsverzoek ook zorgen voor een hogere partneralimentatie.

Procedure over partneralimentatie

In een procedure bij de Rechtbank Amsterdam stelde de man het volgende: ik heb minder draagkracht omdat de partneralimentatie de komende jaren voor een lager percentage aftrekbaar is. Daarom wil ik nu al minder partneralimentatie betalen. De rechtbank was het niet met de man eens omdat de man nu nog geen “schade” heeft. Anticiperen op toekomstige wetswijzigingen is niet mogelijk. Daarnaast hangt de grondslag niet alleen af van het aftrekbaarheidspercentage, maar ook van meerdere factoren, zoals de inkomensontwikkeling van de man. Verder wijst de rechtbank erop dat de exacte tarieven waartegen de aftrek plaats kan vinden pas in de laatste weken van het jaar definitief worden vastgesteld, wat een praktische belemmering vormt voor het maken van de berekening. De man kreeg wel een beetje gelijk omdat vanaf 2020 voor hem een speciale fiscale regeling niet meer van toepassing is (de 30% regeling).

Bron herziening partneralimentatie

Brief Staatssecretaris van Financiën van 17 oktober 2019, nr. 2019-0000161905

Rechtbank Amsterdam d.d. 4 september 2019 (ECLI:NL:RBAMSL2019:6446)

Parteralimentatie in 2020 te hoog [news] 6320

Alimentatie schriftelijk vastleggen

Fiscaal nieuws alimentatie

In het verleden was alimentatie aftrekbaar tegen het maximale tarief van 51,95%. De aftrek van alimentatie (en hypotheekrente) is de afgelopen jaren verlaagd. Vanaf 2020 ging dit sneller. Alimentatie (en hypotheekrente etc.) is in de toekomst tegen een lager tarief aftrekbaar de afbouw ziet er als volgt uit:

  • 2019: 46%
  • 2020: 46%
  • 2021: 43%
  • 2022: 40%
  • 2023: 37%

Afkoop van alimentatie kan dus beter vlot plaatsvinden. Als u alimentatie moet betalen aan uw voormalig partner dan kunt u eens overwegen om deze te herzien, de netto last neemt immers door de lagere aftrek toe. Heeft u vragen stuur dan gerust een e-mail of neem contact met ons op.

Als alimentatie niet schriftelijk is vastgelegd, is deze soms niet aftrekbaar bij de betalende partner. In dit artikel duiken wij eens in een uitspraak van de Rechtbank in 2019.

Niet schriftelijk vastgelegde alimentatie niet aftrekbaar

Henk en Truus gingen in 2004 een geregistreerd partnerschap aan. In 2014 liep dit op de klippen en werd het partnerschap beëindigd. De belangrijkste afspraken werden vastgelegd in een overeenkomst, de vaststellingsovereenkomst ontbinding geregistreerd partnerschap. In deze overeenkomst stond over alimentatie: "niet nodig, beide partners kunnen in hun levensonderhoud voorzien." Beide partners deden afstand van hun recht op partneralimentatie. In de aangifte Inkomstenbelasting 2016 nam Henk een aftrekpost op in de aangifte (ruim € 6.000), dit in het kader van een onderhoudsverplichting voor Truus. Truus kon niet rondkomen en daarom heeft Henk de hypotheekrente voor haar voldaan. De Rechtbank is het met de belastinginspecteur eens, de betaalde bedragen zijn niet aftrekbaar, Henk heeft niet aannemelijk gemaakt dat de betaalde bedragen waren bedoeld als partneralimentatie. Het zijn geen rechtstreeks uit het familierecht verrichte en / of verschuldigde betalingen.

Fiscale noot aftrekbare partneralimentatie

De wet Inkomstenbelasting is redelijk duidelijk over de aftrekbaarheid van partneralimentatie:

  • Uit artikel 6.1, eerste en tweede lid, Wet IB 2001 volgt dat de persoonsgebonden aftrek onder andere bestaat uit uitgaven voor onderhoudsverplichtingen. Deze zijn omschreven in artikel 6.3, eerste lid, van de Wet IB 2001, welke bepaling voor zover hier van belang als volgt luidt:
  • “1. Onderhoudsverplichtingen zijn:

    a. periodieke uitkeringen en verstrekkingen op grond van een rechtstreeks uit het familierecht voortvloeiende verplichting, tenzij deze worden gedaan aan bloed- of aanverwanten in de rechte lijn of in de tweede graad van de zijlijn;(…)
  • f. in rechte vorderbare periodieke uitkeringen en verstrekkingen die berusten op een dringende morele verplichting tot voorziening in het levensonderhoud.”

In de vaststellingsovereenkomst stond geen enkele verplichting tot het betalen van partneralimentatie. Partijen hadden dit dus in 2014 beter en zorgvuldiger moeten vastleggen. Een redelijke verdeling van de bewijslast brengt met zich dat Henk (en / of Truus) de feiten en omstandigheden aannemelijk moet maken waaruit volgt dat de door hem gedane betalingen kunnen worden aangemerkt als aan zijn ex-partner gedane betalingen in het kader van onderhoudsverplichtingen als bedoeld in artikel 6.3 Wet IB 2001. Dit is met een paar bankafschriften niet voldoende duidelijk gemaakt. De verplichting om te moeten betalen is niet schriftelijk vastgelegd. Tevens is niet duidelijk of de betalingen de titel van partneralimentatie moeten krijgen.

Een zijsprong via de "dringende morele verplichting " ex artikel 6.3 eerste lid letter f had wellicht nog gekund maar in rechte had Truus niks te vorderen.

Al met al is dit een voorbeeld van een slechte voorbereiding en een niet juist gevoerde procedure. Er hadden bijvoorbeeld verklaringen van Truus moeten liggen of een nadere overeenkomst.

Bron niet aftrekbare partner alimentatie

Rechtbank Den Haag 15 oktober 2019 ECLI:NL:RBDHA:2019:14410

Alimentatie schriftelijk vastleggen [news] 6360

Belastingvrij geld schenken aan echtgenoot of partner

Belastingdienst verliest zaak van rijke weduwe !

Bij estate planning is het maken of wijzigen van de huwelijkse voorwaarden een belangrijk adviesinstrument om zonder schenkbelasting geld over te dragen van de ene naar de andere partner. Dit kan via een huwelijk of bij een geregistreerd partnerschap. In dit artikel bespreken wij een arrest van de Hoge Raad uit 2021.

Via huwelijk belastingvrij schenken

Het creëren van een beperkte huwelijksgemeenschap van een bankrekening is geen schenking. Als voor het huwelijk een vermogensverschil bestaat tussen de aanstaande echtgenoten, kan de vraag worden gesteld of door het huwelijk sprake is van een schenking van de meer vermogende (aanstaande) echtgenoot aan de minder vermogende. De Hoge Raad oordeelt op 7 mei 2021 dat er geen sprake is van een schenking bij het creëren van een beperkte huwelijksgemeenschap van een bankrekening.

Via huwelijk vermogen overdragen

In deze zaak worden voor het aangaan van het huwelijk huwelijkse voorwaarden opgesteld, waarin staat:

  • Man en vrouw gaan trouwen in 2008;
  • Er wordt bij aanvang van het huwelijk een beperkte gemeenschap aangaan;
  • Niets is gemeenschappelijk, met uitzondering van een bankrekening;
  • De man stort € 10 miljoen op de bankrekening en de vrouw niets;
  • De man beschikt op dat moment over een vermogen van € 150 miljoen en de vrouw over een vermogen van ongeveer € 1 miljoen;
  • De man komt in 2012 te overlijden;
  • De Belastingdienst is van mening dat er in 2008 (bij aangaan van het huwelijk) € 5 miljoen is geschonken aan de vrouw;
  • De rechtbank, het gerechtshof en de Hoge Raad zijn het niet met de Belastingdienst eens, van een schenking is geen sprake.

De redenen voor het oordeel van de rechters waren:

  • De vrouw kon niet over 50% van het vermogen beschikken als ware het haar eigen vermogen, beide echtgenoten konden immers over de gehele rekening beschikken);
  • Bij het ontstaan van de beperkte gemeenschap is nog geen sprake van een voltooide vermogensverschuiving van de man aan de vrouw (bankrekening kan immers tijdens het huwelijk nog muteren).

Via een algehele gemeenschap van goederen had de man belastingvrij € 75 miljoen kunnen overdragen. Via een beperkte gemeenschap kan hij dus ook gericht een deel van zijn vermogen overdragen. Vorenstaande zou ook prima kunnen door een woning in de beperkte gemeenschap op te nemen, hierdoor gaat 50% van dit vermogen over aan de partner.

Advisering inzake vermogensdracht bij huwelijk

Voorafgaand aan het huwelijk kan dus belastingvrij vermogen worden overgeheveld vanuit de ene aan de andere partner. Soms is het dus verstandig om te trouwen als u vermogen wilt overdragen.  Over deze casus bestaat al tientallen jaren onzekerheid. Bij het aangaan van een huwelijk (gemeenschap) gaat 50% van het vermogen (belastingvrij) over naar de andere partner, dit is wel duidelijk. Maar kun je dit ook bereiken via een beperkte gemeenschap / beperkte overdracht van vermogen? De Hoge Raad is eruit ... dit mag !

Wat betekent deze uitspraak voor de estate planning praktijk?

Dit arrest is van groot belang voor de estate planning praktijk. De Belastingdienst is bij het aangaan en wijzigen van huwelijkse voorwaarden namelijk snel van mening dat er sprake is van een voltooide vermogensverschuiving van de meer vermogende echtgenoot aan de minder vermogende en dus van een belaste schenking. Met dit arrest is hierin meer duidelijkheid gekomen.

Wat is nog niet duidelijk? 

  1. Geldt dit arrrest ook bij wijzigen van de huwelijkse voorwaarden tijdens het huwelijk?
  2. Geldt dit arrest ook voor andere vermogensbestanddelen, zoals aandelen in een bv(aanmerkelijkbelangaandelen)?
  3. Kan iemand ook scheiden om een jaar later weer te trouwen en zo vermogen overdragen?
  4. Komt er een wetswijziging aan om dit te repareren?

Het blijft dus belangrijk om de huwelijkse voorwaarden zorgvuldig te formuleren en zo te voorkomen dat er bij het aangaan of wijzigen van huwelijkse voorwaarden sprake is van een schenking. Wilt u hier meer over weten, dan kunt u contact met ons opnemen.

Bron huwelijk en schenken

Hoge Raad d.d. 7 mei 2021 ECLI:NL:HR:2021:708

Conclusie Advocaat-Generaal d.d 26 oktober 2020 ECLI:NL:PHR:2020:989

Gerechtshof Arnhem - Leeuwarden d.d. 10 december 2019 ECLI:NL:GHARL:2019:10724

Rechtbank Gelderland d.d. 20 september 2018 ECLI:NL:2018:4043

Geld schenken aan partner [news] 2021-05-17 0000-00-00 0000-00-00 6998

Echtscheiding en hypotheekrente

Echtscheiding en eigen woning bij achterblijvende partner

Tamara gaat scheiden in 2018. Ze blijft tot het moment van levering van de woning in de woning wonen. Tamara voldoet alle hypotheekrente en trekt deze (deels als betaalde alimentatie) af in haar aangifte inkomstenbelasting. De inspecteur is het niet met Tamara eens, de rechter ook niet. Volgens beiden is 50% van de hypotheekrente aftrekbaar.

Procedure echtscheiding en hypotheekrente

Tamara en Henk gaan in 2018 scheiden, er is geen echtscheidingsconvenant gesloten. In de echtscheidingsbeschikking staat dat Tamara gerechtigd is om in de eigen woning te blijven wonen tot de datum van levering. Dit onder de voorwaarde dat Tamara 100% van de hypotheekrente gaat betalen. De overwaarde van de eigen woning komt toe aan Henk en Tamara, voor gelijke delen. Tamara neemt in haar aangifte inkomstenbelasting € 4.500 op als betaalde alimentatie. Tevens brengt ze € 4.500 in aftrek als hypotheekrente.

De inspecteur is van mening dat de betaalde alimentatie niet kan worden afgetrokken. Tamara heeft volgens de inspecteur recht op een aftrek van 50% van de door haar betaalde hypotheekrente. De rechter is het met de inspecteur eens.

  • Uit de echtscheidingsbeschikking volgt namelijk, aldus de rechtbank, dat de door Tamara betaalde hypotheekrente, voor zover deze betrekking heeft op het aan haar ex-echtgenoot (Henk) toerekenbare deel van de woning, heeft gestrekt tot vergoeding voor het gebruik van de woning. De rechtbank acht het niet aannemelijk dat de rentevergoeding tot doel had om Henk te voorzien in zijn levensonderhoud. 
  • Daarbij neemt de rechtbank in aanmerking dat de rentevergoeding ophield bij verkoop van de woning en dat daar niet een andere vergoeding of betalingsverplichting voor in de plaats is gekomen.
  • De woning is voor Tamara voor 50% aan te merken als eigen woning. 50% Van de hypothecaire schuld is voor Tamara aan te merken als eigenwoningschuld. De overige 50% kan naar het oordeel van de rechtbank dus niet als eigenwoningschuld in aanmerking worden genomen, wat betekent dat de daarmee corresponderende hypotheekrente niet bij Tamara aftrekbaar is.

Noot fiscaal jurist en echtscheiding

Bovenstaande situatie was via een eenvoudig fiscaal advies op te lossen. Als Henk de woning verlaat, kan hij de betaalde hypotheekrente nog 2 jaar aftrekken. Het bedrag van het eigenwoningforfait kan worden opgegeven als partneralimentatie. Koopt Henk direct na zijn vertrek een nieuwe woning, dan kan hij gedurende 2 jaar de hypotheekrente voor beide woningen aftrekken, mits Henk de hypotheekrente ook heeft voldaan. De gebruikelijke regeling is dus de volgende:

  1. Henk vertrekt uit de woning en Tamara blijft er wonen.
  2. Henk stelt zijn aandeel in de eigen woning beschikbaar aan Tamara. Dit is een vorm van (aftrekbare) partneralimentatie (in natura) welke wordt gewaardeerd op het eigenwoningforfait (dus per saldo nihil).
  3. Tamara ontvangt een belaste partneralimentatie (in de vorm van woongenot) die wordt gewaardeerd op hetzelfde bedrag (als bij Henk).
  4. Als Henk alle rente zou betalen (dus ook voor aandeel Tamara), dan is dit bij Henk aftrekbaar als partneralimentatie en bij Tamara belast als partneralimentatie. Tamara mag hierop haar aandeel van de hypotheekrente in mindering brengen.

Doordat er in deze casus een (verkeerde en anders luidende) beschikking lag, ging het in deze casus niet goed. Het is belangrijk dat u in overleg met een fiscaal jurist en een advocaat uw echtscheiding goed en zorgvuldig regelt. Zijn er vragen, stuur ons dan gerust een e-mail via onderstaand formulier.

Bron eigen woning, echtscheiding en hypotheekrente

Rechtbank Noord-Nederland d.d. 6 augustus 2021 ECLI:NL:RBNNE:2021:3392

Echtscheiding en hypotheekrente [news] 7186

Afkoop alimentatie via lijfrente of banksparen

Een gevolg van vele echtscheidingen is dat er alimentatie moet worden betaald. In steeds meer situaties wordt er besloten om de alimentatie in één keer te betalen (afkopen). De afkoopsom is meestal ineens aftrekbaar en bij de ontvanger belast. De ontvanger kan er ook voor kiezen om de afkoopsom voor de partneralimentatie onder te brengen in een lijfrente. Sinds 2019 is het ook mogelijk om de afkoopsom voor de partneralimentatie onder te brengen in bij een bank, dit via banksparen.

Afkoop alimentatie

De afkoopsom wordt vaak ineens betaald. Omdat dit soms een groot bedrag betreft, is de kans aanwezig dat de afkoopsom niet volledig in box 1 kan worden afgetrokken. Het restant kan dan eerst in box 3 en box 2 verrekend worden, dit voordat het wordt doorgeschoven naar een volgend belastingjaar. Het is mede daarom vaak verstandiger om de afkoop in termijnen vorm te geven, hierdoor kan deze tegen het maximale tarief worden afgetrokken.

Afkoop niet aftrekbaar

Als de afkoop van alimentatie samenhangt met bijvoorbeeld een overbedeling, dan is de alimentatie niet aftrekbaar.

Afkoop alimentatie via lijfrente

Het is voor degene die de alimentatie moet betalen ook mogelijk om dit bedrag niet over te maken naar de ex-partner, maar aan een verzekeraar, dit als storting op een lijfrentepolis. Deze lijfrentepolis zal dan in termijnen het bedrag uitkeren aan de ex-partner (rechthebbende op partneralimentatie). Hieraan zijn wel voorwaarden verbonden, de belangrijkste zijn:

  1. De alimentatieplichtige maakt het bedrag over aan de verzekeraar.
  2. De verzekeraar rekent de verplichting tot haar binnenlandse ondernemingsvermogen.
  3. De uitkeringen (termijnen) komen toe aan de ex-partner.
  4. De uitkeringen worden direct uitbetaald.
  5. De uitkeringen eindigen bij het overlijden van de ex-partner.

Het komt voor dat de lijfrentepremie aan de verzekeraar wordt betaald vóórdat de echtscheiding formeel tot stand is gekomen. De betaling van de lijfrentepremie voordat de echtscheiding formeel tot stand is gekomen, verhindert de aftrek niet. Hierbij gelden de volgende voorwaarden.

  1. Het moet vaststaan dat de lijfrentetermijnen die voortvloeien uit de betaalde koopsom zullen toekomen aan de gewezen echtgenoot.
  2. Op het tijdstip van indiening van de aangifte van de betalende (ex-)echtgenoot moet de echtscheiding daadwerkelijk tot stand zijn gekomen.

Afkoop alimentatie bij jonge mensen (en onzekerheidsvereiste)

Als een lijfrente een korte periode loopt of als het gaat om een jonge alimentatiegerechtigde, bestaat de kans dat niet in alle gevallen wordt voldaan aan de onzekerheidseis (de 1% sterftekans). De Staatssecretaris is van mening dat het maatschappelijk ongewenst is dat in dergelijke situaties voor de afkoopsom geen recht zou bestaan op persoonsgebonden aftrek (artikel 6.5 Wet IB 2001). U moet dan wel even langs de Belastingdienst en een beroep doen op de hardheidsclausule ex artikel 63 AWR (en onderstaande besluit).

Afkoop alimentatie via banksparen

Deze optie is nieuw sinds 2019. U moet hierbij wel even opletten omdat dit een goedkeuring van de Staatssecretaris betreft en dit nog niet in de wet is vastgelegd. Er komt een wetswijziging aan, maar als deze niet wordt ingevoerd komt deze regeling weer te vervallen. Vooroverleg met de Belastingdienst is derhalve van belang.

Een afkoopsom voor een alimentatieverplichting aan de ex-partner kan worden vormgegeven via banksparen (of lijfrente of lijfrente beleggingsrekening). Het bedrag wordt dan ondergebracht bij een bank of beleggingsinstelling. De voorwaarden zijn:

  1. Het gaat hierbij om een lijfrenterekening of een lijfrentebeleggingsrecht in de zin van artikel 3.126a, eerste lid, Wet IB 2001 afgesloten bij een bank, een beleggingsonderneming, een beheerder van een beleggingsinstelling of een instelling voor collectieve belegging in effecten als bedoeld in artikel 3.126a, tweede lid Wet IB 2001.
  2. Bij overlijden van de gewezen echtgenoot gaat het recht op de nog niet gedane uitkeringen over op de erfgenamen van de gewezen echtgenoot (analoog aan het bepaalde in artikel 3.126a, zesde lid, Wet IB 2001).
  3. De gewezen echtgenoot is belastingplichtige en (rekening-)houder van de lijfrenterekening of van het lijfrentebeleggingsrecht.

Noot fiscaal jurist inzake afkoop alimentatie

De nieuwe optie om via banksparen een afkoopalimentatie vorm te geven kan fiscaal interessant zijn. De alimentatiebetaler / -plichtige heeft een grote aftrekpost en de ex-partner (alimentatiegerechtigde) hoeft niet direct over de ontvangst belasting te betalen. Voor de alimentatieplichtige kan het interessant zijn om de betaling in 2 of meer termijnen (meerdere belastingjaren) te laten plaatsvinden (maximaal fiscaal voordeel). Tevens kan de alimentatieplichtige een verzoek inzake middeling van inkomen indienen, dit om de fiscale positie te optimaliseren.

Bron afkoop alimentatie en lijfrente of banksparen.

Besluit Staatssecretaris van Financien d.d. 16 mei 2019, nr. 2019-115021.

Afkoop alimentatie via lijfrente of banksparen [news] 6206

Afkoop alimentatie niet aftrekbaar

Afkoop alimentatie soms niet aftrekbaar

De afkoopsom van een alimentatieverplichting aan een ex-echtgenoot is aftrekbaar (artikel 6.3 Wet op de inkomstenbelasting). Als de vrouw wordt overbedeeld bij de scheiding, is het raadzaam om in het convenant op te nemen dat sprake is van een afkoopalimentatie. Afkoopsommen die worden betaald voordat de echtelieden zijn gescheiden zijn niet aftrekbaar.

Procedure

In 1999 betaalt de heer X € 1.150.000 aan zijn vrouw als afkoopalimentatie, als extra komt hier nog € 127.000 bij. In 2000 wordt het huwelijk ontbonden. Het Gerechtshof in Amsterdam heeft een belastingplichtige keurig op de wet gewezen, de betaling is niet aftrekbaar omdat geen sprake is van betaling aan een ex-echtgenote.

Toelichting

Een echtscheiding is veelal een vervelende periode voor de betrokkenen. Advocaten zijn geen fiscaal juristen en dit maakt bovenstaande uitspraak nog eens duidelijk. Bij een echtscheiding is een combinatie tussen fiscaal jurist (belastingadviseur) en Nederlandsrechtjurist (advocaat) soms zeer nuttig. Vele fiscale zaken kunnen spelen zonder dat dit door de adviseurs wordt erkend.

Bij een echtscheiding kan de man het standpunt innemen dat sprake is van een aftrekbare afkoop van alimentatie. De vrouw krijgt dan van de Belastingdienst een aanslag voor een belaste ontvangst van alimentatie. Het is verstandig dit in het convenant uitdrukkelijk op te nemen. Afkoop van alimentatie mag pas worden betaald als de echtscheiding is voltooid. Het slecht van tafel en bed gescheiden leven is niet voldoende.

Alimentatie (of een afkoopsom) betreft een persoonsgebonden aftrek. Verrekening daarvan vindt in eerste instantie plaats in box 1, daarna box 3 en tot slot box 2. Het onverrekende saldo schuift door naar toekomstige jaren. Bij afkoop van alimentatie loopt men het risico dat de verrekening deels plaatsvindt tegen een lager tarief, namelijk 30% (box 3) of 25% (box 2).

Tip

  1. Door een juiste inkomensplanning kan de aftrekpost volledig in box 1 (tegen het hoge tarief) worden afgetrokken, de afkoop moet dan in enkele jaren worden betaald!
  2. De echtgenoot die de alimentatie ontvangt kan soms middels een middelingsverzoek nog een voordeel behalen.
  3. Afkoop van alimentatie is in de praktijk aantrekkelijk als de ontvanger gaat emigreren, soms is de ontvangst in het buitenland onbelast (en voor de betaler in Nederland aftrekbaar).

Afkoop alimentatie niet aftrekbaar [news] 2013-06-24 0000-00-00 0000-00-00 ]]>

Afkoop alimentatie

Fiscaal nieuws afkoop alimentatie

In het verleden was alimentatie aftrekbaar tegen het maximale tarief van 51,95%. De aftrek van alimentatie (en hypotheekrente) is de afgelopen jaren verlaagd. Vanaf 2020 ging dit sneller. Alimentatie (en hypotheekrente etc.) is in de toekomst tegen een lager tarief aftrekbaar de afbouw ziet er als volgt uit:

  • 2019: 46%
  • 2020: 46%
  • 2021: 43%
  • 2022: 40%
  • 2023: 37%

Afkoop van alimentatie kan dus beter vlot plaatsvinden. Als u alimentatie moet betalen aan uw voormalig partner dan kunt u eens overwegen om deze te herzien, de netto last neemt immers door de lagere aftrek toe. Heeft u vragen stuur dan gerust een e-mail of neem contact met ons op.

Afkoop alimentatie en belastingen



Fiscaal afkopen van alimentatie kan best aantrekkelijk zijn als de afkopende partner een hoog (incidenteel) inkomen heeft. Door de alimentatie van de komende twaalf jaar in één keer te betalen, had de betalende partij een hoge aftrekpost. Deze trok de betaler dan tegen een hoog tarief van de belastingen af. Afkoop heeft op dit moment enkel zin als u voldoende inkomen in box 1 heeft. Het voordeel is lager dan in het verleden omdat het maximale tarief thans 52% is en geen 60% of 70% meer, zoals dit in het verleden het geval was. Hier komt bij dat persoonsgebonden aftrek eerst plaatsvindt in box 1 en vervolgens in box 3 en box 2. Deze twee laatste boxen kennen een veel lager tarief. Heeft de afkopende partij dus inkomen in één van deze boxen, dan heeft hij een lagere aftrekmogelijkheid dan in box 1 kon / kan worden gerealiseerd.

In het verleden was de alimentatie die de vrouw op deze wijze ontving belast tegen het bijzondere tarief. Dit tarief, vastgesteld op 25%, bestaat nu niet meer. De afkoopsom wordt voortaan bij de vrouw belast tegen het progressieve tarief. Deze heffing kan deels worden voorkomen door de alimentatie te laten storten bij een verzekeringsmaatschappij die vervolgens (maandelijkse) uitkeringen doet.

Tip

Als de ontvanger van de afkoopsom in het buitenland woont, kan deze soms belastingvrij worden ontvangen.

Afkopen alimentatie [news] 1013
Partneralimentatie en fiscus

Fiscaal nieuws alimentatie

In het verleden was alimentatie aftrekbaar tegen het maximale tarief van 51,95%. De aftrek van alimentatie (en hypotheekrente) is de afgelopen jaren verlaagd. Vanaf 2020 ging dit sneller. Alimentatie (en hypotheekrente etc.) is in de toekomst tegen een lager tarief aftrekbaar de afbouw ziet er als volgt uit:

  • 2019: 46%
  • 2020: 46%
  • 2021: 43%
  • 2022: 40%
  • 2023: 37%

Afkoop van alimentatie kan dus beter vlot plaatsvinden. Als u alimentatie moet betalen aan uw voormalig partner dan kunt u eens overwegen om deze te herzien, de netto last neemt immers door de lagere aftrek toe. Heeft u vragen stuur dan gerust een e-mail of neem contact met ons op.

Partneralimentatie en belastingdienst

De betaler van alimentatie kan dit ten laste van zijn inkomen brengen. Bij de alimentatie-ontvanger is de alimentatie een vorm van inkomen en wordt dus aldaar belast. Elke betaling in het levensonderhoud van uw ex-partner na de datum waarop u duurzaam gescheiden bent gaan leven, is te beschouwen als alimentatie. Het kan zo zijn dat de man in een hogere belastingschijf zit dan de vrouw. De alimentatie wordt afgetrokken van zijn inkomen (dus tegen het hoogste tarief). Bij de berekening van de alimentatie wordt rekening gehouden met het fiscale voordeel dat de belastingbetaler heeft.

Kinderalimentatie is niet aftrekbaar, maar ook geen inkomen bij de ontvanger. In het verleden was het interessant om de partneralimentatie in één keer af te kopen. Dat is onder het huidige belastingstelsel minder relevant. 

Alimentatie niet aftrekbaar

Als er geen plicht is om alimentatie te betalen, dan is de betaling niet aftrekbaar. Het Gerechtshof in Amsterdam is van mening dat er bij Henk geen recht bestaat op aftrek van alimentatie. Er is geen vanuit het familierecht voortvloeiende verplichting.  

Bron alimentatie

Gerechtshof Amsterdam 7 juli 2016 ECLI NL GHAMS 2016 2793

Zorgtoeslag en alimentatie  

Conclusie

In 2006 wordt een nieuw zorgstelsel geïntroduceerd. Als u een laag inkomen heeft (box 1) kunt u een zorgtoeslag (bijdrage van de overheid) krijgen. Alimentatie zou worden gezien als inkomen voor de zorgtoeslag. Voor alimentatieplichtigen wordt de ziektekostenverzekering goedkoper en voor alimentatiegerechtigden zou dit dan duurder worden. Zoals volgt uit een notitie van de Tweede Kamer is er voor 2006 een overgangsmaatregel, alimentatie is voorlopig geen inkomen voor de inkomensafhankelijke premie. Kennelijk zal dit enkel gelden voor bestaande gevallen! Voor nieuwe gevallen moet er wel een zorgtoeslag worden betaald over de ontvangen partneralimentatie. Over kinderalimentatie is geen zorgtoeslag verschuldigd. Vorenstaande volgt uit een notitie van de Staatssecretaris d.d. 21 november 2005. Bij nieuwe alimentatiegevallen wordt kinderalimentatie dus voordeliger dan partneralimentatie.

Toelichting

Vanaf 1 januari 2006 is iedereen voor de zorg weer gelijk, geen particulier en ziekenfondsverzekerden meer. Dit nieuwe stelsel heeft ook gevolgen voor de alimentatie. Voor bestaande gevallen is er een overgangsregeling, voor nieuwe gevallen moet gewoon zorgtoeslag worden betaald.

Huidige situatie

Onder het huidige ziekenfonds wordt gekeken naar de situatie op 1 november van een jaar. De loongrens voor het ziekenfonds is € 33.000 (peildatum 1 november 2004). Voor 65+ is dit € 21.000 en voor zelfstandigen € 21.050. Er wordt gekeken naar uw bruto inkomen.

Nieuwe stelsel

Geen particulier en ziekenfonds meer. U moet een vast bedrag van zo'n € 1.000 per jaar betalen en een inkomensafhankelijke premie. Daarnaast hebben mensen met een laag inkomen recht op een teruggave, de zogenaamde zorgtoeslag. Er wordt voor de teruggave gekeken naar het jaarinkomen over 2006.

Het inkomen waarnaar gekeken wordt is het box 1 inkomen. Dit betekent voor alimentatiegerechtigden dat alimentatie wordt meegeteld voor bepaling van het recht op toeslag of niet. Aan de andere kant verlaagt de betaalde alimentatie bij de alimentatieplichtige zijn inkomen, waardoor hij of zij in aanmerking kan komen voor een zorgtoeslag. Dit inkomen wordt nog eens extra verlaagd door de aftrekpost, uitgaven voor levensonderhoud van kinderen.

En toen

Er wordt nog veel gepraat over de gevolgen van het nieuwe zorgstelsel. Er ligt op dit moment een motie bij de Tweede Kamer, de zogenaamde "de motie Omzigt". Deze motie wil alimentatie-inkomen vrijstellen voor de bepaling van zorgtoeslag, huurtoeslag (huidige huursubsidie) en kindertoeslag. Onze Staatssecretaris van Financiën, de heer Wijn, heeft al laten weten dat dit niet kan en veel te lastig is. Gelukkig heeft de Tweede Kamer een overgangsregeling bedacht voor de 70.000 alimentatiegerechtigden in Nederland.

]]> Samenwonen en alimentatie [news] 2013-11-07

Samenwoners en alimentatie

Als u ongehuwd samenwoont, dan bent u geen partneralimentatie verschuldigd als het samenwonen zou eindigen. Een samenwoner kan via een rechter geen (partner)alimentatie afdwingen, tenzij dit tussen elkaar is overeenkomsten in een samenlevingscontract of een andere overeenkomst. De partners hebben dus na het samenwonen geen onderhoudsverplichting jegens elkaar.

Belastingheffing samenwonen en partneralimentatie

Fiscaal zijn er een aantal opties als er toch betalingen plaatsvinden nadat het samenwonen is gestopt.

  1. Als een persoon bereid is om geld te betalen aan zijn ex-partner (bij samenwoners), dan kan dit bedrag worden gezien als een schenking. Als er meer wordt betaald dan zo'n € 2.000 per jaar, dan is er sprake van een belaste schenking.
  2. Bijdragen in het levensonderhoud van de ex-partner (bij samenwonen) vormen echter geen belaste schenking als zij voortvloeien uit een dwingende verplichting uit moraal en fatsoen. De bedragen worden belastingvrij ontvangen en zijn niet aftrekbaar.
  3. Een betaalde bijdrage is aftrekbaar als deze voortkomt uit een overeenkomst (een rechtens afdwingbare verplichting ex artikel 6.3.a.f Wet op de Inkomstenbelasting). De overeenkomst is vormvrij en kan dus ook mondeling zijn afgesproken, voor de bewijslast is dit echter wel lastig.
  4. Een afkoop van toekomstige partneralimentatie is bij samenwoners nooit aftrekbaar, dit komt omdat dit uitdrukkelijk zo in de Wet op de Inkomstenbelasting is bepaald (artikel 6.3.1.b Wet op de Inkomstenbelasting). Probleem is echter wel dat de afkoop belast is bij de ontvanger (artikel 3.102.1 Wet op de Inkomstenbelasting). Tegen de belastbaarheid is veel in te brengen, onder meer als dit bedrag wordt betaald zonder dat hiervoor een verplichting bestond.

Belastingheffing samenwonen en kinderalimentatie

De alimentatie voor kinderen die tijdens het samenwonen zijn geboren verloopt redelijk normaal. Dit regime is gelijk aan het regime bij gehuwden. De ontvangst van kinderalimentatie is belastingvrij en eventueel bestaat er recht op een beperkte aftrekpost (uitgaven levensonderhoud kinderen).

0000-00-00 0000-00-00 4143

Advocaatkosten terugvorderen alimentatie

Henk heeft in 1992 tot en met 2004 partneralimentatie betaald. De vrouw, we noemen haar Truus, wil naast de alimentatie ook een deel van de pensioenrechten ontvangen en start in 2010 een procedure tegen Henk. Henk komt er in de procedure achter dat Truus veel meer inkomen heeft genoten dan hij had gedacht. De partneralimentatie die Henk heeft betaald was te hoog en hij wil deze terugontvangen van Truus. De advocaatkosten voor deze procedure, zo'n € 7.000, wil Henk aftrekken in zijn aangifte Inkomstenbelasting. En toen?

De procedure inzake alimentatie en advocaatkosten

De Rechtbank Den Haag deed op 3 april 2015 uitspraak (ECLI NL RBDHA 2015 4199) was het niet met Henk eens. De kosten zijn niet aftrekbaar. Het Gerechtshof Den Haag bespreekt de zaak in haar uitspraak op 3 mei 2016 (ECLI NL GHDHA 2016 1520). Volgens het Gerechtshof heeft de procedure betrekking op de pensioenrechten en heeft Henk een kostenvergoeding (voor de procedure) ontvangen van ruim € 4.000. Bij de zitting heeft Henk de uitspraak van het Gerechtshof bijgevoegd en hierop de proceskostenvergoeding stiekem weggelakt. Hij heeft blijkbaar de intentie gehad om het Gerechtshof niet volledig of onjuist te informeren (wellicht zelfs misleiding). De netto kosten zijn niet aftrekbaar volgens de de rechter. Het Gerechtshof verwijst hiervoor naar een uitspraak van de Hoge Raad op 26 februari 2016 (ECLI NL HR 2016 317). De Hoge Raad is er op 28 oktober 2016 (ECLI NL HR 2016 2439) is er snel klaar mee, een 81 Wet RO casus.

Commentaar fiscaal jurist

In diverse procedures is duidelijk geworden dat advocaatkosten als zodanig niet als onderhoudsverplichting in de zin van artikel 6.3, lid 1, aanhef en letter d, van de Wet IB 2001 zijn aan te merken. Ook is duidelijk geworden dat advocaatkosten niet op de voet van artikel 3.108 van de Wet IB 2001 aftrekbaar zijn, aangezien de betalingen van belanghebbende aan de ex‑echtgenote in het kader van de onderhoudsverplichting in de sfeer van de inkomensbesteding liggen en niet in die van de inkomensverwerving.

Ook in eerdere zaken (Hoge Raad 15 juli 1986 BNB 1986/265) waren advocaatkosten voor een lagere alimentatie niet aftrekbaar (edoch onder de Wet Inkomstenbelasting 1964). In een zaak hierna (Hoge Raad 5 juli 1995 / BNB 1995/283) kwam de Hoge Raad wel tot een oordeel dat kosten voor een advocaat voor de ontvangende partij (alimentatiegerechtige) wel aftrekbaar waren. (Proceskosten die betrekking hebben op het behouden van uitkeringen tot levensonderhoud komen wel voor aftrek in aanmerking op grond van het bepaalde in art. 35 (…)

Kosten voor een advocaat zijn derhalve veelal voor de alimentatieplichtige niet aftrekbaar en voor de alimentatiegerechtigde soms wel. Een onevenwichtig en belachelijk systeem dat niet te volgen is. Een ander aspect van de kostenaftrek bij de alimentatiegerechtigde is dat eigenlijk alleen de kosten samenhangende met de verwerving, inning en behoud van deze inkomsten aftrekbaar zijn (art. 3.108 Wet IB 2001), de rest van de procedurekosten niet.

Advocaatkosten terugvorderen alimentatie [news] 5005

Partneralimentatie minder aftrek

Vanaf 2020 is de partneralimentatie niet meer aftrekbaar tegen 50% (of 52%) maar tegen 46%. Uiteindelijk is in 2023 nog maar 37% (exact 37,05%) aftrekbaar. Dit zorgt ervoor dat de betaler van partneralimentatie netto meer kwijt is. U moet hiermee reeds nu rekening houden bij het opstellen van een echtscheidingsconvenant.

Procedures partneralimentatie in 2020 en daarna

Partners die op dit moment partneralimentatie betalen zullen gaan stellen dat de partneralimentatie te hoog is omdat de aftrek lager is. De verwachting isdat dit veel procedures gaat opleveren in 2020 en daarna. De overheid verwacht dat de maatregel (lagere aftrek) geld gaat opleveren (ongeveer 100 miljoen), edoch als de partneralimentatie wordt verlaagd zal de ontvangende partij een beroep doen op een hogere uitkering en/of toeslagen.

Dalende aftrek partneralimentatie

Partneralimentatie wordt voor de betaler duurder, de aftrek daalt de komende jaren als volgt:

  • aftrekbare partneralimentatie in 2020: 46%;
  • aftrekbare partneralimentatie in 2021: 43%;
  • aftrekbare partneralimentatie in 2022: 40%;
  • aftrekbare partneralimentatie in 2023: 37,05%.

Partneralimentatie wordt duurder voor betaler

Partneralimentatie is aftrekbaar voor de betaler en is belast bij de ontvanger. Afhankelijk van uw inkomen is de aftrek op dit moment ongeveer 52%. Dit wil zeggen dat de alimentatiebetaler ongeveer 52% van de betaalde partneralimentatie terugkrijgt van de Belastingdienst. In een nieuw wetsvoorstel is bepaald dat deze aftrek wordt verlaagd tot 37,05% in 2023. De daling wordt ingezet in 2020. De draagkracht van de alimentatiebetaler neemt hierdoor af, hierdoor zou de partneralimentatie dus moeten dalen. Vanaf een inkomen van € 68.000 neemt uw nadeel toe. Voor lagere inkomens valt het nadeel wel mee.

Echtscheidingsconvenant fiscaal aanpassen

Als u nu gaat scheiden en u bent in overleg over een echtscheidingsconvenant, dan is het verstandig om reeds nu rekening te houden met de aangekondigde wetswijziging. In het echtscheidingsconvenant kunt u opnemen dat de partneralimentatie vanaf 2020 opnieuw wordt berekend.

Partneralimentatie laten aanpassen

Als u al gescheiden bent en op dit moment partneralimentatie moet betalen, dan is het verstandig om in 2019 met uw fiscaal jurist of advocaat te overleggen omtrent een wijzigingsverzoek voor uw partneralimentatie. Rechtstreeks met uw (ex) partner overleggen heeft de voorkeur, maar vaak is dit een lastige hobbel. Een wijziging van uw partneralimentatie kan alleen via de rechter plaatsvinden, wacht hier niet te lang mee. Wijziging met terugwerkende kracht is niet mogelijk (tenzij de rechter hiertoe beslist, maar dit komt zelden voor).

Vragen fiscaal jurist over partneralimentatie

Heeft u vragen of opmerkingen over partneralimentatie, bel ons gerust voor een vrijblijvende afspraak.

Partneralimentatie lagere aftrek [news] 5811

Afkoop alimentatie en emigratie

Fiscaal nieuws alimentatie

In het verleden was alimentatie aftrekbaar tegen het maximale tarief van 51,95%. De aftrek van alimentatie (en hypotheekrente) is de afgelopen jaren verlaagd. Vanaf 2020 ging dit sneller. Alimentatie (en hypotheekrente etc.) is in de toekomst tegen een lager tarief aftrekbaar de afbouw ziet er als volgt uit:

  • 2019: 46%
  • 2020: 46%
  • 2021: 43%
  • 2022: 40%
  • 2023: 37%

Afkoop van alimentatie kan dus beter vlot plaatsvinden. Als u alimentatie moet betalen aan uw voormalig partner dan kunt u eens overwegen om deze te herzien, de netto last neemt immers door de lagere aftrek toe. Heeft u vragen stuur dan gerust een e-mail of neem contact met ons op.

Afkoop en emigratie

Een echtscheiding is veelal een vervelende periode voor de betrokkenen. Wij adviseren wekelijks ondernemers / DGA's en / of diens ex-partner (dit laatste komt nog vaker voor). Advocaten zijn geen fiscaal juristen en dit kan soms voor problemen zorgen. Vanuit fiscaal en financieel oogpunt is het verstandig om naast uw advocaat een fiscaal jurist in te schakelen. Dit is niet praten voor eigen parochie, maar echt verstandig.

Bij een echtscheiding is een combinatie tussen fiscaal jurist (belastingadviseur) en Nederlandsrechtjurist (advocaat) meestal zeer nuttig. Vele fiscale zaken kunnen spelen zonder dat dit door de adviseurs wordt erkend.

Afkoop en emigratie

De afkoopsom voor partneralimentatie is voor de in Nederland wonende ontvanger belast in Nederland en voor de betaler (die in Nederland woont) aftrekbaar (artikel 6.3 Wet IB 2001). Als de ontvanger in het buitenland woont, zal de afkoopsom - op grond van het belastingverdrag (als deze er is) ter heffing worden toegewezen aan het buitenland. Soms is de heffing in het buitenland lager of nihil. Een emigratie (voor betaling van de afkoopsom) is daarom soms erg voordelig. Wel aftrek in Nederland en geen of een beperkte heffing in het buitenland.

Afkoop alimentatie soms niet aftrekbaar

De afkoopsom van een alimentatieverplichting aan een ex-echtgenoot is aftrekbaar als de betaler in Nederland woont. Als de ontvanger van de partneralimentatie niet in Nederland woont (op het moment van de betaling), mag Nederland niet heffen over de afkoopsom. Als de ontvanger van de alimentatie wordt overbedeeld bij de scheiding, is het verstandig om in het convenant op te nemen dat sprake is van een afkoopalimentatie. Afkoopsommen die worden betaald voordat de echtelieden zijn gescheiden zijn niet aftrekbaar. Afkoopsommen die worden betaald vóór emigratie zijn gewoon in Nederland belast.

Essentieel is dat het tijdstip van betaling of het rentedragend worden van de schuld vóór het moment van wijziging van de woonplaats ligt. In een tweetal procedures bij het Gerechtshof (zie onder) ging dit fout en goed, het moment is dus van cruciaal belang. Een goed advies en juiste en tijdige emigratie is dus van belang. 

Termijn partneralimentatie sinds 2020

De termijn voor de partneralimentatie is sinds 2020 aangepast in standaard 5 jaar. Er bestaan op deze termijn veel uitzonderingen. De belangrijkste:

  1. Termijn korter: als het huwelijk korter dan 10 jaar heeft geduurd, is de termijn 50% van de duur van het huwelijk of het geregistreerde partnerschap. Bij 6 jaar gehuwd zijn is de termijn dus 3 jaar. Hierop bestaan weer uitzonderingen. De belangrijkste is dat als u samen kinderen heeft (einde alimentatie als jongste kind 12 jaar is geworden).
  2. Heeft huwelijk (of partnerschap) minimaal 15 jaar geduurd? Krijgt uw ex-partner binnen 10 jaar AOW? Dan moet u alimentatie betalen tot dat uw partner AOW ontvangt.
  3. Bent u geboren vóór 1 januari 1970? Duurde uw huwelijk of partnerschap langer dan 15 jaar? Krijgt u over meer dan 10 jaar AOW? Dan is de termijn 10 jaar.

De partneralimentatie stopt als uw ex-partner opnieuw gaat trouwen. De alimentatie kan hoger of lager worden als u of uw ex-parter meer of minder gaat verdienen. U kunt ook anders overeenkomen in het echtscheidingsconvenant.

Bron afkoop alimenatie

Hof Den Bosch 18 juni 2001, ECLI:NL:GHSHE:2001:AB2846

Hof Amsterdam 11 juli 2001, ECLI:NL:GHAMS:2001:AB2713

Afkoop alimentatie emigratie [news] 7101

Partneralimentatie in 2020 te hoog

Fiscaal nieuws alimentatie

In het verleden was alimentatie aftrekbaar tegen het maximale tarief van 51,95%. De aftrek van alimentatie (en hypotheekrente) is de afgelopen jaren verlaagd. Vanaf 2020 ging dit sneller. Alimentatie (en hypotheekrente etc.) is in de toekomst tegen een lager tarief aftrekbaar de afbouw ziet er als volgt uit:

  • 2019: 46%
  • 2020: 46%
  • 2021: 43%
  • 2022: 40%
  • 2023: 37%

Afkoop van alimentatie kan dus beter vlot plaatsvinden. Als u alimentatie moet betalen aan uw voormalig partner dan kunt u eens overwegen om deze te herzien, de netto last neemt immers door de lagere aftrek toe. Heeft u vragen stuur dan gerust een e-mail of neem contact met ons op.

Partneralimentatie vanaf 2020

Als u alimentatie moet betalen aan uw ex-echtgenoot of -echtgenote, dan komt u de komende jaren bedrogen uit. Waarschijnlijk moet u in overleg met uw ex-partner en / of moet u naar de rechter om uw partneralimentatie opnieuw te laten vaststellen. Waarom?

De aftrekbaarheid van vele kosten zal de komende jaren worden verlaagd, zo ook de betaalde partneralimentatie. Vanaf 2020 is partneralimentatie tegen een lager tarief aftrekbaar. In 2019 is de partneralimentatie nog aftrekbaar tegen 51,95%, vanaf 2020 is dit percentage 46% en in 2023 nog maar 37%. Uw netto last voor de partneralimentatie zal dus gaan stijgen. Vooral hogere inkomens (boven € 68.500) gaan deze last echt voelen. In veel gevallen moet de partneralimentatie opnieuw worden berekend. Gevolg: een golf aan procedures en hiermee samenhangende advocaatkosten.

Wat zegt onze regering over hogere last partneralimentatie?

Staatssecretaris Snel van Financiën schrijft dat ongeveer 30% van de alimentatieplichtigen hier echt last van krijgen, zij hebben een inkomen boven € 68.507. Voor hen wijzigt het fiscale voordeel van de aftrek wat mede bepalend is voor de draagkracht van de alimentatieplichtige. Zij zullen waarschijnlijk een verzoek moeten indienen bij de rechtbank om de alimentatieplicht te herzien. Als deze alimentatieplichtige meer inkomen heeft (sinds de echtscheiding), dan kan een herzieningsverzoek ook zorgen voor een hogere partneralimentatie.

Procedure over partneralimentatie

In een procedure bij de Rechtbank Amsterdam stelde de man het volgende: ik heb minder draagkracht omdat de partneralimentatie de komende jaren voor een lager percentage aftrekbaar is. Daarom wil ik nu al minder partneralimentatie betalen. De rechtbank was het niet met de man eens omdat de man nu nog geen “schade” heeft. Anticiperen op toekomstige wetswijzigingen is niet mogelijk. Daarnaast hangt de grondslag niet alleen af van het aftrekbaarheidspercentage, maar ook van meerdere factoren, zoals de inkomensontwikkeling van de man. Verder wijst de rechtbank erop dat de exacte tarieven waartegen de aftrek plaats kan vinden pas in de laatste weken van het jaar definitief worden vastgesteld, wat een praktische belemmering vormt voor het maken van de berekening. De man kreeg wel een beetje gelijk omdat vanaf 2020 voor hem een speciale fiscale regeling niet meer van toepassing is (de 30% regeling).

Bron herziening partneralimentatie

Brief Staatssecretaris van Financiën van 17 oktober 2019, nr. 2019-0000161905

Rechtbank Amsterdam d.d. 4 september 2019 (ECLI:NL:RBAMSL2019:6446)

Parteralimentatie in 2020 te hoog [news] 6320

Advocaatkosten terugvorderen alimentatie

Henk heeft in 1992 tot en met 2004 partneralimentatie betaald. De vrouw, we noemen haar Truus, wil naast de alimentatie ook een deel van de pensioenrechten ontvangen en start in 2010 een procedure tegen Henk. Henk komt er in de procedure achter dat Truus veel meer inkomen heeft genoten dan hij had gedacht. De partneralimentatie die Henk heeft betaald was te hoog en hij wil deze terugontvangen van Truus. De advocaatkosten voor deze procedure, zo'n € 7.000, wil Henk aftrekken in zijn aangifte Inkomstenbelasting. En toen?

De procedure inzake alimentatie en advocaatkosten

De Rechtbank Den Haag deed op 3 april 2015 uitspraak (ECLI NL RBDHA 2015 4199) was het niet met Henk eens. De kosten zijn niet aftrekbaar. Het Gerechtshof Den Haag bespreekt de zaak in haar uitspraak op 3 mei 2016 (ECLI NL GHDHA 2016 1520). Volgens het Gerechtshof heeft de procedure betrekking op de pensioenrechten en heeft Henk een kostenvergoeding (voor de procedure) ontvangen van ruim € 4.000. Bij de zitting heeft Henk de uitspraak van het Gerechtshof bijgevoegd en hierop de proceskostenvergoeding stiekem weggelakt. Hij heeft blijkbaar de intentie gehad om het Gerechtshof niet volledig of onjuist te informeren (wellicht zelfs misleiding). De netto kosten zijn niet aftrekbaar volgens de de rechter. Het Gerechtshof verwijst hiervoor naar een uitspraak van de Hoge Raad op 26 februari 2016 (ECLI NL HR 2016 317). De Hoge Raad is er op 28 oktober 2016 (ECLI NL HR 2016 2439) is er snel klaar mee, een 81 Wet RO casus.

Commentaar fiscaal jurist

In diverse procedures is duidelijk geworden dat advocaatkosten als zodanig niet als onderhoudsverplichting in de zin van artikel 6.3, lid 1, aanhef en letter d, van de Wet IB 2001 zijn aan te merken. Ook is duidelijk geworden dat advocaatkosten niet op de voet van artikel 3.108 van de Wet IB 2001 aftrekbaar zijn, aangezien de betalingen van belanghebbende aan de ex‑echtgenote in het kader van de onderhoudsverplichting in de sfeer van de inkomensbesteding liggen en niet in die van de inkomensverwerving.

Ook in eerdere zaken (Hoge Raad 15 juli 1986 BNB 1986/265) waren advocaatkosten voor een lagere alimentatie niet aftrekbaar (edoch onder de Wet Inkomstenbelasting 1964). In een zaak hierna (Hoge Raad 5 juli 1995 / BNB 1995/283) kwam de Hoge Raad wel tot een oordeel dat kosten voor een advocaat voor de ontvangende partij (alimentatiegerechtige) wel aftrekbaar waren. (Proceskosten die betrekking hebben op het behouden van uitkeringen tot levensonderhoud komen wel voor aftrek in aanmerking op grond van het bepaalde in art. 35 (…)

Kosten voor een advocaat zijn derhalve veelal voor de alimentatieplichtige niet aftrekbaar en voor de alimentatiegerechtigde soms wel. Een onevenwichtig en belachelijk systeem dat niet te volgen is. Een ander aspect van de kostenaftrek bij de alimentatiegerechtigde is dat eigenlijk alleen de kosten samenhangende met de verwerving, inning en behoud van deze inkomsten aftrekbaar zijn (art. 3.108 Wet IB 2001), de rest van de procedurekosten niet.

Advocaatkosten terugvorderen alimentatie [news] 5005

Partneralimentatie minder aftrek

Vanaf 2020 is de partneralimentatie niet meer aftrekbaar tegen 50% (of 52%) maar tegen 46%. Uiteindelijk is in 2023 nog maar 37% (exact 37,05%) aftrekbaar. Dit zorgt ervoor dat de betaler van partneralimentatie netto meer kwijt is. U moet hiermee reeds nu rekening houden bij het opstellen van een echtscheidingsconvenant.

Procedures partneralimentatie in 2020 en daarna

Partners die op dit moment partneralimentatie betalen zullen gaan stellen dat de partneralimentatie te hoog is omdat de aftrek lager is. De verwachting isdat dit veel procedures gaat opleveren in 2020 en daarna. De overheid verwacht dat de maatregel (lagere aftrek) geld gaat opleveren (ongeveer 100 miljoen), edoch als de partneralimentatie wordt verlaagd zal de ontvangende partij een beroep doen op een hogere uitkering en/of toeslagen.

Dalende aftrek partneralimentatie

Partneralimentatie wordt voor de betaler duurder, de aftrek daalt de komende jaren als volgt:

  • aftrekbare partneralimentatie in 2020: 46%;
  • aftrekbare partneralimentatie in 2021: 43%;
  • aftrekbare partneralimentatie in 2022: 40%;
  • aftrekbare partneralimentatie in 2023: 37,05%.

Partneralimentatie wordt duurder voor betaler

Partneralimentatie is aftrekbaar voor de betaler en is belast bij de ontvanger. Afhankelijk van uw inkomen is de aftrek op dit moment ongeveer 52%. Dit wil zeggen dat de alimentatiebetaler ongeveer 52% van de betaalde partneralimentatie terugkrijgt van de Belastingdienst. In een nieuw wetsvoorstel is bepaald dat deze aftrek wordt verlaagd tot 37,05% in 2023. De daling wordt ingezet in 2020. De draagkracht van de alimentatiebetaler neemt hierdoor af, hierdoor zou de partneralimentatie dus moeten dalen. Vanaf een inkomen van € 68.000 neemt uw nadeel toe. Voor lagere inkomens valt het nadeel wel mee.

Echtscheidingsconvenant fiscaal aanpassen

Als u nu gaat scheiden en u bent in overleg over een echtscheidingsconvenant, dan is het verstandig om reeds nu rekening te houden met de aangekondigde wetswijziging. In het echtscheidingsconvenant kunt u opnemen dat de partneralimentatie vanaf 2020 opnieuw wordt berekend.

Partneralimentatie laten aanpassen

Als u al gescheiden bent en op dit moment partneralimentatie moet betalen, dan is het verstandig om in 2019 met uw fiscaal jurist of advocaat te overleggen omtrent een wijzigingsverzoek voor uw partneralimentatie. Rechtstreeks met uw (ex) partner overleggen heeft de voorkeur, maar vaak is dit een lastige hobbel. Een wijziging van uw partneralimentatie kan alleen via de rechter plaatsvinden, wacht hier niet te lang mee. Wijziging met terugwerkende kracht is niet mogelijk (tenzij de rechter hiertoe beslist, maar dit komt zelden voor).

Vragen fiscaal jurist over partneralimentatie

Heeft u vragen of opmerkingen over partneralimentatie, bel ons gerust voor een vrijblijvende afspraak.

Partneralimentatie lagere aftrek [news] 5811
Partneralimentatie en fiscus

Fiscaal nieuws alimentatie

In het verleden was alimentatie aftrekbaar tegen het maximale tarief van 51,95%. De aftrek van alimentatie (en hypotheekrente) is de afgelopen jaren verlaagd. Vanaf 2020 ging dit sneller. Alimentatie (en hypotheekrente etc.) is in de toekomst tegen een lager tarief aftrekbaar de afbouw ziet er als volgt uit:

  • 2019: 46%
  • 2020: 46%
  • 2021: 43%
  • 2022: 40%
  • 2023: 37%

Afkoop van alimentatie kan dus beter vlot plaatsvinden. Als u alimentatie moet betalen aan uw voormalig partner dan kunt u eens overwegen om deze te herzien, de netto last neemt immers door de lagere aftrek toe. Heeft u vragen stuur dan gerust een e-mail of neem contact met ons op.

Partneralimentatie en belastingdienst

De betaler van alimentatie kan dit ten laste van zijn inkomen brengen. Bij de alimentatie-ontvanger is de alimentatie een vorm van inkomen en wordt dus aldaar belast. Elke betaling in het levensonderhoud van uw ex-partner na de datum waarop u duurzaam gescheiden bent gaan leven, is te beschouwen als alimentatie. Het kan zo zijn dat de man in een hogere belastingschijf zit dan de vrouw. De alimentatie wordt afgetrokken van zijn inkomen (dus tegen het hoogste tarief). Bij de berekening van de alimentatie wordt rekening gehouden met het fiscale voordeel dat de belastingbetaler heeft.

Kinderalimentatie is niet aftrekbaar, maar ook geen inkomen bij de ontvanger. In het verleden was het interessant om de partneralimentatie in één keer af te kopen. Dat is onder het huidige belastingstelsel minder relevant. 

Alimentatie niet aftrekbaar

Als er geen plicht is om alimentatie te betalen, dan is de betaling niet aftrekbaar. Het Gerechtshof in Amsterdam is van mening dat er bij Henk geen recht bestaat op aftrek van alimentatie. Er is geen vanuit het familierecht voortvloeiende verplichting.  

Bron alimentatie

Gerechtshof Amsterdam 7 juli 2016 ECLI NL GHAMS 2016 2793

]]> Echtscheiding ondernemer en DGA Directeur Groot Aandeelhouder [news] 2010-05-17

Echtscheiding ondernemer en DGA

Fiscale advisering van ondernemer en advocaat is noodzaak en financieel voordelig

Ruim 30% van de huwelijken eindigt via een echtscheiding. Voor de wet is elke echtscheiding gelijk. Een echtscheiding van een ondernemer of DGA is vaak complexer, omdat zijn / haar inkomen per jaar kan verschillen en de waarde van de onderneming geen vaststaande grootheid is. Dit is een bron van slepende procedures en een hoop gezeur. In mijn praktijk word ik regelmatig door advocaten, ondernemers of diens ex-partners gevraagd om te adviseren bij de omvang van de alimentatie, waarde van de onderneming, verdeling van het pensioen en natuurlijk het vaststellen van de draagkracht van de ondernemer (wat kan hij / zij betalen?).

Vanuit de kant van de ex-partner (niet-ondernemer) word ik regelmatig door advocaten benaderd om te kijken of er met de winsten is geschoven en in welke mate winsten moeten worden meegenomen.

De alimentatie wordt berekend op grond van de zogenaamde TREMA-normen. Deze bieden echter voor de ondernemer niet veel duidelijkheid. Een uitgebreid jurisprudentieonderzoek kan wenselijk zijn en voor de DGA is het verstandig om de jaarrekening - bij het actueel worden van de echtscheiding - door een fiscaal jurist te laten beoordelen. Voor de ex-partner is het verstandig om te kijken of de jaarrekening een juist beeld geeft van de feiten.

Wat speelt er bij een ondernemer?

  • Wat gebeurt er met de eenmanszaak of aandelen in de B.V.?
  • Hoe moet de alimentatie van de ondernemer of DGA worden berekend?
  • Wat is de onderneming waard en wie gaat dit bepalen?
  • Hoeveel winst moet worden meegenomen voor de alimentatieberekening?
  • Hoe wordt omgegaan met een dalende / stijgende winst in de toekomst?
  • Kan een deel van de alimentatie op de onderneming worden afgewenteld, bijvoorbeeld via een dienstbetrekking van de ex-partner?
  • Moet het dividend respectievelijk de algemene reserve binnen een B.V. worden meegenomen of niet?
  • Kunnen winsten naar boven of beneden worden bijgesteld?
  • Zijn er huwelijkse voorwaarden en kunnen hieraan rechten worden ontleend?
  • Moet pensioen in eigen beheer worden afgestort?

Regel zaken tijdens het huwelijk

De ondernemer of DGA kan het beste tijdens het huwelijk de zaken goed regelen. Dit kan bijvoorbeeld door de huwelijkse voorwaarden eens onder de loep te nemen en tevens duidelijke afspraken te maken over de manier waarop alimentatie zou moeten worden berekend. Wellicht dat er ook afspraken kunnen worden gemaakt over het (deels) afstorten van het pensioen in eigen beheer. Als uw huwelijk er nu goed voorstaat, regel dan nu de mogelijke gevolgen van een scheiding. Dit voorkomt veel gezeur en discussies in de toekomst.

DGA-scan

Wij maken op kantoor regelmatig een DGA-scan. Hierbij wordt beoordeeld wat er gaat gebeuren bij overlijden, pensioen, arbeidsongeschiktheid, verkoop van de onderneming, maar ook bij een echtscheiding. Een eenvoudige scan kost € 1.000, een uitgebreide scan € 3.000.

2010-05-17 2015-05-17 2787
Echtscheiding en eigen woning in 2011 Iedereen [news] 2011-01-19

Echtscheiding en woning in 2011

Als u vanaf 2011 in scheiding ligt en u de woning verlaat, komt uw hypotheekrenteaftrek in gevaar.

Partnerschap in 2011

Door een wetswijziging in 2011 ontstaan er problemen voor mensen die gaan scheiden. Vanaf 2011 eindigt een fiscaal huwelijk op de datum van de scheiding, of eerder als de (duurzame) samenleving wordt beëindigd. Als u dus niet meer op hetzelfde adres staat inschreven en het verzoek tot echtscheiding is ingediend, bent u geen fiscaal partner meer.

Het fiscaal partnerschap voor gehuwden eindigt als ze een verzoek tot echtscheiding bij de Rechtbank hebben ingediend en niet meer in hetzelfde huis wonen. Als de man de woning verlaat voordat de scheiding rond is, blijft hij fiscaal partner, edoch zijn hoofdverblijf is ergens anders. Zijn deel van de hypotheekrente komt dan te vervallen. Zijn vrouw kan haar deel van de hypotheekrente nog wel aftrekken.

Problemen vanaf 2011

Iedereen die gescheiden is gaan leven maar nog niet is gescheiden heeft sinds 2011 een probleem. Vanaf 2011 bent u verplicht fiscaal partner van elkaar (dus met uw ex). Als u al een nieuwe partner heeft, kunt u geen fiscaal partner meer zijn met hem of haar. Dit kunt u oplossen door een verzoek tot echtscheiding in te dienen.

Als u een nieuwe woning koopt en nog geen verzoekschrift hebt ingediend, ontstaat er fiscaal een complexe situatie. U bent dan namelijk nog fiscaal partner en zou dan dus maar 1 eigen woning kunnen hebben. Als de wet goed wordt gelezen gaat dit goed, maar ik zou mijn handen er nog niet voor in het vuur steken.

Normale situatie vanaf 2011

Als u gaat scheiden, een scheidingsverzoek indient, het huis verlaat en ergens anders gaat wonen, bent u geen fiscaal partner meer. U heeft nog maximaal 2 jaar recht op hypotheekrenteaftrek, ondanks dat u niet meer in de woning woont resp. de woning niet meer uw hoofdverblijf is. Oorspronkelijk stond dit anders in de wet, maar dit is aangepast.

Uitbreiding partnerbegrip in 2011

Het fiscaal partner begrip wordt in 2011 uitgebreid met:

  1. ongehuwd samenwonenden met een notarieel samenlevingscontract;
  2. ongehuwd samenwonenden zonder notarieel samenlevingscontract die samen een kind hebben, voor een pensioenregeling als partner gelden of samen een eigen woning hebben.

Bron

Brief Staatssecretaris 5 november 2010: Motie en toezegging inzake het partnerbegrip.

2010-11-11 0000-00-00 2922

Schenking en echtscheiding

Veel mensen zijn getrouwd in gemeenschap van goederen, bij een echtscheiding worden dan alle bezittingen en schulden gelijk verdeeld. Als één van de partners tijdens het huwelijk een erfenis of schenking heeft ontvangen, valt dit soms binnen en soms buiten de gemeenschap van goederen. Soms spelen ook bepalingen uit een testament. In dit artikel behandelen wij een arrest van de Hoge Raad uit 2019.

Schenking, uitsluitingsclause en echtscheiding

De Hoge Raad heeft bepaald dat een schenking met uitsluitingsclausule die een vrouw tijdens een huwelijk ontvangt tot haar privé vermogen blijft behoren, ook als de man en de vrouw in gemeenschap van goederen zijn getrouwd en als de schenkingen bewust samen zijn uitgegeven.

In deze procedure ontving de vrouw tijdens het huwelijk met de man in totaal € 30.000 aan schenkingen. Bij de echtscheiding heeft de schenker een zogenaamde uitsluitingsclausule opgenomen (schenking mag niet in enig vermogen vloeien van een ander dan de begiftigde). De schenking wordt overgeboekt naar een gemeenschappelijke rekening van de man en de vrouw. Het geld wordt door de man en de vrouw gezamenlijk uitgegeven aan diverse privé zaken. Na de echtscheiding kregen de man en vrouw ruzie over de behandeling van de schenkingen, de vrouw is achteraf van mening dat de schenkingen buiten de gemeenschap moeten blijven. Tevens waren de man en vrouw het er niet over eens waar het geld aan was opgegaan, de man stelt aan vakanties en vrouw aan verbouwingen van de eigen woning.

De Hoge Raad is er vlot klaar mee:

  • Het maakt niet uit waar het geld aan is opgegaan / besteed.
  • Het maakt niet uit dat het geld is overgemaakt naar de gemeenschappelijke rekening.
  • Het maakt niet uit dat het geld in overleg en met medewerking van de vrouw is besteed aan gezamenlijke doelen.
  • De schenkingen zijn en blijven privé vermogen van de vrouw.
  • De schenkingen moeten als eigen vermogen van de vrouw worden gezien en aan haar worden toegedeeld.

Noot fiscaal jurist over schenkingen en echtscheiding

Schenkingen blijven meestal buiten het gezamenlijke vermogen. Bij een gemeenschap van goederen kan dit soms anders zijn. De Hoge Raad geeft hierbij een heldere visie op schenkingen bij een echtscheiding. Vorenstaande staat ook helder omschreven in artikel 1:94 lid 2 onder a van het BW:

  • ... goederen ten aanzien waarvan bij uiterste wilsbeschikking van de erflater of bij gift is bepaald dat zij buiten de gemeenschap vallen.

Dit is in het verleden ook al bevestigd door de Hoge Raad (HR 21 november 1980 NJ 1981, 193). Het Gerechtshof was in een eerdere uitspraak in deze zaak van mening dat de vrouw geen vorderingsrecht toekomt. De overwegingen van het Gerechtshof:

  • Het geld is niet besteed aan de eigen woning (zoals de vrouw stelt).
  • De besteding is niet meer traceerbaar en is op de gemeenschappelijke rekening geboekt.
  • Het geld is gezamenlijk geconsumeerd.
  • Partijen waren het eens over de besteding van het geld (kosten van de gezamenlijke huishouding).

Is de man (degene die de schenking niet krijgt) dan volledig kansloos? Zeker niet.

  • De man had feiten en omstandigheden moeten stellen om te bewijzen op grond waarvan het vergoedingsrecht van de vrouw niet geldend kan worden gemaakt. Dit kan bijvoorbeeld spelen indien er met het geld privé schulden van de vrouw zijn betaald of indien uitdrukkelijk (of stilzwijgend) is afgesproken dat de vrouw m.b.t. de uitgaven van de schenkingen geen aanspraak wilde maken op de schenkingen. Dit heeft de man niet aangetoond, dus heeft de vrouw recht op de schenkingen.

Bron echtscheiding en schenking of erfenis

Hoge Raad d.d. 5 april 2019 (ECLI:NL:HR:2019:504)

Gerechtshof d.d. 7 november 2017 (ECLI:NL:GHSHE:2017:4752)

Schenking echtscheiding [news] 6156

Alimentatie schriftelijk vastleggen

Fiscaal nieuws alimentatie

In het verleden was alimentatie aftrekbaar tegen het maximale tarief van 51,95%. De aftrek van alimentatie (en hypotheekrente) is de afgelopen jaren verlaagd. Vanaf 2020 ging dit sneller. Alimentatie (en hypotheekrente etc.) is in de toekomst tegen een lager tarief aftrekbaar de afbouw ziet er als volgt uit:

  • 2019: 46%
  • 2020: 46%
  • 2021: 43%
  • 2022: 40%
  • 2023: 37%

Afkoop van alimentatie kan dus beter vlot plaatsvinden. Als u alimentatie moet betalen aan uw voormalig partner dan kunt u eens overwegen om deze te herzien, de netto last neemt immers door de lagere aftrek toe. Heeft u vragen stuur dan gerust een e-mail of neem contact met ons op.

Als alimentatie niet schriftelijk is vastgelegd, is deze soms niet aftrekbaar bij de betalende partner. In dit artikel duiken wij eens in een uitspraak van de Rechtbank in 2019.

Niet schriftelijk vastgelegde alimentatie niet aftrekbaar

Henk en Truus gingen in 2004 een geregistreerd partnerschap aan. In 2014 liep dit op de klippen en werd het partnerschap beëindigd. De belangrijkste afspraken werden vastgelegd in een overeenkomst, de vaststellingsovereenkomst ontbinding geregistreerd partnerschap. In deze overeenkomst stond over alimentatie: "niet nodig, beide partners kunnen in hun levensonderhoud voorzien." Beide partners deden afstand van hun recht op partneralimentatie. In de aangifte Inkomstenbelasting 2016 nam Henk een aftrekpost op in de aangifte (ruim € 6.000), dit in het kader van een onderhoudsverplichting voor Truus. Truus kon niet rondkomen en daarom heeft Henk de hypotheekrente voor haar voldaan. De Rechtbank is het met de belastinginspecteur eens, de betaalde bedragen zijn niet aftrekbaar, Henk heeft niet aannemelijk gemaakt dat de betaalde bedragen waren bedoeld als partneralimentatie. Het zijn geen rechtstreeks uit het familierecht verrichte en / of verschuldigde betalingen.

Fiscale noot aftrekbare partneralimentatie

De wet Inkomstenbelasting is redelijk duidelijk over de aftrekbaarheid van partneralimentatie:

  • Uit artikel 6.1, eerste en tweede lid, Wet IB 2001 volgt dat de persoonsgebonden aftrek onder andere bestaat uit uitgaven voor onderhoudsverplichtingen. Deze zijn omschreven in artikel 6.3, eerste lid, van de Wet IB 2001, welke bepaling voor zover hier van belang als volgt luidt:
  • “1. Onderhoudsverplichtingen zijn:

    a. periodieke uitkeringen en verstrekkingen op grond van een rechtstreeks uit het familierecht voortvloeiende verplichting, tenzij deze worden gedaan aan bloed- of aanverwanten in de rechte lijn of in de tweede graad van de zijlijn;(…)
  • f. in rechte vorderbare periodieke uitkeringen en verstrekkingen die berusten op een dringende morele verplichting tot voorziening in het levensonderhoud.”

In de vaststellingsovereenkomst stond geen enkele verplichting tot het betalen van partneralimentatie. Partijen hadden dit dus in 2014 beter en zorgvuldiger moeten vastleggen. Een redelijke verdeling van de bewijslast brengt met zich dat Henk (en / of Truus) de feiten en omstandigheden aannemelijk moet maken waaruit volgt dat de door hem gedane betalingen kunnen worden aangemerkt als aan zijn ex-partner gedane betalingen in het kader van onderhoudsverplichtingen als bedoeld in artikel 6.3 Wet IB 2001. Dit is met een paar bankafschriften niet voldoende duidelijk gemaakt. De verplichting om te moeten betalen is niet schriftelijk vastgelegd. Tevens is niet duidelijk of de betalingen de titel van partneralimentatie moeten krijgen.

Een zijsprong via de "dringende morele verplichting " ex artikel 6.3 eerste lid letter f had wellicht nog gekund maar in rechte had Truus niks te vorderen.

Al met al is dit een voorbeeld van een slechte voorbereiding en een niet juist gevoerde procedure. Er hadden bijvoorbeeld verklaringen van Truus moeten liggen of een nadere overeenkomst.

Bron niet aftrekbare partner alimentatie

Rechtbank Den Haag 15 oktober 2019 ECLI:NL:RBDHA:2019:14410

Alimentatie schriftelijk vastleggen [news] 6360

Echtscheiding en hypotheekrenteaftrek

Betaalde hypotheekrente op uw eigen woning welke als hoofdverblijf dient. Gehuwden zijn elkaars partner. Als u gaat scheiden, zal het huis niet meer voor beide partners als hoofdverblijf dienen en komt het fiscaal partnerschap te vervallen. In dit artikel een praktisch overzicht en de behandeling van een uitspraak van de rechter.

Fiscaal partner en echtscheiding

Als u samenwoont (onder bepaalde voorwaarden) of getrouwd bent, dan wordt u voor de inkomstenbelasting gezien als fiscaal partner. Enkele aftrekposten kunt u dan delen met uw partner, zo ook de hypotheekrente op uw eigen woning. Het fiscaal partnerschap stopt bij echtscheiding als aan 2 voorwaarden wordt voldaan:

  1. als een verzoek tot ontbinding van het huwelijk bij de Rechtbank is ingediend; en
  2. als partijen niet meer op hetzelfde adres staan ingeschreven in de gemeentelijke basisadministratie.

Hypotheekrenteaftrek eigen woning en echtscheiding

De hypotheekrente op uw eigen woning is fiscaal aftrekbaar (mits hypotheek is aangegaan voor de aankoop, verbetering of het onderhoud van de eigen woning). De woning moet dan wel als uw hoofdverblijf dienen (artikel 3.111 wet Inkomstenbelasting). Als u fiscaal partner bent, maakt het niet uit wie de eigenaar van de woning is, fiscaal partners mogen namelijk schuiven met de hypotheekrenteaftrek / eigen woning. De betaalde hypotheekrente wordt dan meestal afgetrokken van het salaris van de meestverdienende partner.

Als u uit elkaar gaat, krijgt u te maken met de zogenaamde echtscheidingsregeling in de Wet op de Inkomstenbelasting (artikel 3.111 lid 4 Wet IB). Als een belastingplichtige de woning verlaat, mag hij / zij de woning nog gedurende 2 jaar als eigen woning aanmerken. De regeling begint zodra u de woning verlaat. Voorwaarde is dan wel dat uw (ex-)partner in de woning blijft wonen (als hoofdverblijf). De partner die de woning heeft verlaten mag dan dus gedurende maximaal 2 jaar de hypotheekrente (die betrekking heeft op zijn of haar onverdeelde aandeel) nog aftrekken. De hypotheekrente moet dan wel "drukken", de vertrekkende partner moet dus de hypotheekrente ook daadwerkelijk betalen (zonder verhaalsmogelijkheid op de andere partner). Het is dus van belang dat de betaling van de hypotheekrente een verplichting is (en dus geen coulancebetaling). Een beschikking / overeenkomst is hierbij van belang.

Voorbeeld echtscheiding en eigen woning

Henk en Truus gaan scheiden. Henk voldoet de hypotheekrente. De woning is gezamenlijk eigendom (beide 50 / 50). Truus verlaat de eigen woning. Henk mag maximaal 50% van de hypotheekrente aftrekken. Henk moet het gehele huurwaardeforfait aangeven. Als er een beschikking van de Rechtbank ligt (of een echtscheidingsconvenant) waarin is opgenomen dat de andere 50% als onderhoudsverplichting moet worden gezien, dan mag Henk 100% van de hypotheekrente aftrekken.

Procedure Gerechtshof 2012

In 2012 heeft het Gerechtshof in Amsterdam gesteld dat de ex-partner 100% van de hypotheekrente mocht aftrekken. In 2003 zijn de partners gescheiden. In 2004 is dit ook zo bij de gemeente ingeschreven. De vrouw bleef in de woning en betaalde de volledige hypotheekrente. In 2006 verkreeg de vrouw de volledige eigendom van de woning (akte van verdeling / levering). Er was discussie over de betaalde hypotheekrente in 2004 en 2005. De vrouw stelde dat deze volledig aftrekbaar was, 50% als hypotheekrente en 50% als alimentatieverplichting jegens haar ex-man. De Rechtbank en de inspecteur dachten hier anders over, 50% was aftrekbaar. De vrouw ging in hoger beroep tegen deze uitspraak, het Gerechtshof was het met de vrouw eens. Vanaf 2003 was duidelijk dat de vrouw de eigen woning zou verkrijgen, risico's (waardedaling) waren ook voor haar. Tevens had de vrouw het gehele woongenot en betaalde zij alle woonlasten.

Conclusie uitspraak Gerechtshof

Uit bovenstaande uitspraak volgt dat een zorgvuldig opgesteld echtscheidingsconvenant cruciaal is. Een andere - eenvoudige - oplossing is dat beide partners 50% van de hypotheekrente betalen en de te betalen partneralimentatie hierop afstemmen.

Procedure Rechtbank 2012

In een procedure bij de Rechtbank in Breda (31 augustus 2012) ging het over een slecht opgezette situatie. Henk en Truus zijn beiden voor 50% eigenaar van een mooie vrijstaande woning. Ze wonen daar met hun 3 kinderen. In 2008 gaan Henk en Truus uit elkaar. Henk verlaat de eigen woning en gaat tijdelijk in een huurappartement wonen. Truus geeft in haar aangifte inkomstenbelasting over 2008 de woning geheel in haar aangifte aan. Zie kiest niet voor fiscaal partnerschap (toen nog andere regeling dan nu). De inspecteur is het hier niet mee eens en legt een navorderingsaanslag op. De inspecteur stelt dat Truus 50% van de hypotheekrente mag aftrekken (en 50% van huurwaardeforfait moet aangeven). De rechter is het met de inspecteur eens.

Proccedure Gerechtshof 2016

Hof 's Hertogenbosch (21 april 2016) is van oordeel dat de man tot de datum van verkoop van de woning alle hypotheekrente mag aftrekken, ook al hebben de man en de vrouw iets anders afgesproken (in het echtscheidingsconvenant). De man en vrouw gaan in 2007 scheiden. Het volgende wordt afgesproken:

  • In het echtscheidingsconvenant is opgenomen dat de man partneralimentatie zal betalen aan de vrouw met ingang van de dag waarop de voormalige echtelijke woning wordt geleverd.
  • De vrouw zal de woning tot het moment van verkoop mogen gebruiken.
  • Gedurende die periode zal de man geen partneralimentatie hoeven te betalen.
  • De man zal na de scheiding de financieringslasten van de voormalige echtelijke woning blijven betalen.
  • De man trekt 50% van de hypotheekrente af en de andere 50% als alimentatie (onderhoudsverplichting).

De Belastingdienst weigert de aftrek van de alimentatie. Zowel de Rechtbank als het Gerechtshof zijn het met de man eens, 100% aftrek. Het Hof oordeelt verder dat X recht heeft op aftrek van slechts 50% van het eigenwoningforfait en niet op het gehele eigenwoningforfait.

Conclusie echtscheiding en eigen woning

De hypotheekrente (en het eigenwoningforfait) wordt toegerekend op grond van gerechtigdheid tot de eigen woning. Als u voor 50% eigenaar bent, dan kunt u in principe ook maar 50% van de hypotheekrente aftrekken (gelukkig ook 50% van het huurwaardeforfait bij u belast). Voor de partner die in de woning blijft geldt dus slechts een aftrek van 50%. De vertrekkende partner kan de andere 50% van de hypotheekrente aftrekken, dit gedurende maximaal 2 jaar. Het is hierbij wel van belang dat de hypotheekrente ook daadwerkelijk wordt betaald. In het jaar van vertrek kunnen de partners nog kiezen voor fiscaal partnerschap, in dit jaar kunnen ze de aftrek dus nog vrij verdelen.

Meestal zal de achterblijvende partner 100% van de hypotheekrente betalen. De vertrekkende partner zal niet snel willen betalen voor een woning waarin hij / zij niet meer woont. Probleem is dan dat slechts 50% van de hypotheekrente aftrekbaar is.

Een eenvoudige oplossing is dat beide partners 50% van de hypotheekrente betalen en dat daarnaast de achterblijvende partner een partneralimentatie aan de vertrekkende partner betaalt (voor de 50% hypotheekrente). De achterblijvende partner kan dan 50% van de hypotheekrente en de partneralimentatie aftrekken van zijn of haar inkomen. De vertrekkende partner moet de ontvangen alimentatie als inkomen aangeven en kan de betaalde hypotheekrente hierop in mindering brengen. Er moeten wel feitelijke betalingen plaatsvinden.

Dan nog iets complex: de achterblijvende partner moet ook het volledige eigenwoningforfait aangeven (ook deel woongenot vertrekkende partner), de vertrekkende partner kan dit deel (het verschafte woongenot) aftrekken van zijn inkomen (onderhoudsverplichting).

Echtscheiding en eigen woning [news] 2013-02-09 0000-00-00 0000-00-00 3651

DGA pensioen bij echtscheiding

DGA moet vaker pensioen afstorten bij verzekeraar

Update

Directeuren-grootaandeelhouders (DGA's) krijgen in 2017 (en 2018 en 2019) de mogelijkheid om hun pensioen in eigen beheer van de balans te halen (af te kopen). Dit kan met een korting van 34,5% in 2017 (en in de jaren daarna tegen lagere percentages, namelijk 2018: 25% en 2019: 19,5%). Heeft u geen geld, dan resteren er twee opties:

  1. Premievrij maken;
  2. Spaarvariant kiezen.

Pensioen in eigen beheer opbouwen is dus vanaf 2017 feitelijk voorbij.

De casus

Een DGA was 25 jaar getrouwd en ging scheiden, hij had een pensioen in eigen beheer opgebouwd. De pensioenen worden verevend conform de wet. De ex-vrouw wil dat haar deel wordt afgestort bij een verzekeraar, de Hoge Raad is het met haar eens. Een opmerkelijke uitspraak. De Hoge Raad stelt dat op basis van de redelijkheid en billijkheid niet van de ex-vrouw kan worden verlangd dat haar deel bij de B.V. van de ex-man blijft. De man houdt immers de volledige zeggenschap over dit pensioen. Dit kan anders zijn als het afstorten de continuïteit van zijn bedrijf in gevaar brengt. Als de B.V. geen geld heeft en dit ook niet kan lenen, kan het verzoek om afstorten worden betwist, anders niet.

Algemeen

Het pensioen van de DGA wordt in 2007 aangepast. Allereerst geldt met ingang van 1 januari 2007 een nieuwe pensioenwet die niet van toepassing is op de DGA (minimaal 10% van de aandelen / certificaten). In 2007 moet de DGA kiezen, óf in eigen beheer verzekeren óf extern bij een verzekeraar (wellicht in de toekomst ook bij een bank).

Pensioen in eigen beheer en echtscheiding

Tot februari 2007 dachten advocaten dat een DGA bij echtscheiding een eigenbeheerpensioen niet extern hoeft onder te brengen. Dit was anders als de B.V. onvoldoende zorg zou besteden aan de pensioendekking en de DGA het beleid kon bepalen. De Hoge Raad gaat nu een stuk verder. Op grond van de uitspraak van 9 februari 2007 moet er worden afgestort, tenzij de DGA aannemelijk maakt dat hij geen liquide middelen heeft of deze elders kan verkrijgen (intern of extern lenen). De continuïteit mag niet in gevaar komen.

Conclusie

De uitspraak zorgt bij advocaten en accountants voor ophef en beroering. Het kan betekenen dat (een deel van) de pensioenreserve daadwerkelijk beschikbaar moet zijn bij een echtscheiding, dit is bij de meeste bedrijven niet zo. Bij het grote aantal echtscheidingen in Nederland is dit dus een daadwerkelijk probleem.

Voor lopende zaken en ook voor reeds uitgesproken echtscheidingen is deze uitspraak van belang. Als u nog gaat scheiden, neem deze uitspraak dan mee in uw overwegingen. Als u reeds gescheiden bent, kijk dan eens in het echtscheidingsconvenant, wellicht moet uw ex alsnog het pensioen afstorten. Ook kinderen kunnen een beroep doen op deze uitspraak.

Indien u overweegt te gaan procederen, overweeg dan ook eens de pensioenreserve te laten berekenen door een deskundige. Het kan zijn dat de pensioenreserve niet gelijk is aan de toezegging die uit de pensioenbrief volgt. De ex-partner heeft recht op 50% van het tijdens het huwelijk opgebouwde ouderdomspensioen, te vermeerderen met het nabestaandenpensioen. Op de balans staat veelal een fiscale waardering, de werkelijke waarde kan anders zijn. Hoewel ik geen pensioendeskundige ben, zie ik verschillen ontstaan door (na)indexatie en kosten- en winstopslag.

Bron: HR 9 februari 2007 / nummer R06/021.

DGA pensioen bij echtscheiding [news] 1957
Echtscheiding ondernemer en DGA Directeur Groot Aandeelhouder [news] 2010-05-17

Echtscheiding ondernemer en DGA

Fiscale advisering van ondernemer en advocaat is noodzaak en financieel voordelig

Ruim 30% van de huwelijken eindigt via een echtscheiding. Voor de wet is elke echtscheiding gelijk. Een echtscheiding van een ondernemer of DGA is vaak complexer, omdat zijn / haar inkomen per jaar kan verschillen en de waarde van de onderneming geen vaststaande grootheid is. Dit is een bron van slepende procedures en een hoop gezeur. In mijn praktijk word ik regelmatig door advocaten, ondernemers of diens ex-partners gevraagd om te adviseren bij de omvang van de alimentatie, waarde van de onderneming, verdeling van het pensioen en natuurlijk het vaststellen van de draagkracht van de ondernemer (wat kan hij / zij betalen?).

Vanuit de kant van de ex-partner (niet-ondernemer) word ik regelmatig door advocaten benaderd om te kijken of er met de winsten is geschoven en in welke mate winsten moeten worden meegenomen.

De alimentatie wordt berekend op grond van de zogenaamde TREMA-normen. Deze bieden echter voor de ondernemer niet veel duidelijkheid. Een uitgebreid jurisprudentieonderzoek kan wenselijk zijn en voor de DGA is het verstandig om de jaarrekening - bij het actueel worden van de echtscheiding - door een fiscaal jurist te laten beoordelen. Voor de ex-partner is het verstandig om te kijken of de jaarrekening een juist beeld geeft van de feiten.

Wat speelt er bij een ondernemer?

  • Wat gebeurt er met de eenmanszaak of aandelen in de B.V.?
  • Hoe moet de alimentatie van de ondernemer of DGA worden berekend?
  • Wat is de onderneming waard en wie gaat dit bepalen?
  • Hoeveel winst moet worden meegenomen voor de alimentatieberekening?
  • Hoe wordt omgegaan met een dalende / stijgende winst in de toekomst?
  • Kan een deel van de alimentatie op de onderneming worden afgewenteld, bijvoorbeeld via een dienstbetrekking van de ex-partner?
  • Moet het dividend respectievelijk de algemene reserve binnen een B.V. worden meegenomen of niet?
  • Kunnen winsten naar boven of beneden worden bijgesteld?
  • Zijn er huwelijkse voorwaarden en kunnen hieraan rechten worden ontleend?
  • Moet pensioen in eigen beheer worden afgestort?

Regel zaken tijdens het huwelijk

De ondernemer of DGA kan het beste tijdens het huwelijk de zaken goed regelen. Dit kan bijvoorbeeld door de huwelijkse voorwaarden eens onder de loep te nemen en tevens duidelijke afspraken te maken over de manier waarop alimentatie zou moeten worden berekend. Wellicht dat er ook afspraken kunnen worden gemaakt over het (deels) afstorten van het pensioen in eigen beheer. Als uw huwelijk er nu goed voorstaat, regel dan nu de mogelijke gevolgen van een scheiding. Dit voorkomt veel gezeur en discussies in de toekomst.

DGA-scan

Wij maken op kantoor regelmatig een DGA-scan. Hierbij wordt beoordeeld wat er gaat gebeuren bij overlijden, pensioen, arbeidsongeschiktheid, verkoop van de onderneming, maar ook bij een echtscheiding. Een eenvoudige scan kost € 1.000, een uitgebreide scan € 3.000.

2010-05-17 2015-05-17 2787

Echtscheiding en testament

Is uw echtscheiding definitief afgerond, dan is het verstandig om ook uw testament aan te passen. Als u geen testament zou hebben, dan is uw ex-echtgenoot geen erfgenaam meer van u, de kinderen blijven dit wel. Zijn er geen kinderen, dan zijn uw naaste familieleden uw erfgenaam, denk hierbij aan uw ouders, broers of zussen.

Testament en echtscheiding, hoe werkt dit?

Na uw echtscheiding vervalt niet automatisch ook uw testament. De erfstelling in uw testament is hiervoor alles bepalend. Als uw testament een echtscheidingsbepaling bevat, dan is deze regel van toepassing. Het is echter verstandiger om na uw echtscheiding ook uw testament te laten aanpassen. In dat geval weet u zeker dat uw laatste wil (testament) ook echt weergeeft hetgeen u voor ogen heeft gehad, uw ex is geen erfgenaam meer en uw testament kan actueel worden vormgegeven naar de huidige situatie en stand van de wetgeving.

Stel dat u en uw partner beiden een nieuwe partner hebben of krijgen en uw kinderen enig erfgenaam zijn (bij 2 kinderen beide voor gelijke delen). Als uw kind minderjarig is kunnen er vreemde situaties ontstaan:

  • Het kan zomaar zo zijn dat uw ex-partner over het geld / vermogen van uw nalatenschap kan beschikken.
  • Als uw kind komt te overlijden (en minderjarig is zonder testament), dan kan uw ex-partner alsnog erfgenaam zijn van uw vermogen.

U kunt bovenstaande voorkomen door in uw testament hierover na te denken, bijvoorbeeld via een tweetrapsmaking. Dit wil zeggen dat het erfdeel dat uw zoon of dochter bij uw overlijden vererft (en nog niet op is) bij het overlijden van deze zoon of dochter naar uw andere zoon of dochter gaat. Oke, u regeert over uw graf heen, maar het voorkomt onbedoelde effecten.

Als uw kind bij uw overlijden nog minderjarig is, dan komt ook het zogenaamde ouderlijke vruchtgebruik / genot in beeld. Totdat uw kind meerderjarig is heeft de ouder het ouderlijk vruchtgenot over het vermogen dat van uw zoon of dochter is, u kunt hierbij denken aan huurinkomsten van onroerende zaken of rentebetalingen op spaarrekeningen. De ouder (uw ex) hoeft dit vermogen niet aan uw zoon of dochter terug te betalen. In uw testament kunt u dit voorkomen.

Tevens is het te overwegen om een baasje in uw testament te benoemen, een zogenaamde bewindvoerder. Deze persoon kan dan uw vermogen (dat bij uw zoon of dochter terecht komt) beheren. Regelt u niks, dan komt dit beheer bij uw ex-partner terecht totdat uw kind meerderjarig zou worden. Eventueel kunt u het vermogen zelfs tot de 23e verjaardag door de bewindvoerder laten beheren en via ingewikkelde structuren zelfs langer.

Vragen over testament

Bel eens met één van onze fiscaal juristen over de beste opzet en / of bel met uw notaris.

Echtscheiding en testament [news] 5079

Echtscheiding bij ondernemers

Ruim 30% van alle huwelijken eindigt in een echtscheiding. Bij ondernemers ligt dit percentage hoger. Een echtscheiding bij ondernemers is vaak complexer dan een echtscheiding van iemand in loondienst. Wij adviseren ondernemers bij een echtscheiding. In dit artikel een overzicht van belangrijke aandachtspunten.

Continuïteit van het bedrijf bij scheiding

Als ondernemers gaan scheiden zijn de waarde en de winst van het bedrijf (of de B.V.) bijna altijd een belangrijk twistpunt, hierover kunnen advocaten en deskundigen vaak jaren procederen. Bij een gemeenschap van goederen heeft uw ex recht op 50% van de waarde van uw bedrijf. Ook bij niet goed opgestelde huwelijkse voorwaarden is dit het geval. Dit geld is vaak niet aanwezig. Hierdoor kan de continuïteit van uw bedrijf (of B.V.) in gevaar komen.

Advies: regel tijdens uw huwelijk (als het nog wel goed gaat) hoe moet worden omgegaan met uw bedrijf. Regel dit zeker als u samen met uw partner of een derde (compagnon) een onderneming heeft.

Fiscaal jurist en advocaat

Om naast uw advocaat een fiscaal jurist in te schakelen is verstandig. De fiscalist kan u helpen bij de waardering van uw bedrijf, de grondslag voor de partneralimentatie en de mogelijke verrekening van pensioenen. U zult zien dat dit meer duidelijkheid geeft en dat problemen vlotter worden opgelost.

Checklist bij echtscheiding van ondernemers

Als u voelt dat een echtscheiding wel eens zou kunnen plaatsvinden en / of als u gaat scheiden, zijn een aantal zaken voor u van belang, kort en bondig:

  • Zijn er huwelijksvoorwaarden opgesteld en is hier ook naar gehandeld?       
  • Wat is uw bedrijf echt waard en zijn er waardedrukkende of -vermeerderende factoren?
  • Welke winst moet worden meegenomen bij de alimentatieberekening (soms moet u ook opgepotte winsten meenemen)?
  • Is er sprake van persoonlijke goodwill (geen waarde) omdat het bedrijf erg aan uw persoon hangt?
  • Moet er box 2 heffing worden betaald (fictieve vervreemding)?
  • Is de hypotheekrente-aftrek voor uw eigen woning goed geregeld?
  • Zijn de gevolgen van het verbreken van het fiscaal partnerschap in kaart gebracht?       
  • De aftrek van alimentatie wordt beperkt vanaf 2020, wordt hiermee rekening gehouden?
  • Is het testament nog actueel (ex-partner als erfgenaam / uitsluiting ouderlijk vruchtgenot)?
  • Let op met verschuiving van vermogen, dit kan fiscaal tot een schenking leiden!
  • Zijn vermogensbestanddelen verknocht of verkregen onder een uitsluitingsclausule?
  • Zijn vermogensbestanddelen van de ene partner gefinancierd met vermogen van de andere partner? Dit kan heel vervelend uitpakken!

Ons advies? Regel het goed, zowel vooraf, tijdens als achteraf. Laat u goed adviseren, dit voorkomt de nodige ellende. Wilt u meer weten? Neem dan vooral contact op met ons kantoor voor een vrijblijvend gesprek en een kop koffie.

Echtscheiding bij ondernemers [news] 5821

Schenking en echtscheiding

Veel mensen zijn getrouwd in gemeenschap van goederen, bij een echtscheiding worden dan alle bezittingen en schulden gelijk verdeeld. Als één van de partners tijdens het huwelijk een erfenis of schenking heeft ontvangen, valt dit soms binnen en soms buiten de gemeenschap van goederen. Soms spelen ook bepalingen uit een testament. In dit artikel behandelen wij een arrest van de Hoge Raad uit 2019.

Schenking, uitsluitingsclause en echtscheiding

De Hoge Raad heeft bepaald dat een schenking met uitsluitingsclausule die een vrouw tijdens een huwelijk ontvangt tot haar privé vermogen blijft behoren, ook als de man en de vrouw in gemeenschap van goederen zijn getrouwd en als de schenkingen bewust samen zijn uitgegeven.

In deze procedure ontving de vrouw tijdens het huwelijk met de man in totaal € 30.000 aan schenkingen. Bij de echtscheiding heeft de schenker een zogenaamde uitsluitingsclausule opgenomen (schenking mag niet in enig vermogen vloeien van een ander dan de begiftigde). De schenking wordt overgeboekt naar een gemeenschappelijke rekening van de man en de vrouw. Het geld wordt door de man en de vrouw gezamenlijk uitgegeven aan diverse privé zaken. Na de echtscheiding kregen de man en vrouw ruzie over de behandeling van de schenkingen, de vrouw is achteraf van mening dat de schenkingen buiten de gemeenschap moeten blijven. Tevens waren de man en vrouw het er niet over eens waar het geld aan was opgegaan, de man stelt aan vakanties en vrouw aan verbouwingen van de eigen woning.

De Hoge Raad is er vlot klaar mee:

  • Het maakt niet uit waar het geld aan is opgegaan / besteed.
  • Het maakt niet uit dat het geld is overgemaakt naar de gemeenschappelijke rekening.
  • Het maakt niet uit dat het geld in overleg en met medewerking van de vrouw is besteed aan gezamenlijke doelen.
  • De schenkingen zijn en blijven privé vermogen van de vrouw.
  • De schenkingen moeten als eigen vermogen van de vrouw worden gezien en aan haar worden toegedeeld.

Noot fiscaal jurist over schenkingen en echtscheiding

Schenkingen blijven meestal buiten het gezamenlijke vermogen. Bij een gemeenschap van goederen kan dit soms anders zijn. De Hoge Raad geeft hierbij een heldere visie op schenkingen bij een echtscheiding. Vorenstaande staat ook helder omschreven in artikel 1:94 lid 2 onder a van het BW:

  • ... goederen ten aanzien waarvan bij uiterste wilsbeschikking van de erflater of bij gift is bepaald dat zij buiten de gemeenschap vallen.

Dit is in het verleden ook al bevestigd door de Hoge Raad (HR 21 november 1980 NJ 1981, 193). Het Gerechtshof was in een eerdere uitspraak in deze zaak van mening dat de vrouw geen vorderingsrecht toekomt. De overwegingen van het Gerechtshof:

  • Het geld is niet besteed aan de eigen woning (zoals de vrouw stelt).
  • De besteding is niet meer traceerbaar en is op de gemeenschappelijke rekening geboekt.
  • Het geld is gezamenlijk geconsumeerd.
  • Partijen waren het eens over de besteding van het geld (kosten van de gezamenlijke huishouding).

Is de man (degene die de schenking niet krijgt) dan volledig kansloos? Zeker niet.

  • De man had feiten en omstandigheden moeten stellen om te bewijzen op grond waarvan het vergoedingsrecht van de vrouw niet geldend kan worden gemaakt. Dit kan bijvoorbeeld spelen indien er met het geld privé schulden van de vrouw zijn betaald of indien uitdrukkelijk (of stilzwijgend) is afgesproken dat de vrouw m.b.t. de uitgaven van de schenkingen geen aanspraak wilde maken op de schenkingen. Dit heeft de man niet aangetoond, dus heeft de vrouw recht op de schenkingen.

Bron echtscheiding en schenking of erfenis

Hoge Raad d.d. 5 april 2019 (ECLI:NL:HR:2019:504)

Gerechtshof d.d. 7 november 2017 (ECLI:NL:GHSHE:2017:4752)

Schenking echtscheiding [news] 6156

Wisselende alimentatie aftrekbaar

Henk voldoet aan Truus partneralimentatie. Er wordt onregelmatig alimentatie voldaan met wisselende bedragen, dit maakt volgens de rechter geen verschil.

Procedure over aftrekbaarheid partneralimentatie

De rechtbank buigt zich over de partneralimentatie van Henk, is deze aftrekbaar of niet? Henk en Truus wonen niet meer onder één dak. De bedragen die Henk heeft betaald worden afgetrokken als onderhoudsverplichting / partneralimentatie. Het inkomen van Henk wisselt en daarom voldoet hij niet alle maanden het afgesproken bedrag van € 2.000 per maand. Volgens de inspecteur wijken de bedragen teveel af van hetgeen in de voorlopige voorziening is bepaald en zijn daarom de betalingen niet aftrekbaar (vloeien niet rechtstreeks uit het familierecht voort). Volgens de rechtbank maakt het niet uit dat de bedragen wisselen en niet regelmatig worden betaald. De betalingen zijn gewoon aftrekbaar. De alimentatie die is voldaan voor de inschrijving van de echtscheiding is niet aftrekbaar, omdat partijen hebben bepaald (in het echtscheidingsconvenant) dat er geen alimentatie is verschuldigd.

Noot fiscaal jurist over partneralimentatie

Een fiscaal jurist laten meekijken bij een echtscheiding is verstandig. Fiscale merites spelen zowel bij de partneralimentatie als ook bij de eigen woning. Heeft u vragen, email ons gerust.

Bron wisselende partneralimentantie

Rechtbank Noord Holland d.d. 5 maart 2021 ECLI:NL:RBNHO:2021:1761

Wisselende alimentatie aftrekbaar [news] 6932

Alimentatie en belastingen

Bij een echtscheiding kan de ene partner onvoldoende of geen inkomen hebben. De andere partner moet dan veel alimentatie betalen. Alimentatie is bij de ontvanger belast en bij de betaler aftrekbaar. Voor het overige:

  • Betaling gedurende een termijn van 5 jaar, afwijken mag (soms is het door omstandigheden 12 jaar)
  • Verlenging na 5 jaar is mogelijk (opletten, direct verzoek indienen).
  • Alimentatie kan lager worden bij samenwonen, eigen inkomen of lager inkomen bij uw ex-partner.
  • Bij overlijden van uw ex-partner krijgt u geen alimentatie meer, dit risico is te verzekeren.

Afkoop van alimentatie is onder voorwaarden aftrekbaar voor de inkomstenbelasting. Van belang is dat de betaling moet worden gedaan aan een ex-partner en dat de betaling voortvloeit uit het familierecht. U bent pas gescheiden zodra dit is ingeschreven bij de burgerlijke stand. Als u voordien heeft betaald, is de afkoop niet aftrekbaar. Dit is in 1999 reeds bepaald en recentelijk (december 2006) heeft het Gerechtshof in Arnhem dit nog eens bevestigd.

Feiten

Na 10 jaar huwelijk viel het nest uit de boom … een echtscheiding. Er wordt een convenant opgesteld waarbij de man € 90.000 aan zijn ex zou betalen. De betaling heeft plaatsgevonden voordat het convenant was getekend en voordat de echtscheiding bij de burgerlijke stand was ingeschreven. Conclusie: er wordt niet betaald aan een ex-echtgenote en er was geen verplichting om te betalen, dit omdat het convenant nog niet was ondertekend.

Alimentatie niet aftrekbaar

Als er geen plicht is om alimentatie te betalen, dan is de betaling niet aftrekbaar. Het Gerechtshof in Amsterdam is van mening dat er bij Henk geen recht bestaat op aftrek van alimentatie. Er is geen vanuit het familierecht voortvloeiende verplichting.

Conclusie

Let op de formaliteiten bij een echtscheiding. Als de inspecteur in voorgaande voorbeeld echt scherp was geweest, had hij kunnen stellen dat sprake was van vrijgevigheid van de man, een schenking dus. Het gevolg zou dan zijn dat de man én de € 90.000 niet kan aftrekken én tevens over € 90.000 schenkingsrecht moet betalen.

Bron alimentatie

Bron: Hof Arnhem, 5 oktober 2006, nummer. 04/00228.

Gerechtshof Amsterdam 7 juli 2016 ECLI NL GHAMS 2016 2793.

Alimentatie en belastingen [news] 2021-02-24 0000-00-00 0000-00-00 ]]> Duur kinderalimentatie [news] 0000-00-00 0000-00-00 0000-00-00

Alimentatie dubbel aftrekbaar?

Essentie

Partneralimentatie en giften dubbel aftrekbaar. Een maas in de wet die per 30 december 2009 is gedicht. In uw aangifte inkomstenbelasting over 2009 kunt u toekomstige alimentatie opgeven als schuld per 1 januari 2009, maar niet meer als schuld per 31 december 2009.

Feiten

Giften aan goede doelen zijn aftrekbaar, deze slogan van de Belastingdienst zie ik af en toe op TV. Giften aan geregistreerde goede doelen – gedurende 5 jaar - middels een (notariële) lijfrente zijn zonder enige drempel aftrekbaar. In de aangifte 2008 is de gift het controle-onderdeel voor de Belastingdienst.

U verplicht zich middels een notariële akte om gedurende 5 jaar een bedrag aan een goed doel, zeg het Wereld Natuurfonds, te schenken. De gift is aftrekbaar in box 1 (de box voor wonen en werken). Omdat u een verplichting heeft, is er sprake van een schuld, kan de schuld dan in box 3 worden opgenomen?

Rechter

De Rechtbank oordeelt dat de gift aftrekbaar is in box 1, edoch de schuld mag niet worden opgevoerd in box 3. De belastingbetaler ging niet voor een herbeoordeling naar het Gerechtshof, maar ging direct in (sprong)cassatie bij de Hoge Raad. De adviseur van de Hoge Raad (de advocaat-generaal, de heer Van Ballegooijen) is het met de belastingbetaler eens. De Hoge Raad ook. De schuld is aftrekbaar in box 3.

En toen

Hetzelfde als voor giften zou ook kunnen gelden voor bijvoorbeeld een partneralimentatieverplichting (geldt niet voor kinderalimentatie). Ook deze verplichting is immers aftrekbaar in box 1. Voor nog openstaande jaren (waar nog geen definitieve aanslag over is opgelegd) kunt u een aanvulling op uw aangifte indienen.

Mijn fiscale gevoel

Er is veel te zeggen voor geen aftrek in box 3. Een aftrekpost in box 1 en box 3 lijkt dubbelop en in strijd met het doel en de strekking van de Wet Inkomstenbelasting 2001. De rangorderegeling zou dit ook onmogelijk moeten maken. Omdat de wet dit niet uitdrukkelijk als zodanig heeft bepaald, heeft ook de Hoge Raad op 27 februari 2009 (rolnummer 07/12914) beslist, dus zal de Hoge Raad waarschijnlijk tot aftrekbaar in box 1 en 3 gaan concluderen. Feitelijk is bij afkoop van alimentatie eenzelfde regeling van toepassing.

Conclusie

Zowel notariële giften als alimentatieverplichtingen kunnen als schuld in box 3 worden opgenomen. Vanaf 30 december 2009 is dit door een wetswijziging niet meer mogelijk.

Bron: Rechtbank Haarlem, 18 september 2001 (nummer 07/1047), conclusie Advocaat Generaal 17 juli 2008, nummer 07/12914 en Hoge Raad 27 februari 2009 (rolnummer 12914).
Alimentatie dubbel aftrekbaar? [news] 2013-01-13 0000-00-00 0000-00-00

Zorgtoeslag en alimentatie  

Conclusie

In 2006 wordt een nieuw zorgstelsel geïntroduceerd. Als u een laag inkomen heeft (box 1) kunt u een zorgtoeslag (bijdrage van de overheid) krijgen. Alimentatie zou worden gezien als inkomen voor de zorgtoeslag. Voor alimentatieplichtigen wordt de ziektekostenverzekering goedkoper en voor alimentatiegerechtigden zou dit dan duurder worden. Zoals volgt uit een notitie van de Tweede Kamer is er voor 2006 een overgangsmaatregel, alimentatie is voorlopig geen inkomen voor de inkomensafhankelijke premie. Kennelijk zal dit enkel gelden voor bestaande gevallen! Voor nieuwe gevallen moet er wel een zorgtoeslag worden betaald over de ontvangen partneralimentatie. Over kinderalimentatie is geen zorgtoeslag verschuldigd. Vorenstaande volgt uit een notitie van de Staatssecretaris d.d. 21 november 2005. Bij nieuwe alimentatiegevallen wordt kinderalimentatie dus voordeliger dan partneralimentatie.

Toelichting

Vanaf 1 januari 2006 is iedereen voor de zorg weer gelijk, geen particulier en ziekenfondsverzekerden meer. Dit nieuwe stelsel heeft ook gevolgen voor de alimentatie. Voor bestaande gevallen is er een overgangsregeling, voor nieuwe gevallen moet gewoon zorgtoeslag worden betaald.

Huidige situatie

Onder het huidige ziekenfonds wordt gekeken naar de situatie op 1 november van een jaar. De loongrens voor het ziekenfonds is € 33.000 (peildatum 1 november 2004). Voor 65+ is dit € 21.000 en voor zelfstandigen € 21.050. Er wordt gekeken naar uw bruto inkomen.

Nieuwe stelsel

Geen particulier en ziekenfonds meer. U moet een vast bedrag van zo'n € 1.000 per jaar betalen en een inkomensafhankelijke premie. Daarnaast hebben mensen met een laag inkomen recht op een teruggave, de zogenaamde zorgtoeslag. Er wordt voor de teruggave gekeken naar het jaarinkomen over 2006.

Het inkomen waarnaar gekeken wordt is het box 1 inkomen. Dit betekent voor alimentatiegerechtigden dat alimentatie wordt meegeteld voor bepaling van het recht op toeslag of niet. Aan de andere kant verlaagt de betaalde alimentatie bij de alimentatieplichtige zijn inkomen, waardoor hij of zij in aanmerking kan komen voor een zorgtoeslag. Dit inkomen wordt nog eens extra verlaagd door de aftrekpost, uitgaven voor levensonderhoud van kinderen.

En toen

Er wordt nog veel gepraat over de gevolgen van het nieuwe zorgstelsel. Er ligt op dit moment een motie bij de Tweede Kamer, de zogenaamde "de motie Omzigt". Deze motie wil alimentatie-inkomen vrijstellen voor de bepaling van zorgtoeslag, huurtoeslag (huidige huursubsidie) en kindertoeslag. Onze Staatssecretaris van Financiën, de heer Wijn, heeft al laten weten dat dit niet kan en veel te lastig is. Gelukkig heeft de Tweede Kamer een overgangsregeling bedacht voor de 70.000 alimentatiegerechtigden in Nederland.

Echtscheiding en belastingen

]]>

Advocaatkosten echtscheiding in bedrijf aftrekbaar

Voor de wet is elke echtscheiding gelijk, in de praktijk ligt dit vaak anders. Een echtscheiding van een ondernemer of DGA is vaak complexer omdat zijn inkomen en vermogen niet altijd even duidelijk zijn. Wij adviseren vaak bij echtscheidingen, dit veelal in overleg met een advocaat, mediator of notaris. Wij kijken dan naar de volgende onderdelen:

  1. Wat is nu echt de waarde van de onderneming?
  2. Grondslagen voor de partneralimentatie (verhouding salaris, management fee, dividend en winst) 
  3. Dividend en geldstromen binnen de onderneming
  4. Waardering pensioen / fiscale oudedagsreserves
  5. Fiscale structuren na de echtscheiding
  6. Is er met winsten geschoven?

Bedrijfskosten aftrekbaar

Van de opbrengsten binnen een bedrijf mogen zakelijke kosten worden afgetrokken. Alleen de kosten die de ondernemer (of rechtspersoon) maakt voor de zakelijke belangen van de onderneming zijn aftrekbaar. Zakelijke kosten zijn kosten die binnen redelijke grenzen nodig zijn voor de uitoefening van de onderneming en de kosten die rechtstreeks op de onderneming betrekking hebben. Andere kosten zijn nietaftrekbaar. Hoe zit dit met advocaatkosten tijdens een echtscheidingsprocedure waarbij een onderneming betrokken is?

Procedure inzake advocaatkosten bij onderneming

Een bedrijf kent de man en de vrouw als aandeelhouder. De man en de vrouw gaan scheiden. Er wordt over veel dingen geprocedeerd, onder meer: "wie mag de aandelen verkrijgen?" De vrouw heeft al 90% van de aandelen en verkrijgt via de rechter ook de aandelen van de man. De advocaatkosten worden door het bedrijf afgetrokken van de winst. Hoewel de toedeling ziet op de privé belangen van de vrouw, zijn toch 20% van de advocaatkosten (volgens de rechter) aftrekbaar. De reden: "de man heeft een strafblad en de onderneming zou haar vergunning kunnen verliezen als de man aandeelhouder zou blijven."

Advocaatkosten aftrekbaar

Advocaatkostenzijn binnen de fiscale aangifte beperkt aftrekbaar. De algemene stelregel is dat advocaatkosten aftrekbaar zijn indien deze zijn gemaakt voor het verkrijgen van partneralimentatie. Als ontvanger van partneralimentatie zijn dan naar de advocaatkosten ook telefoonkosten, portokosten, reiskosten en incassokosten aftrekbaar.  

Noot fiscaal jurist inzake advocaatkosten als ondernemingskosten

De advocaatkosten bij een echtscheiding zijn niet zo vaak aftrekbaar binnen de onderneming of de B.V. Als de onderneming of de B.V. echter een belang heeft, dan zijn (een deel van) de kosten wel aftrekbaar. In casu ging het om een raamprostitutiebedrijf, edoch dit maakt voor de feiten geen verschil. Een echtscheiding bij een ondernemer of DGAgeeft vaak veel meer discussie dan een reguliere echtscheiding, de belangrijkste discussie punten zijn dan de grondslagen voor de partneralimentatie (met winst/ dividend of zonder) en de waardering van de onderneming.

Een ander veel voorkomende probleem betreft de hypotheekrente van de eigen woning, lees hiervoor dit artikel.

Bron advocaatkosten aftrekbaar

Gerechtshof Amsterdam d.d. 7 juni 2016 (ECLI NL GHAMS 2016 2438).

Gerechtshof Amsterdam d.d. 21 oktober 2010, ECLI:NL:GHAMS:2010:BO4792.

Advocaatkosten echtscheiding in bedrijf aftrekbaar [news] 4959
Belastinglatentie bij echtscheiding [news] 2014-12-04

Belastinglatentie ondernemer / DGA bij echtscheiding

Veel ondernemers stellen huwelijkse voorwaarden op met een periodiek verrekenbeding. Er zijn ook ondernemers die er bewust of onbewust voor kiezen om pas aan het einde van het huwelijk (bij de echtscheiding) af te rekenen. Dit is een prima voedingsbron voor advocaten en geeft dan ook vaak discussies tussen de ex-echtgenoten (en soms met de Belastingdienst).

Ondernemer met een B.V.

Een ondernemer met een B.V. moet in de toekomst ooit nog eens afrekenen met de Belastingdienst. De heffing zal plaatsvinden in box 2 en bedraagt 25% of in box 1 (maximaal 52%). Er moet worden afgerekend over de verkoopprijs te verminderen met de oorspronkelijke verkrijgingsprijs (bij een B.V.) en over de verkrijgingsprijs -/- de boekwaarde bij een eenmanszaak, VOF of maatschap.

Procedure over belastinglatentie bij echtscheiding

Henk en Truus zijn getrouwd op huwelijkse voorwaarden, ze hebben 2 kinderen. De vrouw exploiteert met haar familie een cafetaria en de man houdt zich bezig met panden (onroerende zaken), dit doet hij in privé (en niet via een B.V.). Ze waren gehuwd op huwelijkse voorwaarden, maar er is nooit rekening gehouden met het periodieke verrekenbeding. Uiteindelijk hebben ze besloten om te gaan scheiden. Tijdens de scheiding ontstond er discussie over de belastinglatentie.

De Hoge Raad (ons hoogste rechtscollege) kwam tot een oordeel. Bij het bepalen van de belastinglatentie moet rekening worden gehouden met de omstandigheden van het geval. Een advocaat (en ook rechter) mag rekening houden met de volgende omstandigheden:

  • Wordt de onderneming na de echtscheiding nog voortgezet?
  • Het bepalen van de onderneming moet door een deskundige plaatsvinden (stille reserves en goodwill zijn hierbij van essentieel belang).
  • Bij het bepalen van de waarde van de onroerende zaken (in de B.V.) mocht worden uitgegaan van een huurwaarde te vermeerderen met een bepaalde factor.
  • Een belastinglatentie van 52% (het huidige percentage bij direct afrekenen) is niet toegestaan.

Bron echtscheiding en belastinglatentie

Hoge Raad 28 november 2014 (ECLI HR 2014 3462).

Conclusie Advocaat Generaal d.d. 5 september 2014 (ECLI NL PHR 2014 1770).

Gerechtshof d.d. 10 juli 2013 (ECLI NL GHDHA 2013 2603).

Gerechtshof d.d. 18 januari 2012 (ECLI NL GHSGR BY 0223).

0000-00-00 0000-00-00 4473
Echtscheiding ondernemer en DGA Directeur Groot Aandeelhouder [news] 2010-05-17

Echtscheiding ondernemer en DGA

Fiscale advisering van ondernemer en advocaat is noodzaak en financieel voordelig

Ruim 30% van de huwelijken eindigt via een echtscheiding. Voor de wet is elke echtscheiding gelijk. Een echtscheiding van een ondernemer of DGA is vaak complexer, omdat zijn / haar inkomen per jaar kan verschillen en de waarde van de onderneming geen vaststaande grootheid is. Dit is een bron van slepende procedures en een hoop gezeur. In mijn praktijk word ik regelmatig door advocaten, ondernemers of diens ex-partners gevraagd om te adviseren bij de omvang van de alimentatie, waarde van de onderneming, verdeling van het pensioen en natuurlijk het vaststellen van de draagkracht van de ondernemer (wat kan hij / zij betalen?).

Vanuit de kant van de ex-partner (niet-ondernemer) word ik regelmatig door advocaten benaderd om te kijken of er met de winsten is geschoven en in welke mate winsten moeten worden meegenomen.

De alimentatie wordt berekend op grond van de zogenaamde TREMA-normen. Deze bieden echter voor de ondernemer niet veel duidelijkheid. Een uitgebreid jurisprudentieonderzoek kan wenselijk zijn en voor de DGA is het verstandig om de jaarrekening - bij het actueel worden van de echtscheiding - door een fiscaal jurist te laten beoordelen. Voor de ex-partner is het verstandig om te kijken of de jaarrekening een juist beeld geeft van de feiten.

Wat speelt er bij een ondernemer?

  • Wat gebeurt er met de eenmanszaak of aandelen in de B.V.?
  • Hoe moet de alimentatie van de ondernemer of DGA worden berekend?
  • Wat is de onderneming waard en wie gaat dit bepalen?
  • Hoeveel winst moet worden meegenomen voor de alimentatieberekening?
  • Hoe wordt omgegaan met een dalende / stijgende winst in de toekomst?
  • Kan een deel van de alimentatie op de onderneming worden afgewenteld, bijvoorbeeld via een dienstbetrekking van de ex-partner?
  • Moet het dividend respectievelijk de algemene reserve binnen een B.V. worden meegenomen of niet?
  • Kunnen winsten naar boven of beneden worden bijgesteld?
  • Zijn er huwelijkse voorwaarden en kunnen hieraan rechten worden ontleend?
  • Moet pensioen in eigen beheer worden afgestort?

Regel zaken tijdens het huwelijk

De ondernemer of DGA kan het beste tijdens het huwelijk de zaken goed regelen. Dit kan bijvoorbeeld door de huwelijkse voorwaarden eens onder de loep te nemen en tevens duidelijke afspraken te maken over de manier waarop alimentatie zou moeten worden berekend. Wellicht dat er ook afspraken kunnen worden gemaakt over het (deels) afstorten van het pensioen in eigen beheer. Als uw huwelijk er nu goed voorstaat, regel dan nu de mogelijke gevolgen van een scheiding. Dit voorkomt veel gezeur en discussies in de toekomst.

DGA-scan

Wij maken op kantoor regelmatig een DGA-scan. Hierbij wordt beoordeeld wat er gaat gebeuren bij overlijden, pensioen, arbeidsongeschiktheid, verkoop van de onderneming, maar ook bij een echtscheiding. Een eenvoudige scan kost € 1.000, een uitgebreide scan € 3.000.

2010-05-17 2015-05-17 2787

Afkoop alimentatie kan netto

Fiscaal nieuws alimentatie

In het verleden was alimentatie aftrekbaar tegen het maximale tarief van 51,95%. De aftrek van alimentatie (en hypotheekrente) is de afgelopen jaren verlaagd. Vanaf 2020 ging dit sneller. Alimentatie (en hypotheekrente etc.) is in de toekomst tegen een lager tarief aftrekbaar de afbouw ziet er als volgt uit:

  • 2019: 46%
  • 2020: 46%
  • 2021: 43%
  • 2022: 40%
  • 2023: 37%

Afkoop van alimentatie kan dus beter vlot plaatsvinden. Als u alimentatie moet betalen aan uw voormalig partner dan kunt u eens overwegen om deze te herzien, de netto last neemt immers door de lagere aftrek toe. Heeft u vragen stuur dan gerust een e-mail of neem contact met ons op.

Met enige regelmaat ben ik betrokken bij echtscheidingen van ondernemers / DGA's. In de meeste gevallen word ik hierbij ingeschakeld door de (ex-)partner van de ondernemer / DGA.  De discussies die ontstaan hebben veelal betrekking op de waarde van de onderneming, de uitleg van huwelijkse voorwaarden, ontvangen schenkingen, maar zeker ook het bepalen van de draagkracht van de ondernemer.

Afkoop alimentatie bij ondernemers

Als partners uit elkaar gaan, wil men het liefst financieel volledig afscheid nemen. Volledig afscheid nemen is vaak door de kinderen (of toekomstig pensioen) niet mogelijk. Financieel afscheid nemen kan worden vormgegeven via de afkoop van alimentatie en de verrekening van toekomstige pensioenen. Steeds meer mannen en vrouwen willen niet meer financieel aan elkaar verbonden zijn door maandelijkse partneralimentatie. Recent riep een ondernemer hierover nog: "weggegooid geld, mijn ex ga ik niet nog 12 jaar ondersteunen." De ontvanger van de alimentatie wil vaak ook niet van de ex afhankelijk zijn:

  • Wordt de alimentatie wel op tijd betaald?
  • Kan de ondernemer in de toekomst nog wel betalen?
  • Loop ik risico op zijn ondernemerschap?
  • Komen er nog toekomstige procedures als zijn of haar bedrijf slechter draait? 

Bovenstaande geeft stress.  Een afkoop van alimentatie kan deze stress voorkomen. Maar hoe doe je dit fiscaal voordelig?

Netto afkoop van alimentatie

Henk is ondernemer en wil zijn vrouw eenmalig een afkoopsom betalen voor de toekomstige alimentatie. Wettelijk moet Henk 10 jaar betalen. Hij komt echter via een mediator met zijn vrouw overeen dat hij ineens de contante waarde voor de komende 8 jaar zal betalen, een bedrag van € 300.000. De vrouw is het hiermee eens, maar wil dit bedrag dan wel in één keer netto op haar bankrekening. Omdat de man en vrouw in 2021 nog fiscaal partner zijn, kan in 2021 de afkoop netto worden betaald, mits beide partners in 2021 ervoor kiezen elkaars partner te zijn. Dit kan ook als de partners niet geheel 2021 elkaars fiscale partner zijn. Echtgenoten kunnen nog het hele jaar waarin het verzoek tot echtscheiding is ingediend een aangifte Inkomstenbelasting indienen alsof ze fiscaal partner zijn (artikel 2:17 lid 7 Wet op de Inkomstenbelasting 2001). De man kan niet alleen zijn eigen aftrekpost, maar ook de verschuldigde heffing van zijn vrouw in zijn eigen aangifte opnemen. Door deze aangifte vallen de aftrekpost en de verschuldigde heffing tegen elkaar weg. Al met al "netto afkoop van alimentatie". Eventueel kan de betaling ook in termijnen plaatsvinden, dit overleggen wij veelal met de Belastingdienst. Aandachtspunt is wel dat u er vroegtijdig over nadenkt. Als een verzoek tot echtscheiding in 2020 is ingediend en in 2021 wordt besloten tot afkoop, bent u te laat, dit kan dus niet.

Termijn partneralimentatie sinds 2020

De termijn voor de partneralimentatie is sinds 2020 aangepast in standaard 5 jaar. Er bestaan op deze termijn veel uitzonderingen. De belangrijkste:

  1. Termijn korter: als het huwelijk korter dan 10 jaar heeft geduurd, is de termijn 50% van de duur van het huwelijk of het geregistreerde partnerschap. Bij 6 jaar gehuwd zijn is de termijn dus 3 jaar. Hierop bestaan weer uitzonderingen. De belangrijkste is dat, als u samen kinderen heeft (einde alimentatie als jongste kind 12 jaar is geworden).
  2. Heeft huwelijk (of partnerschap) minimaal 15 jaar geduurd? Krijgt uw ex-partner binnen 10 jaar AOW? Dan moet u alimentatie betalen tot dat uw partner AOW ontvangt.
  3. Bent u geboren vóór 1 januari 1970? Duurde uw huwelijk of partnerschap langer dan 15 jaar? Krijgt u over meer dan 10 jaar AOW? Dan is de termijn 10 jaar.

De partneralimentatie stopt als uw ex-partner opnieuw gaat trouwen. De alimentatie kan hoger of lager worden als u of uw ex-parter meer of minder gaat verdienen. U kunt ook anders overeenkomen in het echtscheidingsconvenant.

Vragen over echtscheiding bij ondernemers

Wilt u een vrijblijvend gesprek over een echtscheiding bij ondernemers of een DGA. dan kunt u contact opnemen met de heer mr. D.J.B. Jongbloed. Hij is vaak betrokken bij dergelijke procedures. De uiteindelijke echtscheiding zal altijd in overleg met een advocaat plaatsvinden.

Afkoop alimentatie kan netto [news] 7100 Echtscheiding met fiscale bril

Wij adviseren regelmatig ondernemers en ondernemersvrouwen bij een echtscheiding. Veelal is er discussie over de waarde van de onderneming of de grondslagen voor de alimentatie. Discussie over pensioenen in eigen beheer worden door rechtspraak steeds eenvoudiger en de vermogensverdeling is veelal een kwestie van taxeren en goede wil van partijen. 

Gaat u scheiden? Bent u gescheiden? Hierbij een korte cursus over de fiscale aandachtspunten en mogelijkheden.

Als u overweegt om te gaan scheiden, breekt een intensieve en emotionele tijd aan. Deskundige en soms slimme juristen zijn hierbij veelal nodig, temeer als er ondernemers bij betrokken zijn. Wie zich over de kinderen gaat ontfermen, wordt vaak nog wel eenvoudig ingevuld. Zodra het op de financiën aankomt, trekken partijen alle registers open.

Contactpersoon

Bij ons op kantoor is de heer mr. Dennis J.B. Jongbloed regelmatig adviseur bij echtscheidingen. Veelal adviseert hij ondernemers of de partner van de ondernemer. Ook advocaten vragen regelmatig om toelichtingen of waarderingen van ondernemingen. U kunt hem geheel vrijblijvend e-mailen voor een gratis oriënterend gesprek of voor uw vragen of opmerkingen.

Vragen die dan voorliggen zijn: 

  • Hoe kan ik de winst verlagen?
  • Waarom is de winst ineens weg?
  • Moet dividend worden meegeteld voor alimentatieberekeningen?
  • Hoe zit het met het pensioen of de FOR?  
  • Wat is mijn bedrijf nu echt waard?
  • Waar is de winst ineens gebleven nu we gaan scheiden?

Inleiding

Een echtscheiding komt steeds vaker voor, 1 op de 3 huwelijken loopt stuk. Een advocaat regelt meestal de juridische kant van de zaak en wij als fiscaal juristen worden veelal inschakeld bij de fiscale beoordeling van de draagkracht bij ondernemers of vermogende particulieren. In de meeste gevallen adviseren wij hierbij de vrouw die twijfelt aan de juistheid van de verstrekte gegevens welke worden opgegeven door haar man (of diens accountant). Dit traditionele patroon zie je in deze moderne tijd nog steeds.

Veelal wordt in overleg met de advocaat de draagkracht en behoefte van de echtelieden bepaald. De moeilijkheidsgraad is veelal te vinden in de ondernemingswinst van de man, respectievelijk de winst van zijn B.V. In de praktijk zie ik maar al te vaak dat de winst - in het zicht van de echtscheiding - een dalende trend vertoont.

In aansluiting op de echtscheiding wordt door mij de aangifte inkomstenbelasting verzorgd. Hierbij kijk ik naar diverse fiscale aspecten zoals:

  1. alimentatie-uitkeringen / afkoop;
  2. toepasselijke heffingskortingen;
  3. mogelijke extra aftrekposten (bijvoorbeeld advocaat en notaris);
  4. hypotheekrente eigen woning;
  5. heffingskortingen.

Het eerste jaar van scheiding is fiscaal lastig, het volgende jaar kan de cliënt veelal zelf weer invullen.

Echtscheiding

Scheiden doet ...... Een echtscheiding is, naast emotie voor de partners en kinderen, een financiële en juridische kwestie. In mijn praktijk heb ik veelal vrouwen als cliënt die ik in overleg met een advocaat bijsta. De berekening van de alimentatie en de (echte) winst van het bedrijf van de echtgenoot zijn dan meestal onderdeel van de advisering. Onze advisering heeft veelal betrekking op

  • analyseren van winsten binnen een BV of onderneming
  • fiscale en economische uitleg huwelijkse voorwaarden
  • vermogensverrekeningen
  • beoordelingen second opinion behoefte, draagkracht en alimentatie (met name bij ondernemers)
  • waardering van ondernemingen

Als u gaat scheiden, kunt u een advocaat in de arm te nemen. Niet iedere advocaat is gespecialiseerd in familierecht, het rechtsgebied waaronder echtscheiding en alimentatie vallen. 

Ondernemer en echtscheiding

In mijn praktijk heb ik veel te doen met alimentatieverplichtingen van ondernemers. Dit is geheel iets anders dan mensen in loondienst, en in de praktijk zie ik dat maar weinig advocaten financieel voldoende opgeleid zijn om dit te doorgronden. Het inkomen van ondernemers kan elk jaar verschillen en in de praktijk zie ik op het moment van echtscheiding nog te vaak een (ineens) lagere winst. Daarnaast speelt bij ondernemers de waarde van de onderneming een rol, in het bijzonder de waardering van de goodwill. Onderdelen in de praktijk zijn:

  1. Hoe hoog is het gemiddelde inkomen ?
  2. Wat te doen als de onderneming (ineens) verlies maakt?
  3. De goodwill van de onderneming.
  4. Kan de onderneming dividend uitkeren ?
  5. De verdeling van de onderneming.
]]>

Checklist echtscheiding

Als een echtscheiding in beeld is, moet u ervoor zorgen dat de advocaat snel en met volledig zicht op alle noodzakelijke informatie zijn werk kan doen. Als het voorwerk goed is, scheelt de advocaat dit tijd en u dus geld.

Persoonlijke informatie

  1. Uittreksels uit het persoonsregister.
  2. Uittreksel uit het huwelijksregister (gemeente).
  3. Uittreksel uit het geboorteregister van de minderjarige kinderen.
  4. Kopie paspoort.
  5. Akte huwelijkse voorwaarden (indien aanwezig).

Financiële informatie

  1. Verklaring van inkomen en vermogen (bewijs van onvermogen) (gemeente / sociale dienst).
  2. Opstelling inboedelgoederen met daarop aangegeven de gewenste verdeling en de waarden.
  3. Kopie kentekenbewijzen auto, motor of boot (inclusief aankoopfacturen).
  4. Optelling waardevolle zaken zoals kunst, antiek, etc.
  5. Informatie woning: eigendomsakte, hypotheekakte, jaaropgave hypotheek (eventueel huurovereenkomst).
  6. Polissen van levensverzekeringen, lijfrenten, etc.
  7. Overzicht schulden (inclusief laatste termijnbetaling en jaaropgave bank).
  8. Testament.
  9. Overzicht ontvangen erfenissen (inclusief successieaangifte en testament overleden persoon).
  10. Bankafschriften van betaal- en spaarrekeningen (laatste afschriften).
  11. Aandelen / obligaties / spaarbrieven / spaarbankboekjes / koopsompolissen / beleggingscertificaten, etc.
  12. Inkomen: jaaropgave en laatste salarisstrook (inclusief arbeidsovereenkomst).
  13. Zelfstandigen: jaarrekeningen laatste 4 jaar.
  14. Belastingaangiften laatste 3 jaar.
  15. Informatie pensioen bij de werkgever.

Checklist voor na de echtscheiding

  1. Digid wijzigen
  2. Voorlopige aanslag inkomstenbelasting aanpassen
  3. Adreswijziging doorgeven aan de gemeente
  4. Nieuw rekening nummer opgeven bij de Belastingdienst
  5. Algemene heffingskorting nazien
  6. Samen of apart aangifte inkomstenbelasting doen?
  7. Toeslagen nazien
  8. Adreswijzigingen doorgeven aan bank, etc.
  9. Kapitaalverzekeringen en lijfrenten aanpassen
  10. Pensioen aanpassen
  11. Testament wijzigen
  12. Kijk ook hier voor de checklist van de Belastingdienst

Checklist echtscheiding [news] 1045
Echtscheiding ondernemer en DGA Directeur Groot Aandeelhouder [news] 2010-05-17

Echtscheiding ondernemer en DGA

Fiscale advisering van ondernemer en advocaat is noodzaak en financieel voordelig

Ruim 30% van de huwelijken eindigt via een echtscheiding. Voor de wet is elke echtscheiding gelijk. Een echtscheiding van een ondernemer of DGA is vaak complexer, omdat zijn / haar inkomen per jaar kan verschillen en de waarde van de onderneming geen vaststaande grootheid is. Dit is een bron van slepende procedures en een hoop gezeur. In mijn praktijk word ik regelmatig door advocaten, ondernemers of diens ex-partners gevraagd om te adviseren bij de omvang van de alimentatie, waarde van de onderneming, verdeling van het pensioen en natuurlijk het vaststellen van de draagkracht van de ondernemer (wat kan hij / zij betalen?).

Vanuit de kant van de ex-partner (niet-ondernemer) word ik regelmatig door advocaten benaderd om te kijken of er met de winsten is geschoven en in welke mate winsten moeten worden meegenomen.

De alimentatie wordt berekend op grond van de zogenaamde TREMA-normen. Deze bieden echter voor de ondernemer niet veel duidelijkheid. Een uitgebreid jurisprudentieonderzoek kan wenselijk zijn en voor de DGA is het verstandig om de jaarrekening - bij het actueel worden van de echtscheiding - door een fiscaal jurist te laten beoordelen. Voor de ex-partner is het verstandig om te kijken of de jaarrekening een juist beeld geeft van de feiten.

Wat speelt er bij een ondernemer?

  • Wat gebeurt er met de eenmanszaak of aandelen in de B.V.?
  • Hoe moet de alimentatie van de ondernemer of DGA worden berekend?
  • Wat is de onderneming waard en wie gaat dit bepalen?
  • Hoeveel winst moet worden meegenomen voor de alimentatieberekening?
  • Hoe wordt omgegaan met een dalende / stijgende winst in de toekomst?
  • Kan een deel van de alimentatie op de onderneming worden afgewenteld, bijvoorbeeld via een dienstbetrekking van de ex-partner?
  • Moet het dividend respectievelijk de algemene reserve binnen een B.V. worden meegenomen of niet?
  • Kunnen winsten naar boven of beneden worden bijgesteld?
  • Zijn er huwelijkse voorwaarden en kunnen hieraan rechten worden ontleend?
  • Moet pensioen in eigen beheer worden afgestort?

Regel zaken tijdens het huwelijk

De ondernemer of DGA kan het beste tijdens het huwelijk de zaken goed regelen. Dit kan bijvoorbeeld door de huwelijkse voorwaarden eens onder de loep te nemen en tevens duidelijke afspraken te maken over de manier waarop alimentatie zou moeten worden berekend. Wellicht dat er ook afspraken kunnen worden gemaakt over het (deels) afstorten van het pensioen in eigen beheer. Als uw huwelijk er nu goed voorstaat, regel dan nu de mogelijke gevolgen van een scheiding. Dit voorkomt veel gezeur en discussies in de toekomst.

DGA-scan

Wij maken op kantoor regelmatig een DGA-scan. Hierbij wordt beoordeeld wat er gaat gebeuren bij overlijden, pensioen, arbeidsongeschiktheid, verkoop van de onderneming, maar ook bij een echtscheiding. Een eenvoudige scan kost € 1.000, een uitgebreide scan € 3.000.

2010-05-17 2015-05-17 2787

Echtscheiding en eigen woning

Als u gaat scheiden met een eigen woning, dan komt u aan het lezen en nadenken. Dit is fiscaal lastig en soms erg onvoordelig. In de praktijk zijn er vele adviseurs met verschillende meningen. In dit artikel een uitleg over de feiten en enige jurisprudentie. Veel voorkomende fouten zijn:

  • hypotheekrenteaftrek;
  • te laat scheiden / einde fiscaal partnerschap;
  • erfgenaam van elkaar blijven;
  • hoofdelijke aansprakelijkheid hypotheek blijft bestaan na echtscheiding.

Voorbeeld eigen woning en echtscheiding

Truus en Henk zijn getrouwd en hebben 2 kinderen. Ze zijn gezamenlijk eigenaar van een woning. Op de woning rust een hypotheek, beide zijn hoofdelijk aansprakelijk voor de schuld. De echtscheiding wordt uitgesproken en Henk laat zich uitschrijven uit de woning en gaat bij zijn vader en moeder wonen. Truus blijft met de kinderen in de woning wonen, dit in afwachting van een verkoop van de woning. Truus krijgt de hypotheekrenteaftrek (wordt ook door haar betaald), ze is echter voor 50% eigenaar van de woning. Vanaf het moment dat Henk vertrekt, eindigt ook het fiscaal partnerschap tussen Truus en Henk. In dit geval is 50% van de hypotheekrente aftrekbaar en niet 100%. Truus moet ook 50% van het eigenwoningforfait aangeven.

Voor Henk zal een speciale regeling gelden. Gedurende 2 (of 30 jaar na de echtscheiding / het verlaten van de woning mag Henk 50% van de woning aanmerken als "fictieve eigen woning". Als Henk dan ook 50% van de hypotheekrente heeft betaald, mag hij deze fiscaal aftrekken. In het jaar van de echtscheiding mag nog worden gekozen voor fiscaal partnerschap.

Deze kwestie is eenvoudig op te lossen:

  • Truus voldoet 50% van de hypotheekrente;
  • Truus betaalt 50% van de hypotheekrente als partneralimentie aan Henk;
  • Truus kan hierdoor 100% van de betaling aftrekken;
  • Henk moet over de partneralimentatie in box 1 belasting betalen;
  • Henk voldoet 50% van de hypotheekrente en deze is dan in box 1 aftrekbaar;
  • Henk moet 50% van het eigenwoningforfait opgeven, maar mag dit ook aftrekken als ter beschikking gesteld woongenot (onderhoudsverplichting richting Truus);
  • Per saldo is bij Henk niets belast en bij Truus alles aftrekbaar;
  • Maximale termijn 2 (of 3) jaar;
  • Is de woning na 2 jaar nog niet verkocht, dan moet deze voor 100% worden toegedeeld aan Truus.

Uitspraak echtscheiding en eigen woning

Het Gerechtshof Den Bosch heeft zich in 2015 gebogen over de hypotheekrente bij een echtscheiding. Volgens de rechter heeft de man recht op 50% van de renteaftrek op een eigen woning. X en Y zijn getrouwd en gaan in 2006 gescheiden leven. In 2008 wordt de daadwerkelijke echtscheiding uitgesproken. X blijft in de woning wonen, Y voldoet de hypotheekrente en trekt in zijn aangifte inkomstenbelasting 2009 (dus na de echtscheiding) € 20.000 af als partneralimentatie. Y en X zijn beide eigenaar van de woning. De inspecteur is het hier niet mee eens. De Rechtbank is het met de inspecteur eens en Y gaat in hoger beroep bij het Gerechtshof. Het Gerechtshof komt tot de volgende overwegingen:

  • Vooruitlopende op de definitieve echtscheiding is een voorlopige voorziening tussen X en Y (mondeling) overeengekomen.
  • Y zou de woonlasten blijven dragen.
  • Er is een mondelinge overeenkomst tussen partijen.
  • 50% Van de woonlasten zijn als onderhoudsverplichting bij Y aftrekbaar.
  • Er is € 6.000 aftrekbaar bij Y.  

Conclusie eigen woning en echtscheiding

Veelal zijn er advocaten (zonder of beperkte fiscale kennis) aan het woord gedurende een echtscheiding. Het is verstandig om tijdens dit traject een fiscaal jurist te laten meekijken. Dit kan veel fiscale en financiële problemen voorkomen dan wel een substantieel voordeel opleveren. Denk bij een echtscheiding ook aan:

  • aanpassen van uw testament;
  • aanpassen verzekeringen (zoals overlijdensrisicoverzekeringen);
  • bankrekeningen scheiden.

Echtscheiding en eigen woning [news] 4505

Waardebepaling onderneming bij echtscheiding

Advisering inzake waardebepaling onderneming bij echtscheiding

Wij adviseren wekelijks ondernemers en partners van ondernemers die discussie hebben over de waarde van een eenmanszaak, VOF of B.V. Soms vindt de advisering op verzoek van een gespecialiseerde echtscheidingsadvocaat of mediator plaats. Door een praktische insteek met voldoende theoretische en wettelijke verwijzingen volgen rechters onze insteek. Dit voorkomt eindeloze discussies en kosten van deskundigen die vaak worden aangewezen door rechters.

Waarde of prijs van een onderneming bij echtscheiding

De waarde van een onderneming wordt veelal bepaald op grond van een berekeningsmethode, veelal de DCF-methode (discounted cash flow methode). Bij een echtscheiding moeten zaken echter worden gewaardeerd op de waarde in het economische verkeer en niet op de economische waarde. Waarde in het economische verkeer is "de prijs die op het meest geschikte moment op de meest geschikte wijze na de beste voorbereiding door de meest biedende gegadigde voor de onderneming wordt geboden en betaald". Het gaat hierbij dus niet direct om de waarde, maar om de prijs: "wat kun je ervoor krijgen?" Wat is van belang:

  1. Is er sprake van persoonlijke goodwill ?
  2. Zijn er stille reserves ?
  3. Moet er rekening worden gehouden met een belastinglatentie ?
  4. Wat is een normale beloning voor de DGA of ondernemer?
  5. Zijn er meerdere eigenaren waardoor verkopen aan derde lastiger is?
  6. Zijn er specifieke vergunningen / kennis / opleidingen nodig ?
  7. Zijn er partijen die de onderneming willen kopen ?
  8. Is de onderneming na verkoop nog levensvatbaar?

Echtscheiding en waarde bedrijf

Een accountantsbenadering van de waarde van een onderneming bij een echtscheiding werkt meestal niet. Bij een accountantsbenadering moet u denken aan:

  1. intrinsieke waarde;
  2. rentabiliteitswaarde;
  3. rendementswaarde;
  4. verbeterde rentabiliteitswaarde;
  5. DCF-methode;
  6. combinatie van ad 1 - 5 (met weging of zonder wegingsfactoren).

Bij de waardering van de onderneming spelen emoties vaak de boventoon. Als partijen recht tegenover elkaar staan en al een tijdje aan het schrijven / procederen zijn, is het lastig een middenweg te vinden. Komen partijen er niet uit, dan wordt vaak een waarderingsdeskundige aangesteld, dit met alle kosten van dien. Tevens zal de waardering van de onderneming invloed hebben op de alimentatiegrondslagen. Een DGA kan immers zijn eigen salaris vaststellen en moet bij een financiering van de waarde van de onderneming (soms) een lening aangaan, deze lening drukt het rendement van de onderneming.

Vragen over waarde onderneming bij echtscheiding

Als u vragen of opmerkingen heeft, kom gerust eens langs voor een vrijblijvend gesprek.

Waardebepaling onderneming bij echtscheiding [news] 5320

Echtscheiding en verplicht afstorten pensioen in eigen beheer

Veel advocaten en echtelieden maken zich druk om pensioen in eigen beheer bij een echtscheiding. De financiële gevolgen zijn substantieel en vaak heeft de DGA (directeur-grootaandeelhouder) weinig trek in het verplicht afstorten van (een deel van) het pensioen dat in eigen beheer is opgebouwd. In dit artikel een aantal uitspraken van rechters. Lees ook dit artikel over pensioen bij echtscheiding van een DGA.

De hoofdregel omtrent afstorten pensioen bij echtscheiding

De hoofdregel (vaste jurisprudentie) is dat pensioen in eigen beheer moet worden afgestort bij een externe verzekeraar. Dit kan anders zijn als de onderneming hierdoor mogelijk in gevaar komt. Wanneer komt de onderneming in gevaar?

Onderneming in gevaar bij afstorten pensioen in eigen beheer

In een uitspraak van het Gerechtshof in 2016 kwam de vraag aan de orde of de man (zijn B.V.) in staat is om het deel van het pensioen (van de vrouw) af te storten bij een externe pensioenverzekeraar. De man heeft tijdens de procedure zijn best gedaan om aan te geven waarom de B.V. niet in staat zou zijn het pensioen af te storten resp. hiervoor een financiering te verkrijgen. De vrouw vraagt om afstorting van haar deel van het pensioen (ruim € 220.000) of het verstrekken van zekerheid hiervoor (subsidiair). Het Gerechtshof gaat er eens rustig voor zitten en kijkt ook naar een arrest van de Hoge Raad uit 2007. Het uitgangspunt is afstorten, aldus de Hoge Raad. Het kan namelijk van de vrouw niet worden gevraagd om bij voortduring afhankelijk te blijven van het beleid van de andere echtgenoot in de onderneming / rechtspersoon. Hiermee loopt de vrouw ook een onredelijk risico over haar pensioenrechten, dit is niet redelijk.

In de onderhavige situatie is er onvoldoende geld (liquide middelen) om de afstorting van het pensioen te regelen (effectueren). De man stelt dat hij ook geen middelen kan verkrijgen, zelfs niet via een externe financiering. Als hij dit wel zou doen, zou het voortbestaan van de onderneming in gevaar komen. Dit standpunt van de man is volgens het Gerechtshof onvoldoende onderbouwd, dit mede doordat er overwaarde is gelegen in de onroerende zaken binnen de onderneming. Het is niet duidelijk of een tweede hypotheek tot de mogelijkheden zou behoren. De man heeft ook geen alternatieve oplossing naar voren gebracht.

Het Gerechtshof is helder, zonder een duidelijke toelichting, met vele vragen en geen alternatieve oplossing, moet de man binnen 4 maanden overgaan tot afstorting van het pensioen. Lukt hem dit niet, dan moet hij voldoende zekerheid stellen, bijvoorbeeld via een hypothecaire inschrijving.  

Vraag over echtscheiding bij ondernemers?

Echtscheiding bij ondernemers en DGA's is een vak apart, lees ook dit artikel. Wij adviseren vaak ondernemers en vertrekkende echtgenoten bij dergelijke situaties. Kom gerust eens langs voor een vrijblijvend gesprek.

Pensioen in stichting en echtscheiding

In een uitspraak van het Gerechtshof 's Hertogenbosch in 2019 volgt een duidelijke lijn. De man en vrouw zijn sinds 1992 getrouwd. Het pensioen is in eerste instantie ondergebracht in een B.V. Het pensioen wordt uiteindelijk ondergebracht in een stichting waarbij de ex-partner geen bestuurder meer is. Het huwelijk loopt op de klippen en het pensioen moet worden verdeeld. De vrouw vordert dat de stichting haar deel van het pensioen gaat afstorten bij een pensioenverzekeraar. De pensioenstichting weigert dit omdat het bestuur onafhankelijk is van de man en dat de vrouw hiermee dus niet afhankelijk is van de mogelijke problemen bij haar man en / of de wensen van de man. Dat een pensioen bij een verzekeraar minder risico zal opleveren is voor beide partijen wel duidelijk. Dat de man geen invloed heeft bij de stichting begrijpt ook iedereen. Het Gerechtshof springt echter in de bres voor de vrouw. De redelijkheid en billijkheid brengen mee dat het pensioen moet worden afgestort.

Noot fiscaal jurist over pensioen en echtscheiding

Veel pensioenen van een directeur-grootaandeelhouder (DGA) zijn ondergebracht in een B.V. of stichting. Als verevening niet is uitgesloten, heeft de ex-partner recht op zijn of haar deel. Hierbij mag de vertrekkende partner niet afhankelijk zijn van het beleid van de B.V. / stichting ten aanzien van dit pensioen. De ex-partner heeft hierop namelijk geen enkele invloed.

Dat het pensioen moet worden afgestort is een duidelijk en stevig uitgangspunt. Als dit niet kan, dan moet de echtgenoot met een duidelijk en helder verhaal komen, dit dus met verklaringen van de accountant en de bancaire instelling. Dit eventueel met ondersteunend bewijs (zoals een taxatierapport van bijvoorbeeld aanwezige onroerende zaken). Voor DGA's die na 2017 hun pensioen in eigen beheer hebben laten staan en niet hebben afgekocht (of omgezet) is dit nog steeds het uitgangspunt.

De Hoge Raad stelt wel dat verplichte afstorting afhankelijk is van alle omstandigheden van een casus / concreet geval. Als er onvoldoende liquide middelen zijn kan dit een signaal zijn, maar meestal is dit niet voldoende om afstorting te voorkomen. Ook als de ex-partner geen invloed heeft op het pensioen (zoals bij de uitspraak uit 2019), dan nog kan het zo zijn dat er moet worden afgestort. Het bestuur van de stichting moet namelijk - aldus de rechter - een zodanig beleid voeren dat de belangen van beide echtelieden (pensioengerechtigden) (met een ander / tegengesteld belang) op een juiste wijze moeten worden behartigd. Het niet afstorten van het pensioen kan dan in strijd zijn met de redelijkheid en billijkheid.

Bron pensioen eigen beheer bij echtscheiding

Hoge Raad van 9 februari 2007 (ECLI:NL:HR:AZ2658)

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden d.d. 28 juli 2016 (ECLI:NL:GHARL:2016:7633)

Gerechtshof 's Hertogenbosch d.d. 9 februari 2019 (ECLI:NL:GHSHE:2019:384)

Echtscheiding en afstorten pensioen [news] 5868

Hypotheekrenteaftrek bij echtscheiding

Nog steeds komen er nieuwe procedures over de aftrekbaarheid van hypotheekrente in echtscheidingssituaties. In onze praktijk ontvang ik daarnaast wekelijks vragen van mensen over rentecorrecties die door de Belastingdienst zijn aangebracht in aangiften inkomstenbelasting. Waarom gaat het toch zo vaak mis met de aftrek van hypotheekrente bij echtscheidingen?

Echtscheiding en fiscaal partnerschap

Als jullie gehuwd zijn met gezamenlijk een eigen woning en hypotheek, dan zijn jullie ieder voor 50% eigenaar van de woning en ieder voor 50% schuldenaar op de hypotheek. Omdat sprake is van fiscaal partnerschap maakt het niet uit wie de rente betaalt, de aftrekposten kunnen jullie immers gezamenlijk verdelen. Eindigt het huwelijk door echtscheiding, dan eindigt hierdoor tevens het fiscaal partnerschap. Het is nog wel mogelijk om in het jaar van echtscheiding te kiezen voor fiscaal partnerschap voor het gehele jaar, zodat in dat jaar de aftrekposten nog onderling verdeeld kunnen worden.

Hypotheekrenteaftrek bij echtscheiding

Is er sprake van een echtscheiding, dan maakt het ineens wel uit wie de rente betaalt en welke afspraken hierover zijn gemaakt. Blijven jullie ieder 50% van de hypotheekrente betalen, dan is de echtscheidingsregeling van toepassing op de vertrekkende partner. Deze kan tot 24 maanden na vertrek uit de woning de rente in aftrek brengen. Na deze periode verhuist 50% van de woning en de schuld naar box 3.

Voor de partner die in de woning blijft wonen (hierna: achterblijver) en de volledige hypotheekrente betaalt, wordt het wat complexer. De rente die de achterblijver betaalt voor de ex is dan alleen nog aftrekbaar als:

  • rentekosten: als er een afspraak ligt dat de achterblijver het economisch eigendom van de woning heeft verkregen. Let op: de aflossingseis geldt dan ook!
  • alimentatie: als er sprake is van een kwalificerende onderhoudsverplichting.

Wanneer is sprake van een voor alimentatie kwalificerende onderhoudsverplichting?

Op 16 november 2018 heeft de Hoge Raad zich gebogen over de vraag wanneer sprake is van een voor alimentatie kwalificerende onderhoudsverplichting. De Hoge Raad oordeelde dat van een periodieke verstrekking (alimentatie) sprake is indien rechtstreeks uit het familierecht een wettelijke verplichting daartoe volgt. De wettelijke verplichting volgt:

  • uit een rechterlijke uitspraak waarbij een uitkering tot levensonderhoud is toegekend; of
  • uit een overeenkomst waarin een onderhoudsverplichting jegens de partner is vastgelegd. 

De Hoge Raad laat echter wel ruimte om aanvullend bewijs te leveren door te overwegen dat voor de beoordeling of een overeenkomst tussen partijen een onderhoudsverplichting inhoudt, de Haviltex-maatstaf moet worden toegepast. Deze maatstaf houdt in dat niet alleen de taalkundige betekenis van belang is, maar ook wat partijen hebben bedoeld. Het gaat dan tevens om de gerechtvaardigde verwachtingen die partijen over en weer mochten hebben, welke vervolgens door de rechter worden meegewogen bij de vaststelling van de gemaakte afspraken.   

Noot fiscaal jurist

Als partijen geen afspraken hebben gemaakt over de betaling van de hypotheekrente, dan ontstaat er een probleem. Uit een stijging van het aantal gerelateerde vragen maak ik op dat de Belastingdienst hier strenger op controleert.

Zijn er geen afspraken gemaakt, dan is het wellicht nog mogelijk om de voor de ex betaalde hypotheekrente te kwalificeren als een zakelijke vergoeding voor het gebruik van de woning. In dat geval blijft de rente drukken op de ex waardoor de echtscheidingsregeling ineens van toepassing wordt. De ex mag de rente dan maximaal 24 maanden na vertrek uit de woning aftrekken in de aangifte. Degene die de rente betaalt heeft hier weinig aan, maar in onderling overleg kunnen hier misschien nog afspraken over worden gemaakt.

Bron hypotheekrenteaftrek bij echtscheiding

Hoge Raad 16 november 2018, ECLI:NL:HR:2018:2134. 

Hypotheekrenteaftrek bij echtscheiding [news] 2019-03-15 0000-00-00 0000-00-00 5837

Afkoop alimentatie en emigratie

Fiscaal nieuws alimentatie

In het verleden was alimentatie aftrekbaar tegen het maximale tarief van 51,95%. De aftrek van alimentatie (en hypotheekrente) is de afgelopen jaren verlaagd. Vanaf 2020 ging dit sneller. Alimentatie (en hypotheekrente etc.) is in de toekomst tegen een lager tarief aftrekbaar de afbouw ziet er als volgt uit:

  • 2019: 46%
  • 2020: 46%
  • 2021: 43%
  • 2022: 40%
  • 2023: 37%

Afkoop van alimentatie kan dus beter vlot plaatsvinden. Als u alimentatie moet betalen aan uw voormalig partner dan kunt u eens overwegen om deze te herzien, de netto last neemt immers door de lagere aftrek toe. Heeft u vragen stuur dan gerust een e-mail of neem contact met ons op.

Afkoop en emigratie

Een echtscheiding is veelal een vervelende periode voor de betrokkenen. Wij adviseren wekelijks ondernemers / DGA's en / of diens ex-partner (dit laatste komt nog vaker voor). Advocaten zijn geen fiscaal juristen en dit kan soms voor problemen zorgen. Vanuit fiscaal en financieel oogpunt is het verstandig om naast uw advocaat een fiscaal jurist in te schakelen. Dit is niet praten voor eigen parochie, maar echt verstandig.

Bij een echtscheiding is een combinatie tussen fiscaal jurist (belastingadviseur) en Nederlandsrechtjurist (advocaat) meestal zeer nuttig. Vele fiscale zaken kunnen spelen zonder dat dit door de adviseurs wordt erkend.

Afkoop en emigratie

De afkoopsom voor partneralimentatie is voor de in Nederland wonende ontvanger belast in Nederland en voor de betaler (die in Nederland woont) aftrekbaar (artikel 6.3 Wet IB 2001). Als de ontvanger in het buitenland woont, zal de afkoopsom - op grond van het belastingverdrag (als deze er is) ter heffing worden toegewezen aan het buitenland. Soms is de heffing in het buitenland lager of nihil. Een emigratie (voor betaling van de afkoopsom) is daarom soms erg voordelig. Wel aftrek in Nederland en geen of een beperkte heffing in het buitenland.

Afkoop alimentatie soms niet aftrekbaar

De afkoopsom van een alimentatieverplichting aan een ex-echtgenoot is aftrekbaar als de betaler in Nederland woont. Als de ontvanger van de partneralimentatie niet in Nederland woont (op het moment van de betaling), mag Nederland niet heffen over de afkoopsom. Als de ontvanger van de alimentatie wordt overbedeeld bij de scheiding, is het verstandig om in het convenant op te nemen dat sprake is van een afkoopalimentatie. Afkoopsommen die worden betaald voordat de echtelieden zijn gescheiden zijn niet aftrekbaar. Afkoopsommen die worden betaald vóór emigratie zijn gewoon in Nederland belast.

Essentieel is dat het tijdstip van betaling of het rentedragend worden van de schuld vóór het moment van wijziging van de woonplaats ligt. In een tweetal procedures bij het Gerechtshof (zie onder) ging dit fout en goed, het moment is dus van cruciaal belang. Een goed advies en juiste en tijdige emigratie is dus van belang. 

Termijn partneralimentatie sinds 2020

De termijn voor de partneralimentatie is sinds 2020 aangepast in standaard 5 jaar. Er bestaan op deze termijn veel uitzonderingen. De belangrijkste:

  1. Termijn korter: als het huwelijk korter dan 10 jaar heeft geduurd, is de termijn 50% van de duur van het huwelijk of het geregistreerde partnerschap. Bij 6 jaar gehuwd zijn is de termijn dus 3 jaar. Hierop bestaan weer uitzonderingen. De belangrijkste is dat als u samen kinderen heeft (einde alimentatie als jongste kind 12 jaar is geworden).
  2. Heeft huwelijk (of partnerschap) minimaal 15 jaar geduurd? Krijgt uw ex-partner binnen 10 jaar AOW? Dan moet u alimentatie betalen tot dat uw partner AOW ontvangt.
  3. Bent u geboren vóór 1 januari 1970? Duurde uw huwelijk of partnerschap langer dan 15 jaar? Krijgt u over meer dan 10 jaar AOW? Dan is de termijn 10 jaar.

De partneralimentatie stopt als uw ex-partner opnieuw gaat trouwen. De alimentatie kan hoger of lager worden als u of uw ex-parter meer of minder gaat verdienen. U kunt ook anders overeenkomen in het echtscheidingsconvenant.

Bron afkoop alimenatie

Hof Den Bosch 18 juni 2001, ECLI:NL:GHSHE:2001:AB2846

Hof Amsterdam 11 juli 2001, ECLI:NL:GHAMS:2001:AB2713

Afkoop alimentatie emigratie [news] 7101

Afkoop alimentatie en emigratie

Fiscaal nieuws alimentatie

In het verleden was alimentatie aftrekbaar tegen het maximale tarief van 51,95%. De aftrek van alimentatie (en hypotheekrente) is de afgelopen jaren verlaagd. Vanaf 2020 ging dit sneller. Alimentatie (en hypotheekrente etc.) is in de toekomst tegen een lager tarief aftrekbaar de afbouw ziet er als volgt uit:

  • 2019: 46%
  • 2020: 46%
  • 2021: 43%
  • 2022: 40%
  • 2023: 37%

Afkoop van alimentatie kan dus beter vlot plaatsvinden. Als u alimentatie moet betalen aan uw voormalig partner dan kunt u eens overwegen om deze te herzien, de netto last neemt immers door de lagere aftrek toe. Heeft u vragen stuur dan gerust een e-mail of neem contact met ons op.

Afkoop en emigratie

Een echtscheiding is veelal een vervelende periode voor de betrokkenen. Wij adviseren wekelijks ondernemers / DGA's en / of diens ex-partner (dit laatste komt nog vaker voor). Advocaten zijn geen fiscaal juristen en dit kan soms voor problemen zorgen. Vanuit fiscaal en financieel oogpunt is het verstandig om naast uw advocaat een fiscaal jurist in te schakelen. Dit is niet praten voor eigen parochie, maar echt verstandig.

Bij een echtscheiding is een combinatie tussen fiscaal jurist (belastingadviseur) en Nederlandsrechtjurist (advocaat) meestal zeer nuttig. Vele fiscale zaken kunnen spelen zonder dat dit door de adviseurs wordt erkend.

Afkoop en emigratie

De afkoopsom voor partneralimentatie is voor de in Nederland wonende ontvanger belast in Nederland en voor de betaler (die in Nederland woont) aftrekbaar (artikel 6.3 Wet IB 2001). Als de ontvanger in het buitenland woont, zal de afkoopsom - op grond van het belastingverdrag (als deze er is) ter heffing worden toegewezen aan het buitenland. Soms is de heffing in het buitenland lager of nihil. Een emigratie (voor betaling van de afkoopsom) is daarom soms erg voordelig. Wel aftrek in Nederland en geen of een beperkte heffing in het buitenland.

Afkoop alimentatie soms niet aftrekbaar

De afkoopsom van een alimentatieverplichting aan een ex-echtgenoot is aftrekbaar als de betaler in Nederland woont. Als de ontvanger van de partneralimentatie niet in Nederland woont (op het moment van de betaling), mag Nederland niet heffen over de afkoopsom. Als de ontvanger van de alimentatie wordt overbedeeld bij de scheiding, is het verstandig om in het convenant op te nemen dat sprake is van een afkoopalimentatie. Afkoopsommen die worden betaald voordat de echtelieden zijn gescheiden zijn niet aftrekbaar. Afkoopsommen die worden betaald vóór emigratie zijn gewoon in Nederland belast.

Essentieel is dat het tijdstip van betaling of het rentedragend worden van de schuld vóór het moment van wijziging van de woonplaats ligt. In een tweetal procedures bij het Gerechtshof (zie onder) ging dit fout en goed, het moment is dus van cruciaal belang. Een goed advies en juiste en tijdige emigratie is dus van belang. 

Termijn partneralimentatie sinds 2020

De termijn voor de partneralimentatie is sinds 2020 aangepast in standaard 5 jaar. Er bestaan op deze termijn veel uitzonderingen. De belangrijkste:

  1. Termijn korter: als het huwelijk korter dan 10 jaar heeft geduurd, is de termijn 50% van de duur van het huwelijk of het geregistreerde partnerschap. Bij 6 jaar gehuwd zijn is de termijn dus 3 jaar. Hierop bestaan weer uitzonderingen. De belangrijkste is dat als u samen kinderen heeft (einde alimentatie als jongste kind 12 jaar is geworden).
  2. Heeft huwelijk (of partnerschap) minimaal 15 jaar geduurd? Krijgt uw ex-partner binnen 10 jaar AOW? Dan moet u alimentatie betalen tot dat uw partner AOW ontvangt.
  3. Bent u geboren vóór 1 januari 1970? Duurde uw huwelijk of partnerschap langer dan 15 jaar? Krijgt u over meer dan 10 jaar AOW? Dan is de termijn 10 jaar.

De partneralimentatie stopt als uw ex-partner opnieuw gaat trouwen. De alimentatie kan hoger of lager worden als u of uw ex-parter meer of minder gaat verdienen. U kunt ook anders overeenkomen in het echtscheidingsconvenant.

Bron afkoop alimenatie

Hof Den Bosch 18 juni 2001, ECLI:NL:GHSHE:2001:AB2846

Hof Amsterdam 11 juli 2001, ECLI:NL:GHAMS:2001:AB2713

Afkoop alimentatie emigratie [news] 7101

Afkoop alimentatie niet aftrekbaar

Afkoop alimentatie soms niet aftrekbaar

De afkoopsom van een alimentatieverplichting aan een ex-echtgenoot is aftrekbaar (artikel 6.3 Wet op de inkomstenbelasting). Als de vrouw wordt overbedeeld bij de scheiding, is het raadzaam om in het convenant op te nemen dat sprake is van een afkoopalimentatie. Afkoopsommen die worden betaald voordat de echtelieden zijn gescheiden zijn niet aftrekbaar.

Procedure

In 1999 betaalt de heer X € 1.150.000 aan zijn vrouw als afkoopalimentatie, als extra komt hier nog € 127.000 bij. In 2000 wordt het huwelijk ontbonden. Het Gerechtshof in Amsterdam heeft een belastingplichtige keurig op de wet gewezen, de betaling is niet aftrekbaar omdat geen sprake is van betaling aan een ex-echtgenote.

Toelichting

Een echtscheiding is veelal een vervelende periode voor de betrokkenen. Advocaten zijn geen fiscaal juristen en dit maakt bovenstaande uitspraak nog eens duidelijk. Bij een echtscheiding is een combinatie tussen fiscaal jurist (belastingadviseur) en Nederlandsrechtjurist (advocaat) soms zeer nuttig. Vele fiscale zaken kunnen spelen zonder dat dit door de adviseurs wordt erkend.

Bij een echtscheiding kan de man het standpunt innemen dat sprake is van een aftrekbare afkoop van alimentatie. De vrouw krijgt dan van de Belastingdienst een aanslag voor een belaste ontvangst van alimentatie. Het is verstandig dit in het convenant uitdrukkelijk op te nemen. Afkoop van alimentatie mag pas worden betaald als de echtscheiding is voltooid. Het slecht van tafel en bed gescheiden leven is niet voldoende.

Alimentatie (of een afkoopsom) betreft een persoonsgebonden aftrek. Verrekening daarvan vindt in eerste instantie plaats in box 1, daarna box 3 en tot slot box 2. Het onverrekende saldo schuift door naar toekomstige jaren. Bij afkoop van alimentatie loopt men het risico dat de verrekening deels plaatsvindt tegen een lager tarief, namelijk 30% (box 3) of 25% (box 2).

Tip

  1. Door een juiste inkomensplanning kan de aftrekpost volledig in box 1 (tegen het hoge tarief) worden afgetrokken, de afkoop moet dan in enkele jaren worden betaald!
  2. De echtgenoot die de alimentatie ontvangt kan soms middels een middelingsverzoek nog een voordeel behalen.
  3. Afkoop van alimentatie is in de praktijk aantrekkelijk als de ontvanger gaat emigreren, soms is de ontvangst in het buitenland onbelast (en voor de betaler in Nederland aftrekbaar).

Afkoop alimentatie niet aftrekbaar [news] 2013-06-24 0000-00-00 0000-00-00

Emigratie en afkoop pensioen

Essentie

De premie die u in Nederland voldoet voor uw pensioen is fiscaal aftrekbaar van uw inkomen of winst. De uitkering wordt belast zodra u een uitkering ontvangt. Als u in het buitenland woont als de uitkering ingaat, dan heeft Nederland veelal geen recht om hierover belasting te heffen. Nederland heeft dus de opbouw gesubsidieerd en kan niet 'genieten' van de heffing over de uitkering. Nederland probeert pensioenemigratie hierom te voorkomen.

Conclusie

Zoals uit diverse uitspraken van rechters en Nederlandse regelgeving volgt, komt onder veel (oudere) belastingverdragen het heffingsrecht over uitkeringen toe aan het woonland. Emigratie naar landen met een gunstig tarief voor gepensioneerden kan er dus voor zorgen dat u minder belasting zult betalen.

Procedures

Als u emigreert krijgt u van de Belastingdienst een (conserverende) aanslag mee. Deze aanslag wordt opgelegd alsof u het pensioen direct zou afkopen. De aanslag hoeft u niet te betalen en komt na 10 jaar te vervallen. Als u binnen deze periode uw pensioen (of lijfrentes) afkoopt, verkoopt, etc., moet u de aanslag echter wel betalen. De rechter zal waarschijnlijk een dergelijke aanslag ongeldig verklaren. Over dit onderwerp loop thans (november 2008) een zaak bij de Hoge Raad. De uitspraak laat al erg lang op zich wachten maar zal eerdaags komen.

Gevolg

Als de Hoge Raad inderdaad de conserverende aanslag ongeldig zou verklaren, dan kunt u emigreren naar bijvoorbeeld Portugal, Spanje of Thailand en aldaar uw pensioen tegen een aantrekkelijk tarief (ineens) afkopen. Mensen die reeds geëmigeerd zijn en een conserverende aanslag hebben ontvangen hebben pech, tenzij ze bezwaar hebben gemaakt. Voor hen is het te overwegen om te remigreren en daarna weer te emigreren, dit vereist afstemming en een goed advies. Aandachtspunt is dat er voor afkoop van pensioenen soms juridische drempels te nemen zijn, voor lijfrenten zijn deze er vaak niet.

Afkoop tegen 1%

Het belastingtarief in Dubai bedraagt 1% (soms zelfs 0%). Nederland heeft een verdrag met Dubai waarbij de uitkering is toegewezen aan dit emiraat. Het verdrag is nog niet van kracht, dit zal eerdaags wel zo zijn.

Afkoop pensioen bij emigratie

Volgens de Hoge Raad is de afkoop van pensioenen soms onbelast in Nederland.

Conclusie

Op 19 juni 2009 heeft de Hoge Raad bepaald dat er geen conserverende aanslag voor pensioenen en lijfrenten mag worden opgelegd bij emigratie. Direct na een arrest van de Hoge Raad heeft de Staatssecretaris een noodwet afgekondigd om een dreigend miljardengat te dichten.

Contactpersoon

Voor vragen over dit onderwerp kunt u contact opnemen met de heer mr. drs. Sanne van den Elst of de heer mr. Dennis J.B. Jongbloed.

Standpunt Ministerie

De Staatssecretaris en het Ministerie van Financiën waren na de uitspraak in paniek. Door de uitspraak kunnen mensen (soms belastingvrij) pensioen in het buitenland afkopen. Wegens het risico van een miljardengat is er een noodwet aangekondigd die nu al bij de Tweede Kamer ligt. De Raad van State is om een urgente afhandeling gevraagd.

Inhoudelijke toelichting

Pensioenopbouw is belastingvrij, resp. de premies zijn aftrekbaar. De uitkeringen inzake pensioenen zijn belast. Bij emigratie legt Nederland een zogenaamde conserverende aanslag op over de contante waarde van de pensioenen. Deze aanslag is in 2001 ingevoerd om een uitstroom van pensioengelden naar het buitenland te voorkomen. Mensen zouden immers kunnen emigreren en aldaar het pensioen belastingvrij of tegen een laag tarief gaan opstrijken. Middels afkoop kan dit voordeel binnen enkele maanden worden gerealiseerd.

Mening

De uitspraak van de Hoge Raad ligt in lijn met een redelijke uitleg van de Nederlandse wet en de belastingverdragen. Het invoeren van een nieuwe wet met terugwerkende kracht is een overkill maatregel, temeer omdat de inhoud van de wet nog niet duidelijk is.

Emigratie en pensioenen

Als u in Nederland woont, is uw pensioen in Nederland belast. Als u emigreert naar het buitenland, is het pensioen vaak aldaar belast, dit zal gebeuren op grond van door Nederland getekende belastingverdragen. In een groot aantal verdragen is bepaald dat pensioenen en soortgelijke beloningen (zoals afkoop pensioenen en lijfrenten) mogen worden belast in het land waar u woont. Nederland geeft u bij emigratie een conserverende aanslag mee, deze hoeft u niet te betalen mits u gedurende de eerste 10 jaar uw pensioen niet afkoopt, in zekerheid geeft, etc. De vraag die nu voor de rechter lag, is: “Mag Nederland een dergelijke aanslag opleggen of is dit in strijd met het belastingverdrag?” Volgens de hoogste rechter in Nederland mag Nederland geen conserverende aanslag opleggen.

Aandachtspunten

Aandachtspunt hierbij is of voor toepassing van de Pensioenwet is besloten of niet.

Van belang is ook om het emigratieland goed te kiezen en goed voor te bereiden. Bepaalde landen hebben beperkt over afkoop van pensioenen, edoch sommige landen hebben ook middels een progressief tarief. Een deskundige begeleiding is noodzakelijk.

Werknemers kunnen niet zoveel met deze uitspraak. Op grond van de Pensioenwet mag een Nederlandse verzekeraar niet meewerken aan de afkoop van pensioenen. Een pleister op de wond is dat pensioenen – na emigratie – wel als zekerheid kunnen worden gebruikt, dit kon onder de huidige regelgeving niet.

Nieuwe verdragen

Bij nieuwe verdragen (zoals België) is reeds voorzien in dit soort zaken, bij afkoop in het buitenland mag Nederland bijheffen.

De procedure

De heer X is vanuit Nederland naar Frankrijk geëmigreerd. De Belastingdienst legt een conserverende aanslag op over de contante waarde van zijn pensioenaanspraken. De Rechtbank Breda vernietigt de aanslag in 2006 (uitspraak 15 maart 2006). Door de nationale wetgeving handelt Nederland in strijd met de bepalingen in het belastingverdrag met Frankrijk en de goede trouw die hieruit voortvloeit. In 2007 doet het Gerechtshof in Den Bosch dezelfde uitspraak en steunt dus de Rechtbank. Begin 2008 stelt de Advocaat Generaal (adviseur van de Hoge Raad) dat de aanslag terecht is vernietigd. De Hoge Raad heeft nu hetzelfde bepaald. In een tweetal vrijwel dezelfde zaken heeft de rechter hetzelfde besloten. Dit betroffen de belastingverdragen met Korea en de Filippijnen.

]]>

Afkoop alimentatie via lijfrente of banksparen

Een gevolg van vele echtscheidingen is dat er alimentatie moet worden betaald. In steeds meer situaties wordt er besloten om de alimentatie in één keer te betalen (afkopen). De afkoopsom is meestal ineens aftrekbaar en bij de ontvanger belast. De ontvanger kan er ook voor kiezen om de afkoopsom voor de partneralimentatie onder te brengen in een lijfrente. Sinds 2019 is het ook mogelijk om de afkoopsom voor de partneralimentatie onder te brengen in bij een bank, dit via banksparen.

Afkoop alimentatie

De afkoopsom wordt vaak ineens betaald. Omdat dit soms een groot bedrag betreft, is de kans aanwezig dat de afkoopsom niet volledig in box 1 kan worden afgetrokken. Het restant kan dan eerst in box 3 en box 2 verrekend worden, dit voordat het wordt doorgeschoven naar een volgend belastingjaar. Het is mede daarom vaak verstandiger om de afkoop in termijnen vorm te geven, hierdoor kan deze tegen het maximale tarief worden afgetrokken.

Afkoop niet aftrekbaar

Als de afkoop van alimentatie samenhangt met bijvoorbeeld een overbedeling, dan is de alimentatie niet aftrekbaar.

Afkoop alimentatie via lijfrente

Het is voor degene die de alimentatie moet betalen ook mogelijk om dit bedrag niet over te maken naar de ex-partner, maar aan een verzekeraar, dit als storting op een lijfrentepolis. Deze lijfrentepolis zal dan in termijnen het bedrag uitkeren aan de ex-partner (rechthebbende op partneralimentatie). Hieraan zijn wel voorwaarden verbonden, de belangrijkste zijn:

  1. De alimentatieplichtige maakt het bedrag over aan de verzekeraar.
  2. De verzekeraar rekent de verplichting tot haar binnenlandse ondernemingsvermogen.
  3. De uitkeringen (termijnen) komen toe aan de ex-partner.
  4. De uitkeringen worden direct uitbetaald.
  5. De uitkeringen eindigen bij het overlijden van de ex-partner.

Het komt voor dat de lijfrentepremie aan de verzekeraar wordt betaald vóórdat de echtscheiding formeel tot stand is gekomen. De betaling van de lijfrentepremie voordat de echtscheiding formeel tot stand is gekomen, verhindert de aftrek niet. Hierbij gelden de volgende voorwaarden.

  1. Het moet vaststaan dat de lijfrentetermijnen die voortvloeien uit de betaalde koopsom zullen toekomen aan de gewezen echtgenoot.
  2. Op het tijdstip van indiening van de aangifte van de betalende (ex-)echtgenoot moet de echtscheiding daadwerkelijk tot stand zijn gekomen.

Afkoop alimentatie bij jonge mensen (en onzekerheidsvereiste)

Als een lijfrente een korte periode loopt of als het gaat om een jonge alimentatiegerechtigde, bestaat de kans dat niet in alle gevallen wordt voldaan aan de onzekerheidseis (de 1% sterftekans). De Staatssecretaris is van mening dat het maatschappelijk ongewenst is dat in dergelijke situaties voor de afkoopsom geen recht zou bestaan op persoonsgebonden aftrek (artikel 6.5 Wet IB 2001). U moet dan wel even langs de Belastingdienst en een beroep doen op de hardheidsclausule ex artikel 63 AWR (en onderstaande besluit).

Afkoop alimentatie via banksparen

Deze optie is nieuw sinds 2019. U moet hierbij wel even opletten omdat dit een goedkeuring van de Staatssecretaris betreft en dit nog niet in de wet is vastgelegd. Er komt een wetswijziging aan, maar als deze niet wordt ingevoerd komt deze regeling weer te vervallen. Vooroverleg met de Belastingdienst is derhalve van belang.

Een afkoopsom voor een alimentatieverplichting aan de ex-partner kan worden vormgegeven via banksparen (of lijfrente of lijfrente beleggingsrekening). Het bedrag wordt dan ondergebracht bij een bank of beleggingsinstelling. De voorwaarden zijn:

  1. Het gaat hierbij om een lijfrenterekening of een lijfrentebeleggingsrecht in de zin van artikel 3.126a, eerste lid, Wet IB 2001 afgesloten bij een bank, een beleggingsonderneming, een beheerder van een beleggingsinstelling of een instelling voor collectieve belegging in effecten als bedoeld in artikel 3.126a, tweede lid Wet IB 2001.
  2. Bij overlijden van de gewezen echtgenoot gaat het recht op de nog niet gedane uitkeringen over op de erfgenamen van de gewezen echtgenoot (analoog aan het bepaalde in artikel 3.126a, zesde lid, Wet IB 2001).
  3. De gewezen echtgenoot is belastingplichtige en (rekening-)houder van de lijfrenterekening of van het lijfrentebeleggingsrecht.

Noot fiscaal jurist inzake afkoop alimentatie

De nieuwe optie om via banksparen een afkoopalimentatie vorm te geven kan fiscaal interessant zijn. De alimentatiebetaler / -plichtige heeft een grote aftrekpost en de ex-partner (alimentatiegerechtigde) hoeft niet direct over de ontvangst belasting te betalen. Voor de alimentatieplichtige kan het interessant zijn om de betaling in 2 of meer termijnen (meerdere belastingjaren) te laten plaatsvinden (maximaal fiscaal voordeel). Tevens kan de alimentatieplichtige een verzoek inzake middeling van inkomen indienen, dit om de fiscale positie te optimaliseren.

Bron afkoop alimentatie en lijfrente of banksparen.

Besluit Staatssecretaris van Financien d.d. 16 mei 2019, nr. 2019-115021.

Afkoop alimentatie via lijfrente of banksparen [news] 6206

Afkoop alimentatie kan netto

Fiscaal nieuws alimentatie

In het verleden was alimentatie aftrekbaar tegen het maximale tarief van 51,95%. De aftrek van alimentatie (en hypotheekrente) is de afgelopen jaren verlaagd. Vanaf 2020 ging dit sneller. Alimentatie (en hypotheekrente etc.) is in de toekomst tegen een lager tarief aftrekbaar de afbouw ziet er als volgt uit:

  • 2019: 46%
  • 2020: 46%
  • 2021: 43%
  • 2022: 40%
  • 2023: 37%

Afkoop van alimentatie kan dus beter vlot plaatsvinden. Als u alimentatie moet betalen aan uw voormalig partner dan kunt u eens overwegen om deze te herzien, de netto last neemt immers door de lagere aftrek toe. Heeft u vragen stuur dan gerust een e-mail of neem contact met ons op.

Met enige regelmaat ben ik betrokken bij echtscheidingen van ondernemers / DGA's. In de meeste gevallen word ik hierbij ingeschakeld door de (ex-)partner van de ondernemer / DGA.  De discussies die ontstaan hebben veelal betrekking op de waarde van de onderneming, de uitleg van huwelijkse voorwaarden, ontvangen schenkingen, maar zeker ook het bepalen van de draagkracht van de ondernemer.

Afkoop alimentatie bij ondernemers

Als partners uit elkaar gaan, wil men het liefst financieel volledig afscheid nemen. Volledig afscheid nemen is vaak door de kinderen (of toekomstig pensioen) niet mogelijk. Financieel afscheid nemen kan worden vormgegeven via de afkoop van alimentatie en de verrekening van toekomstige pensioenen. Steeds meer mannen en vrouwen willen niet meer financieel aan elkaar verbonden zijn door maandelijkse partneralimentatie. Recent riep een ondernemer hierover nog: "weggegooid geld, mijn ex ga ik niet nog 12 jaar ondersteunen." De ontvanger van de alimentatie wil vaak ook niet van de ex afhankelijk zijn:

  • Wordt de alimentatie wel op tijd betaald?
  • Kan de ondernemer in de toekomst nog wel betalen?
  • Loop ik risico op zijn ondernemerschap?
  • Komen er nog toekomstige procedures als zijn of haar bedrijf slechter draait? 

Bovenstaande geeft stress.  Een afkoop van alimentatie kan deze stress voorkomen. Maar hoe doe je dit fiscaal voordelig?

Netto afkoop van alimentatie

Henk is ondernemer en wil zijn vrouw eenmalig een afkoopsom betalen voor de toekomstige alimentatie. Wettelijk moet Henk 10 jaar betalen. Hij komt echter via een mediator met zijn vrouw overeen dat hij ineens de contante waarde voor de komende 8 jaar zal betalen, een bedrag van € 300.000. De vrouw is het hiermee eens, maar wil dit bedrag dan wel in één keer netto op haar bankrekening. Omdat de man en vrouw in 2021 nog fiscaal partner zijn, kan in 2021 de afkoop netto worden betaald, mits beide partners in 2021 ervoor kiezen elkaars partner te zijn. Dit kan ook als de partners niet geheel 2021 elkaars fiscale partner zijn. Echtgenoten kunnen nog het hele jaar waarin het verzoek tot echtscheiding is ingediend een aangifte Inkomstenbelasting indienen alsof ze fiscaal partner zijn (artikel 2:17 lid 7 Wet op de Inkomstenbelasting 2001). De man kan niet alleen zijn eigen aftrekpost, maar ook de verschuldigde heffing van zijn vrouw in zijn eigen aangifte opnemen. Door deze aangifte vallen de aftrekpost en de verschuldigde heffing tegen elkaar weg. Al met al "netto afkoop van alimentatie". Eventueel kan de betaling ook in termijnen plaatsvinden, dit overleggen wij veelal met de Belastingdienst. Aandachtspunt is wel dat u er vroegtijdig over nadenkt. Als een verzoek tot echtscheiding in 2020 is ingediend en in 2021 wordt besloten tot afkoop, bent u te laat, dit kan dus niet.

Termijn partneralimentatie sinds 2020

De termijn voor de partneralimentatie is sinds 2020 aangepast in standaard 5 jaar. Er bestaan op deze termijn veel uitzonderingen. De belangrijkste:

  1. Termijn korter: als het huwelijk korter dan 10 jaar heeft geduurd, is de termijn 50% van de duur van het huwelijk of het geregistreerde partnerschap. Bij 6 jaar gehuwd zijn is de termijn dus 3 jaar. Hierop bestaan weer uitzonderingen. De belangrijkste is dat, als u samen kinderen heeft (einde alimentatie als jongste kind 12 jaar is geworden).
  2. Heeft huwelijk (of partnerschap) minimaal 15 jaar geduurd? Krijgt uw ex-partner binnen 10 jaar AOW? Dan moet u alimentatie betalen tot dat uw partner AOW ontvangt.
  3. Bent u geboren vóór 1 januari 1970? Duurde uw huwelijk of partnerschap langer dan 15 jaar? Krijgt u over meer dan 10 jaar AOW? Dan is de termijn 10 jaar.

De partneralimentatie stopt als uw ex-partner opnieuw gaat trouwen. De alimentatie kan hoger of lager worden als u of uw ex-parter meer of minder gaat verdienen. U kunt ook anders overeenkomen in het echtscheidingsconvenant.

Vragen over echtscheiding bij ondernemers

Wilt u een vrijblijvend gesprek over een echtscheiding bij ondernemers of een DGA. dan kunt u contact opnemen met de heer mr. D.J.B. Jongbloed. Hij is vaak betrokken bij dergelijke procedures. De uiteindelijke echtscheiding zal altijd in overleg met een advocaat plaatsvinden.

Afkoop alimentatie kan netto [news] 7100
Partneralimentatie en fiscus

Fiscaal nieuws alimentatie

In het verleden was alimentatie aftrekbaar tegen het maximale tarief van 51,95%. De aftrek van alimentatie (en hypotheekrente) is de afgelopen jaren verlaagd. Vanaf 2020 ging dit sneller. Alimentatie (en hypotheekrente etc.) is in de toekomst tegen een lager tarief aftrekbaar de afbouw ziet er als volgt uit:

  • 2019: 46%
  • 2020: 46%
  • 2021: 43%
  • 2022: 40%
  • 2023: 37%

Afkoop van alimentatie kan dus beter vlot plaatsvinden. Als u alimentatie moet betalen aan uw voormalig partner dan kunt u eens overwegen om deze te herzien, de netto last neemt immers door de lagere aftrek toe. Heeft u vragen stuur dan gerust een e-mail of neem contact met ons op.

Partneralimentatie en belastingdienst

De betaler van alimentatie kan dit ten laste van zijn inkomen brengen. Bij de alimentatie-ontvanger is de alimentatie een vorm van inkomen en wordt dus aldaar belast. Elke betaling in het levensonderhoud van uw ex-partner na de datum waarop u duurzaam gescheiden bent gaan leven, is te beschouwen als alimentatie. Het kan zo zijn dat de man in een hogere belastingschijf zit dan de vrouw. De alimentatie wordt afgetrokken van zijn inkomen (dus tegen het hoogste tarief). Bij de berekening van de alimentatie wordt rekening gehouden met het fiscale voordeel dat de belastingbetaler heeft.

Kinderalimentatie is niet aftrekbaar, maar ook geen inkomen bij de ontvanger. In het verleden was het interessant om de partneralimentatie in één keer af te kopen. Dat is onder het huidige belastingstelsel minder relevant. 

Alimentatie niet aftrekbaar

Als er geen plicht is om alimentatie te betalen, dan is de betaling niet aftrekbaar. Het Gerechtshof in Amsterdam is van mening dat er bij Henk geen recht bestaat op aftrek van alimentatie. Er is geen vanuit het familierecht voortvloeiende verplichting.  

Bron alimentatie

Gerechtshof Amsterdam 7 juli 2016 ECLI NL GHAMS 2016 2793

]]>

Partneralimentatie minder aftrek

Vanaf 2020 is de partneralimentatie niet meer aftrekbaar tegen 50% (of 52%) maar tegen 46%. Uiteindelijk is in 2023 nog maar 37% (exact 37,05%) aftrekbaar. Dit zorgt ervoor dat de betaler van partneralimentatie netto meer kwijt is. U moet hiermee reeds nu rekening houden bij het opstellen van een echtscheidingsconvenant.

Procedures partneralimentatie in 2020 en daarna

Partners die op dit moment partneralimentatie betalen zullen gaan stellen dat de partneralimentatie te hoog is omdat de aftrek lager is. De verwachting isdat dit veel procedures gaat opleveren in 2020 en daarna. De overheid verwacht dat de maatregel (lagere aftrek) geld gaat opleveren (ongeveer 100 miljoen), edoch als de partneralimentatie wordt verlaagd zal de ontvangende partij een beroep doen op een hogere uitkering en/of toeslagen.

Dalende aftrek partneralimentatie

Partneralimentatie wordt voor de betaler duurder, de aftrek daalt de komende jaren als volgt:

  • aftrekbare partneralimentatie in 2020: 46%;
  • aftrekbare partneralimentatie in 2021: 43%;
  • aftrekbare partneralimentatie in 2022: 40%;
  • aftrekbare partneralimentatie in 2023: 37,05%.

Partneralimentatie wordt duurder voor betaler

Partneralimentatie is aftrekbaar voor de betaler en is belast bij de ontvanger. Afhankelijk van uw inkomen is de aftrek op dit moment ongeveer 52%. Dit wil zeggen dat de alimentatiebetaler ongeveer 52% van de betaalde partneralimentatie terugkrijgt van de Belastingdienst. In een nieuw wetsvoorstel is bepaald dat deze aftrek wordt verlaagd tot 37,05% in 2023. De daling wordt ingezet in 2020. De draagkracht van de alimentatiebetaler neemt hierdoor af, hierdoor zou de partneralimentatie dus moeten dalen. Vanaf een inkomen van € 68.000 neemt uw nadeel toe. Voor lagere inkomens valt het nadeel wel mee.

Echtscheidingsconvenant fiscaal aanpassen

Als u nu gaat scheiden en u bent in overleg over een echtscheidingsconvenant, dan is het verstandig om reeds nu rekening te houden met de aangekondigde wetswijziging. In het echtscheidingsconvenant kunt u opnemen dat de partneralimentatie vanaf 2020 opnieuw wordt berekend.

Partneralimentatie laten aanpassen

Als u al gescheiden bent en op dit moment partneralimentatie moet betalen, dan is het verstandig om in 2019 met uw fiscaal jurist of advocaat te overleggen omtrent een wijzigingsverzoek voor uw partneralimentatie. Rechtstreeks met uw (ex) partner overleggen heeft de voorkeur, maar vaak is dit een lastige hobbel. Een wijziging van uw partneralimentatie kan alleen via de rechter plaatsvinden, wacht hier niet te lang mee. Wijziging met terugwerkende kracht is niet mogelijk (tenzij de rechter hiertoe beslist, maar dit komt zelden voor).

Vragen fiscaal jurist over partneralimentatie

Heeft u vragen of opmerkingen over partneralimentatie, bel ons gerust voor een vrijblijvende afspraak.

Partneralimentatie lagere aftrek [news] 5811

Alimentatie dubbel aftrekbaar?

Essentie

Partneralimentatie en giften dubbel aftrekbaar. Een maas in de wet die per 30 december 2009 is gedicht. In uw aangifte inkomstenbelasting over 2009 kunt u toekomstige alimentatie opgeven als schuld per 1 januari 2009, maar niet meer als schuld per 31 december 2009.

Feiten

Giften aan goede doelen zijn aftrekbaar, deze slogan van de Belastingdienst zie ik af en toe op TV. Giften aan geregistreerde goede doelen – gedurende 5 jaar - middels een (notariële) lijfrente zijn zonder enige drempel aftrekbaar. In de aangifte 2008 is de gift het controle-onderdeel voor de Belastingdienst.

U verplicht zich middels een notariële akte om gedurende 5 jaar een bedrag aan een goed doel, zeg het Wereld Natuurfonds, te schenken. De gift is aftrekbaar in box 1 (de box voor wonen en werken). Omdat u een verplichting heeft, is er sprake van een schuld, kan de schuld dan in box 3 worden opgenomen?

Rechter

De Rechtbank oordeelt dat de gift aftrekbaar is in box 1, edoch de schuld mag niet worden opgevoerd in box 3. De belastingbetaler ging niet voor een herbeoordeling naar het Gerechtshof, maar ging direct in (sprong)cassatie bij de Hoge Raad. De adviseur van de Hoge Raad (de advocaat-generaal, de heer Van Ballegooijen) is het met de belastingbetaler eens. De Hoge Raad ook. De schuld is aftrekbaar in box 3.

En toen

Hetzelfde als voor giften zou ook kunnen gelden voor bijvoorbeeld een partneralimentatieverplichting (geldt niet voor kinderalimentatie). Ook deze verplichting is immers aftrekbaar in box 1. Voor nog openstaande jaren (waar nog geen definitieve aanslag over is opgelegd) kunt u een aanvulling op uw aangifte indienen.

Mijn fiscale gevoel

Er is veel te zeggen voor geen aftrek in box 3. Een aftrekpost in box 1 en box 3 lijkt dubbelop en in strijd met het doel en de strekking van de Wet Inkomstenbelasting 2001. De rangorderegeling zou dit ook onmogelijk moeten maken. Omdat de wet dit niet uitdrukkelijk als zodanig heeft bepaald, heeft ook de Hoge Raad op 27 februari 2009 (rolnummer 07/12914) beslist, dus zal de Hoge Raad waarschijnlijk tot aftrekbaar in box 1 en 3 gaan concluderen. Feitelijk is bij afkoop van alimentatie eenzelfde regeling van toepassing.

Conclusie

Zowel notariële giften als alimentatieverplichtingen kunnen als schuld in box 3 worden opgenomen. Vanaf 30 december 2009 is dit door een wetswijziging niet meer mogelijk.

Bron: Rechtbank Haarlem, 18 september 2001 (nummer 07/1047), conclusie Advocaat Generaal 17 juli 2008, nummer 07/12914 en Hoge Raad 27 februari 2009 (rolnummer 12914).
Alimentatie dubbel aftrekbaar? [news] 2013-01-13 0000-00-00 0000-00-00 ]]>

Echtscheiding en hypotheekrente

Echtscheiding en eigen woning bij achterblijvende partner

Tamara gaat scheiden in 2018. Ze blijft tot het moment van levering van de woning in de woning wonen. Tamara voldoet alle hypotheekrente en trekt deze (deels als betaalde alimentatie) af in haar aangifte inkomstenbelasting. De inspecteur is het niet met Tamara eens, de rechter ook niet. Volgens beiden is 50% van de hypotheekrente aftrekbaar.

Procedure echtscheiding en hypotheekrente

Tamara en Henk gaan in 2018 scheiden, er is geen echtscheidingsconvenant gesloten. In de echtscheidingsbeschikking staat dat Tamara gerechtigd is om in de eigen woning te blijven wonen tot de datum van levering. Dit onder de voorwaarde dat Tamara 100% van de hypotheekrente gaat betalen. De overwaarde van de eigen woning komt toe aan Henk en Tamara, voor gelijke delen. Tamara neemt in haar aangifte inkomstenbelasting € 4.500 op als betaalde alimentatie. Tevens brengt ze € 4.500 in aftrek als hypotheekrente.

De inspecteur is van mening dat de betaalde alimentatie niet kan worden afgetrokken. Tamara heeft volgens de inspecteur recht op een aftrek van 50% van de door haar betaalde hypotheekrente. De rechter is het met de inspecteur eens.

  • Uit de echtscheidingsbeschikking volgt namelijk, aldus de rechtbank, dat de door Tamara betaalde hypotheekrente, voor zover deze betrekking heeft op het aan haar ex-echtgenoot (Henk) toerekenbare deel van de woning, heeft gestrekt tot vergoeding voor het gebruik van de woning. De rechtbank acht het niet aannemelijk dat de rentevergoeding tot doel had om Henk te voorzien in zijn levensonderhoud. 
  • Daarbij neemt de rechtbank in aanmerking dat de rentevergoeding ophield bij verkoop van de woning en dat daar niet een andere vergoeding of betalingsverplichting voor in de plaats is gekomen.
  • De woning is voor Tamara voor 50% aan te merken als eigen woning. 50% Van de hypothecaire schuld is voor Tamara aan te merken als eigenwoningschuld. De overige 50% kan naar het oordeel van de rechtbank dus niet als eigenwoningschuld in aanmerking worden genomen, wat betekent dat de daarmee corresponderende hypotheekrente niet bij Tamara aftrekbaar is.

Noot fiscaal jurist en echtscheiding

Bovenstaande situatie was via een eenvoudig fiscaal advies op te lossen. Als Henk de woning verlaat, kan hij de betaalde hypotheekrente nog 2 jaar aftrekken. Het bedrag van het eigenwoningforfait kan worden opgegeven als partneralimentatie. Koopt Henk direct na zijn vertrek een nieuwe woning, dan kan hij gedurende 2 jaar de hypotheekrente voor beide woningen aftrekken, mits Henk de hypotheekrente ook heeft voldaan. De gebruikelijke regeling is dus de volgende:

  1. Henk vertrekt uit de woning en Tamara blijft er wonen.
  2. Henk stelt zijn aandeel in de eigen woning beschikbaar aan Tamara. Dit is een vorm van (aftrekbare) partneralimentatie (in natura) welke wordt gewaardeerd op het eigenwoningforfait (dus per saldo nihil).
  3. Tamara ontvangt een belaste partneralimentatie (in de vorm van woongenot) die wordt gewaardeerd op hetzelfde bedrag (als bij Henk).
  4. Als Henk alle rente zou betalen (dus ook voor aandeel Tamara), dan is dit bij Henk aftrekbaar als partneralimentatie en bij Tamara belast als partneralimentatie. Tamara mag hierop haar aandeel van de hypotheekrente in mindering brengen.

Doordat er in deze casus een (verkeerde en anders luidende) beschikking lag, ging het in deze casus niet goed. Het is belangrijk dat u in overleg met een fiscaal jurist en een advocaat uw echtscheiding goed en zorgvuldig regelt. Zijn er vragen, stuur ons dan gerust een e-mail via onderstaand formulier.

Bron eigen woning, echtscheiding en hypotheekrente

Rechtbank Noord-Nederland d.d. 6 augustus 2021 ECLI:NL:RBNNE:2021:3392

Echtscheiding en hypotheekrente [news] 7186 Verhuur van de woning na echtscheiding

Stel, u gaat scheiden en stelt de echtelijke woning aan uw ex-echtgenoot ter beschikking, wat dan?

De praktijk leert dat verhuur de beste optie hiervoor is. De overheid heeft onlangs goedgekeurd dat de zogenaamde echtscheidingsregeling in de eigenwoningregeling ook van toepassing is als de echtelijke woning aan de ex wordt verhuurd.

Volgens de echtscheidingsregeling kan de partner die de echtelijke woning na een echtscheiding heeft verlaten, nog twee jaar lang de eigenwoningrente op (zijn of haar aandeel in) die woning in aftrek brengen. Strikt genomen is in die situatie geen renteaftrek meer mogelijk omdat geen sprake is van een eigen woning (in fiscale zin tenminste), maar de wetgever heeft daarop een uitzondering toegelaten voor ten hoogste twee jaar. Dat betekent dat de echtelieden de fiscale status van hun eigen woning binnen twee jaar na de echtscheiding moeten regelen om een uitsluiting van renteaftrek te voorkomen. Voor die renteaftrek stelt de wet onder meer als voorwaarde dat de woning de ex-partner als hoofdverblijf ter beschikking moet staan.

De overheid stelt nu dat dit ook het geval is als het - ter beschikking staan - gebaseerd is op een huurovereenkomst. En dat pakt gunstig uit. Voor de renteaftrek geldt namelijk dat u betaalde (hypotheek)rente niet hoeft te salderen met huur. Ondanks de huurbetalingen blijft er sprake van een eigen woning, dit is eigenlijk nooit zo, maar dus nu wel bij een echtscheiding. Huur is geen vergoeding voor de betaalde hypotheekrente maar een vergoeding voor het gebruik van de eigen woning. Dit betekent wél renteaftrek, en een onbelaste huuropbrengst. Dat de scheidende echtelieden deze huurlast zullen meenemen bij de vaststelling van de alimentatie spreekt voor zich, maar hiermee kunt u een behoorlijk voordeel behalen.

Conclusie: verhuren bij echtscheiding is beter dan terbeschikking stellen.

Echtscheiding en belastingen

]]>

De voorfase bij echtscheidingen

Het nest ligt onder de boom en de echtelieden gaan uit elkaar. Maar al te vaak hoor je als adviseur pas laat van de emotionele problemen en is er al teveel onjuist of niet geregeld. Tussen het moment van "einde oefening" en de daadwerkelijke echtscheiding ligt te vaak een lang traject. Dit noemen ze in de praktijk de onderhandelingsfase. De echtelieden kunnen het beste zelf tot een beslissing van de verdeling komen, wellicht met hulp van een derde. Zodra de advocaten en juristen in beeld komen, leert de praktijk veelal dat de standpunten verharden en er met modder wordt gegooid. Daarnaast gaat de tikker van de advocaat dan onverwacht snel lopen. Alles wat u aan hem of haar moet betalen, kan niet worden verdeeld tussen de echtelieden, dit wordt vaak vergeten of onderschat.

Bij de verbreking van de relatie spelen vragen over de wijze waarop men uit elkaar wil gaan, wat de gevolgen daarvan zijn en welke afspraken in dat kader gemaakt moeten / kunnen worden. Dit onderhandelingsproces leidt uiteindelijk tot een verzoek tot echtscheiding bij de rechter.

De volgende zaken moeten worden geregeld:

  1. woning;
  2. boedelverdeling;
  3. alimentatie;
  4. pensioen;
  5. ouderlijk gezag.

Als u het eens bent, gaat u dan zelf naar de rechter voor de ontbinding. Lukt dit niet, dan komt u in een ander proces terecht waarbij wellicht een derde het probleem op kan (of moet ) oplossen. Houdt u een goed chronologisch dossier bij waarin het volgende wordt opgenomen:

  1. Welke afspraken zijn gemaakt?
  2. Welke gesprekken zijn wanneer gevoerd?
  3. Welke pogingen heeft u ondernomen?
  4. Waarover bestaat er nog verschil van mening?

Echtscheiding de voorfase [news] 849
Echtscheiding en eigen woning in 2011 Iedereen [news] 2011-01-19

Echtscheiding en woning in 2011

Als u vanaf 2011 in scheiding ligt en u de woning verlaat, komt uw hypotheekrenteaftrek in gevaar.

Partnerschap in 2011

Door een wetswijziging in 2011 ontstaan er problemen voor mensen die gaan scheiden. Vanaf 2011 eindigt een fiscaal huwelijk op de datum van de scheiding, of eerder als de (duurzame) samenleving wordt beëindigd. Als u dus niet meer op hetzelfde adres staat inschreven en het verzoek tot echtscheiding is ingediend, bent u geen fiscaal partner meer.

Het fiscaal partnerschap voor gehuwden eindigt als ze een verzoek tot echtscheiding bij de Rechtbank hebben ingediend en niet meer in hetzelfde huis wonen. Als de man de woning verlaat voordat de scheiding rond is, blijft hij fiscaal partner, edoch zijn hoofdverblijf is ergens anders. Zijn deel van de hypotheekrente komt dan te vervallen. Zijn vrouw kan haar deel van de hypotheekrente nog wel aftrekken.

Problemen vanaf 2011

Iedereen die gescheiden is gaan leven maar nog niet is gescheiden heeft sinds 2011 een probleem. Vanaf 2011 bent u verplicht fiscaal partner van elkaar (dus met uw ex). Als u al een nieuwe partner heeft, kunt u geen fiscaal partner meer zijn met hem of haar. Dit kunt u oplossen door een verzoek tot echtscheiding in te dienen.

Als u een nieuwe woning koopt en nog geen verzoekschrift hebt ingediend, ontstaat er fiscaal een complexe situatie. U bent dan namelijk nog fiscaal partner en zou dan dus maar 1 eigen woning kunnen hebben. Als de wet goed wordt gelezen gaat dit goed, maar ik zou mijn handen er nog niet voor in het vuur steken.

Normale situatie vanaf 2011

Als u gaat scheiden, een scheidingsverzoek indient, het huis verlaat en ergens anders gaat wonen, bent u geen fiscaal partner meer. U heeft nog maximaal 2 jaar recht op hypotheekrenteaftrek, ondanks dat u niet meer in de woning woont resp. de woning niet meer uw hoofdverblijf is. Oorspronkelijk stond dit anders in de wet, maar dit is aangepast.

Uitbreiding partnerbegrip in 2011

Het fiscaal partner begrip wordt in 2011 uitgebreid met:

  1. ongehuwd samenwonenden met een notarieel samenlevingscontract;
  2. ongehuwd samenwonenden zonder notarieel samenlevingscontract die samen een kind hebben, voor een pensioenregeling als partner gelden of samen een eigen woning hebben.

Bron

Brief Staatssecretaris 5 november 2010: Motie en toezegging inzake het partnerbegrip.

2010-11-11 0000-00-00 2922
2010-05-17

Echtscheiding ondernemer en DGA

Fiscale advisering van ondernemer en advocaat is noodzaak en financieel voordelig

Ruim 30% van de huwelijken eindigt via een echtscheiding. Voor de wet is elke echtscheiding gelijk. Een echtscheiding van een ondernemer of DGA is vaak complexer omdat zijn / haar inkomen per jaar kan verschillen en de waarde van de onderneming geen vaststaande grootheid is. Dit is een bron voor slepende procedures en een hoop gezeur. In mijn praktijk word ik regelmatig door advocaten, ondernemers of diens ex-partners gevraagd om te adviseren bij de omvang van de alimentatie, waarde van de onderneming, verdeling van het pensioen en natuurlijk het vaststellen van de draagkracht van de ondernemer (wat kan hij / zij betalen).

Vanuit de kant van de ex-partner (niet-ondernemer) word ik regelmatig door advocaten benaderd om te kijken of er met de winsten is geschoven en in welke mate winsten moeten worden meegenomen.

De alimentatie wordt berekend op grond van de zogenaamde TREMA-normen. Deze bieden echter voor de ondernemer niet veel duidelijkheid. Een uitgebreid jurisprudentieonderzoek kan wenselijk zijn en voor de DGA is het verstandig om de jaarrekening - bij het actueel worden van de echtscheiding - door een fiscaal jurist te laten beoordelen. Voor de ex-partner is het verstandig om te kijken of de jaarrekening een juist beeld geeft van de feiten.

Wat speelt er bij een ondernemer?

  • Wat gebeurt er met de eenmanszaak of aandelen in de B.V.?
  • Hoe moet de alimentatie van de ondernemer of DGA worden berekend?
  • Wat is de onderneming waard en wie gaat dit bepalen?
  • Hoeveel winst moet worden meegenomen voor de alimentatieberekening?
  • Hoe wordt omgegaan met een dalende / stijgende winst in de toekomst?
  • Kan een deel van de alimentatie op de onderneming worden afgewenteld, bijvoorbeeld via een dienstbetrekking van de ex-partner?
  • Moet het dividend respectievelijk de algemene reserve binnen een B.V. worden meegenomen of niet?
  • Kunnen winsten naar boven of beneden worden bijgesteld?
  • Zijn er huwelijkse voorwaarden en kunnen hieraan rechten worden ontleend?
  • Moet pensioen in eigen beheer worden afgestort?

Regel zaken tijdens het huwelijk

De ondernemer of DGA kan het beste tijdens het huwelijk de zaken goed regelen. Dit kan bijvoorbeeld door de huwelijkse voorwaarden eens onder de loep te nemen en tevens duidelijke afspraken te maken over de manier waarop alimentatie zou moeten worden berekend. Wellicht dat er ook afspraken kunnen worden gemaakt over het (deels) afstorten van het pensioen in eigen beheer. Als uw huwelijk er nu goed voorstaat, regel dan nu de mogelijke gevolgen van een scheiding. Dit voorkomt veel gezeur en discussies in de toekomst.

DGA-scan

Wij maken op kantoor regelmatig een DGA-scan. Hierbij wordt beoordeeld wat er gaat gebeuren bij overlijden, pensioen, arbeidsongeschiktheid, verkoop van de onderneming, maar ook bij een echtscheiding. Een eenvoudige scan kost € 1.000, een uitgebreide scan € 3.000.

0000-00-00 0000-00-00 2788

Echtscheiding en eigen woning

Als u gaat scheiden met een eigen woning, dan komt u aan het lezen en nadenken. Dit is fiscaal lastig en soms erg onvoordelig. In de praktijk zijn er vele adviseurs met verschillende meningen. In dit artikel een uitleg over de feiten en enige jurisprudentie. Veel voorkomende fouten zijn:

  • hypotheekrenteaftrek;
  • te laat scheiden / einde fiscaal partnerschap;
  • erfgenaam van elkaar blijven;
  • hoofdelijke aansprakelijkheid hypotheek blijft bestaan na echtscheiding.

Voorbeeld eigen woning en echtscheiding

Truus en Henk zijn getrouwd en hebben 2 kinderen. Ze zijn gezamenlijk eigenaar van een woning. Op de woning rust een hypotheek, beide zijn hoofdelijk aansprakelijk voor de schuld. De echtscheiding wordt uitgesproken en Henk laat zich uitschrijven uit de woning en gaat bij zijn vader en moeder wonen. Truus blijft met de kinderen in de woning wonen, dit in afwachting van een verkoop van de woning. Truus krijgt de hypotheekrenteaftrek (wordt ook door haar betaald), ze is echter voor 50% eigenaar van de woning. Vanaf het moment dat Henk vertrekt, eindigt ook het fiscaal partnerschap tussen Truus en Henk. In dit geval is 50% van de hypotheekrente aftrekbaar en niet 100%. Truus moet ook 50% van het eigenwoningforfait aangeven.

Voor Henk zal een speciale regeling gelden. Gedurende 2 (of 30 jaar na de echtscheiding / het verlaten van de woning mag Henk 50% van de woning aanmerken als "fictieve eigen woning". Als Henk dan ook 50% van de hypotheekrente heeft betaald, mag hij deze fiscaal aftrekken. In het jaar van de echtscheiding mag nog worden gekozen voor fiscaal partnerschap.

Deze kwestie is eenvoudig op te lossen:

  • Truus voldoet 50% van de hypotheekrente;
  • Truus betaalt 50% van de hypotheekrente als partneralimentie aan Henk;
  • Truus kan hierdoor 100% van de betaling aftrekken;
  • Henk moet over de partneralimentatie in box 1 belasting betalen;
  • Henk voldoet 50% van de hypotheekrente en deze is dan in box 1 aftrekbaar;
  • Henk moet 50% van het eigenwoningforfait opgeven, maar mag dit ook aftrekken als ter beschikking gesteld woongenot (onderhoudsverplichting richting Truus);
  • Per saldo is bij Henk niets belast en bij Truus alles aftrekbaar;
  • Maximale termijn 2 (of 3) jaar;
  • Is de woning na 2 jaar nog niet verkocht, dan moet deze voor 100% worden toegedeeld aan Truus.

Uitspraak echtscheiding en eigen woning

Het Gerechtshof Den Bosch heeft zich in 2015 gebogen over de hypotheekrente bij een echtscheiding. Volgens de rechter heeft de man recht op 50% van de renteaftrek op een eigen woning. X en Y zijn getrouwd en gaan in 2006 gescheiden leven. In 2008 wordt de daadwerkelijke echtscheiding uitgesproken. X blijft in de woning wonen, Y voldoet de hypotheekrente en trekt in zijn aangifte inkomstenbelasting 2009 (dus na de echtscheiding) € 20.000 af als partneralimentatie. Y en X zijn beide eigenaar van de woning. De inspecteur is het hier niet mee eens. De Rechtbank is het met de inspecteur eens en Y gaat in hoger beroep bij het Gerechtshof. Het Gerechtshof komt tot de volgende overwegingen:

  • Vooruitlopende op de definitieve echtscheiding is een voorlopige voorziening tussen X en Y (mondeling) overeengekomen.
  • Y zou de woonlasten blijven dragen.
  • Er is een mondelinge overeenkomst tussen partijen.
  • 50% Van de woonlasten zijn als onderhoudsverplichting bij Y aftrekbaar.
  • Er is € 6.000 aftrekbaar bij Y.  

Conclusie eigen woning en echtscheiding

Veelal zijn er advocaten (zonder of beperkte fiscale kennis) aan het woord gedurende een echtscheiding. Het is verstandig om tijdens dit traject een fiscaal jurist te laten meekijken. Dit kan veel fiscale en financiële problemen voorkomen dan wel een substantieel voordeel opleveren. Denk bij een echtscheiding ook aan:

  • aanpassen van uw testament;
  • aanpassen verzekeringen (zoals overlijdensrisicoverzekeringen);
  • bankrekeningen scheiden.

Echtscheiding en eigen woning [news] 4505

Echtscheiding en testament

Is uw echtscheiding definitief afgerond, dan is het verstandig om ook uw testament aan te passen. Als u geen testament zou hebben, dan is uw ex-echtgenoot geen erfgenaam meer van u, de kinderen blijven dit wel. Zijn er geen kinderen, dan zijn uw naaste familieleden uw erfgenaam, denk hierbij aan uw ouders, broers of zussen.

Testament en echtscheiding, hoe werkt dit?

Na uw echtscheiding vervalt niet automatisch ook uw testament. De erfstelling in uw testament is hiervoor alles bepalend. Als uw testament een echtscheidingsbepaling bevat, dan is deze regel van toepassing. Het is echter verstandiger om na uw echtscheiding ook uw testament te laten aanpassen. In dat geval weet u zeker dat uw laatste wil (testament) ook echt weergeeft hetgeen u voor ogen heeft gehad, uw ex is geen erfgenaam meer en uw testament kan actueel worden vormgegeven naar de huidige situatie en stand van de wetgeving.

Stel dat u en uw partner beiden een nieuwe partner hebben of krijgen en uw kinderen enig erfgenaam zijn (bij 2 kinderen beide voor gelijke delen). Als uw kind minderjarig is kunnen er vreemde situaties ontstaan:

  • Het kan zomaar zo zijn dat uw ex-partner over het geld / vermogen van uw nalatenschap kan beschikken.
  • Als uw kind komt te overlijden (en minderjarig is zonder testament), dan kan uw ex-partner alsnog erfgenaam zijn van uw vermogen.

U kunt bovenstaande voorkomen door in uw testament hierover na te denken, bijvoorbeeld via een tweetrapsmaking. Dit wil zeggen dat het erfdeel dat uw zoon of dochter bij uw overlijden vererft (en nog niet op is) bij het overlijden van deze zoon of dochter naar uw andere zoon of dochter gaat. Oke, u regeert over uw graf heen, maar het voorkomt onbedoelde effecten.

Als uw kind bij uw overlijden nog minderjarig is, dan komt ook het zogenaamde ouderlijke vruchtgebruik / genot in beeld. Totdat uw kind meerderjarig is heeft de ouder het ouderlijk vruchtgenot over het vermogen dat van uw zoon of dochter is, u kunt hierbij denken aan huurinkomsten van onroerende zaken of rentebetalingen op spaarrekeningen. De ouder (uw ex) hoeft dit vermogen niet aan uw zoon of dochter terug te betalen. In uw testament kunt u dit voorkomen.

Tevens is het te overwegen om een baasje in uw testament te benoemen, een zogenaamde bewindvoerder. Deze persoon kan dan uw vermogen (dat bij uw zoon of dochter terecht komt) beheren. Regelt u niks, dan komt dit beheer bij uw ex-partner terecht totdat uw kind meerderjarig zou worden. Eventueel kunt u het vermogen zelfs tot de 23e verjaardag door de bewindvoerder laten beheren en via ingewikkelde structuren zelfs langer.

Vragen over testament

Bel eens met één van onze fiscaal juristen over de beste opzet en / of bel met uw notaris.

Echtscheiding en testament [news] 5079

Echtscheiding bij ondernemers

Ruim 30% van alle huwelijken eindigt in een echtscheiding. Bij ondernemers ligt dit percentage hoger. Een echtscheiding bij ondernemers is vaak complexer dan een echtscheiding van iemand in loondienst. Wij adviseren ondernemers bij een echtscheiding. In dit artikel een overzicht van belangrijke aandachtspunten.

Continuïteit van het bedrijf bij scheiding

Als ondernemers gaan scheiden zijn de waarde en de winst van het bedrijf (of de B.V.) bijna altijd een belangrijk twistpunt, hierover kunnen advocaten en deskundigen vaak jaren procederen. Bij een gemeenschap van goederen heeft uw ex recht op 50% van de waarde van uw bedrijf. Ook bij niet goed opgestelde huwelijkse voorwaarden is dit het geval. Dit geld is vaak niet aanwezig. Hierdoor kan de continuïteit van uw bedrijf (of B.V.) in gevaar komen.

Advies: regel tijdens uw huwelijk (als het nog wel goed gaat) hoe moet worden omgegaan met uw bedrijf. Regel dit zeker als u samen met uw partner of een derde (compagnon) een onderneming heeft.

Fiscaal jurist en advocaat

Om naast uw advocaat een fiscaal jurist in te schakelen is verstandig. De fiscalist kan u helpen bij de waardering van uw bedrijf, de grondslag voor de partneralimentatie en de mogelijke verrekening van pensioenen. U zult zien dat dit meer duidelijkheid geeft en dat problemen vlotter worden opgelost.

Checklist bij echtscheiding van ondernemers

Als u voelt dat een echtscheiding wel eens zou kunnen plaatsvinden en / of als u gaat scheiden, zijn een aantal zaken voor u van belang, kort en bondig:

  • Zijn er huwelijksvoorwaarden opgesteld en is hier ook naar gehandeld?       
  • Wat is uw bedrijf echt waard en zijn er waardedrukkende of -vermeerderende factoren?
  • Welke winst moet worden meegenomen bij de alimentatieberekening (soms moet u ook opgepotte winsten meenemen)?
  • Is er sprake van persoonlijke goodwill (geen waarde) omdat het bedrijf erg aan uw persoon hangt?
  • Moet er box 2 heffing worden betaald (fictieve vervreemding)?
  • Is de hypotheekrente-aftrek voor uw eigen woning goed geregeld?
  • Zijn de gevolgen van het verbreken van het fiscaal partnerschap in kaart gebracht?       
  • De aftrek van alimentatie wordt beperkt vanaf 2020, wordt hiermee rekening gehouden?
  • Is het testament nog actueel (ex-partner als erfgenaam / uitsluiting ouderlijk vruchtgenot)?
  • Let op met verschuiving van vermogen, dit kan fiscaal tot een schenking leiden!
  • Zijn vermogensbestanddelen verknocht of verkregen onder een uitsluitingsclausule?
  • Zijn vermogensbestanddelen van de ene partner gefinancierd met vermogen van de andere partner? Dit kan heel vervelend uitpakken!

Ons advies? Regel het goed, zowel vooraf, tijdens als achteraf. Laat u goed adviseren, dit voorkomt de nodige ellende. Wilt u meer weten? Neem dan vooral contact op met ons kantoor voor een vrijblijvend gesprek en een kop koffie.

Echtscheiding bij ondernemers [news] 5821

Echtscheiding en verplicht afstorten pensioen in eigen beheer

Veel advocaten en echtelieden maken zich druk om pensioen in eigen beheer bij een echtscheiding. De financiële gevolgen zijn substantieel en vaak heeft de DGA (directeur-grootaandeelhouder) weinig trek in het verplicht afstorten van (een deel van) het pensioen dat in eigen beheer is opgebouwd. In dit artikel een aantal uitspraken van rechters. Lees ook dit artikel over pensioen bij echtscheiding van een DGA.

De hoofdregel omtrent afstorten pensioen bij echtscheiding

De hoofdregel (vaste jurisprudentie) is dat pensioen in eigen beheer moet worden afgestort bij een externe verzekeraar. Dit kan anders zijn als de onderneming hierdoor mogelijk in gevaar komt. Wanneer komt de onderneming in gevaar?

Onderneming in gevaar bij afstorten pensioen in eigen beheer

In een uitspraak van het Gerechtshof in 2016 kwam de vraag aan de orde of de man (zijn B.V.) in staat is om het deel van het pensioen (van de vrouw) af te storten bij een externe pensioenverzekeraar. De man heeft tijdens de procedure zijn best gedaan om aan te geven waarom de B.V. niet in staat zou zijn het pensioen af te storten resp. hiervoor een financiering te verkrijgen. De vrouw vraagt om afstorting van haar deel van het pensioen (ruim € 220.000) of het verstrekken van zekerheid hiervoor (subsidiair). Het Gerechtshof gaat er eens rustig voor zitten en kijkt ook naar een arrest van de Hoge Raad uit 2007. Het uitgangspunt is afstorten, aldus de Hoge Raad. Het kan namelijk van de vrouw niet worden gevraagd om bij voortduring afhankelijk te blijven van het beleid van de andere echtgenoot in de onderneming / rechtspersoon. Hiermee loopt de vrouw ook een onredelijk risico over haar pensioenrechten, dit is niet redelijk.

In de onderhavige situatie is er onvoldoende geld (liquide middelen) om de afstorting van het pensioen te regelen (effectueren). De man stelt dat hij ook geen middelen kan verkrijgen, zelfs niet via een externe financiering. Als hij dit wel zou doen, zou het voortbestaan van de onderneming in gevaar komen. Dit standpunt van de man is volgens het Gerechtshof onvoldoende onderbouwd, dit mede doordat er overwaarde is gelegen in de onroerende zaken binnen de onderneming. Het is niet duidelijk of een tweede hypotheek tot de mogelijkheden zou behoren. De man heeft ook geen alternatieve oplossing naar voren gebracht.

Het Gerechtshof is helder, zonder een duidelijke toelichting, met vele vragen en geen alternatieve oplossing, moet de man binnen 4 maanden overgaan tot afstorting van het pensioen. Lukt hem dit niet, dan moet hij voldoende zekerheid stellen, bijvoorbeeld via een hypothecaire inschrijving.  

Vraag over echtscheiding bij ondernemers?

Echtscheiding bij ondernemers en DGA's is een vak apart, lees ook dit artikel. Wij adviseren vaak ondernemers en vertrekkende echtgenoten bij dergelijke situaties. Kom gerust eens langs voor een vrijblijvend gesprek.

Pensioen in stichting en echtscheiding

In een uitspraak van het Gerechtshof 's Hertogenbosch in 2019 volgt een duidelijke lijn. De man en vrouw zijn sinds 1992 getrouwd. Het pensioen is in eerste instantie ondergebracht in een B.V. Het pensioen wordt uiteindelijk ondergebracht in een stichting waarbij de ex-partner geen bestuurder meer is. Het huwelijk loopt op de klippen en het pensioen moet worden verdeeld. De vrouw vordert dat de stichting haar deel van het pensioen gaat afstorten bij een pensioenverzekeraar. De pensioenstichting weigert dit omdat het bestuur onafhankelijk is van de man en dat de vrouw hiermee dus niet afhankelijk is van de mogelijke problemen bij haar man en / of de wensen van de man. Dat een pensioen bij een verzekeraar minder risico zal opleveren is voor beide partijen wel duidelijk. Dat de man geen invloed heeft bij de stichting begrijpt ook iedereen. Het Gerechtshof springt echter in de bres voor de vrouw. De redelijkheid en billijkheid brengen mee dat het pensioen moet worden afgestort.

Noot fiscaal jurist over pensioen en echtscheiding

Veel pensioenen van een directeur-grootaandeelhouder (DGA) zijn ondergebracht in een B.V. of stichting. Als verevening niet is uitgesloten, heeft de ex-partner recht op zijn of haar deel. Hierbij mag de vertrekkende partner niet afhankelijk zijn van het beleid van de B.V. / stichting ten aanzien van dit pensioen. De ex-partner heeft hierop namelijk geen enkele invloed.

Dat het pensioen moet worden afgestort is een duidelijk en stevig uitgangspunt. Als dit niet kan, dan moet de echtgenoot met een duidelijk en helder verhaal komen, dit dus met verklaringen van de accountant en de bancaire instelling. Dit eventueel met ondersteunend bewijs (zoals een taxatierapport van bijvoorbeeld aanwezige onroerende zaken). Voor DGA's die na 2017 hun pensioen in eigen beheer hebben laten staan en niet hebben afgekocht (of omgezet) is dit nog steeds het uitgangspunt.

De Hoge Raad stelt wel dat verplichte afstorting afhankelijk is van alle omstandigheden van een casus / concreet geval. Als er onvoldoende liquide middelen zijn kan dit een signaal zijn, maar meestal is dit niet voldoende om afstorting te voorkomen. Ook als de ex-partner geen invloed heeft op het pensioen (zoals bij de uitspraak uit 2019), dan nog kan het zo zijn dat er moet worden afgestort. Het bestuur van de stichting moet namelijk - aldus de rechter - een zodanig beleid voeren dat de belangen van beide echtelieden (pensioengerechtigden) (met een ander / tegengesteld belang) op een juiste wijze moeten worden behartigd. Het niet afstorten van het pensioen kan dan in strijd zijn met de redelijkheid en billijkheid.

Bron pensioen eigen beheer bij echtscheiding

Hoge Raad van 9 februari 2007 (ECLI:NL:HR:AZ2658)

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden d.d. 28 juli 2016 (ECLI:NL:GHARL:2016:7633)

Gerechtshof 's Hertogenbosch d.d. 9 februari 2019 (ECLI:NL:GHSHE:2019:384)

Echtscheiding en afstorten pensioen [news] 5868

Schenking en echtscheiding

Veel mensen zijn getrouwd in gemeenschap van goederen, bij een echtscheiding worden dan alle bezittingen en schulden gelijk verdeeld. Als één van de partners tijdens het huwelijk een erfenis of schenking heeft ontvangen, valt dit soms binnen en soms buiten de gemeenschap van goederen. Soms spelen ook bepalingen uit een testament. In dit artikel behandelen wij een arrest van de Hoge Raad uit 2019.

Schenking, uitsluitingsclause en echtscheiding

De Hoge Raad heeft bepaald dat een schenking met uitsluitingsclausule die een vrouw tijdens een huwelijk ontvangt tot haar privé vermogen blijft behoren, ook als de man en de vrouw in gemeenschap van goederen zijn getrouwd en als de schenkingen bewust samen zijn uitgegeven.

In deze procedure ontving de vrouw tijdens het huwelijk met de man in totaal € 30.000 aan schenkingen. Bij de echtscheiding heeft de schenker een zogenaamde uitsluitingsclausule opgenomen (schenking mag niet in enig vermogen vloeien van een ander dan de begiftigde). De schenking wordt overgeboekt naar een gemeenschappelijke rekening van de man en de vrouw. Het geld wordt door de man en de vrouw gezamenlijk uitgegeven aan diverse privé zaken. Na de echtscheiding kregen de man en vrouw ruzie over de behandeling van de schenkingen, de vrouw is achteraf van mening dat de schenkingen buiten de gemeenschap moeten blijven. Tevens waren de man en vrouw het er niet over eens waar het geld aan was opgegaan, de man stelt aan vakanties en vrouw aan verbouwingen van de eigen woning.

De Hoge Raad is er vlot klaar mee:

  • Het maakt niet uit waar het geld aan is opgegaan / besteed.
  • Het maakt niet uit dat het geld is overgemaakt naar de gemeenschappelijke rekening.
  • Het maakt niet uit dat het geld in overleg en met medewerking van de vrouw is besteed aan gezamenlijke doelen.
  • De schenkingen zijn en blijven privé vermogen van de vrouw.
  • De schenkingen moeten als eigen vermogen van de vrouw worden gezien en aan haar worden toegedeeld.

Noot fiscaal jurist over schenkingen en echtscheiding

Schenkingen blijven meestal buiten het gezamenlijke vermogen. Bij een gemeenschap van goederen kan dit soms anders zijn. De Hoge Raad geeft hierbij een heldere visie op schenkingen bij een echtscheiding. Vorenstaande staat ook helder omschreven in artikel 1:94 lid 2 onder a van het BW:

  • ... goederen ten aanzien waarvan bij uiterste wilsbeschikking van de erflater of bij gift is bepaald dat zij buiten de gemeenschap vallen.

Dit is in het verleden ook al bevestigd door de Hoge Raad (HR 21 november 1980 NJ 1981, 193). Het Gerechtshof was in een eerdere uitspraak in deze zaak van mening dat de vrouw geen vorderingsrecht toekomt. De overwegingen van het Gerechtshof:

  • Het geld is niet besteed aan de eigen woning (zoals de vrouw stelt).
  • De besteding is niet meer traceerbaar en is op de gemeenschappelijke rekening geboekt.
  • Het geld is gezamenlijk geconsumeerd.
  • Partijen waren het eens over de besteding van het geld (kosten van de gezamenlijke huishouding).

Is de man (degene die de schenking niet krijgt) dan volledig kansloos? Zeker niet.

  • De man had feiten en omstandigheden moeten stellen om te bewijzen op grond waarvan het vergoedingsrecht van de vrouw niet geldend kan worden gemaakt. Dit kan bijvoorbeeld spelen indien er met het geld privé schulden van de vrouw zijn betaald of indien uitdrukkelijk (of stilzwijgend) is afgesproken dat de vrouw m.b.t. de uitgaven van de schenkingen geen aanspraak wilde maken op de schenkingen. Dit heeft de man niet aangetoond, dus heeft de vrouw recht op de schenkingen.

Bron echtscheiding en schenking of erfenis

Hoge Raad d.d. 5 april 2019 (ECLI:NL:HR:2019:504)

Gerechtshof d.d. 7 november 2017 (ECLI:NL:GHSHE:2017:4752)

Schenking echtscheiding [news] 6156
Laatste update : 18-08-2021
Dit artikel (of blog of voorbeeldovereenkomst) is met aandacht en zorgvuldigheid geschreven, maar bevat informatie van algemene en informatieve aard. De informatie in dit artikel kan, afhankelijk van de omstandigheden van uw specifieke geval, niet of verminderd van toepassing zijn. De informatie in dit artikel dient derhalve niet als fiscaal/juridisch advies te worden beschouwd. Jongbloed Fiscaal Juristen N.V. en of haar vestingen/ deelnemingen aanvaarden dan ook geen enkele aansprakelijkheid voor de gevolgen van het gebruik van de informatie uit het artikel.

Deel deze pagina

U bevindt zich hier : Jongbloed Fiscaal Juristen Banners Echtscheiding?

Jongbloed Fiscaal Juristen - Disclaimer - Zoeken - Sitemap