Auto en belastingen

In Nederland rijden 7 miljoen auto’s. Van de nieuwe auto’s staat 25% op naam van een bedrijf. De zakenauto’s rijden gemiddeld 30.000 kilometer per jaar, de privérijders doen het iets rustiger aan, maar ze rijden nog altijd 15.000 kilometer per jaar. Al met al leggen we (enkel in Nederland) zo’n 140 miljard kilometer in onze “gouden koets” af. De auto is het meest favoriete vervoermiddel in Nederland en hiermee een geweldige melkkoe voor de Nederlandse overheid. Naast autorijden is belasting besparen volkshobby nummer twee, vandaar ook vele praktische tips.

Auto van de zaak

Als u tot de gelukkigen behoort met een auto van de zaak, dan heeft u dit jaar vrijwel zeker een bijtelling. Deze bijtelling bedraagt 22% (in 2003: 25%) van de (catalogus)waarde van de auto. Afhankelijk van uw tarief kost de auto u netto ongeveer 9% van de nieuwwaarde. Ik rijd een Kia met een waarde van € 40.000 Dit bedrag vermenigvuldigen met 9% leert mij, dat me dit € 3.600 per jaar kost, dus € 300 netto per maand. Als u kunt aantonen dat u er alleen zakelijk mee hebt gereden (minder dan 500 privékilometers), heeft u geen last van de fiscus. Nou dan nu enkele tips hoe u hierop kunt besparen en u de fiscus dus niet meer geeft dan nodig is.

Tips auto van de zaak 

  1. Ziekte: bij langdurige ziekte zet u de auto bij uw werkgever achter het hek. De auto wordt dan niet door uw werkgever aan u ter beschikking gesteld. Geen bijtelling over deze periode derhalve (wel schriftelijk vastleggen).
  2. Vakantie 1: als u niet met de auto op vakantie gaat, parkeert u de auto dan tijdens uw vakantie bij uw werkgever. Over deze periode heeft u dan geen bijtelling (schriftelijk vastleggen).
  3. Vakantie 2: bij veel werkgevers is de benzine tijdens uw vakantie in het buitenland voor uw eigen rekening. Als u de benzine betaalt, kunt u niets met deze kosten. Indien uw werkgever deze kosten wil betalen en u dit middels een (hogere) eigen bijdrage aan hem vergoedt, is deze vergoeding voor u aftrekbaar.
  4. Autodealers: voor werknemers van autobedrijven geldt een speciale regeling. Omdat de werknemer in verschillende auto’s rijdt, is de bijtelling afhankelijk van de verkochte auto’s en het inkomen van de werknemer. Overleg eens met uw werkgever of de regeling – in overleg met de Belastingdienst – kan worden versoepeld.
  5. Kilometeradministratie: als u onder de bijtelling van 22% wilt uitkomen, mag u niet teveel privé rijden (gemiddeld 10 kilometer per week). Dit kunt u aantonen middels een kilometeradministratie. De bewijsvoering is echter vrij, dus het kan ook anders. U mag dit ook aantonen middels een goede agenda, black box of een afspraak tussen u, uw werkgever en de Belastingdienst. Overleg eens met uw belastingadviseur!
  6. Oldtimer: bij auto’s ouder dan 15 jaar geldt de bijtelling over de actuele waarde van de auto (veelal de aankoopprijs). Bij de juiste keuze rijdt u chic met een lagere bijtelling. In België zijn oldtimers veel goedkoper te verkrijgen.

Bestelauto’s

Voor de bestelauto’s gelden sinds 2004 weer dezelfde regels als voor normale personenauto’s. Voor echte bedrijfsauto’s (afhankelijk van aard en inrichting en uitsluitend geschikt voor goederenvervoer) geldt een soepele regeling. U hebt geen bijtelling van 22%, maar u telt de werkelijk privé gereden kilometers op bij uw inkomen. In uw aangifte inkomstenbelasting geeft u dan dus de werkelijk privé gereden kilometers vermenigvuldigd met de werkelijke kostprijs (van de bedrijfsbus) per kilometer. Dit is een onduidelijke regeling omdat altijd discussie bestaat over “is de bus nu een bestelbus die voor de soepele regeling in aanmerking komt of niet?” Deze vraag kunt u het beste door uw werkgever (of belastingadviseur) bij de Belastingdienst voorleggen. Als u privé met uw bedrijfsbus hebt gereden, geeft u dit dan aan in uw aangifte inkomstenbelasting. Als u niets aangeeft, hoeft de Belastingdienst enkel te bewijzen dat u privé gereden heeft, dit is redelijk eenvoudig. Als u wel privékilometers aangeeft, moet de Belastingdienst bewijzen dat u meer hebt gereden dan de opgegeven kilometers, dit is een stuk lastiger.

Privé-auto

Veel mensen rijden nog in privé-auto’s. De werkgever mag u over elke zakelijk gereden kilometer (woon / werk of overige rit) belastingvrij € 0,18 per kilometer vergoeden. Vorig jaar was dit nog € 0,28 per zakelijk gereden kilometer en een vaste vergoeding voor woon / werk. Veel werknemers balen van de nieuwe regeling maar in gevallen met veel woon- / werkverkeer werkt de regeling juist gunstig. Ook als u dicht bij uw werk woont, mag u nu een vergoeding ontvangen. Dit mocht in 2003 niet, overleg dit eens met uw werkgever. De vergoeding geldt ongeacht het gebruikte vervoermiddel (behoudens vervoer per taxi, vliegtuig of boot). Dus als u met de fiets of lopend naar uw werk gaat, mag u ook een vergoeding van € 0,18 per kilometer (belastingvrij) ontvangen. Veel werkgevers vergoeden nog steeds € 0,28 per kilometer, dit is toegestaan. Een deel van de vergoeding (namelijk € 0,10) wordt dan wel aangemerkt als loon en hierover bent u belasting (maximaal 52%) verschuldigd.

Speciale regelingen

  1. Carpoolers: als een collega u ophaalt, mag de werkgever zowel aan de rijder als de bijrijder een vergoeding van € 0,18 per kilometer vergoeden, in totaal dus € 0,36 per kilometer. Als de rijder de bijrijder in opdracht van de werkgever moet ophalen, mag de bijrijder niets ontvangen, laat de werkgever dus niets verplichten. Voor omrijkilometers is een speciale regeling.
  2. Fiets: uw werkgever mag u – binnen bepaalde normbedragen en regels – gratis een fiets geven. Onder omstandigheden kunt u dan ook nog – voor uw woon- / werk verkeer – een vergoeding van € 0,18 per “gefietste kilometer” ontvangen.
  3. Openbaar vervoer: als u met het openbaar vervoer reist, mag uw werkgever u belastingvrij het plaatsbewijs vergoeden. Voor de reis naar de opstapplaats mag de werkgever u belastingvrij € 0,18 per kilometer vergoeden. Als u een OV-jaarkaart krijgt om vrij in Nederland te reizen, moet u een beperkt bedrag aan belasting betalen.
  4. Gezinsbezoek: als u in de plaats van uw werkgever woont maar uw gezin woont ergens anders, dan mag uw werkgever u voor het (periodieke) gezinsbezoek een belastingvrije vergoeding betalen van € 0,18 per kilometer (mits u niet met de auto van de zaak rijdt).
  5. Motor: als uw werkgever u een motor ter beschikking stelt, heeft u hiervoor geen 22% bijtelling over de nieuwwaarde. U moet over de werkelijke waarde van het privégebruik belasting betalen, een goedkope oplossing lijkt mij!

Conclusie

De fiscale aardverschuiving voor de auto op 1 januari 2004 werkt soms in uw voordeel en soms in uw nadeel. Autorijden is en blijft de favoriete bezigheid van vele Nederlanders. Mits u even de tijd neemt om de regels goed te lezen, kunt u hier uw voordeel mee doen. In overleg met uw werkgever kunt u beide een voordeel behalen. Als u nog vragen heeft of een toelichting wenst, dan hoor ik dit graag van u.


Meer over Jongbloed Fiscaal juristen

Twitter Updates

Volg ons op: